Site-archief
Geboortegrond
Zuid Holland: dichterlijk gewest
.
In 2004 verscheen een heel aardig boekje met de titel ‘Zuid Holland: dichterlijk gewest’ bij de stichting Achterland te Zeist. In de inleiding staat onder andere te lezen: “Het Zuid Hollands landschap en zijn bewoners zijn niet weg te denken uit de literatuur over de diverse regio”s. Dat geldt niet alleen voor de stereotiepe streekroman, maar ook voor de ‘grote literatuur’en niet uitsluitend voor de stad, maar ook voor het platteland. Het ligt daarom voor de hand de diverse streken van de provincie afzonderlijk te bespreken en voor elk van hen de verbintenis tussen landschap en letterkunde separaat in beeld te brengen.”
In dit aardige boek staan foto’s met daarbij tekstfragmenten en gedichten die een relatie met elkaar hebben. Een leuk voorbeeld vind ik het gedicht ‘Geboortegrond’ van Anton Gerits (1953) bij een foto van de oude tramremise van de HTM aan de Parallelweg. Tegenwoordig is deze oude tramremise het Haags openbaar vervoer museum met een groot aantal historische bussen en trams.
.
Geboortegrond
.
Waar weiland is verkleind tot grasgazon
het bos versmald tot park en lindelaan,
ligt mijn geboortegrond gekneveld neer
en zucht onder het harde wegennet.
.
Soms murmelt hij een enkel woord en steekt
een handvol gras tussen de klinkers uit,
maar slechts een enkel kind vermoedt zijn hand
en wroet met passie het plaveisel los.
.
Maar ’s nachts gaan mannen rond met schop en zand
en waar de moedergrond het wegdek breekt
staan ze eerbiedig stil en knielen neer.
Den Haag heeft bijna geen verleden meer.
.
Nieuw gedicht: De wandeling
Liefdesgedichten
.
Als alles goed gaat (en waarom ook niet) komt zeer binnenkort mijn nieuwe E-bundel uit met liefdesgedichten met als titel XX-XY bij MUG books. Uiteraard is ook deze titel (net als Winterpijn) gratis te downloaden van de site van MUG books.Het zal een kleine bundel worden maar hier alvast een voorproefje van een nieuw gedicht De wandeling.
.
De wandeling
In het open veld kom je
ons niet tegen, we praten
over wandelen, hoe dat is
en zou kunnen zijn. Maar
wandelen dat doen we
nooit. Je kunt je afvragen
wat belangrijker is,
het doel of de wandeling
er naar toe. Wandelen is ook
niet meer dan van A naar B en
weer terug naar A. Zou het
dan toch de reis zijn, de wandeling
die tot nadenken zet, ons doet
verpozen, laat verlangen naar
meer of juist een excuus is
tot innig inactief beschouwen
.
Foto: Mandy Frediani
Slapende minnaars
Aleksander Leontjev
.
De Russische dichter Aleksander Leontjev (1970) werd geboren in Leningrad, volgde een toneelopleiding en werkte als auteur en regisseur in de provincie. Daarnaast werkte hij o.a. als brievenbesteller, conciërge en bibliothecaris. Woonachtig in Volgograd debuteerde hij in 1993 met zijn eerste gedichten in het Russische literaire magazine Zvesda. In dat zelfde jaar debuteerde hij met zijn eerste poëziebundel ‘Seizoenen’ gevolgd in 1996 met de bundel ‘Cicade’ die in Rusland werd betiteld als “Het grootste poëzie evenement van het jaar”. Zijn oeuvre kent inmiddels honderden, veelal klassiek vorm gegeven gedichten met sterk persoonlijke accenten.
.
Slapende minnaars
.
I
Je slaapt nog niet, zo komt mij voor.
Zolang de doodsadem nog doolt
Langs buitengrenzen van je droom
Waarin je binnenzweeft – je hoofd
Naar onderen, je ziel omhoog –
Kan ik jou zien, maar dring niet door.
.
We dromen niet hetzelfde. Hecht
Verstrengeld, net als in het echt,
In lakens, zijn we in de nacht
niet langer op elkaar gericht.
Het is de vraag of je met recht
Aan iemand toebehoort. Slaap zacht.
.
II
Soms gaan de minnaars eerder heen
Dan dat ze afscheid nemen, heel
Diep dromend, hulpeloos. Toch heeft
De nacht nog hoop dat hij de twee,
Verkleefd, verbinden kan: hij geeft
Traag mee. Alleen is iedereen.
.
Slaap zacht, klinkt het cicadenkoor.
De minnaars slapen, laat ze maar,
Als kinderen, onschuldig door
De slaap en droom vereend, zozeer
Dat ze op aarde nu niet meer
Bestaan, onnodig voor elkaar.
.
Foto: Pieter Vandermeer
Met dank aan http://www.poetryinternationalweb.net/ en Spiegel van de Russische poëzie
Nieuwe poëzie initiatieven
Dichtpodium het Kapelletje en Werklicht Open Podium
.
Het is alweer even geleden dat ik hier schreef over de verschillende poëziepodia in Nederland (wie nog tips heeft; ik hou me aanbevolen). Sinds kort is er een nieuw initiatief van Reinier van Mourik en Frank Vingerhoets in het Kapelletje in Rotterdam en er is het podium van Werklicht (dat al langer bestaat) ook in Rotterdam georganiseerd door Irene Siekman.
Dichtpodium het Kapelletje
Het podium het Kapelletje is in theater het Kapelletje aan de v.d.Sluijsstraat 156 ( ingang Schiekade of ) in Rotterdam en wordt georganiseerd van 14.00 uur t/m 16.00 uur. Het eerst volgende podium is op zondagmiddag 12 april met o.a. Daniël Dee, Els Staneke, Frank Vingerhoets en Eddy Geerlings met muziek van het Silver Lining Vocal Trio.
Meer informatie vind je op https://www.facebook.com/events/822767747783252
.
Werklicht Open Podium
Werklicht is theater/podium en expo op Zuid oftewel een kleinschalig theatertje in Rotterdam Zuid. Werklicht is gesitueerd aan de Putsebocht 74a en 78b. Het Open Podium is één van de vele activiteiten die in Werklicht worden georganiseerd voor met name de inwoners van Bloemhof (de wijk waarin Werklicht ligt). Enthousiaste vrijwilligers en professionals zorgen ervoor dat er voor bewoners van Bloemhof en andere belangstellenden van alles te bekijken, beleven en vooral ook te doen is op het gebied van theater, toneel, exposeren, voordragen en ontmoeten. Kunstenaars en artiesten zorgen ervoor dat er daadwerkelijk iets te zien en te beleven is. op zaterdag 11 april wordt er een Open Podium georganiseerd. Een ieder kan zich opgeven met zang, dans of poëzie. Het Open Podium duurt van 20.30 tot 23.30 en iedere deelnemer krijgt 10 minuten.
Meer informatie vind je op https://www.facebook.com/events/741800369269597
.
Arthur Rimbaud
De tuin van de Franse poëzie
.
In 2011 verscheen van Paul Claes de bloemlezing ‘De tuin van de Franse poëzie, een canon in 100 gedichten’. In deze lijvige bundel (440 pagina’s). In deze bundel staat van elke dichter die is opgenomen een korte biografie, een typering van het werk, een bibliografie en commentaar door Claes.
Van Arthur Rimbaud (1854 – 1891) zijn (vanzelfsprekend) meerdere gedichten opgenomen. Van het gedicht ‘De slaper in het dal’ zegt Claes: Een antimilitaristisch anthologiestukje van een voorlijke adolescent. Oordeel zelf.
.
De slaper in het dal
.
Een plek vol groen waar een rivier door zingt
Die ’t kruid met flarden zilver onbesuisd
Bespat; vanaf het fier gebergte blinkt
De zon: een klein dal dat van stralen bruist.
Een jong soldaat, blootshoofds, met open mond,
De nek in blauwe kers gedompeld, ligt
In openlucht te slapen op de grond,
Bleek in zijn groene bed vol plenzend licht.
Zijn voeten in het lis, zo slaapt hij. Zwakjes
Lachend zoals een ziek kind, soest hij zachtjes:
Natuur, wieg hem vol warmte: kou heeft hij.
De geuren doen zijn neusvleugels niet trillen;
Hij slaapt in de zon, één hand op zijn stille
Borst, rechts twee rode gaten in de zij.
.
Belofte
Hilde Keteleer
.
De Vlaamse Hilde Keteleer (1955) is behalve dichter ook literair vertaalster uit het Duits en het Frans. Ze is docente aan de SchrijversAcademie in Antwerpen en de gemeentelijke Academie van Ekeren en ze begeleidt literatuurgroepen. In 2001 verscheen haar debuutbundel ‘Al wat winter is en waar’ gevolgd in 2003 door de tweetalige bundel ‘Entre-deux / Twee vrouwen van twee kanten’ die ze samen met Caroline Lamarche uitgaf. In 2004 volgt dan nog de bundel ‘Deuren’ en daarna blijft het stil op het poëtisch vlak. Ze publiceert daarna nog vele vertalingen van romans en verhalen en een eigen roman en reisverhaal maar geen poëzie meer.
Uit haar debuutbundel het gedicht ‘Belofte’.
.
Belofte
Zoals het blanke appelvlees
nog niet tevoorschijn gebeten,
zoals de grand cru in de fles
nog vol met gloed geweten,
zoals het eerste goede vers
nog enkel in het hoofd geschreven,
zoals jouw geschiedenis
nog niet met die van mij verweven,
zo is mij je oksel en je mond:
een geur, een onbetreden grond.
.
Met dank aan Knack.be en Wikipedia.
Story Pictures
Diane Hanna
.
Stoneheart & company brengen hele aardige Story Pictures uit. Story Pictures zijn een combinatie van vintage foto’s en poëzie, zomaar wat woorden, een brief of uitspraak. Ze zijn klein en intiem en kunnen opgehangen worden of neergezet als herinnering aan een geliefde of aan iets waar je graag aan herinnert wordt.
Diane Hanna, de kunstenares zegt erover: “I’m always looking for poetry. It could be the color of coffee in a white cup or the flash of a cardinal across a backyard in January. It could be the fragrance of old books or a deep green lake or fresh snow or line-dried sheets…”
.
Dotan
Hungry
.
Sommige muziek klinkt mij als poëzie in de oren. Dit komt meestal door de combinatie van bepaalde zinnen of teksten en de muziek die er bij hoort. Dit is ook het geval bij het nummer ‘Hungry’ van Dotan van zijn album ‘7 Layers’. De zanger Dotan is veel in het nieuws (zijn nummer ‘Home’ werd door 3FM gekozen tot song van het jaar 2014) en niet ten onrechte. Een zin als “It’s a hive of honeybees trapped inside of our skin / Growing faster, stinging harder till we all give in” zou zo uit een gedicht kunnen komen.
Alleen om die twee zinnen al wil ik de tekst van dit nummer met jullie delen. Volgens Dotan gaat dit nummer over de liefde, over het feit dat we niet zonder maar ook net zo vaak niet met de liefde kunnen leven.
.
Hungry
Hit up the bottom,hearts will melt like ice
As the lights keep falling, makes you feel so small again
As we walk in circles, the blind leading the blight
No way of hiding, our heart is all we got
I’m hungry for you, my love, so come out and rescue me
Love is just not enough out in this war of needs
Drag your heart to the place where it belongs
While it’s underwater, where my love will fill your bones
The clouds are shaking, and your palms began to crack
Hands against your eyes, see this love is all we got
I’m hungry for you, my love, so come out and rescue me
Love is just not enough out in this war of needs
It’s a hive of honeybees trapped inside of our skin
Growing faster, stinging harder till we all give in
oh, oh, oh oh oh oh
oh, oh, oh oh oh oh
oh, oh, oh oh oh oh
oh, oh, oh oh oh oh
I’m hungry for you, my love
Love is just not enough
I’m hungry for you, my love
Love is just not enough
I’m hungry for you, my love, so come out and rescue me
Love is just not enough out in this war of needs
I’m hungry for you, my love, so come out and rescue me
If love is just not enough out in this war of needs
I’m hungry for you, my love
Love is just not enough
It’s a hive of honeybees trapped inside of our skin
Growing faster, stinging harder till we all give in
.
Van straks en later
Uit: Zoals de wind in maart graven beroert
.
Op verzoek plaats ik hier nog eens een gedicht van mijzelf. Uit mijn laatste (papieren) bundel ‘Zoals de wind in maart graven beroert’ het gedicht ‘Van straks en later’ uit het 4e hoofdstuk ‘Wie er moet zijn is aanwezig’.
.
Van straks en later
.
Wat hier toekomt
aan het heden
ligt aan mijn voeten
als nooit tevoren
.
de ingebeelde morgen
en die daarna
vragen om mijn onverdeelde aandacht
.
terwijl
.
de klapwiekende koolmees
op zoek naar worm en nest
de toekomst draagt
in het alledaagse
.
de was van gisteren
nog klam van de koude nacht
de droogte nog wat
uitstelt
.
zo breekt mijn morgen
bijna aan
in wat er nu
staat te gebeuren
.
De bundel ‘Zoals de wind in maart graven beroert’ is te koop voor € 12,- laat een berichtje achter als je een bundel wil kopen.
Bernardo Ashetu
(bijna) vergeten dichter
.
Bernardo Ashetu (pseudoniem van Henk van Ommeren) leefde van 1929 tot 1982 en was Surinaams dichter. Ashetu debuteert in 1962 in de reeks Antilliaanse Cahiers van de Bezige Bij met de bundel ‘Yanacuna’ met gedichten en prozagedichten. Zijn poëzie is in in die dagen afwijkend van de mainstream poëzie die vooral strijdbaar is. Ashetu schrijft gevoelige gedichten waarin hij fijnzinnig observeert hoe droom en werkelijkheid uit elkaar groeien en er slecht droefenis overblijft voor alle ontheemden overal ter wereld.
Bernardo Ashetu, zoon van een joodse moeder en een creoolse vader, voelde zich een ‘zwarte’ dichter en verwant aan Stokely Carmichael, Aimé Césaire, Frantz Fanon. Zijn poëzie heeft evenwel de klankrijkdom die Gezelle, Gorter, Van Ostaijen, Engelman, Lodeizen aan de Nederlandse taal wisten te geven.
In 1995, dertien jaar na zijn overlijden verschijnen er gedichten van zijn hand in tijdschriften als Bzzlletin, Poëziekrant, De Tweede ronde en Dietsche Warande. In 1995 worden gedichten van hem gepubliceerd in de Spiegel van de Surinaamse poëzie. In 2002 verscheen een bundeltje van hem in Paramaribo met als titel ‘Marcel en andere gedichten’ en in 2007 een keuze uit zijn werk (door Gerrit Komrij samengesteld) met de titel ‘Dat ik zong’. Ook in 2007 verscheen een bibliofiele editie van zijn gedicht ‘Indiaans’. In 2011 tenslotte verscheen bij IndeKnipscheer de bundel ‘Dat ik je liefheb’ samengesteld door Michiel van Kempen.
Uit ‘Yanacuna’ het gedicht ‘Baleh-baleh’.
.
Baleh-baleh
Och, dat ik rijk ware
dat ik water had
en land
en wolken,
dat ik rijk ware
en de macht had
om zon en duister,
bloed en adem
te zetten naar mijn wil –
Och, dat ik rijk ware
en het beter had
alleen maar om lang te rusten
om lang en zoet en lang
te rusten een baleh-baleh
met klamboe van rode zijde
.


























