Site-archief
Wakker vallen
Recensie
.
Els de Groen ken ik van een optreden bij Ongehoord! in december 2016. Dat Els de Groen nogal wat in haar mars heeft blijkt uit de uitgebreide biografie op haar website http://www.elsdegroen.nl/ . De vele boeken die Els de Groen schreef (voor volwassenen en kinderen) zijn tot nu toe 27 maal vertaald, in 13 talen, en er zijn wereldwijd 1.750.000 exemplaren van verkocht. Centrale thema’s in haar werk zijn onze omgang met macht, vrijheid en verantwoordelijkheid. In de vrijheid van onze keuzes ligt ook de beperking van onze vrijheid besloten.
Nu is haar nieuwe dichtbundel ‘ Wakker vallen’ gepubliceerd bij uitgeverij In de Knipscheer. Ook in deze bundel komen de centrale thema’s uit haar eerdere werk terug maar daarover straks meer. De bundel is mooi uitgegeven, in vele kleuren met illustraties (op 1 na) van Els zelf. Het lettertype van de titels daar ben ik persoonlijk niet zo enthousiast over, die doet wat gedateerd aan. Maar dat er verder veel aandacht aan het uiterlijk van de bundel is geschonken is bewonderendswaardig. Mooie kwaliteit papier, goed formaat, met extra voor en achterflap met informatie. Op de extra flap aan de voorpagina schrijft Els een verklaring van de titel:
Britten en Fransen vallen verliefd, fall in love, tombent amoureux, Nederlanders vallen in slaap. Wakker vallen doet niemand. Waarom eigenlijk niet? Waarom sluiten we vriendschap als we openen bedoelen? Waarom is vogelvrij allerminst vogelveilig? Taal is boeiende materie. Wie woorden kantelt, verandert het perspectief en daarmee zijn kijk op de wereld. Wakker vallen is meer dan een spel met de taal. De vorm tornt aan de inhoud en wakkert je verbeelding aan. Dat is een heilzaam proces.
De inhoud van dit stuk tekst kan ik zeer waarderen maar maakt de bundel deze woorden waar? Dat Els in ‘ Wakker vallen’ met taal speelt is duidelijk maar het blijft wat betreft die ‘kanteling’ toch vooral bij de voorbeelden zoals ze hierboven noemt. Niet dat dat erg is, haar poëzie is helder, goed leesbaar en beschrijvend zoals in het hoofdstuk ‘ Mensen’ in het gedicht ‘ Deskundige’:
Hij krijgt een glaasje water en
dezelfde stoel als gewone gasten
maar wanneer hij plaatsneemt is het op een troon en
houdt hij een rede in
zijn dasspeldmicrofoon.
Els achtergrond als Europarlementariër en schrijver en de thema’s waarmee ze zich al jaren bezighoudt komen vooral naar voren in het hoofdstuk ‘ Macht en Onmacht’. Hierin komen het rechtvaardigheidsgevoel en de democratische waarden van Els de Groen duidelijk naar voren in gedichten over recht, politici, solidariteit en staatshoofden. Daarnaast put ze uit eigen ervaring vanuit de reizen die ze maakte in de gedichten over Aleppo, Gaza, Sarajevo en Kaapstad. Maar ook haar woonplaats Nijmegen wordt niet over geslagen.
De gedichten in deze bundel zijn geen doorwrochte gedachten-experimenten, ze zijn niet doorspekt van symboliek en er staan geen vaste of ingewikkelde versvormen in. Ze maakt zo nu en dan gebruik van rijm (eindrijm, binnenrijm) en alliteraties en afbrekingen worden slechts sporadisch gebruikt. Hier is een dichter aan het woord die wat te vertellen heeft, die een boodschap aan de wereld wil sturen en vooral de inhoud laat prevaleren in haar poëzie.
Deze bundel bevat vele kleine schilderijtjes in woorden in gewone taal met hier en daar een twist. Els haar belezenheid en haar woordenrijkdom maken haar poëzie interessant en genietbaar.
Uit deze bundel het gedicht ‘Trump’ dat eerder ook in het literair tijdschrift Extaze verscheen.
.
Trump
.
Ook orkanen krullen hun lippen
als ze vanbinnen koken
en in vuilbekkerij toch hun
mond weer voorbijpraten.
.
Ook orkanen hebben hun ogen
diep in windstille zakken
en zijn blind voor de schade
die hun armen aanrichten.
.
Ook zeeën schikken hun kapsels
op de kop van de wereld
broeierig van gedachten aan geld
als water – smeltwater wordend.
.
Neeltje Maria Min
Een vrouw bezoeken
.
Er zijn Nederlandse dichters, die iedereen kent of waarvan iedereen toch wel eens gehoord heeft maar die niet of nauwelijks in het nieuws komen. En met in het nieuws komen bedoel ik dan op een positieve manier omdat er bijvoorbeeld een nieuwe bundel komt of is, omdat een gedicht of bundel (of de dichter zelf) bekroond is of een prijs heeft gekregen, of omdat deze dichter op een belangrijk podium staat. Zo’n dichter is Neeltje Maria Min. Na haar overdonderende debuut in 1966 met ‘Voor wie ik liefheb wil ik heten’ (waarvan al meer dan 80.000 exemplaren zijn verkocht!) duurde het maar liefst 19 jaar voor er een vervolg volgde ‘Een vrouw bezoeken’ uit 1985. In 1995 verscheen alweer haar laatste poëziebundel ‘Kindsbeen’. Omdat de poëzie van Min zo heel eigen is, zo verfijnd en bijzonder en omdat ik haar bundel uit 1985 weer eens herlas het gedicht zonder titel hieronder van haar hand.
.
Bruidsnacht
Bob Stempels
.
Vandaag in de serie erotiek op zondag een erotisch getint gedicht uit 1939. Een gedicht over de bruidsnacht met een schurend randje van Bob Stempels.
Bob Stempels (1915 -1939) groeide op in Den Haag en studeerde rechten te Leiden. Zijn debuutbundel ‘Klein verlies’ stelde hij samen op zijn sterfbed – hij overleed aan tuberculose, een ziekte die hij in mei 1938 had opgelopen. Bob Stempels was medewerker aan onder meer De Nieuwe Gids, Helikon en Opwaartsche wegen. Hij is op 11 oktober 1939 in het crematorium te Westerveld gecremeerd.
Uit de bundel ‘Klein verlies’ het gedicht ‘Bruidsnacht’.
.
Bruidsnacht
.
Haar lach brandde; zij wist niet hoe
Haar handen zich verloren in zijn haren.
Zij lag heel stil, doelloos te staren
In de donkere nacht, en zij was moe.
.
Hij wierp zich weg en kreunde even,
Dan was hij in de dode slaap gegaan.
Zij wist al niet meer of hij had bestaan,
Of dat zij nimmer was alleen gebleven.
.
Haar lijf gloeide onder de hete deken;
De regen trilde koel tegen de ruiten,
Het drupte luide in de tuin daarbuiten.
.
Hoe gaarne was zij uit het bed ontweken,
Waarin zijn driften haar zo roekeloos namen,
En had het hoofd geleund tegen de kille ramen.
.
Wij zijn breekbaar
Recensie
.
In april 2017 schreef ik een recensie over de bundel ‘Ik zie mensen’ van de dichter Koen Snyers. Inmiddels is zijn nieuwe, vierde bundel uit getiteld ‘Wij zijn breekbaar’. In deze bundel “eert Koen Snyers het breekbare leven met een slingerend verhaal, met teksten die aarzelen tussen poëzie en proza. Koen liet zich inspireren door gesprekken met zeven mensen en de porseleinkunst van Wendy van Geel”.
De opzet en de manier van schrijven, dichten in ‘Wij zijn breekbaar’ deed meteen herkenbaar aan. Ook in ‘Ik zie mensen’ is de bundel opgebouwd uit een lang proza-achtig gedicht, of poëtische vertelling.
De bundel is opnieuw goed verzorgd, goeie lay out, mooi lettertype. De poëtische vertelling is opgeschreven in twee kolommen per pagina, waarbij opvalt dat per pagina een stukje van het verhaal wordt toegevoegd. Ook in deze bundel zijn de losse stukken als losse delen goed leesbaar maar pas wanneer je de hele bundel leest komt duidelijk naar voren dat Koen Snyers een rasverteller is, met een goed oog voor zijn omgeving zo lijkt het. De vertelling is een reis die je wordt voorgeschoteld door de dichter/schrijver.
Voor wie zo nu en dan een gedicht wil lezen zou de typografie kunnen afschrikken maar wanneer je de bundel willekeurig openslaat, is dat wat geschreven staat steeds de moeite waard en kan het je aan het denken zetten. De woorden die ik schreef over ‘Ik zie mensen’ zijn dan ook op deze bundel van toepassing namelijk dat vooral de gevorderde poëzielezer veel plezier zal beleven aan de bundel maar dat ook de beginnende lezer, mits deze zich niet meteen laat afschrikken door de prozavorm, veel moois kan ontdekken in Koen zijn nieuwe bundel.
Als voorbeeld hier een passage uit de bundel.
.
Vandaag wandel ik van seconde naar seconde
in een bos. Ik zie bomen, veel bomen.
Ik vraag me af waar bomen nog van
dromen als hun stam honderd jaarringen
telt en hun kruin boven de wereld uitwaaiert.
/
Bomen staan er, altijd. Ze houden het
overzicht, hebben zicht op de tijden, toen
feiten nog feiten waren, toen er geen fictie
was die als feiten werd verkocht. Zo
blijft er de illusie van de boom die zijn
eigen kruin neerlegde op de grote waterplas
in het bos, nadat hij hiernaartoe wandelde
op houten benen. /
.
Wil je meer weten van deze bundel of het werk van Koen Snyers ( of van het KAAi collectief van Koen samen met Sarah Vaesen) ga dan naar http://koensnyers.zeghetmettekst.be/
.
Antiaanbaklaagbeklaag
Poëziebus
.
Zoals jullie misschien weten ben ik voorzitter van de Raad van Toezicht van de stichting Poëziebus. In 2015 reed de Poëziebus voor het eerst en inmiddels zijn er 4 edities geweest. De Poëziebus is nog steeds in ontwikkeling maar het idee om met een bus vol dichters Nederland en België (Vlaanderen) door te trekken staat nog steeds. Vele busdichters hebben mooie ervaringen opgedaan op de bus, vriendschappen gesloten en ontwikkelingen doorgemaakt waarbij die week op de Poëziebus zeker een rol heeft gespeeld.
Een van de Poëziebusdichters van 2015 speelde ook een rol in latere edities als organisator van de halte Maastricht, Merlijn Huntjens. Merlijns’ schrijfcarrière begon in 2006 bij het Heerlens Schrijverscafé. In 2013 deed hij mee aan zijn eerste Poetry Slam, de Dichtslamrap in Boxtel. In 2016 en 2017 was hij finalist in het NK Poetry Slam, georganiseerd door het Literatuurhuis in Utrecht. In 2015 richtte hij samen met Nina Willems PANDA op. Samen maken zij werk waarin poëzie en performance centraal staat en organiseren zij Borderlines Poetry Slams in de Euregio. Sinds februari 2017 is Merlijn ook stadsdichter van Heerlen. Zijn stadsdichterschap laat zich, naast gedichten over Heerlen, ook kenmerken door projecten waarbij de inwoner van Heerlen inspraak krijgt.
In de Poëziebusbundel van 2015 ‘Verzamelde werken’ is van Merlijn het gedicht Antiaanbaklaagbeklaag’ opgenomen.
.
Antiaanbaklaagbeklaag
.
grootvader vond de haard gezellig en ik
gooide er konijn job in, ingepakt in tranen
.
en het vel papier met de planning. we waren
van de crematies. allemaal huilen, wél een zure andere eten.
.
het huis rook naar houtskool, opa naar
de jus op zijn broek. bijna alles was toen traditie.
.
brandblaren op zijn benen ook. het vallen en
de crematie niet. muziek speelde de laatste
.
latten aan zijn kist recht. harde tikken. we dachten
aan kloppen op het kisthout. allemaal huilen, vlaai eten.
.
nu zijn we de traditie vergeten. haardcrematies,
knaagdieren, jusbroeken, blaren. ze zijn gourmetsets.
.
ik vond de haard met job gezelliger. ik antiaanbaklaagbeklaag
me. iedereen mist opa dan en draait zijn foto weg.
.
Leraar
Jan-Willem Overeem
.
Erotiek op zondag en daarom vandaag het gedicht ‘Leraar’ van Jan-Willem Overeem (1942 – 1979). Jan-Willem Overeem was prozaïst, dichter, aforist en docent dramatische expressie en maatschappijleer aan de Toneelacademie te Maastricht. Hij was actief in het Maastrichtse ‘Literair Aksie Komitee’ (LAK), waarin ook beeldend kunstenaar Gèr Boosten, de auteurs Leo Herberghs, Manuel Kneepkens, Wiel Kusters, Ton van Reen, Kees Simhoffer, Miel Vanstreels, Hans van de Waarsenburg en de Finse schrijver Heimo Pihlajamaa actief waren. Overeem was tevens redacteur van Contour (tijdschrift voor Literatuur) en van Kentering (literair tijdschrift).
Op internet zijn een aantal van zijn aforismen te vinden op http://www.woorden.org/quotes/?auteur=Jan-Willem%20Overeem waaronder deze: “Met elkaar naar bed gaan: van de nood een vreugd maken”. Uit de bundel ‘Een hond tussen twee bomen’ uit 1974 het gedicht ‘Leraar’.
.
Leraar
.
hij zou dat meisje willen baden
in lessen van liefde
niet meer dan even spelen
met borstjes en lippen
vrij willen laten in roes
en geritsel van bomen
zoals ze nu droomt
.
ver weg van cijfers en zure
gezichten van vrouwen
die haar rapport bepalen
.
hij zou niet veel met haar willen
al is haar broekje blauw
.
verscheen ze maar niet
in zovele personen –
en wachtte er straks buiten
maar niet zijn zoon op haar
.
Genade
Anna Enquist
.
Begin van de jaren negentig van de vorige eeuw maakte Anna Enquist (1945) een stormachtige entree in de literatuur met haar dichtbundel ‘Soldatenliederen’. Ze ontving voor deze bundel meteen een prijs, de C. Buddingh’prijs. Ook haar tweede bundel ‘Jachtscènes’ uit 1993 wordt bekroond met de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs. Met haar krachtige gedichten weet ze een grote groep mensen te bereiken. Woorden die je tegen komt als je over haar poëzie leest zijn werkelijkheidslievend, anekdotisch, eigen idioom en beeldtaal. In 2000 verscheen een overzichtsbundel getiteld ‘De gedichten 1991 – 2000’ met daarin poëzie uit de 4 dichtbundels die ze vanaf 1991, haar debuut schreef. Uit deze bundel het gedicht ‘Genade’ dat eerder verscheen in de bundel Klaarlichte dag’ in het laatste hoofdstuk getiteld ‘Het reisverslag’.
.
Genade
.
Met de mensen in de supermarkt
op vrijdag geen mededogen, geen
genade voor de producten, de lamme
karren, geen pardon voor de kassa.
.
De winkel moet in de hoek
van reddelozen, bij de honden,
het ziekenhuis en de radio.
.
Ik kruip bij de lafaards. Een dag
respijt krijgen wij van de dageraad
iedere morgen, om op te kauwen
tot het donker is. Aalscholvers,
.
Belgische voetpaden, bibliotheken,
en ik.
.
Leve de camouflage!
Arjen Duinker
.
De dichter, prozaschrijver, columnist en cryptogrammenmaker Arjen Duinker (1956) studeerde psychologie en filosofie in Amsterdam, Groningen en Leiden. Hij debuteerde in Hollands Maandblad in 1980 en sindsdien verschijnen er met regelmaat gedichten en verhalen van zijn hand in literaire bladen als De Gids, De Revisor, Armada, Raster, Ons Erfdeel en Tirade. Voor zijn werk kreeg hij o.a. de Jan Campertprijs en de VSB Poëzieprijs. In 2009 verscheen van hem de bundel ‘Buurtkinderen’ en uit deze bundel komt het gedicht ‘Leve de camouflage!’.
.
Leve de camouflage!
.
Het oninteressante is concreet als een hond.
Vorstelijk als een rog, uniek als een kikker,
Het oninteressante is sentimenteel als een vlo,
Ruimhartig als een baviaan, zacht als een raaf.
Laten we de dierenwereld verder vergeten…
Het oninteressante is aandoenlijk als een tas,
Abstract als een koekje, schoon als een bril.
Het oninteressante is nieuwsgierig als een kapstok,
Vrij als een zeem, schitterend als een tafel.
Laten we de wereld van de dingen vergeten, en snel…
Het oninteressante is magazijnchef,
Loodgieter, demagoog, landmeter,
Psychiater, laborant, vuilnisman,
Hofnar, touwslager, empirist.
laten we ook de wereld van de functies onmiddellijk vergeten!
Leve de camouflage!
.
Beatrijs
P.C. Boutens
.
De Beatrijs, zoals velen van ons deze titel herinneren uit onze middelbare schoolperiode, is een Middelnederlandse Marialegende uit de veertiende eeuw. Het enige handschrift waarin de legende overgeleverd is, dateert van kort voor 1374 en wordt bewaard in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. Omdat het oorspronkelijke werk geen titel had, gebruikte W.J.A. Jonckbloet bij zijn publicatie in 1841 de naam van het hoofdpersonage, Beatrijs en deze titel heeft het sindsdien altijd behouden.
In 1907 (bron KB, volgens de publicatie die ik bezit was de eerste druk in 1908) publiceerde de dichter P.C. Boutens (1870 – 1943) een bewerking van de Beatrijs. Deze bewerking telt slechts 380 regels waar het origineel maar liefst 80 folia (bladen van een boek die alleen aan de voorkant genummerd zijn) heeft met 37 regels per folia. Het Nederlands in de versie van Boutens doet gedateerd aan maar is natuurlijk ook een hertaling uit het Middelnederlands.
Omdat 380 regels wat veel is heb ik me hier beperkt tot de laatste 5 stroffen uit deze bundel met voorp een prachtige illustratie van Rie Cramer.
.
Dit is de sproke van Beatrijs.
Ik schreef haar uit op weinige blaên
In zulk een klare en simple wijs
Als kinderen verstaan.
.
Want van al heiligen wier voet
De weiden treedt van hemelsch tijm,
Had niemand met Maria zoet
Zoo teêr geheim –
.
Maria die woont hoog en stil
Boven der englen prijs en lof,
Die kiest van zielen wie zij wil,
Tot rozen in haren hof –
.
Die weet hoe schoon karmijnen roos
Verbleeke in ’t vuur van felle smart,
Hoe schoon berouw tot purper blooz
Der blanke rozen hart –
.
Die zelve leed aan Jezus’ voet
Smart die geen heerlijkheid vergeet:
Maria die meest beminnen moet
Al hart dat zwaard doorsneed.
.
Eerste gedicht voor Maria Magdalena
Paul Snoek
.
Op deze eerste zondag in oktober, nu de dagen weer korter worden en het weer guurder, is het tijd voor een erotisch gedicht van de Vlaamse dichter Paul Snoek (1933-1981) pseudoniem van Edmond André Coralie Schietekat. Snoek was een van de bekendste dichters en prozaschrijvers van België. Hij was tevens kunstschilder. Zijn pseudoniem is afkomstig van de naam van zijn moeder Paula Snoeck. ‘Eerste gedicht voor Maria Magdalena’ komt uit de bundel ‘Gedichten 1954 – 1968’ uit 1969.
.
Eerste gedicht voor Maria Magdalena
.
Jij en je lichaam een sluipmoord
goddelijk heidens en honing.
.
Ik bid dat ik de bij ben aan je dijen
de angel van de wesp die je kust in mijn mond.
.
Dat ik liefdes droeve traangeur
aan de dijkbreuk van je heupen adem
.
en in de lippen van je sluitend lichaam drink je zout,
het hardgeworden eiwit van je zee.
.














