Site-archief

Black rage

Lauryn Hill

.

Nu de discussie rondom discriminatie en racisme steeds luider en vaker wordt gevoerd in de Verenigde Staten maar ook in Nederland en in heel veel landen ter wereld, worden er ook steeds meer (protest) liederen geschreven over dit onderwerp. Op de website https://www.cleveland.com/entertainment/2016/07/black_lives_matter_25_songs_th.html staan 25 songs ‘that embody the movement. Songs door bekende en minder bekende artiesten, van rap, hiphop, soul naar pop maar allemaal met dezelfde belangrijke boodschap; racisme en discriminatie moet stoppen.

Onder deze artiesten ook Lauren Hill (1975) de Amerikaanse hip-hop artiest en actrice. Hill werd in 2003 bekend als activiste toen ze kritiek uitte op de Katholieke kerk toen bekend werd dat er op grote schaal door priesters minderjarige jongens seksueel waren mishandeld en ze de kerk opriep spijt te betuigen (wat ze nooit hebben gedaan).

In het nummer ‘Black rage’ legt ze uit waar de woede vandaan komt, en dat racisme, discriminatie, en erger in zoveel aspecten van de levens van zwarte Amerikanen voorkomt.

.

Black Rage

.

Black rage is founded on two-thirds a person
Raping and beatings and suffering that worsens
Black human packages tied up in strings
Black rage can come from all these kinds of things.Black rage is founded on blatant denial,
sweet economics, subsistent survival,
deafening silence and social control,
black rage is found in all forms in the soul,When the dog bites, when the bee stings, when I’m feeling sad,
I simply remember all these kinds of things, and then I don’t fear so badBlack rage is founded who fed us self hatred
Lies and abuse while we waited and waited
Spiritual treason
This grid and it’s cages
Black rage was founded on these kinds of thingsBlack rage is founded on dreaming and draining
Threatening your freedom
To stop your complaining
Poisoning your water
While they say it’s raining
Then call you mad
For complaining, complaining
Old time bureaucracy
Drugging the youth
Black rage is founded on blocking the truth
Murder and crime
Compromise and distortion
Sacrifice, sacrifice
Who makes this fortune?
Greed, falsely called progress
Such human contortion
Black rage is founded on these kinds of things

So when the dog bites
And the bee stings
And I’m feeling mad
I simply remember all these kinds of things
And then I don’t fear so bad

Free enterprise
Is it myth or illusion
Forcing you back into purposed confusion
Black human trafficking
Or blood transfusion
Black rage is founded on these kinds of things
Victims of violence
Both psyche and body
Life out of context IS living ungodly
Politics, politics
Greed falsely called wealth
Black rage is founded on denying of self
Black human packages
Tied and subsistence
Having to justify your very existence
Try if you must
But you can’t have my soul
Black rage is founded on ungodly control
So when the dog bites
And the beatings
And I’m feeling so sad
I simply remember all these kinds of things
And then I don’t feel so bad

.

Nieuw gedicht

Liever

.

Zo maar een licht en luchtig zomergedicht voor tussendoor.

.

Liever

.

Ik heb je liever

in het echt

dan op papier

.

Het leed geslecht

zonder gevecht

maar met plezier

.

Als voor-, tussen-

en hoofdgerecht

.

te mogen kussen

op die manier

.

                                                                                                                Afbeelding: Raphael Perez

vergeten smokkelwaar

Radna Fabias

.

Dichter Radna Fabias (1983) debuteerde in 2018 als dichter met haar bundel ‘Habitus’ bij De Arbeiderspers. Fabias studeerde aan de koksschool en dramaschrijven aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Voordat ze debuteerde als dichter, werkte ze onder andere voor educatieve uitgeverijen.

Haar debuut werd lovend ontvangen en werd bekroond met de C. Buddingh-prijs 2018, en in 2019 met de Grote Poëzieprijs, de Awater Poëzieprijs en de Herman de Coninckprijs. Ook ontving Fabias op basis van ‘Habitus’ een startersbeurs van het Letterenfonds voor het schrijven van haar tweede bundel.

Omdat deze tweede bundel nog even op zich laat wachten hier nog een gedicht uit haar zo succesvolle debuutbundel getiteld ‘vergeten smokkelwaar’.

.

vergeten smokkelwaar

.

bijvoorbeeld een klein hard steentje in de borstkas dat steeds

een laag groeit en met dat groeien het wint

van het lichaam dat eromheen zit

.

de groeiende steen straalt straf uit

naar de ledematen

naar het lichaam het lichaam

beschermt de almaar groeiende

asteen door eromheen te verharden

.

de steen sit door de verharding heen

tot het lichaam – vergroeid- versteent

.

Bijna vergeten dichter

Leyn Leijnse

.

Dichter, schilder en schrijver Leyn Leijnse (1941 – 2006) begon zijn werkend leven op de wilde vaart als ketelbinkie.  Eind jaren zestig was hij bureauredacteur bij Het Vrije Volk in Rotterdam. Hij maakte reizen naar Noord-Afrika en Nabije Oosten. In Israël werkte hij in een kibboets. In 1972 nam Leijnse (ook wel Leyn Leynse) deel aan Poetry International te Rotterdam, en ook in 1977 las hij op Poetry voor uit zijn werk. In 1974 richtte hij met de dichters Rien Vroegindeweij en Eddy Elsdijk de poëziewinkel Woutertje Pieterse in Poëzieop. Hij werkte mee aan literaire activiteiten van de Rotterdamse Kunststichting, Workshop Arbeidersliteratuur Rotterdam. Leijnse was ook vooral bekend als schrijver. Zo ontving hij de Anna Blaman Prijs in 1969 voor zijn roman ‘Afrika sterft’. In 1974 werd hem de Herman Gorter Prijs toegekend voor zijn dichtbundel ‘Antwerpen’. In In 1978 verbleef hij een half jaar in New York. De laatste 20 jaar werkte hij afwisselend in Parijs en Rotterdam.

In de bundel ‘Dichters bij de Bezige Bij 1944 – 1984’ is een gedicht zonder titel opgenomen dat verscheen in zijn bundel ‘Antwerpen’.

 

.

het was een NS-trip

de goedkoopste weg naar Highgate Cemetery

.

de eerste mei werd een trieste dag

het graf was niet mooi en het regende

.

we liepen terug

het vervoerspersoneel staakte

.

archiefvernietiging stond op een bakfiets

‘zijn jullie pelgrims? Swinburne?’, vroeg de berijder,

graaiend in zijn bagage boeken en kranten, ‘of

Chauser?

‘Marx’, zeiden wij, ‘en we zijn sijknat van de regen

.

hij nam ons mee om thee met melk te drinken

we doopten een suikerklontje dat nauwelijks

verkleurde

een stoet mensen spoelde de straat in en een olifant

waar een vrouw met rood haar en groene ogen opzat

.

kijk naar het stervende dier

de laatste keer, op een vliegend tapijt in de Tuilerieën,

speelt het orkest van travestieten Lady of Spain

de kinderen plassen in hun broek van het lachen

op zondagse pakken wordt ijs en bier gemorst

ze blazen op toeters en slaan met deksels op ronde

billen

.

op een dag in juni 1290 kwam hij hier

kijk hoe de natte, grijze circustent bezwijkt

kijk naar de stervende olifant

z’n slurf piept in de groene lucht

steeds meer boeken worden in het vuur geworpen

een jongleur beklimt het zinkende beest

en zwaait naar ons met z’n strooien hoed

.

het graf was niet mooi

het regende en iedereen staakte

.

                                                                                                                                                                         Foto: Marcel Edixhoven

Slipje voor je mond

Martialis

.

Vorige week zag ik een video waarop iemand in plaats van een mondkapje een slipje voor haar mond droeg bij wijze van mondkapje. Ik moest meteen denken aan een gedicht dat ik had gelezen in de dikke bundel ‘500 gedichten die iedereen gelezen moet hebben’ uit 2008 ook wel de canon van de Europese poëzie genoemd (ondertitel), samengesteld door Ilja Leonard Pfeijffer en Gert Jan de Vries.

Het betreft hier het gedicht ‘Epigram III’ met als nummer 87 en (volgens mij) als uiteindelijke titel ‘Boze tongen’ van Martialis (die leefde van ca. 40 tot ca. 103). Martialis schreef 300 Epigrammen. Deze werden in 1979 uitgegeven onder de titel ‘Sex en Eros bij Martialis; 300 epigrammen’. De vertaling uit het Latijn is van E.B. de Bruyn.

.

Boze tongen

.

Vaak sijflen boze tongen vol venijn

dat jij, Sneeuwwit, nooit bent geneukt

en dat niets reiner is dan jouw vagijn

waaraan geen haar ooit werd gekreukt.

Nu, onbevlekte naaktheid is niet vies.

Dat schortje in ’t bad lijkt ongezond.

Maar wil je werklijk zedig zijn en kies

draag dan een slipje voor je mond.

.

 

Gedicht in Dublin Airport

Swanlight

.

In 2017 werden passagiers die Ierland verlieten via Dublin Airport geconfronteerd met installaties van Ierse kunstenaars om op die manier een positief blijvende indruk van Ierland mee te geven. Niet alleen werden visuele kunstinstallaties met de titel ‘Vibrant Irish Light’ geplaatst in opvallende kleuren van de regenboog maar er werd ook het gedicht ‘Swanlight’ uit 2001 van de Ierse dichter, priester, auteur en Hegeliaans filosoof John O’Donohue  (1956 – 2008) getoond maar ook teksten van andere Ierse auteurs. Of deze installaties en gedichten nog steeds te zien zijn weet ik niet maar ze zien er prachtig uit.

.

Swanlight

.

If it could say itself January
Might brighten its syllables on the frost
Of these first New Year days whose cold is blue.
.
Meanwhile in this corner of its silence
A weak winter sun lowers down behind
The moor that rises away from the lake.
.
Beyond reach of light, the shadowed water
Succumbs to this darkening of spirit
That would deny the bog today’s twilight.
.
All of a sudden something else breaks through
To appear at the far end of the lake
In two diagrams of white, uneven light.
.
I have never seen white so absolute
And alone, glistening in awkward form
Dreaming across the water a bright path.
.
As it stirs and changes I see what it is:
Two swans have found the mirror in the lake
Where a V of horizon lets light through
.
To make them light-source and light-shape in one.
Now they swim and fade through windows of reed
And disrobe the lake of apparition.
.
I look and look into their vanishing
See nothing. Departing that perfect ground
I knew I had been hungry for a blessing.
.
.

De doden lachen in hun vuistje

Delphine Lecompte

.

Zowel op de achterflap van de bundel ‘Verzonnen prooi’ als in recensies lees ik dat Delphine Lecompte de ‘redding van de Vlaamse poëzie’ is. Waarom wordt nergens uitgelegd en eerlijk gezegd denk ik dat het een marketingtruc is van de uitgeverij. Hoezo redding? was de Vlaamse poëzie dan op sterven na dood? Dat lijkt me niet. Ik ken vele geweldige ervaren dichters en aankomende poëzietalenten die het tegendeel bewijzen. Desalniettemin is de bundel van Lecompte verfrissend om te lezen.

Wat ik wel bijzonder vind is dat deze bundel uit 2010 in uitgegeven is door uitgeverij De Contrabas (Utrecht/Leeuwarden). Voor de redder van de Vlaamse poëzie zou je eerder een Vlaamse uitgeverij verwachten. Lezend in deze bundel werd mijn aandacht meteen getrokken door de titel van het gedicht ‘De doden lachen in hun vuistje’ en ik werd niet teleurgesteld. Daarom hier dit gedicht.

.

De doden lachen in hun vuistje

.

De oude kruisboogschutter eet een hamburger, met beide handen

Klamp ik me vast aan zijn broek die glinstert van versletenheid

Er valt geen kwak ketchup op mijn linkerwang zoals bloed

Je kunt dat niet afdwingen of ensceneren, we zijn wel degelijk in rouw.

.

In de wachtzaal van het mortuarium hangt een gedicht

Het slaat nergens op, toch alleszins niet op een vriend

die door zijn zoon is omgebracht met een ivoren slagtand

in een Cyrillisch buitenland waar ze rivalen in diepvriesmaaltijden waren.

.

De oude kruisboogschutter vraagt zich af of het blasfemisch is

te willen neuken in de wachtzaal van een mortuarium

Integendeel, zeg ik en doe mijn schoenen alvast uit

Maar dan komt de verantwoordelijke van het dodenhuis

Hij is niet vaal en hij is niet mager, hij lijkt op een behaagzieke dolfijn

Dan kijkt hij naar mijn voeten en hij denkt: het is een teken van respect.

.

Poëzie luisteren

LP en DVD

.

Vorige week was ik in een kringloopwinkel in Limburg en daar lag een LP box met bakelieten 78 toeren platen uit 1936 met als titel ‘Tweede album verzen van Nederlandse en Vlaamse dichters van 1500 tot op heden’ gezegd door Paul Huf. Omdat ik geen platenspeler bezit waarop je 78 toeren platen kan afspelen heb ik de box niet gekocht. Met enige spijt want verzen die ‘gezegd’ worden uit 1936 had ik graag beluisterd.

Gelukkig kocht ik in een andere kringloopwinkel de bundel ‘Meer poëzie in Carré 1966 & 2006’ van uitgeverij van Gennep. Deel 1 van de Awater-reeks. Bij deze bundel zit een DVD met daarop een televisieregistratie van de spraakmakende 28 februari 1966 van Poëzie in Carré.

Naast deze DVD is er in de bundel een terugblik te lezen op die avond in 1966 en een foto-impressie. En natuurlijk lijsten van de deelnemende dichters in 1966 en in 2006 (in 2006 deden drie dichters mee die ook in 1966 deelnemen te weten Simon Vinkenoog, Gerrit Kouwenaar en Hans Verhagen).

Naast deze drie ouwe rotten veel hedendaagse dichters als Tjitskes Jansen, Ingmar Heytze, Hagar Peeters, Vrouwkje Tuinman, H.H. ter Balk, Ilja Leonard Pfeijffer en nog een aantal. Luisteren naar poëzie is iets bijzonders. Reden waarom ik graag op poëziepodia sta en ze ook bezoek. Je kunt een gedicht vele malen hebben gelezen maar als je de dichter het gedicht voor hoort dragen kan ik daar extra van genieten, om de voordracht en de accenten die de dichter in het gedicht legt die je nooit van papier kunt lezen.

Uit de bundel met dichters van Poëzie in Carré uit 2006 koos ik voor het gedicht ‘Jij ziet goed uit vandaag’ van Vrouwkje Tuinman.

.

Jij ziet goed uit vandaag.

.

De man van de griesmeelpannenkoeken

zegt iets tegen mij. De man de bakker.

Ik heb hem niet verstaan verdiept

in het vooruitzicht van mijn volle maag.

Veilig vol hij zegt het nogmaals

en ik schaam me. Je laat niet eimand

twee keer zeggen jij ziet goed uit.

Hij zegt ik mooi. dat verstaan.

Zou hij weten hij is de eerste die tegen

mij praat vandaag – nooit spreken met

volle mond – dat het de derde pannenkoek

is deze week. Hij vraagt of ik getrouwd.

.

Keizerin van Oostenrijk

Liefde die moet vrij zijn

.

Keizerin Sissi, zo is ze vooral bekend, al is het maar door de films met Romy Schneider, die haar beroemd maakte; Keizerin Elisabeth van Oostenrijk. Elisabeth Amalie Eugenie in Beieren (1837 – 1898) zoals haar naam was trouwde op zeer jonge leeftijd (16 jaar, haar man Keizer Frans Jozef was 23) en werd daardoor Keizerin van Oostenrijk en (vanaf 1867) Hongarije.

Ze was totaal onvoorbereid op een leven als Keizerin. Ze was van geboorte al prinses van Beieren en Hertogin in Beieren maar Keizerin was toch een ander verhaal. Ze had enorm veel moeite om zich aan te passen aan de strenge etiquette aan het hof en deed er van alles aan om aan de regels te ontsnappen.

Wat minder bekend is was dat ze in het diepste geheim  honderden verzen schreef. Pas in 1952, ruim een halve eeuw na haar tragische dood, werd in het Zwitserse Bern een cassette gevonden waarin zij haar verzamelde gedichten had opgeborgen.

In haar poëzie klinkt veelal haar eenzaamheid door en haar hunkering naar een eenvoudig en vervuld leven. In 2000 gaf uitgeverij Bert Bakker een selectie, samengesteld en vertaald door Gerda Meijerink, uit onder de titel ‘Liefde, die moet vrij zijn’. De 21 gedichten zijn opgenomen in het Duits en het Nederlands. Ik koos voor het gedicht Áfscheid van Zandvoort’ of ‘Abschied von Zandvoort’. Keizerin Elisabeth bezocht tijdens haar leven een aantal maand deze Hollandse badplaats en verbleef daar in hotel Kaufmann en Villa Paula. Ze bezocht Zandvoort voor fysiotherapie door de beroemde dr. Mezger in Amsterdam. Als ze in Zandvoort was hield ze zich bezig met snelwandelen langs het Zandvoortse strand en paardrijden.

.

Afscheid van Zandvoort

.

Nog een laatste, lange blik

Op jou, geliefde zee!

En dan vaarwel, hoe moeilijk ook;

God geve mij rentree!

.

Voor ’n afscheidsgroet vond ik het gepast,

Deze stille maanlichtnacht;

Jij trekt je uit- een glanzend beeld-

In al je zilverpracht.

.

Wanneer achter de duinenrij

De prille ochtend kriekt,

Ben ik met snelle vleugelslag

Al ver van jou gewiekt.

.

Maar ze vliegen hier altijd

De meeuwen, een witte schaar;

Dat één ervan er niet meer is,

Word jij dat dan gewaar?

.

Abschied von Zandvoort

.

Noch einen letzten, langen Blick
Auf dich geliebtes Meer!
Dann lebe wohl, so schwer´s auch fällt,
Gott geb´, auf Wiederkehr!

.

Zum Abschiedsgrusse wählt´ ich mir
Die stille Mondesnacht
Du liegst vor mir ein schimmernd Bild
In deiner Silberpracht.

.

Wenn morgen übers Dünenland
Die Sonne Strahl dich streift,
Bin ich mit raschem Flügelschlag
Schon weit von hier geschweift.

.

Umkreisen wird dich, wie zuvor,
Der Möven weisse Schar;
Dass unter ihnen eine fehlt,
Wirst du es wohl gewahr?

.

Holland

E.J. Potgieter

.

Vakantie in eigen land is thuis blijven of naar een ander deel van het land reizen. Afhankelijk van waar je woont is Holland het een of het ander. Dichter Potgieter(1808 – 1878) schreef eeen gedicht over Holland. Ik nam het over uit de bundel ‘Geliefde gedichten die iedereen kent maar niet kan vinden’ gekozen en ingeleid door Wim Zaal uit 1972.

.

Holland

.

Graauw is uw hemel en stormig uw strand,
Naakt zijn uw duinen en effen uw velden,
U schiep natuur met een stiefmoeders hand, –
Toch heb ik innig u lief, o mijn Land!

.

Al wat gij zijt, is der Vaderen werk;
Uit een moeras wrocht de vlijt van die helden,
Beide de zee en den dwing’land te sterk
Vrijheid een’ tempel en Godsvrucht een kerk.

.

Blijf, wat gij waart, toen ge blonkt als een bloem:
Zorg, dat Europa den zetel der orde,
Dat de verdrukte zijn wijkplaats u noem’,
Land mijner Vad’ren, mijn lust en mijn roem!

.

En wat de donkere toekomst bewaart,
Wat uit haar zwangere wolken ook worde,
Lauw’ren behooren aan ’t vleklooze zwaard,
Land, eens het vrijst’ en gezegendst’ der aard’.

.