Site-archief
Sound of silence
Simon & Garfunkel
.
Of je er van houdt of niet, het nummer ‘Sound of Silence’ is niet alleen een heel beroemd en bekend nummer maar het heeft ook een tekst met grote poëtische waarde. Op de website http://straypoetry.com/100-poetic-songs/. staan 100 liedteksten beschreven die volgens de schrijver van deze website Ezra Hilyer ‘poëtisch van aard zijn en uit zijn eigen verzameling komen’. Een mooi subjectief gegeven (want over smaak valt altijd te twisten) maar neem eens een kijkje en je zult zien dat Ezra weet waarover hij praat en schrijft.
The sound of silence dus. In zijn commentaar geeft hij het volle aantal ‘punten’ (10 uit 10) voor dit lied aan het aspect ‘Lyrical poetry’, ongeveer een 6 voor ‘Emotional resonance’en ongeveer een 4 voor ‘Instrumental beauty’. Als je, zoals ik, vooral over geschreven en uitgesproken poëzie schrijft dan zijn de laatste twee voor mij duidelijk van minder belang dan de eerste. Als je daarop 100% scoort moet de tekst dus wel heel poëtisch zijn. En dat is ze dus ook.
The sound of silence werd in september 1965 als single werd uitgegeven door Columbia Records. In 1966 bereikte het de nummer 10 positie in de top 40. Art Garfunkel vatte de betekenis van het nummer ooit samen als “The inability of people to communicate with each other, not particularly internationally but especially emotionally”. Ik zou zeggen, oordeel zelf.
.
Sound of Silence
.
Hello darkness, my old friend
I’ve come to talk with you again
Because a vision softly creeping
Left its seeds while I was sleeping
And the vision that was planted in my brain
Still remains
Within the sound of silence
In restless dreams I walked alone
Narrow streets of cobblestone
‘Neath the halo of a street lamp
I turned my collar to the cold and damp
When my eyes were stabbed by the flash of a neon light
That split the night
And touched the sound of silence
And in the naked light I saw
Ten thousand people, maybe more
People talking without speaking
People hearing without listening
People writing songs that voices never share
And no one dared
Disturb the sound of silence
Fools, said I, you do not know
Silence like a cancer grows
Hear my words that I might teach you
Take my arms that I might reach you
But my words, like silent raindrops fell
And echoed in the wells of silence
And the people bowed and prayed
To the neon god they made
And the sign flashed out its warning
In the words that it was forming
And the sign said, the words of the prophets are written on the subway walls
And tenement halls
And whispered in the sounds of silence
.
Poëzie zeker
Wat is poëzie?
.
Als je al jaren over poëzie schrijft, zelf poëzie schrijft en er dagelijks mee bezig bent dan wordt de vraag nog wel een gesteld wat poëzie nu eigenlijk is. Op die vraag is geen eenduidig antwoord mogelijk blijkt. Definities genoeg maar geen enkele definitie is hetzelfde. Daarom ben ik eens op onderzoek uitgegaan wat er zoal over wordt gedacht en gezegd. Ter lering ende vermaeck zeg maar.
De Amerikaanse dichter Emily Dickinson schreef ooit in een brief: “If I feel physically as if the top of my head were taken off, I know that is poetry.” De Engelse dichter A.E. Housman zei hierover: “I have to keep a close watch over my thoughts when I’m shaving in the morning, for if a line of poetry strayed into my memory, a shiver races down my spine and my skin would bristle so that my razor ceased to act.”
Ik vergelijk dit met een eigen ervaring. Wanneer je gaat slapen en je bent bijna in slaap maar nog niet helemaal en je gedachten vormen zich in zinnen waarvan je weet dat dit een gedicht op gaat leveren. Dan moet je jezelf dwingen op te staan, of een pen en papier pakken en deze zinnen op schrijven. Hieruit komen vaak de mooiste gedichten.
Dichters kunnen soms ook heel dichterlijk zijn in het omschrijven wat nu precies poëzie is. Voorbeelden hiervan zijn: ‘A thought, caught in the act of dawning’, ‘Means of bringing the wind in the grasses into the house’, of ‘Poetry is a pheasant disappearing in the brush’.
Net als andere vormen van literatuur kan poëzie proberen een verhaal te vertellen, een drama uit te voeren, ideeën over te brengen, levendige, unieke beschrijvingen te geven of onze innerlijke spirituele, emotionele of psychologische staat van zijn uit te drukken. Toch vestigt poëzie bijzondere aandacht op de woorden zelf: hun geluiden, texturen, patronen en betekenissen. Het is vooral ook interessant om je te concentreren op de verbale muziek die inherent is aan de taal.
Een ander opmerkelijk feit is dat meer dan negentig procent van de gedichten in een standaard poëziebloemlezing ( of dat nu Nederlandstalig, Engels, Duits, Spaans of wat voor taal dan ook is) in formele gestructureerde, hoogpatroonvormige metrische versen geschreven zijn. Terwijl de productie van actuele poëzie in meer dan negentig procent bestaat uit vrije vormen. Hieruit blijkt dat wat er onder poëzie verstaan wordt in de loop van de jaren, deccenia, eeuwen, verandert.
Een Amerikaans dichter zei ooit dat een gedicht een “tijdsmachine” is die uit woorden is gemaakt, waarmee mensen in het verleden met ons kunnen praten en wij kunnen spreken met mensen in het verleden, het heden en de toekomst.
Voorzichtige conclusie na een kort onderzoekje dat in geen enkel opzicht enige wetenschappelijke waarde heeft: Poëzie is een god met vele gezichten of zoals Allen Ginsberg het zei: “Poetry is the one place where people can speak their original human mind, it is the outlet for people to say in public what is known in private”.
En omdat elke aanleiding genoeg is om een gedicht te plaatsen of te lezen deze keer een gedicht van Toon Tellegen over poëzie uit ‘Gewone gedichten’ uit 1998.
.
Voorwaarden waaraan een..
Voorwaarden waaraan een
gedicht moet voldoen
Het moet pijnlijk zijn:
altijd, hoe dan ook.
Ik moet het er nooit mee eens
zijn.
Met een lantaarn en een vergrootglas moet ik –
op mijn knieen en vervolgens op mijn buik –
de logica zoeken,
die het telkens laat vallen.
Het moet zich verheffen – daar mag geen twijfel over zijn –
het moet zich altijd verheffen uit zijn nederige stoel,
de ramen opendoen
en zingen – luidkeels, schor en onzinnig –
over de liefde en over mij,
de geur van rozen en onsterfelijkheid, bijna geloofwaardig,
om zich heen,
en nog pijnlijker moet het zijn, nog veel pijnlijker.
.
Afbeelding Poëziecafé Bibliotheek Amstelland
Brief
Elisabeth Eybers
.
In het boek ‘Kon uit de dood ik die éne doen keren’ uit 1998, las ik een gedicht van de Zuid Afrikaanse dichter Elisabeth Eybers (1915 – 2005). Ik publiceerde al eerder een gedicht van haar hand ‘Die moeder’ op 8 maart van dit jaar. Ook dit gedicht ‘Brief’, oorspronkelijk verschenen in ‘Versamelde gedichte’ in 1995, is van een schoonheid door de taal van Eybers en het Afrikaans. Voor degene die het Afrikaans wat minder macjtig zijn ook de Engelse vertaling (met dank aan John Irons).
.
Brief
.
Moenie die dood verdink, moenie hom vrees:
sy medelye trek ’n vlammekring
om alles wat ooit skoon of teer mog wees
dat geen bederf nog daar kan binnedring.
.
Maar vrees die lewe met sy donker lis,
sy breeksug en sy onverskilligheid:
jou stil geluk, jou stil vertroue is
vir hom in die verbygaan ’n klein buit
.
om vir die aardigheid en met een hou
half ingedagte neer te kap om jou
te herinner dat jy klein is en hy groot.
.
As daar iets is, volkome en onbesmet,
wat kan gered word sal die dood dit red:
daar is geen deernis soos die van die dood.
.
Letter
.
Do not suspect death, do not show him fear.
his pity draws a ring of fire round all
that might be delicate or lovely here
and holds decay off as a shielding wall.
.
Fear life instead with his dark artifice,
indifference and his destructive quest:
your quiet trust, your quiet happiness
for him in passing are as though in jest
.
at one swift blow to hew down some small prey
half absent-mindedly as if to say
remember you are small and he is great.
.
If anything, unsullied, undepraved,
is savable, then death will see it saved:
and death’s compassion none can emulate.
.
Beroemde gedichten
Top 50 famous poems
.
In 2013 schreef ik al eens over de website http://famouspoetsandpoems.com in algemene zin, dat het een bijzonder fijne website is waar veel informatie over dichters en gedichten in het Engelse taalgebied te vinden is. Een onderdeel van deze website is de ‘Top 50 famous poems’. Als we kijken naar de eerste tien gedichten vallen een paar dingen op. Allereerst de nummer 1, Maya Angelou met haar gedicht ‘Phenomenal woman’ dat ik op 28 augustus 2014 plaatste, toen als nummer 1 van de top tien van gedichten van https://www.poemhunter.com/ , ook al zo’n fijne website met Engelstalige poëzie. Niet meteen de eerste dichter waaraan je denkt bij Engelstalige dichters. In de top 10 wel Pablo Neruda, E.E. Cummings, Robert Frost, Emily Dickinson maar bijvoorbeeld niet W.H. Auden, Sylvia Plath of Dylan Thomas. Wel twee keer Shel Silverstein maar William Wordsworth pas op de 16e en W.B. Yeats pas op de 30ste plaats.
Een bijzonder aardige lijst kortom waarin je naar hartelust gedichten kunt aanklikken. Dat heb ik uiteraard ook gedaan en omdat Shel Silverstein voor mij een redelijke onbekende dichter is heb ik voor zijn hoogstgenoteerde gedicht gekozen )op de 2e plaats) ‘Where the sidewalk ends’. Toen ik wat informatie over Silverstein zocht bleek dat ik hem, via een omweg al heel lang ken namelijk door de teksten die hij schreef voor Dr. Hook.
Sheldon Allan (Shel) Silverstein (1930 – 1999) was een Amerikaanse dichter, singer-songwriter, muzikant, componist, cartoonist, scenarist en auteur van kinderboeken. In de door hem geschreven kinderboeken komt hij zelf voor als Oom Shelby. Zijn boeken zijn vertaald in 20 talen. Hij schreef de teksten en muziek voor het grootste deel van de Dr. Hook-liedjes, waaronder “The Cover Of The Rolling Stone”, “Freakin’ at the Freakers’ Ball” , “Sylvia’s Mother”, “The Things I Didn’t Say”, “Ballsack” en een waarschuwende lied over venerische ziekten “Don’t Give a Dose to the One You Love Most”. Ook het nummer “The ballad of Lucy Jordan”, bekend van Marianne Faithfull, is van zijn hand. De wereldberoemde Johnny Cash-hit “A boy named Sue” is ook van zijn hand. Later schreef hij er een vervolg op: “Father of a boy named Sue”.
.
And before the street begins,
And there the grass grows soft and white,
And there the sun burns crimson bright,
And there the moon-bird rests from his flight
To cool in the peppermint wind.Let us leave this place where the smoke blows black
And the dark street winds and bends.
Past the pits where the asphalt flowers grow
We shall walk with a walk that is measured and slow,
And watch where the chalk-white arrows go
To the place where the sidewalk ends.
Yes we’ll walk with a walk that is measured and slow,
And we’ll go where the chalk-white arrows go,
For the children, they mark, and the children, they know
The place where the sidewalk ends.
Poëziebusdichters 7
Kay Slice
.
MC en vocalist, wie schrijft die blijft en Kay Slice schrijft en slicet. Snijdend door beats, papier en kenmerkend door zijn strakke en melodieuze flows. Door Hijs beschreven als ‘een geheel eigen en fijn geluid’. Kay is onderdeel van de formatie Brandwerk waarmee hij onder andere heeft opgetreden voor de koning. Zijn beeldende teksten ontpoppen zich ook in poetry. Zo was hij onder meer te zien bij Woorden Worden Zinnen en Spraakuhloos. Alle data en plaatsen van de optredens staan op http://www.poeziebus.nl
.
Slechtste poëzie in het universum
Paula Nancy Millstone Jennings
.
In de, van oorsprong, radio comdey ‘The Hitchhiker’s guide to the Galaxy’ van Douglas Adams, komt de naam voor van Paul Neil Milne Johnstone als zijnde de dichter van de slechtste poëzie in het universum, op de voet gevolgd door de poëzie van de Azgoths of Kria en de Vogons. Johnsone had met Adams op school gezeten en ze hadden zelfs een prijs voor Engels gewonnen met neprecensies over hun eigen gedichten. Toen The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy een hit werd (boeken, graphic novels, film, toneelstuk) verving Adams de naam van Johnstone voor die van het fictieve personage Paula Nancy Millstone Jennings. Paul Neil Milne Johnstone werd later redelijk succesvol in de poëziewereld als redacteur en festival organisator.
Een voorbeeld van een gedicht van Paul dat in alle navolgers aan Paula werd toegewezen:
.
The dead swans lay in the stagnant pool.
They lay. They rotted. They turned
Around occasionally.
Bits of flesh dropped off them from
Time to time.
And sank into the pool’s mire.
They also smelt a great deal.
.
Een voorbeeld van hele slechte Vogon poëzie:
.
See, see the underground sky
Marvel at its big black depths.
Tell me, Amy do you
Wonder why the human ignores you?
Why its foobly stare
makes you feel stiff.
I can tell you, it is
Worried by your huftled facial growth
That looks like
A cheese.
What’s more, it knows
Your prissy potting shed
Smells of grapes.
Everything under the big underground sky
Asks why, why do you even bother?
You only charm noses.
.
In 2012 werd er in Londen zelfs een Vogon Poetry Slam georganiseerd. Voor de slechtste poëzie of zoals ze daar adverteerden ‘a celebration of Geekery and gut-wrenchingly bad poetry’.
.
Ik wil dat je een ding weet
Pablo Neruda
.
Op de geweldige website Poemhunter.com was ik wat aan het rondstruinen toen ik het gedicht ‘If you forget me’ tegen kwam van Pablo Neruda.
De Chileense dichter Pablo Neruda (1904 – 1973) werd geboren onder de naam Neftalí Ricardo Reyes Basoalto (volledig: Ricardo Eliecer Neftalí Reyes Basoalto). Hij noemde zich Pablo Neruda naar de door hem bewonderde Tsjechische dichter Jan Neruda (1834-1891). Het willen voorkomen van een conflict met zijn ouders zou hierbij een rol gespeeld hebben; zij wilden niet dat hij schrijver zou worden. Pablo Neruda werd later zijn officiële naam.
Op Poemhunter zijn meerdere van zijn gedichten te lezen maar omdat dit zo’n prachtig liefdesgedicht is wil ik dit graag met je delen.
.
If you forget me
.
I want you to know
one thing.
You know how this is:
if I look
at the crystal moon, at the red branch
of the slow autumn at my window,
if I touch
near the fire
the impalpable ash
or the wrinkled body of the log,
everything carries me to you,
as if everything that exists,
aromas, light, metals,
were little boats
that sail
toward those isles of yours that wait for me.
Well, now,
if little by little you stop loving me
I shall stop loving you little by little.
If suddenly
you forget me
do not look for me,
for I shall already have forgotten you.
If you think it long and mad,
the wind of banners
that passes through my life,
and you decide
to leave me at the shore
of the heart where I have roots,
remember
that on that day,
at that hour,
I shall lift my arms
and my roots will set off
to seek another land.
But
if each day,
each hour,
you feel that you are destined for me
with implacable sweetness,
if each day a flower
climbs up to your lips to seek me,
ah my love, ah my own,
in me all that fire is repeated,
in me nothing is extinguished or forgotten,
my love feeds on your love, beloved,
and as long as you live it will be in your arms
without leaving mine.
.
Poëzie en film
Artificial intelligence
.
Het is alweer even geleden dat ik schreef over films die een gedicht als basis hebben. De film AI, Artificial Intelligence uit 2001 is zo’n film. AI (van regiseur Steven Spielberg) is een film over een robot die een echte jongen wil zijn (zoiets als Pinocchio). Dr. Know (met de stem van Robin Williams) citeert in de film uit het gedicht ‘The Stolen Child’ van William Butler Yeats. (Een slimme referentie in een film die veel van de donkere elementen van een sprookje bevat). Yeats publiceerde dit gedicht in 1889 in ‘The Wanderings of Oisin and Other Poems’. Zijn gedicht is gebaseerd op deze Ierse legende en heeft betrekking op faeries die een kind bedriegen om met hen mee te komen.
.
The Stolen Child
.
Where dips the rocky highland
Of Sleuth Wood in the lake,
There lies a leafy island
Where flapping herons wake
The drowsy water rats;
There we’ve hid our faery vats,
Full of berrys
And of reddest stolen cherries.
Come away, O human child!
To the waters and the wild
With a faery, hand in hand,
For the world’s more full of weeping than you can understand.
Where the wave of moonlight glosses
The dim gray sands with light,
Far off by furthest Rosses
We foot it all the night,
Weaving olden dances
Mingling hands and mingling glances
Till the moon has taken flight;
To and fro we leap
And chase the frothy bubbles,
While the world is full of troubles
And anxious in its sleep.
Come away, O human child!
To the waters and the wild
With a faery, hand in hand,
For the world’s more full of weeping than you can understand.
Where the wandering water gushes
From the hills above Glen-Car,
In pools among the rushes
That scarce could bathe a star,
We seek for slumbering trout
And whispering in their ears
Give them unquiet dreams;
Leaning softly out
From ferns that drop their tears
Over the young streams.
Come away, O human child!
To the waters and the wild
With a faery, hand in hand,
For the world’s more full of weeping than you can understand.
Away with us he’s going,
The solemn-eyed:
He’ll hear no more the lowing
Of the calves on the warm hillside
Or the kettle on the hob
Sing peace into his breast,
Or see the brown mice bob
Round and round the oatmeal chest.
For he comes, the human child,
To the waters and the wild
With a faery, hand in hand,
For the world’s more full of weeping than he can understand.
.

















