Site-archief

The N-word

Countee Cullen

.

Countee Cullen (1903-1946) werd als wees geadopteerd door een dominee en groeide op in een Methodistisch gezin. Als student blonk hij uit en hij schreef op zijn 14e zijn eerste gedichten. Als student  aan de New York University was hij het productiefst, hij publiceerde in die periode zijn eerste drie bundels: ‘Color’, ‘Copper sun’ en ‘The ballad of the brown girl’. Cullen werd een prominent lid van de ‘Harlem Renaissance’ waar hij veel over raciale ongelijkheid en ongelijkheid tussen de rassen schreef. Zijn bundel ‘Color’ geldt als éen van de belangrijkste bouwstenen van deze beweging. Tegelijkertijd werd hij door sommige van zijn mede dichters bekritiseerd omdat hij sociale en politieke kwesties zou vermijden in zijn werk.

In 1929 had Cullen 4 bundels gepubliceerd. Het titel gedicht van ‘The black Christ and other poems’ werd sterk bekritiseerd omdat hij veelvuldig gebruik maakte in zijn gedichten van religieuze beelden. Zo vergeleek hij in het titelgedicht het lynchen van zwarte Amerikanen met het kruisigen van Christus.

In 1946 , na een bewogen leven, stierf Countee Cullen aan hoge bloeddruk en bloedvergiftiging. Een filiaal van de Openbare Bibliotheek van New York is naar hem vernoemd en in 2013 werd zijn naam toegevoegd aan de New York Writers Hall of Fame.

In 1925 was er nogal wat ophef toen Countee Cullen het N-word (Nigger) gebruikte in zijn gedicht ‘Incident’ maar het gedicht legt de vinger op de zere plek en geeft precies weer hoe de verhoudingen lagen tussen de blanke en zwarte Amerikanen in die tijd. Hoewel Cullen liever niet als ‘zwart’ dichter bekend wilde zijn (maar gewaardeerd wilde worden om zijn gebruik van de zogenaamde ‘traditional English standards’) worden juist zijn meest kritische gedichten als hieronder het hoogst gewaardeerd. Cullen wordt tegenwoordig als één van de belangrijkste African-American schrijvers ooit gezien.

.

Incident

.

Once riding in old Baltimore,
Heart-filled, head-filled with glee,
I saw a Baltimorean
Keep looking straight at me

.

Now I was eight and very small,
And he was no whit bigger,
And so I smiled, but he poked out
His tongue, and called me, ‘Nigger.’
.
I saw the whole of Baltimore
From May until December;
Of all the things that happened there
That’s all that I remember.
.
cullen
CCgrave
ccmomument1

 

 

 

Manja Croiset

Gedichten

.

Vandaag uit mijn boekenkast de bundel ‘Toeschouwer of deelnemer, filosoof of zonderling, gedichten’ uit 2009 van Manja Croiset. Manja (1946)  is dichter, schrijfster, voordrachtskunstenaar en beeldend kunstenaar. Manja  is een dochter van Shoah-overlevenden. Haar moeder Paula Kool (1918-2012) was Joods en verloor haar hele familie. Haar vader Odo Croiset (1915-2011) zat in diverse kampen wegens illegaal drukwerk. In haar werk neemt haar afkomst een belangrijke plaats in. Ze kwam, als tweede generatieslachtoffer, op jonge leeftijd in de psychiatrie terecht. Ze verbleef vele jaren in psychiatrische inrichtingen. Daarover is ze op haar zestigste gaan publiceren. Over haar leven is door Willy Lindwer een documentaire gemaakt.

Ik maakte kennis met Manja toen ze in 2009 contact met me opnam na de publicatie van haar autobiografie ‘Mijn leven achter onzichtbare tralies’.

Uit de bundel gedichten een gedicht zonder titel.

.

.

thuis is daar waar

de stallen warm en de

ruiven vol hooi zijn

.

maar ik vrees dat mijn

stal nodig moet worden

uitgemest

.

per slot van rekening

bestaat ook de uitdrukking

waar het warm is

stinkt het

.

manja

 

Manja Croiset

Op_transport

 

Kunstwerk van Manja met het gedicht ‘Op transport / Deportatie’ in het Wertheimpark in Amsterdam.

A close season for cats

Margreet Jorna

.

In het kader van (bijna) vergeten dichters een dichter de eigenlijk vrijwel onbekend is gebleven. Vooral omdat het enige bundeltje dat er van haar te vinden is in Engeland is verschenen. Margreet Jorna, geboren in 1946, werkte in 1985 toen het bundeltje ‘a close season for cats’ verscheen voor de NOS. Ze woonde in Berkshire en was zomers meestal in Norfolk Broads te vinden. Ze studeerde Engels en rechten.

In 1985 verscheen bij Merlin books ltd. in Braunton en Devon het bundeltje ‘A close season for cats’ met daarin 33 Engelstalige gedichten. Het boekje is gek genoeg nog steeds te koop via Amazon.com maar is ‘currently unavailable’.

Uit dit kleine bundeltje het gedicht ‘A matter of fact’ (for Rob B.)

.

A matter of fact

(for Rob B.)

.

As she leans back in her easy chair

looking as sweet as an English long vowel

correctly pronounced

nobody could possibly dream

that not so very long ago

she was referred to as a calculating cat

and that she finds a change

rather refreshing.

.

Jorna

 

 

jorna 2

 

Het was zo goed

Rita Demeester (1946 – 1993)

 

Het schrijverschap van de Vlaamse Rita Demeester begon nadat ze werkloos was geworden en wegbezuinigd was uit het onderwijs. Dan begint ze met schrijven. Uit noodzaak bekent ze: “Zonder dit veertigjarige leven dat achter me ligt, deels als een wilde tuin, deels als een mijnenveld, was het er nooit van gekomen, geloof ik.”

Ze debuteert pas op haar veertigste, wat ze later als een voordeel beschouwde. Ze zei hierover: “Ik geloof echt dat ik eenenveertig moest worden, werkloos, bevrijd van schreeuwende kinderen en beschikkend over een ruime werktafel, om tot schrijven te komen.”

Haar eerste gedichten verschijnen in 1986 in het literaire tijdschrift De Brakke Hond onder het pseudoniem Esther Meert . Hierna legt ze zich toe op het schrijven van proza. Haar hele poëzie oeuvre bestaat uit een paar gedichten. In 1993 overlijdt Rita Demeester op 46 jarige leeftijd.

 

 “Het was zo goed
de konfituur nog warm
in de potten en
iedereen thuis
 
Ik speelde met mijn poppen in
een kartonnen poppenhuis van
afgedankte dozen en mijn zussen
waren groot ze naaiden
met vrouwenijver
aan iets nutteloos
 
Het was zo goed dat ik
alleen in bed
soms dacht als nu
de Russen maar niet komen.”
 
Rita

De echo

Anna Achmatova (1889 – 1966)

.

Dichteres Anna Achmatova is één van de bekendste vrouwelijke dichters uit Rusland. De belangrijkste thema’s van haar werk zijn de liefde en het dichterschap. Haar werk wordt bovendien gekenmerkt door melancholie en teleurstelling, bijvoorbeeld over de tragedie die de revolutie van 1917 in haar land heeft veroorzaakt. Na de tweede wereldoorlog had Achmatova veel last van de officiële communistische kritiek. Ze werd in 1946 uit de Unie van Schrijvers gezet. Ze hield zich hierna in leven door vertaalwerk te doen. Pas na 1956 kreeg ze de mogelijkheid om weer te publiceren. Aan het einde van haar leven ontvang ze onder andere het eredoctoraat van de Universiteit van Oxford. In diezelfde periode verscheen ook haar laatste grote werk ‘Epos zonder held’.

Uit ‘Spiegel van de Russische poëzie’ het gedicht ‘De Echo’.

.

De echo

.

Het verleden is al lang geleden

Wat zou ik erin vinden bovendien?

Grafzerken waarop bloed is vergoten,

Deuren met beton gedicht, misschien

Nog de echo die terug blijft komen

 

Hoezeer ik hem ook om stilte vraag…

Hem is weer hetzelfde overkomen

Als de ander, die ik in mij draag.

.

achmatova

 

Brief encounter

Poëzie in films

.

In de film ‘Brief encounter’ van David Lean uitv 1945 komt het gedicht ‘When I have fears that I may cease to be” van de Romantische dichter John Keats (1795 – 1821) voor. Brief encounter is het verhaal van huisvrouw Laura Jesson en dokter Alec Harvey.

Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Laura Jesson, een huisvrouw uit een klein stadje. Ze is getrouwd met een degelijke man die meer aandacht heeft voor kruiswoordraadsels dan voor haar. Om aan de verveling te ontsnappen gaat ze elke week met de trein naar de grote stad om te winkelen en een matineefilm te zien.

Na afloop van zo’n dagje uit krijgt ze op het station wat kolengruis in haar oog. Een andere passagier, de dokter Alec Harvey  helpt haar het gruis te verwijderen. Beiden zijn begin dertig, getrouwd en hebben twee kinderen. De dokter is een huisarts in een ander provinciestadje die ook een keer per week in de grote stad komt om in het ziekenhuis te helpen.

Er ontstaat een geanimeerd gesprek, en beide drinken thee in de stationsrestauratie, waar ze ieder op hun eigen trein naar huis wachten. Al snel worden ze verliefd op elkaar. Ze beginnen in het verborgene af te spreken, in cafés en bioscopen, om hun ontmoetingen geheim te houden. Op een gegeven moment mag Alec voor een avond het huis van een vriend lenen, maar hun liefde wordt niet geconsumeerd omdat de vriend onverwacht eerder terugkeert. Dit is voor hun een teken dat de relatie echt niet verder kan; ze besluiten om hun gezinnen trouw te blijven en om elkaar verder niet te zien.

Hoofdrollen in deze Engelse film worden vertolkt door Celia Johnson en Trevor Howard. In 1984 kwam er een Amerikaanse re-make met Robert De Niro en Meryl Streep die echter een stuk minder goed beoordeeld wordt op IMDB.com, de website over films.

In 1946 kwam deze film in Nederland in de bioscopen onder de titel ‘Het Laatste rendez-vous’. De filmkeuring gaf de film een 18 jaar en ouder predicaat omdat er huwelijks ontrouw in wordt getoond.

Het gedicht van John Keats sluit heel mooi aan bij het thema van Brief encounter.

.

When I have fears that I may cease to be

.

When I have fears that I may cease to be

Before my pen has glean’d my teeming brain,

Before high piled books, in charact’ry,

Hold like rich garners the full-ripen’d grain;

When I behold, upon the night’s starr’d face,

Huge cloudy symbols of a high romance,

And think that I may never live to trace

Their shadows, with the magic hand of chance;

And when I feel, fair creature of an hour!

That I shall never look upon thee more,

Never have relish in the faery power

Of unreflecting love!—then on the shore

Of the wide world I stand alone, and think

Till Love and Fame to nothingness do sink.

.

Brief encounter

 

Brief encounter 2

Literaire wandelingen

Deel 1: Hans Warren wandeling

.

Een nieuwe categorie op dit: De literaire wandeling, waarbij ik me wel beperk tot literaire wandeling in relatie tot dichters. Er zijn vele literaire wandelingen in relatie tot proza schrijvers, heb je daarin interesse dan verwijs ik je graag naar de rubriek op Google.

Vandaag deel 1, de Hans Warren wandeling door Zeeland. Hans Warren (1921-2001) schrijver en dichter uit Borssele debuteerde in 1946 met de dichtbundel ‘Pastorale’. Hoewel Hans Warren vooral bekendheid geniet door zijn Geheime dagboeken heeft hij ook als dichter zijn sporen verdienD. Zo publiceerde hij in 1959 de populaire bloemlezing van de poëzie van P.C. Boutens met als titel ‘Mijn hart wou nergens tieren’.

De literaire wandeling, aan de hand van gedichten en fragmenten uit Geheim Dagboek loopt door het Zeeland van Hans Warren. Hans Warren leefde en werkte bijna zijn gehele leven tussen Westerschelde en Oosterschelde. Hier schreef hij zijn kritieken voor de krant, ontstonden zijn verzen en hield hij minutieus zijn dagboek bij. Hij zag ook hoe het Zeeuwse landschap veranderde. Op de plekken waar hij als kind fossielen zocht en uitkeek naar vogels, verrees een kerncentrale en een industrieterrein. Het station waar hij jarenlang zovelen verwelkomde en van zovelen afscheid nam, is er niet meer.

Langs de zeedijk loopt één van de nieuwe wandelingen van het Wandelnetwerk Zeeland. ( Zeedijk langs de Westerschelde ter hoogte van De Sluishoek bij Borssele). Daar staat ook dit bord met een gedicht van Hans Warren ‘Juli aan de Scheldedijk’.

.

Juli aan de Scheldedijk

Wit dons kleeft op het vuile schuim
dat rimpelloos over de slikken
de kust bevloeit. Er stierven krabben
en kwallen droogden tot een vlies.
Laag strijken vale meeuwen over,
ze ruien en hun harde pennen
dalen in puntige spiralen.
Het gras tussen de blauwe spleten
wolkt wrange stuifmeel. Lang geleden
vervloeiden horizon en water.

.

slik

Zoon van alle moeders

Herman Brood (1946-2001)

.

Tussen 1996 (Broodje gezond) en 2003 (Broodje springlevend) schreef Bart Chabot in 4 boeken over het leven van Herman Brood. Ik heb alle delen met veel plezier gelezen (evenals ander werk waaronder de poëzie van Bart). Wat me opviel in de Broodje reeks waren de taalvondsten van Herman Brood, de manier waarop hij met taal kon spelen, zijn frisse en originele kijk op dingen.

In 1988 kwam een dichtbundel uit van Herman Brood ‘Zoon van alle moeders’ met een omslag van Lucebert. In deze bundel schrijft Herman fragmentarische gedichten (de meeste zonder titel) die voornamelijk over zijn leven als Rock & Roll junkie gaan. In 2002 verschijnt het boek ‘Kwartjes vallen soms jaren later’ waarin behalve gedichten ook tekeningen van hem zijn opgenomen.

Wat verder opvalt in deze bundel is het (gesproken) taalgebruik van Herman. In een soort plat Nederlands (als ik wordt ak, doe ik niet wordt doe’k nie) schrijft hij zijn gedichten op zoals hij ze zou uitspreken.

Misschien niet voor iedereen deze teksten maar bijzonder genoeg om nog eens aandacht aan te besteden. Hieronder het gedicht (zonder titel) Verdachte.

.

Verdachte… u bent reeds talloze malen

verloren gewaand

ontelbare observaties

uw schedel vrijwel leeggestolen

door hen die u als gabbers omschrijft.

.

‘k Heb geen vriende, Edelachtbare

.

Dáccord Brood, de vraag echter

waarom u een geladen revolver

meeneemt naar een bezoek

aan de ‘dag en nacht open’ farmasie

blijft onbeantwoord.

.

Ik ben de maagd edelachtbare

en tevens van lichte zeden…

.

Hij gaf een hengs op die tafel,

schrok er zelf van.

.

U kunt niet eeuwig uw adolessensie

uitstellen verdachte!

.

Brood