Categorie archief: Vakantie poëzie

Mijn computer

Charles Bukowski

.

In de vakantieperiode mag een gedicht van één van mijn favoriete Amerikaanse dichter, Charles Bukowski, natuurlijk niet ontbreken. Daarom het gedicht ‘My computer’.

.

My computer

.

“What?” they say, “you got a
computer?”

it’s like I have sold out to
the enemy.

I had no idea so many
people were prejudiced
against
computers.

even two editors have
written me letters about
the computer.

one disparaged the
computer in a mild and
superior way.
the other seemed
genuinely
pissed.

I am aware that a
computer can’t create
a poem.
but neither can a
typewriter.

yet, still, once or
twice a week
I hear:
“what?
you have a
computer?
you?”

yes, I do
and I sit up here
almost every
night,
sometimes with
beer or
wine,
sometimes
without
and I work the
computer.
the damn thing
even corrects
my spelling.

and the poems
come flying
out,
better than
ever.

I have no
idea what causes
all this
computer
prejudice.

me?
I want to go
the next step
beyond the
computer.
I’m sure it’s
there.

and when I get
it,
they’ll say,
“hey, you hear,
Chinaski got a
space-biter!”

“what? ”

“yes, it’s true!”

“I can’t believe
it!”

and I’ll also have
some beer or
some wine
or maybe nothing
at all
and I’ll be
85 years old
driving it home
to
you and me
and to the little girl
who lost her
sheep.
or her
computer.

.

Misschien

Hans Andreus

.

De verzenbundel ‘Misschien’ werd in 1956 uitgegeven voor de Vriendenkring van De Beuk. De bundel bestaat uit twee delen, het tweede deel werd bekroond met een Regerings-reistoelage.

Uit dit fijne kleine bundeltje het gedicht ‘Het ander woord’.

.

Het ander woord

.

Dodelijk in mij

een ander woord.

.

Het is rond,

want het weet weinig

.

van rechtlijnig.

Maar het licht

.

op wanneer ik

mij niet verdedig

.

en wij bestaan

in het zinledig.

.

Négligés

Yousra Benfquih

.

In 2017 zou de Vlaamse, van Marokkaanse komaf, Yousra Benfquih als dichter mee gaan met de Poëziebus. Door omstandigheden is daar toen helaas niet doorgegaan. Wel kwam ze in de Poeziebusbundel met een gedicht. Yousra Benfquih is mensenrechtenjuriste en doctoraal onderzoekster aan de Universiteit Antwerpen (Recht & Ontwikkeling). Maar het recht deelt haar hart met de kunsten, om meer specifiek te zijn tekenen en schilderen en schrijven. Ze begon het academiejaar met een schrijfopleiding aan de Academie van Borgerhout, werd toegelaten tot de Parijse residentie van de Buren en won de TXT-on-stage wedstrijd Naft voor Woord.

Uit de Poëziebundel van de Poëziebus 2017 met de veelzeggende titel ‘Staalkaart van de Nederlandstalige podiumpoëzie’ het gedicht ‘Négligés’ van haar hand.

.

Négligés

.

Daal dieper af, daal enkel af

maak, alle meervoud van je los:

je hemden

je bloesjes

je doorkijkverdrieten.

Kom, ik vouw je in mij als:

enkelvoud.

Hier ben je, hier is het

voor één keer

altijd genoeg.

.

Vroege vogels

Patty Scholten

.

Voordat Patty Scholten (Den Haag, 1946) debuteerde op haar 49ste  jaar met ‘Het dagjesdier’ (1995), had zij al een schrijversleven achter de rug. Onder haar meisjesnaam, Patty Klein, publiceerde zij namelijk scenario’s voor stripverhalen, die in Donald Duck en Tina verschenen. Wie vroeger de strips van Tom Poes en de Woelwater, de Hiawatha-verhalen en ‘De grote boze wolf’ volgde, maakte dus al veel eerder kennis met de fantasiewereld van Patty Scholten.

De toon van haar light verse is parlando, de beschrijving van de dieren en van mensen is scherp, maar vriendelijk, en de stijl is soms verwant aan die van Kees Stip. Haar bundel ‘Traliedieren’ werd in het Engels vertaald, zodat ook het Engelstalige publiek kon kennismaken met vadsige alligators, schorre kaketoes, stieren met saterkop en blauwe tong.

Uit ‘Tralieliederen’ uit 1999 het gedicht ‘Vroege vogels’

.

Vroege vogels

.

Ik dicht graag ’s nachts. Maar nu is het al laat en
ik word te duf voor rijm en metafoor.
Een schrille toon, dan breekt het schallend door:
het zangkoortje van ijdele castraten.

Een merel zingt een melodietje voor,
een tweede bootst het na zonder hiaten
en componeert tot slot zijn eigen maten.
Arpeggio’s, trillers: wat een kletsmajoor.

Een dwarsfluitist ’s nachts zou men koppensnellen
maar voor de vogels hangt men pindaslingers
en luistert dwepend naar hun decibellen.

Waarom toch? Als ik de tv aanzet
en een artiest fluit net zo op zijn vingers,
dan zap ik haastig naar een ander net.

.

Dan neem ik je mee

Jeroen Naaktgeboren

.

De Rotterdamse dichter, presentator en leerkracht Jeroen Naaktgeboren won met zijn poetryrockgroep De WoordDansers in 2004 het NK Poetry Slam en eindige het jaar daarop als tweede op het WK Poetryslam. In 2007 werd Naaktgeboren tot eerste officiële stadsdichter van Rotterdam benoemd en schreef hij samen met ontwerper Saskia Dorsman het boek ‘Poetry Slam, het festival’. Gedichten van Jeroen zijn gepubliceerd in tientallen bloemlezingen en tijdschriften. Er werden filmclips van zijn gedichten gemaakt die o.a. zijn uitgezonden bij de VARA, BNN, The Box, TV Rijnmond en MTV. Hij geeft regelmatig workshops op (hoge)scholen over het schrijven en uitvoeren van poëzie. Hij presenteerde tientallen poppodia, talentenjachten en (pop)festivals en in 2017 was hij één van de Poëziebusdichters. Het gedicht ‘dan neem ik je mee’ verscheen eerder in de bundel ‘Staalkaart van de Nederlandstalige podiumpoëzie’uit 2017.

.

dan neem ik je mee

.

wanneer ik voor mij kijk

dan zie ik meer

dan wat er niet is

.

vergeten wat we kunnen

is veel meer dan wat we doen

.

geklemd om randen, toetsen,

vellen en platen

laten we meer los

dan dat we vast houden

.

dan neem ik je mee

.

de stad uit

.

het veld in

.

Dankie

Gert Vlok Nel

.

De Zuid Afrikaanse dichter/singer-songwriter Gert Vlok Nel (1963) studeerde Engels, Afrikaans en geschiedenis aan de Universiteit van Stellenbosch en werkte daarna als gids, barman en bewaker. Hij publiceerde slechts 1 bundel, die hem bekend maakte ‘Om te lewe is onnatuurlik’ . Deze bundel bevat een aantal persoonlijke gedichten, waarvoor hij de Ingrid Jonkerprijs kreeg. In  2007 verscheen een Nederlandse editie van Nel’s dichtbundel, met de originele Afrikaanse teksten én een Nederlandse vertaling. De Zuid-Afrikaanse dichteres Antjie Krog schreef er een voorwoord bij.

.

Dankie

.

Trek my nader.

wieg, wieg saam

en dankie vir jou

hartklop teen myne.

.

Jouw glimlag teen my wang

en jou asem in my hare

en elke dou sag soen

is vir my my son opkoms

en goue druppels lig.

.

D

Nieuwste Dichtkunst

Jo Landheer

.

In 1950 publiceerde uitgeverij Bigot en van Rossum in De Uilenreeks het eerste nummer onder de titel ‘Nieuwste Dichtkunst’. Samenstellers C. J. Kelk en Halbo C. Kool brachten gedichten bij elkaar in deze bundel uit de jaren vlak voor 1950. Een dichter die ik van naam vaag kende maar niet van haar werk is Jo Landheer (1900 – 1986).

Van deze, in Rotterdam geboren dichter verschenen in totaal 7 dichtbundels. Haar gedichten worden in zeven voornamelijk literaire tijdschriften geplaatst: Leven en Werken, Elseviers Geïllustreerd Maandschrift, De Nieuwe Gids, Helikon, De Nieuwe Stem, De Gids en Maatstaf. Jo Landheer heeft – los van vijf vertalingen – in totaal drieënnegentig gedichten gepubliceerd. Ongeveer twee derde ervan is meer dan eens in boek of tijdschrift afgedrukt. In aanmerking genomen dat de dichteres in 1918 voor het eerste publiceert en in 1974 voor het laatst, dan komt haar (gepubliceerde) productie op slechts anderhalf tot twee gedichten per jaar.

.

De verlatenen

.

Die met ons in de zelfde kamers woonden,

En met ons samen waren dag en nacht,

-Hun wangen waren zacht en warm aan de onze –

Zijn nu voor altijd van ons weggebracht.

.

Zij liggen ergens in den grond verborgen,

Gesloten in een smalle kist van hout,

Hun mond werd star, het bloed stolde in hun oogen,

Stijf zijn hun vingers en als steen zoo koud.

.

Wij leven verder, lachen weer en praten.

Wie van ons beiden zijn het meest verlaten?

.

Jozzonet

Joz Knoop

.

De Rotterdamse dichter Joz Knoop ken ik al jaren als een prima dichter en een fijn mens. Joz (1957) was van 2013 tot 2016 wijkdichter van De Beverwaard en hij was samen met Irene Siekman de initiatiefnemer van De Poëziebus. Joz is echter vooral bekend van zijn Jozzonetten.

Het Jozzonet is een door Joz Knoop ontwikkelde dichtvorm, waarbij de middelste regel van een oneven aantal regels het gedicht als het ware spiegelt. Een mooi voorbeeld is het Jozzonet ‘Grassex’ uit ‘De driehoek is rond’ uit 2013.

.

Grassex

De koeien staan onverstoord
te grazen in het weiland.
Ik neem je overtuigend
lief mee naar stille paden.
Daarom ga jij met mij
naar waar de lente explodeert..
Dat wat ons bindt verwijst ons door
naar waar de lente explodeert..
Daarom ga jij met mij
lief mee naar stille paden.
Ik neem je overtuigend
te grazen in het weiland.
De koeien staan onverstoord.

 

Endre Ady

Hongaars dichter

.

Al jaren kom ik met enige regelmaat in Hongarije en de laatste 20 jaar vooral in het stadje Hatvan omdat de plaats waar ik werk, Maassluis, een stedenband heeft met Hatvan. De bibliotheek in Hatvan is vernoemd naar een beroemd Hongaars dichter Endre Ady (1877 – 1919).

In het begin van de twintigste eeuw maakten de Hongaarse dichters er aanspraak op dat ze in de voetsporen traden van Sándor Petőfi, schrijvend in een geïmiteerde volkse stijl, maar wars van de visie van Petőfi (en, meestal, van zijn talent) dat blijkbaar niet te evenaren was. Ady was de eerste die brak met de traditie, en de nieuwe moderne stijl propageerde. Hoewel hij zichzelf zag als een eenzaam, verkeerd begrepen revolutionair, kozen in werkelijkheid vele dichters van zijn generatie zijn kant (en velen van hen imiteerden zijn stijl).

Zijn twee eerste dichtbundels toonden niets nieuw; hij was nog onder de invloed van de 19e-eeuwse dichters zoals Petofi of János Vajda. De eerste elementen van zijn eigen stijl kwamen niet voor in zijn gedichten maar in zijn essays en overige geschriften. Ady was zonder twijfel beïnvloed door het werk van Charles Baudelaire en Paul Verlaine. Hij gebruikt dikwijls het Symbolisme, zijn terugkerende thema’s zijn God, Hongarije en het gevecht tot overleven.

het gedicht ‘Bloed en goud’ van Ady is vertaald uit het Hongaars door Rudolf Polak.

.

Bloed en goud

.

Eén zelfde lied dreunt in mijn oren

Bij smart, die kreunt, bij vreugd, die zingt,

Bij ’t bloed, dat stroomt, bij ’t goud, dat klinkt.

.

Ik weet, ik zweer het, dit is: Alles,

Vergeefs de strijd, vergeefs de moed;

Slechts bloed en goud en goud en bloed.

.

En alles sterft en gaat ten onder,

De roem, de rang, het loon, het lied.

Maar bloed en goud, – zij sterven niet.

.

Er rijzen volk’ren en verdwijnen,

Geheiligd is, die thans met moed

-Als ik – verkondigt: goud en bloed.

.

Cummings

In het Nederlands

.

De regelmatige lezer van dit blog weet dat ik een groot zwak heb voor de poëzie van de Amerikaanse dichter E.E. Cummings ( 1894 – 1962). In het verleden plaatste ik al een paar keer gedichten van hem vertaald in het Nederlands door de Vlaming Lepus. Dit keer een gedicht van zijn hand vertaald door Gert Jan de Vries.

.

Lente is net een misschien hand die

(voorzichtig uit

het Niets opduikend) een etalage

inricht waar men in kijkt (terwijl

men staart

daar iets vreemds voorzichtig

inricht en verplaatst en

hier iets bekends) en

.

alles voorzichtig verandert

.

lente is net een misschien

Hand in een etalage

(voorzichtig Nieuwe en

Oude dingen verzettend, terwijl

men voorzichtig staart

een misschien beetje

bloemen hier verplaatst

een duim lucht daar) en

.

zonder iets te breken.

.

Tekening door Nathan Gelgud, 2014