Site-archief

Blues om wat blijft

Willy Spillebeen

.

De Vlaamse dichter, schrijver, vertaler, bloemlezer en essayist Willy Spillebeen (1932) ken ik door een andere Vlaamse dichter Hervé Deleu, die in 2012 de allereerste gedichtenwedstrijd van poëziestichting Ongehoord! won. Toen ik in 2013 door Hervé gevraagd werd een paar gedichten voor te dragen bij de presentatie van zijn bundel ‘De geur van de maan‘ was Willy ook een van de dichters die daar voordroeg. Beide dichters wonen in Menen in Vlaanderen en kennen elkaar goed.

Na deze eerste kennismaking vroeg ik Willy in 2014 om voor te komen dragen in Rotterdam bij het podium van diezelfde poëziestichting. Daar maakte hij grote indruk op het vooral jonge publiek. Sindsdien ben ik Willy wat uit het oog verloren. Ik vroeg hem voor MUGzine maar na enige pogingen daartoe kreeg ik uiteindelijk een reactie van zijn vriendin dat Willy daarvan afzag. Het bleek dat ik in 2014 de beloofde reiskosten aan hem niet had voldaan. Stom natuurlijk al had ik het graag destijds meteen gehoord en niet jaren later achteraf. Een poging om het alsnog goed te maken kon in zijn (haar) beslissing helaas geen verandering brengen.

Dit staat los van de waardering die ik heb voor Willy en zijn bijdrage aan de literaire wereld en de poëzie in zijn lange leven. Om dit te illustreren wil ik hier graag een gedicht van hem delen. In Brugge waar ik pas geleden was, kwam ik in een boekwinkel zijn bundel ‘Blues om wat blijft’, uitgegeven bij uitgevrij P in 2011, tegen. In die bundel staat het gedicht ‘Reiger en specht’. En als je nou denkt ‘ah een natuurgedicht!’ ja dat is het ook maar het is zoveel meer, het verandert langzaam in een erotisch gedicht. Lees maar.

.

Reiger en specht

.

Blauwe reiger met grijs stuitje

vrouw met de rechte rug

staat roerloos naast het water

stijgt statig op.

.

Groene specht met geel stuitje

vliegt golven boven het water

vrouw met de rechte rug

hecht zich later aan een stam.

.

Hun stuitjes mimicry

van vogelverlangen.

.

Maar o de kuiltjes boven je stuitje

vrouw met de rechte rug.

.

O de orchidee van je schede.

.

O het verrukkelijke vrijen

met vogels met water

met bomen met bloemen.

.

Jubileum editie MUG

Nummer 25

.

Het begon in 2020 of eigenlijk al een jaar eerder. Ik was in het Justice museum in Nottingham (Engeland) en bij de balie stond ik even te wachten. Mijn oog viel op een rek met folders en daartussen stonden allemaal kleine zines, tijdschriftjes in A6 formaat van kunstenaars en dichters. Zelf gestencild en geknipt, nietje erdoor en klaar. De eenvoud, het formaat en de vrijheid van publiceren sprak me enorm aan. Dat wilde ik ook.

Nu had ik al jaren een facilitair poëzie uitgeverijtje (MUGbooks waar ik dichters die in eigen beheer willen uitgeven adviseer en help om niet) en daar wilde ik het aan linken. Maar zoals zoveel ideeën leek ook deze te stranden in schoonheid. Tot ik Marianne tegenkwam. Zij maakte ooit DURF!  een E-magazine voor de ondernemende Bibliotheek (ze zijn nog allemaal terug te vinden op Internet, zeer de moeite waard) en wist dus hoe je een tijdschrift in elkaar zet. Zij was de hoofdredacteur en had contact met schrijvers en vormgevers en was van de ideeën.

Toen we daarover spraken kwam mijn idee om een eigen klein poëzietijdschrift op te zetten weer boven drijven. De rest is geschiedenis. Want eerst probeer jezelf wat in elkaar te zetten (wordt hem niet) dan ga je aan de gang met vormgeven (kan ik niet) en dus vraag je je broer want die is vormgever. En dan gaat het ineens snel. Het eerste nummer was pionieren. De gedichten en teksten kwamen van Marianne en mijzelf en Bart deed de vormgeving. We besloten om MUGzine (want die naam had het inmiddels gekregen) gratis te publiceren op het Internet (dus moest er een website komen) maar we wilden ook echt bewust een papieren variant, een klein eigenzinnig, ander tijdschrift dat je kon oppakken en lezen en weer wegleggen. En we besloten 5 edities per jaar te gaan maken.

Van elke editie, besloten we, zouden er 100 gemaakt worden. Het grootste deel ervan werd opgestuurd naar allerlei stichtingen, uitgeverijen en mensen waarvan we dachten dat ze het wel zouden kunnen waarderen. De rest was guerilla-materiaal. Dat zou her en der verspreid worden, achtergelaten in boekwinkels, bibliotheken, bij festivals en voordrachten. We bedachten ook een klein lastig en eigengereid zusje Luule genaamd (Luule is het Estse woord voor poëzie) dat achterop elke MUGzine geplaatst zou worden.

Ook kwam al snel het idee om dichters (uit Nederland en Vlaanderen) te vragen en om MUGzine wat te verluchtigen met illustraties of afbeeldingen van kunst van kunstenaars. De eerste kunstenaar die we vroegen, Pieter Drift, was meteen enthousiast en leverde ons een combinatie aan van poëzie en beeld (zogenaamde concrete poëzie) en zo werd de tweede editie geboren.

Om lezers te trekken heb je een paar dingen nodig: inhoud (lees dichters die bereid zijn om een paar gedichten om niet aan te leveren), kunstenaars en/of illustrators (idem) en bekendheid. Dus naast de website kwamen er social media accounts van @l.uule, @mugzines (Instagram) @mugzines (X) en schrijf ik bij elk nummer dat verschijnt een stuk over de inhoud, dat vervolgens ook weer op Facebook gedeeld wordt.

Omdat MUGzines gratis wordt verspreid (via de website) en we er 100 van maken op papier waren er natuurlijk wel kosten aan verbonden. Die namen we in het begin graag voor lief, gemotiveerd als we waren om iets moois te maken. Op enig  moment kregen we vragen naar edities op papier en hebben we een vorm van donateurschap bedacht. Wordt je jaardonateur dan ontvang je automatisch via de post alle edities van dat jaar. We zijn er trots op dat er donateurs van het prille begin zijn die dus alle edities thuis ontvangen hebben. Omdat we niets hoeven te verdienen aan de MUGzine (we doen dit uit een grote voorliefde voor poëzie) kunnen we de kosten laag houden en ben je al donateur voor € 20,- per jaar.

En dan komt nu in december 2024 het 25ste nummer uit. Een jubileum. Wie had dat 5 jaar geleden durven dromen. Een lange reeks prachtige dichters en kunstenaars heeft meegewerkt aan die afgelopen 25 nummers, bij het verschijnen van #10 haalde ik al eens aan wie dat waren. Inmiddels hoen we steeds vaker terug dat men MUGzine kent, lezen we op dichterssites dat men in MUGzine heeft gestaan en stijgt het aantal donateurs en lezers online rustig door.

Voor deze jubileum editie hebben we weer wat nieuws bedacht (naast de special, de GUM en de poëzie ansichtkaart proberen we ook zo nu en dan inhoudelijk te vernieuwen) en dat is de Muggenbeet. En we komen begin volgend jaar met opnieuw een special.

Wij maken de MUGzine met heel veel plezier, enthousiasme en inzet. We willen al onze donateurs en lezers, de dichters die bijdroegen, de illustratoren en kunstenaars heel hartelijk danken. De vele mooie en enthousiaste reacties van jullie maken dat we MUGzine nog vele jaren willen blijven maken.

Marianne, Wouter en Bart

.

Er hangt iets in de lucht en het zoemt.

Het is stil op straat en nu horen we het ineens.

De collectieve twijfel aan de betekenis van ons bestaan.

Maar weet je, de mug is pas stil als ze platgeslagen is.

Alleen daarom is er literatuur, kunst, de poëzie.

Zomaar wat zinnen.

Voor die ene mug in de stille kamer.

.

Reflectief

Inge Boulonois

.

Afgelopen dinsdag overleed heel onverwacht dichter en schilder Inge Boulonois (1945-2024). Ik ontmoette Inge voor het eerst tijdens een avond bij Alja Spaan in Alkmaar tijdens Alkmaar Anders. Zij droeg die avond niet voor maar kwam voor de voordrachten en voor Alja. Later leerde ik haar beter kennen vooral door haar poëzie en het contact dat we hadden via Facebook, via dit blog, Meander en de bundels die ze publiceerde zoals ‘Voor waar genomen‘ en ‘Vers gekruid‘.

Toen wij van Mugzines een nummer wilde maken met light verse benaderde ik Inge om haar te vragen of ze daaraan mee wilde werken en vroeg ik haar om de namen van nog drie dichters. Dat resulteerde in een zeer succesvolle uitgave van Mugzine nummer 8 met light verse gedichten van haar, Wim Meyles, Frank van Pamelen en Remko Koplamp.

In 2000 begon Inge met het schrijven van gedichten. Ze debuteerde in 2004 met de bibliofiele bundel ‘Ooglijke tijd’. Van 2011 tot 2015 was ze stadsdichter van Heerhugowaard. Haar poëzie werd opgenomen in diverse literaire tijdschriften en bloemlezingen en haar werk werd meerdere malen bekroond: Plantage Poëzieprijs (2005), Concept Poëzieprijs (2006), Guido Wulmsprijs (2006), Culturele Centrale Boontje Poëzieprijs (2008), Poëzieprijs Merendree (2009) en de Nieuwegeinse Poëzieprijs (2009).

Sinds 2005 analyseerde ze poëzie voor Meander op klassiekegedichten.net. Voor literatuursite Meander schreef ze recensies van light verse. Een heel veelzijdige vrouw en dichter kortom. Bij Meander gaan we haar missen maar ook als mens. Inge was een enthousiaste, warme en altijd geïnteresseerde vrouw. Op haar rouwkaart staat ‘Leven blijft omdat het overgaat’ en dat zijn ware woorden. Op haar facebook pagina staat een laatste gedicht dat ik hieronder plaats. Maar ik heb ook een ander gedicht van haar gevonden dat ik erbij wil zetten. Het is getiteld ‘Reflectief’ en het geeft de optimistische en vrolijke aard van Inge weer. Zoals we ons haar zullen herinneren.

.

Reflectief

.

Steeds vaker kijk ik op mijn leven terug
En ben dan helemaal niet ontevreden
Met wat de jaren brachten tot op heden
En wat ik nu doe, ouder, minder vlug

Ik dicht, dit maakt mijn dagen stukken lichter:
Hier heb ik het gebracht tot zondagsdichter!

.

 

Nieuwe versvorm

Wim Meyles

.

Tweevoudige Nederlands kampioen plezierdichten Wim Meyles (1949) is geen onbekende op dit blog. Zo schreef ik twee jaar geleden al over zijn bundel ‘Ietsnut’ en was hij een van de light verse dichters in editie 8 van MUGzine samen met Remko Koplamp, Inge Boulonois en Frank van Pamelen. En nu is er weer een nieuwe bundel van Wim Meyles uit getiteld ‘Kortjakje’ waarin Kortjakjes, (snel)sonnetten, Trijntje Fops, limericks, lobbertangen en nog vele andere vormen van light verse zijn opgenomen.

Dat Meyles al lang meeloopt in het vak van het plezierdichten blijkt uit zijn inmiddels grote oeuvre. Zo heeft hij al 29 boeken op zijn naam staan en schrijft hij ook korte verhalen, sprookjes en fabels. Het Kortjakje is een versvorm die door Meyles is bedacht (zoals heel veel versvormen zijn bedacht door dichters als Drs. P, Joz Knoop, Bas Boekelo, Katja Bruning en Frits Criens). Het Kortjakje is als volgt gevormd: kort-jak-je: 4-3-2dus vier regels, drie regels en twee regels, met verder als kenmerken: jambische viervoeters en het rijmschema AAAA BBB CC.

Hier een voorbeeld kortjakje uit Meyles zijn nieuwe bundel met de gelijknamige titel.

.

Kortjakje

.

Op zondag is ze opgeknapt.
Kijk hoe ze fris naar buiten stapt,
mascara, lipstick, chic gekapt.
Wel jammer dat zo’n meid niet snapt
dat iemand lopend naar de kerk
getooid in sexy kledingmerk
gedecoreerd met zilverwerk
echt om een volgend koutje vraagt
als zij zo’n bloot kort jakje draagt.

.

 

De luwte van het late middaguur

Lut de Block

.

In een kringloopwinkel in Brugge (ja ik kom daar nogal eens, soms hebben ze een hele aardige collectie poëzie van vroeger en nu zoals ook daar in Brugge) kocht ik een aantal dichtbundels. Een van die bundels was van een dichter Lut De Block (1952) uit Vlaanderen. Ze studeerde filosofie aan de RUG; zij werkt als freelance journaliste, o.a. voor Knack. In 1984 debuteerde ze met de bundel ‘Vader’. In haar werk is één van de kernthema’s de vader-dochter relatie (evenals de natuur en de dood). Reden hiervan ligt in het feit dat ze in februari 1963 haar vader dood aan de keukentafel vond. Dit trauma was een belangrijke inspiratiebron voor haar vroege werk.

Lut de Block heeft inmiddels 7 poëziebundels en een roman gepubliceerd. In de Special van MUGzine die begin 2024 in de Poëzieweek verscheen, is zij opgenomen als dichter. De reden was toen dat ze, net als de andere dichters in de Special, een relatie had met het bibliotheekwerk (zij was werkzaam in de bibliotheek van Gent). Nu heb ik dus de bundel ‘De luwte van het late middaguur’ in bezit, uit 2002 met een door Lut handgeschreven opdracht voorin uit 2006.

Op de achterflap staat over deze bundel te lezen: “Deze bundel exploreert het volledige leven. Er staan talrijke atmosferische gedichten in, die soms een broeierige, sterk erotisch geladen sfeer oproepen en altijd zijn neergeslagen in een taal zonder omwegen, vol passie, recht voor zijn raap, zij het nooit eenduidig of eendimensionaal.” In het titelgedicht dat ik uitkoos is dit alles aanwezig.

.

Het gebeurt. In de luwte van het late middaguur

als de dag zich ontdoet van haar hitsige kleren

en een vrouw zich opent. Het wordt windstil en

later want de tijd en de dingen gaan door. Het leven

beweegt. Zijn stem wrenst, zijn geur schraapt

haar bedwelmend uiteen. Hoe het nu verder moet

weet niemand, maar dat ze verder moet weet zij alleen.

.

Integratie

Anouk Smies

.

Anouk Smies (1975) publiceerde gedichten op onder andere Krakatau, de Optimist, Ooteoote, Deus Ex Machina, Meander, Mugzine en de Contrabas. Ze debuteerde in 2013 met de bundel ‘Citaten van een roofdier’. Haar tweede bundel, ‘Wie heeft een middelpunt nodig’, werd in 2017 genomineerd voor de J.C. Bloemprijs. In 2018 kwam haar derde bundel ‘Onbeschoft, zo wit’ uit. In 2021 volgde haar vierde bundel ‘De drang om niemand af te maken’. En nu is er een nieuwe bundel van haar hand verschenen bij uitgeverij Opwenteling getiteld ‘Mijn cloud, die de uwe is’.

Op haar website staat te lezen: “In ‘Mijn cloud, die de uwe is’ speelt het idee de hoofdrol. In haar vijfde bundel duwt Anouk Smies de lezer door nauwe ruimtes van bezwering en techniek. In deze poëzie valt het grote gelijk samen met de wachtmuziek van de eigen bubbel. Alles buiten de data is propaganda.”

Prachtige woorden maar je weet na lezing nog steeds niets. Daarom een voorbeeld. Uit deze bundel nam ik het gedicht ‘Integratie’.

.

Integratie

.

Wees subversief

Was botten in rivieren

Wis films die in fantasie blijven steken

Schrap uw voorkeur voor fossielen en geschiedenis

.

In de afgelopen veertig jaar trilde techniek in uw binnenzak

terwijl die binnenkort door de binnenzak van uw cellen zwemt

.

Wees onbevreesd

Visualiseer hoe een laser de blinde vlek van uw zelfbeeld scalpeert

.

Ontspan

Als de Dalai Lama zegt dat een programmeur als AI-programma reïncarneert

bewijst hij dat bovenmenselijke intelligentie

de kwinkslag integreert

.

MUGzine 24 is er!

welkom in het verlaten strandhuis

.

Het is van hout, natuurlijk. En het is klein, met ronde raampjes. Als een boot op palen, dieptreurig vast in het zand. 

In de nieuwe MUGzine hebben we een poëtisch huisje ingericht voor gestrande dromen. Een houten huis dat lijkt te huilen, een heilig toevluchtsoord van gestrande dromen. Dat zijn de laatste regels van het voorwoord van Marianne in de nieuwe editie van het kleinste meest eigenwijze en particulierste poëzietijdschrift van de lage landen. MUGzine #24 bevat poëzie van Sofie Verdoodt (1983), Steven Van de Putte (1976), Hans Franse (1940) en Gijs ter Haar (1963), een Luule en de illustraties zijn dit keer van kunstenaar Merlijne Marell.

MUGzine is, zoals geschreven, een particulier initiatief en we gaan op weg naar ons eerste lustrum. In december van dit jaar verschijnt alweer het 25ste nummer. Elke editie is gratis te downloaden via mugzines.nl maar omdat we weten dat veel poëzieliefhebbers graag gedichten van papier lezen, laten we vanaf het eerste nummer van elke editie een beperkte oplage drukken. Wil je MUGzine op papier ontvangen word dan donateur en mail naar mugazines@yahoo.com.

Alle reden dus om de nieuwe editie van MUGzine te downloaden of op papier te bestellen. Om alvast in de stemming te komen hieronder een gedicht van Sofie Verdoodt dat ze voor ILFU schreef en dat ik koos omdat het getiteld is ‘Zomer in Den Haag’.

.

Zomer in Den Haag

.

Gezinsvakantie in een koloniaal hotel
waar een straatfeest ons wekte.
Een keukenmeid gilde, rumoer woei
met de nachtvlinders binnen.
Ouders prikten de kinderen op bed.
.
We zwierven door de stad.
Als een hond die zijn neus volgt,
kwamen we enkel onszelf op het spoor.
.
Te midden van vergane glorie
moesten we elkaars lippen openwrikken
boven zeevruchten zo groot als kindervuisten.
Iemand gaf wrokkig de peper door.
Op de menukaart schreven we ‘help’.
.
Een deel van ons is daar achtergebleven,
door obers geruisloos van tafel geruimd.
Het meisje met de parel zwaaide niet terug.
.
Ik rilde in een oesterschelp.

.

La petit mort

Gijs ter Haar

.

In de nieuwe MUGzine #24 staan weer een aantal prachtige dichters. De nieuwe MUGzine verschijnt op 20  oktober en één van de dichters is Gijs ter Haar (1963). Ik ken Gijs al lang heb erg fijne herinneringen aan de keren dat we samen een podium deelde zoals bijvoorbeeld tijdens Dichter bij de bar in Delft in 2014. Ik ben dan ook heel blij dat hij een prachtig gedicht heeft aangeleverd voor MUGzine.

Mocht je nu denken ‘Die wil ik ook! en liefst op papier, word dan donateur van MUGzine. Stuur een mail naar mugazines@yahoo.com of lees op de website meer. Als je niet tot 20 oktober kan wachten hier alvast een prachtig erotisch sonnet van Gijs uit zijn bundel ‘Op klompen’ uit 2001 getiteld ‘Le petit mort’.

.

La petit mort

.

We liggen in jouw bed, alweer
is het verlangen sterker dan wij samen.
Het zweet parelt in heet beamen
de natheid naast ons naakt zijn neer.
.
En weer is elke ruit beslagen,
wentel ik mijzelf in de overdaad
die met jouw lichaam samengaat
in tijdloos wederzijds behagen.
.
Dan stopt geheel en als bij toverslag
heel de wereld, ook mijn hart,
maar wij gaan sneller dan het geluid.
.
Wij wisselen onze wezens uit,
en elke vezel in mijn lijf verstart
voordat ik in jou sterven mag.

.

Verkeerde weg

Germain Droogenbroodt

In MUGzine # 23 is poëzie opgenomen van Germain Droogenbroodt (1944). Deze Vlaamse dichter , vertaler, uitgever en promotor van de moderne internationale poëzie verhuisde in 1987 naar het mediterrane kunstenaarsdorp Altea en integreerde hij zich in het Spaanse literaire leven.

Tot nu toe schreef hij elf dichtbundels en vertaalde hij – hij spreekt zes talen – ruim dertig bundels Duitse, Italiaanse, Spaanse, Engelse en Franse poëzie, waaronder bloemlezingen van Bertolt Brecht, Reiner Kunze, Peter Huchel, Miguel Hernández, José Ángel Valente, Francisco Brines en Juan Gil-Albert en vertaalde Arabische, Chinese, Japanse, Perzische en Koreaanse poëzie in het Nederlands.

Als oprichter en redacteur van de Belgische uitgeverij POINT Editions (POetry INTernational) publiceerde hij ruim tachtig bundels voornamelijk moderne, internationale poëzie. In 1996 richtte hij een nieuwe poëtische beweging op, genaamd neo-sensacionismo met de beroemde Chinese dichters Bei Dao en Duo Duo.

Germain Droogenbroodt organiseerde en co-organiseerde verschillende internationale poëziefestivals in Spanje. Hij is vice-president van het Internationale Poëziefestival Mihai Eminescu in Craiova, Roemenië, medeoprichter en adviseur van JUNGPA (Internationale Poëziefestival Mihai Eminescu) en oprichter en voorzitter van de Spaanse culturele stichting ITHACA.

De culturele stichting ITHACA, opgericht in 1984, heeft in korte tijd een internationale faam opgebouwd organisator van meertalige poëzierecitals, prachtige muziekoptredens en tentoonstellingen van schilderijen door excellente kunstenaars, die aanbiedingen ontvangen van nationale en internationale kunstenaars, geïnteresseerd in samenwerking.

De stichting werkt samen met diverse culturele centra en universiteiten, waaronder De Poëtische Avond Concerten van Ithaca, jaarlijks georganiseerd op de zetel van de stichting in Altea (Alicante), Spanje, zijn de belangrijkste culturele evenement, jaarlijks georganiseerd op de zetel van de stichting in Altea (Alicante), Spanje.

Het doel van de Stichting ITHACA is om een ​​culturele brug te zijn voor Spaanse kunstenaars, dichters en muzikanten naar andere landen en vice versa. Droogenbroodt is, kortom, een zeer veelzijdig mens en we waren zeer verguld dat hij als dichter werk wilde aanleveren voor de MUGzine. Van de website van Germain nam ik het gedicht ‘Verkeerde weg’ van de Griekse dichter Manolis (Emmanuel Aligizakis, 1947)  in een vertaling van Germain Droogenbroodt.

.

Verkeerde weg

.

Ze verkopen goederen die je niet nodig hebt
maar je koopt ze
ze zingen kakofonieën waarvan je niet houdt
maar je luistert er naar

.

Wanneer zal je luisteren
naar het gefluister van de bloemen?

.

Ze dringen jou hun oppervlakkige glans op
die je graag van hen zou overnemen
om hun gelijke te zijn

.

Ze nemen van je hersen alle logica af
en je gelooft dat je er beter van wordt
als je hen na-aapt

.

Zou je niet eerder luisteren
naar het kwinkeleren van de vink?

.

Poëziepodia

September

.

Naast dit dagelijks blog, mijn bemoeienissen met De Zoek naar Schittering, Poëziestichting Ongehoord! en Meander, MUGbooks, MUGzine en nog zo wat dingen die ik rond poëzie doe, mag ik ook graag voordragen op podia. Natuurlijk zou ik dat graag doen op grote bekende podia in den landen maar daarvoor moet je gevraagd worden (wat overigens ook regelmatig gebeurt). Maar het is misschien wel net zo leuk om ook op podia in de omgeving voor te dragen. Dit zijn vaak wat kleinere podia, plaatselijk of regionaal met een vaste kern van dichters. Ik ken er vele en deze podia bieden beginnende en ervaren amateurdichters de ruimte en de mogelijkheid om hun poëzie ten gehore te brengen.

Komende weken ben ik op een aantal van deze podia te zien en te horen. Allereerst op 8 november in Wageningen bij Poëzie leeft! van uitgeverij Leeuwenhof. In het depot in Wageningen (Arboretumlaan 4) zal tussen 12 en 16 uur niet alleen de nieuwe bundel van Johan Meesters worden gepresenteerd maar er zal ook een rondwandeling zijn door het Arboretum waar een aantal dichters zal voordragen bij beelden in de beeldentuin. Ik zal daar als één van die dichters voordragen.

Op dinsdag 10 september draag ik voor bij podium Woordkunst in Maassluis. Oude bekende en een mooi initiatief in de gemeente waar ik werk. Vanaf 20.00 uur aan de P.C. Hooftlaan 6 in Maassluis.

En daags erna zal ik voordragen bij het vijfjarig bestaan van Podium Mooie Woorden van Literair De Lier. Vanaf 19.00 uur in De Vlietwoning aan de Bruidsbogerd 11 in Naaldwijk.

Van Johan Meesters hier een gedicht als voorproefje getiteld ‘Ik ben een ander als geen ander’.

.

Ik ben een ander als geen ander

.

in Leeuwenhof loopt geen leeuw

ik ben een valse Brabander

en ook geen echte Zeeuw

hooguit een Nederlander

.

mijn echte naam heb ik verbloemd

tot Johan – naar een voetballer

ook als filosoof beroemd

.

en al ben ik niet zo schrander

Meesters heb ik mij genoemd

.

ik ben een ander als geen ander

.