Site-archief
Katrijn
Daan Janssens
.
In 2017 ging de Vlaamse Daan Janssens (1994) als één van de deelnemende dichters mee met de Poëziebus. Omdat ik het interessant vind om na al die jaren eens te kijken hoe het met jonge dichters gaat die destijds meegingen op de Poëziebus ben ik op zoek gegaan.
Daan Janssens is inmiddels stadsdichter van Hoogstraten geweest van 2017-2019 en in 2021 stond hij samen met Babeth Fonchie en Maan Methven bij ‘Vers van het Mes’ bij Perdu. Zij schreven een ‘kleine poëtica’, waarin ze zich uitspraken over hun rol in het poëzielandschap, en optreden in Vlaanderen en Nederland.
Ook was hij een van de makers van de Podcast ‘grensgangers’ (samen met Jens Meijen, Lisa Weeda en Onias Landveld) waarin ze met dichters uit Nederland en Vlaanderen praten over hun werk en het literaire landschap in de twee landen.
Daarnaast is hij mede oprichter van Dans! Dichter! Dans! een VZW die de ontwikkeling bevordert van beloftevolle schrijvers die graag over de disciplinaire grenzen kijken die eigen zijn aan de literatuur.
Het gedicht ‘Katrijn – een gedicht voor onze kerk’ schreef hij als stadsdichter van Hoogstraten.
.
Katrijn – een gedicht voor onze kerk
.
je kan niet ontkennen dat je mij ziet
al hul ik mij in de mistige herfstdagen of klauwt
mijn kruin naar de hoogste middagzon
.
ik ben de oermoeder van deze stad
en ik ben blij dat je weet dat je voor je moeder moet zorgen
.
dat je weet dat eeuwen hun tol eisen
dat ze sporen nalaten – geen groef
in mijn bakstenen lijf is onberoerd
geen schemering zonlicht langs mijn ramenmozaïek
tot in het binnenste van mijn catacomben
.
dat ik
zelfs gehuld in al jouw goede zorgen
steeds statig boven de kruinen van ieders huis reik
dat ik uitkijk op de dagen die komen – en weet
wat er altijd al was
.
want jullie allemaal zijn de kinderen van mijn oeverloze blik
.
Verzameling
Annelies van Dyck
.
De Vlaamse dichter Annelies Van Dyck (1980)volgde les bij de eerste stadsdichter van Gent, Roel Richelieu van Londersele en daarna bij dichter Peter Mangel Schots. Ze publiceerde gedichten in Op Ruwe Planken, in de scheurkalender van de Sprekende Ezels 2020, Meander en op Het Gezeefde Gedicht waar ze ook de 3e Zeef Poëzieprijs won voor haar debuutbundel ‘We doen alsof het helpt’ uit 2022.
Mondmaskerpoëzie
Michiel van Opstal
.
Voormalig stadsdichter van de gemeente Hoogstraten (provincie Antwerpen) Michiel van Opstal (1992) heeft in zijn periode (2019-2021) als stadsdichter verschillende activiteiten georganiseerd naast het schrijven van stadsgedichten. Zo organiseerde hij een zoektocht naar het middelpunt van Hoogstraten middels poëtische wegwijzers, schreef hij een stadsgedicht in het plaatselijke dialect én zorgde hij in Coronatijd voor poëzie op doosjes mondmaskers.
Het bedrijf DeSter, gespecialiseerd in de productie van bestek en verpakkingen voor de luchtvaartsector, schakelde tijdens de voorbije coronacrisis over naar de productie van chirurgische mondmaskers. De schoonvader van Michiel van Opstal werkt bij dit bedrijf en dat gaf hem het idee om een coronagedicht de wereld in te sturen. “Het idee achter het gedicht is adem, want die houden we voor ons achter het masker”, zei Michiel Van Opstal hierover. “Ik hang een beeld op dat je adem het kostbaarste is, een soort schat, die je steeds moet beschermen.”
Michiel van Opstal was één van de deelnemende dichters aan de toer van de Poëziebus 2016. Toen wilde hij al stadsdichter worden, hetgeen hem dus gelukt is.
Dit is het gedicht dat op het doosje was afgedrukt.
.
Als je jezelf beschermt
begin dan met iets kostbaar
iets waardevol
waar alles mee begint
je adem
die hevig na het sporten hijgt
of rustig al zittend deint
in en uit
de sleutel tot rust
en tot gezond
als je de jouwe
Nationale Gedichtendag
26 januari 2023
.
Vandaag is het Nationale Gedichtendag en het officiële begin van de Poëzieweek in Nederland en Vlaanderen. Het thema van de poëzieweek is ‘Vriendschap’ en de Nationale Gedichtendag is het begin van een week vol poëzie en poëzie activiteiten. Op dit blog is het elke dag gedichtendag maar tot en met 1 februari kun je overal poëzie tegen komen, worden er voordrachten georganiseerd, zijn er lezingen, onthullingen van gedichten op ramen (zoals de onthulling op 27 januari van het gedicht van stadsdichter van Maassluis Marleen Opschoor aan de gevel op het raam van de bibliotheek), poëziewandelingen en nog veel meer. Het volledige programma vind je hier. Ga er vooral eens rond kijken.
Zevenendertig pagina’s vol activiteiten over poëzie, ik zou wensen dat het hele jaar zoveel aandacht was voor poëzie. Omdat het thema vriendschap is, koos ik vandaag voor een gedicht met dit thema van C. Buddingh’ getiteld ‘Titaantjes’ uit de bundel ‘gedichten 1974|1985’.
.
Titaantjes
.
Weet je nog, Leo, de tijd
dat jij en Tonnie en ik
op je atelier zure mosselen aten
en tot diep in de nacht oreerden
over Picasso en Eugène Jolas?
.
We schreven negentienveertig.
Geen meisje was veilig voor je.
En Tonnie noemden we Li Tai Gin.
.
J.C. Bloem
Nyk de Vries
.
De stichting Mr. J.C. Bloem Poëzieprijs heeft naar aanleiding van twintig jaar poëzieprijsuitreikingen een selectie gemaakt van op J.C. Bloem geïnspireerd werk. Deze bundel zal ik binnenkort uitgebreider bespreken op dit blog maar ik wil vandaag alvast een gedicht van Nyk de Vries plaatsen. Ik heb Nyk de Vries leren kennen als dichter op het Dunya poëziefestival in Rotterdam. Ester Naomi Perquin was destijds stadsdichter van Rotterdam en zij mocht een podium vullen met dichters. Één van die dichters was Nyk de Vries (1971).
Ik zal dat optreden niet snel vergeten want ik stond schuin naast het podium te luisteren toen er iemand aan kwam lopen en naast me kwam staan om mee te luisteren. Ik dacht deze persoon te herkennen maar kom hem niet meteen plaatsen. We begroeten elkaar en we genoten van het optreden van Nyk de Vries. Na zijn voordracht zei de man gedag en liep weer verder. Ik ging nog even met een bevriende dichter praten en vroeg hem wie die man toch was? Hij kwam me zo bekend voor. Het bleek Ahmed Aboutaleb, de kersverse burgemeester van Rotterdam en poëzieliefhebber te zijn. Die kon toen nog redelijk anoniem en zorgeloos over zo’n festival te kunnen lopen.
Maar terug naar de bundel ‘Beste meneer Bloem,’. Uit deze bundel het gedicht van Nyk de Vries (genomineerd in 2013 met zijn bundel ‘De dingen geburen omdat ze rijmen’ ) getiteld ‘J.C. Bloem’.
.
J.C. Bloem
.
Ik ontmoette J.C. Bloem in 1956 en meteen begreep ik
dat het een vreemde snuiter was. We liepen door het
Chinese deel van de stad toen hij een dolk te voorschijn
trok en die recht in zijn buik plaatste. Hij was niet dood,
maar we moesten wel als gekken naar het ziekenhuis.
Daar sprak ik bijna de hele avond met zuster Anna en
amper twee weken later waren we getrouwd. Wat kan
ik er verder over zeggen? Waarom langer wachten op je
liefje als ze gewoon naast je zit?
.
Hap
Ruth Lasters
.
De Vlaamse Ruth Lasters (1979) schrijft romans, poëzie en regelmatig opiniestukken voor het Vlaamse dagblad voor De Standaard over onder andere onderwijs. Ze studeerde Romaanse filologie in Brussel en debuteerde met de roman ‘Poolijs’ in 2007. In 2009 verscheen haar poëziedebuut ‘Vouwplannen’ dat werd bekroond met de Debuutprijs Het Liegend Konijn 2009.
In 2015 verscheen haar tweede dichtbundel ‘Lichtmeters’. Deze bundel werd genomineerd voor de Herman De Coninckprijs die ze ook won. Zelf zei ze hierover: “Via Herman de Coninck kwam ik in contact met poëzie. Zijn keuze voor broosheid en directheid, heeft mijn eigen poëtica mee bepaald.” Waarschijnlijk is dat waarom ik haar poëzie zo bijzonder waardeer (als groot bewonderaar van het werk van Herman de Coninck).
In 2016 verscheen haar bundel ‘Lichtmeters’ (nominatie voor de VSB-poëzieprijs 2017) en in 2022 won ze de Gedichtenwedstrijd (voorheen de Turing Gedichtenwedstrijd) met het gedicht ‘Abrikozen’. Ook is ze voor de periode 2022-2023 één van de vijf Stadsdichters van Antwerpen.
Op haar website kun je veel meer over haar lezen alsmede een aantal gedichten waaronder het gedicht ‘Hap’.
.
Hap
.
Omdat appels zo mooi stapelen wou ik er
stapelen onder je huid. Je benen, schedel, borst
.
vol appels, van die gele die vol vlekken en vol
builen. Slechts één rode, glanzende
.
volmaakte die zich tijdens het bewegen door je lijf
verplaatst. En dan te kunnen raden waar, in welke van je
.
ledematen hij precies verborgen zit, om telkens ik
het juist gok hem eruit te halen, er
.
een hap uit nemen, nietig weliswaar maar maal oneindig maakt
onloochenbaar geschonden.
.
De Veerman
Romain John van de Maele
.
Via Alja Spaan, goede vriendin en medebestuurslid van Meander, kreeg ik een mail waarin ik gewezen werd op ‘De Veerman’ gewezen, een Tijdschrift voor West- en Noord-Europese literatuur en kunst dat gemaakt wordt door Romain John van de Maele. Romain is onder andere voormalig recensent bij Meander. In ‘De Veerman’ staan maar liefst 85 pagina’s met literatuur en kunst, zoals beloofd. In dit tijdschrift ook veel aandacht voor poëzie.
Zoals voor de poëzie van Edward Hoornaert (1981). Deze dichter debuteerde in 2016 met de bundel ‘Wij vreemden’. In de periode 2021-2023 is hij stadsdichter van Roeselare (Vlaanderen). Hij publiceerde gedichten in Gierik & NVT, Kluger Hans, Met Andere Zinnen en Plebs. Voorts is hij de bezieler van het dichterscollectief Obsidiaan en redacteur van het online tijdschrift Roer.
Als mede (poëzie-)tijdschriftmaker (van MUGzine) wil ik graag de aandacht vestigen op dit mooie initiatief van Romain. Daarom uit zijn debuutbundel van Edward Hoornaert, ‘Wij vreemden’ het gedicht ‘Morgenland’ dat ook te vinden is in ‘De Veerman’.
.
Morgenland
.
altijd juichen wij een vorig leven toe
gaan wij op zoek naar wat er achter onze rug
opdoemt – terwijl wij denken aan het verlies
.
denkt het verlies aan ons, er is geen weg vooruit
er is alleen het bed dat naar de liefde leidt en daar verstomt
wat ons betreft is dit het einde niet, we weten hoe het is
een voorstelling te maken van wat nog komen moet
.
in functie van wie achterblijft – ons huis het nest
dat ruimte liet
.
de tak waarop de vogel zat de verte ontegensprekelijk nabij
.
Plattegrond
Frouke Arns
.
Voormalig stadsdichter van Nijmegen (2015-2016) Frouke Arns (1964) studeerde Engelse Taal- en Letterkunde in Nijmegen. Naast dichter is ze auteur, literair vertaler en tekstschrijver. Haar gedichten werden gepubliceerd in onder meer de Poëziekrant, Het Liegend Konijn, Schrijven Magazine, Het Parool en nrc.next. In 2013 verscheen haar debuutbundel ‘Mensen die je misschien kent’ bij uitgeverij Marmer. In 2017 volgde ‘Eigen terrein’ ,met daarin alle gedichten die ze tijdens haar periode als Stadsdichter van Nijmegen schreef. In 2018 kwam haar derde bundel, ‘De camembertmethode’ bij De Arbeiderspers uit, die genomineerd werd voor de Herman de Coninckprijs 2019.
Zo won ze onder andere de Meander Dichtersprijs (2017), de literaire prijs van de Stad Harelbeke en de jury- en publieksprijs van de Nijmeegse editie van ‘Aan het woord!’ Twee van haar gedichten werden opgenomen in de bundel ‘De 100 beste gedichten voor de VSB Poëzieprijs 2015’. In De Revisor, jaargang 2016 werden drie van haar gedichten geplaatst waaronder het gedicht ‘Plattegrond’.
.
Plattegrond
.













