Site-archief
Vakantievoeding
Zomervakantie
.
Evenals vorig jaar merk ik dat het aantal bezoekers op mijn blog afneemt door de vakantie. Heel begrijpelijk natuurlijk, als je op vakantie bent of vakantie hebt dan staat je hoofd naar andere zaken. Toch zijn er altijd mensen (best veel) die niet op vakantie gaan of ook tijdens hun vakantie graag een gedicht lezen of iets over poëzie lezen. Speciaal voor een ieder die tot deze laatste groep hoort blijf ik ook in de vakantie dagelijks een bericht plaatsen. Een soort van poëtische vakantievoeding.
Dagelijks een gedicht uit de wereldliteratuur, van dichters uit verschillende eeuwen, uit verschillende landen. Vertaalde poëzie of poëzie geschreven in het Nederlands. Gekozen uit de vele poëziebundels die mijn boekenkast vullen. Vandaag begin ik met een gedicht van een Griekse dichter Anakreon die leefde van ca. 570 voor chr. tot ca. 485 voor chr. getiteld ‘De lesbische’ en vertaald uit het Grieks door Paul Claes.
.
De Lesbische
.
Opnieuw tikt de blonde Eros
me met zijn vuurrode bal aan
en daagt me uit te spelen met
dat meisje in kleurige muiltjes.
.
Maar zij wil niets weten van mij
en mijn al te grijze haren:
zij komt uit het bloeiende Lesbos
en gaapt naar – wat anders.
.
De fatale bres
Günter Kunert
.
De titel van een boek kan soms tot verwarring leiden. Neem nou de bundel ‘de fatale bres’ vertaalde hedendaagse duitse poëzie. Bij het kopen van dit bundeltje dat de dichter A. Marja als vertaler kent, dacht ik hedendaagse Duitse poëzie te gaan lezen. Totdat ik erachter kwam dat het boekje in 1962 werd uitgegeven. Hedendaags wordt op die manier ineens poëzie uit de jaren ’50 en ’60. De dichters die worden opgevoerd hebben dan ook geboorte jaren tussen 1881 en 1937. Desalniettemin staan er prachtige en goeie gedichten in. Zowel in het Duits als in het Nederlands.
Dichters waarvan ik er maar een paar van naam ken zoals Paul Celan, Ingeborg Bachmann en Peter Hamm. Een dichter die ik niet kende is Günter Kunert (of Guenter Kunert zoals hij in deze bundel wordt opgevoerd).
Kunert (1929) woonde en werkte in de DDR en was lid van de communistische partij. Toen hij in 1976 een petitie tekende omdat de partij Wolf Biermann (een collega schrijver) het lidmaatschap van de partij wilde afnemen, werd hem ook het lidmaatschap afgenomen. In 1979 kon hij door het verkrijgen van een visum naar West Duitsland reizen en daar vestigde hij zich.
Kunert wordt gezien als één van de meest veelzijdige en belangrijkste hedendaagse Duitse schrijvers. Naast poëzie schreef hij essays, autobiografisch werk, aforismen, satires, sprookjes, science fiction, speeches, reisverhalen, film scripts, en romans. Hij werd in verschillende literaire tijdschriften gepubliceerd en hij is daarnaast ook schilder en grafisch ontwerper.
Het gedicht dat uit de bundel ‘de fatale bres’ komt is getiteld ‘Wenn ihr mal kniet vor einem’ of in de vertaling van A. Marja ‘Als u knielt’.
.
Als u knielt
.
Op deze steen
heeft Willem de Veroveraar
en later Napoleon
gezeten-
ook nog Saint-Just
en twee al lang vergeten
koningen – een
de Vijfde en een
de Zestiende.
.
Maar vergeet nooit
dat de steen telkens
warm werd van een paar
levende billen.
.
En niet van een naam.
.
Wenn ihr mal kniet vor einem
.
Auf diesem Stein
sass William de Eroberer
und später Napoleon.
Es hockten Saint-Just
auf ihm und zwei längst
vergessene Könige – ein
Fünfter und ein Sechzehnter.
.
Vergesst bitte nicht,
das der Stein jeweils durch
einen lebenden Hintern
erwärmt wurde.
.
Nicht durch einen Namen.
.
Liefdeslied
Joseph Brodsky
.
Tijd voor een liefdesgedicht en wel van de Amerikaanse dichter Joseph Brodsky ( 1940 – 1996) uit 1995 in vertaling van Robbert-Jan Henkes met de veelzeggende titel ‘Liefdeslied’.
.
Liefdeslied
.
Als jij zou verdrinken, kwam ik je redden,
Wikkelde je in mijn deken en schonk je hete thee.
Als ik een sherrif was, plaatste ik je onder arrest en
Sleepte ik je voortaan overal gevankelijk mee.
Als jij een vogel was, dan maakte ik een plaat
Om de hele nacht te luisteren naar je hoge trillen.
Als ik een sergeant was, was je mijn jansoldaat,
En zou je niks anders meer dan drillen willen.
Als je Chinees was, leerde ik de talen,
Ik brandde een boel wierook, kleedde me curieus.
Als je een spiegel was, bestormde ik de Dames,
Ik gaf je mijn rode lipstick en poederde je neus.
Als je van vulkanen hield, was ik lava,
Onstuitbaar stromend uit mijn verborgen bron.
En als je mijn echtgenote was, was ik je minnaar,
Omdat je voor de kerk niet scheiden kon.
.
Liederen van de blauwkraanvogel
Antjie Krog
.
Antjie Krog (1952) debuteerde op haar achttiende met de dichtbundel ‘Dogter van Jefta’. Inmiddels is ze één van de belangrijkste dichters van Zuid-Afrika. Haar poëzie is persoonlijk, zintuiglijk en sterk geëngageerd. Thema’s die in het werk van Krog aan de orde komen zijn het moederschap en het ouder worden, de diepe verbondenheid en de worsteling met de ongelijkheid en het racisme in haar land. Ze neemt daarbij geen blad voor de mond. Haar stem is afwisselend woedend, kwetsbaar, hoopvol en radeloos. Haar werk is veelvuldig bekroond, onder ander met de prestigieuze Herzog-prijs, en Krogs dichterschap wordt vergeleken met dat van Sylvia Plath en Wislawa Szymborska.
In 2003 verscheen bij Uitgeverij Podium/Novib de bundel ‘Liederen van de blauwkraanvogel’ uit. In deze bundel koos Krog uit een enorm archief van de Engelsman Wilhelm Bleek. Deze verzamelde transcripties, poëzie en vertellingen van de Kaapse Bosjesmannen of Khoisan. Deze spraken een taal, het |Xam, waarvan de laatste spreker inmiddels is overleden (waarmee het |Xam een dode taal werd).
Krog las en vertaalde deze gedichten naar het Afrikaans en Robert Dorsman verzorgde de Nederlandse vertaling. Voor het goed verstaan van dit volk en hoe men leefde moet je de hele bundel lezen maar ik koos voor een gedicht getiteld ‘Het doden van een witte springbok’ of zoals de Afrikaanse titel is ‘Die doodmaak van ’n wit springbok’.
.
Het doden van een witte springbok
.
(|Han#Kass’o heeft dit van de vader van zijn moeder gehoord)
.
je maakt een witte springbok niet dood
je mag er alleen maar naar kijken
want het voelt alsof de springbok helemaal wil verdwijnen
een gewone springbok zal nooit naar de plaats komen
waar een witte springbok dood heeft gelegen
alle springbokken maken juist dat ze uit de buurt komen
laat daarom je boog zakken
daarom kijk je alleen maar naar een springbok die wit is
ook al is hij nog zo dichtbij
.
Met dank aan uitgeverijpodium.nl
De hinde
Francesco Petrarca
.
Ik vond het wel weer eens tijd voor een liefdesgedicht en dus trok ik de bundel ‘De liefste, onsterfelijke liefdesverzen’ maar eens uit mijn kast. Deze bundel is samengesteld en vertaald door Paul Claes en bevat dichters die “eeuwig verliefd zijn, verliefd op hun beminde en op de taal, maar nog het meest op de liefde zelf”.
In deze bundel beroemde dichters uit alle tijden zoals Sappho, Dante, Keats, Hölderlin, Beaudelaire, Rilke, Yeats, Pessoa en vele anderen. Ik koos voor het gedicht ‘De hinde’ of zoals het in het Italiaans heet ‘Canzoniere CXC’ en ik heb zowel het origineel als de vertaling overgenomen.
.
De hinde
.
Een blanke hinde zag ik op het groen
met gouden horens onder een laurier
verschijnen bij de dubbele rivier,
terwijl de zon rees, in het guur seizoen.
.
Zo zoet verheven was dit visioen,
dat ik elk werk liet varen om het dier
te volgen, als een vrek die met plezier
zijn zwoegen opgeeft om een vondst te doen.
.
‘Raak mij niet aan,’ stond op haar sierhalsband
geschreven met topas en diamant,
‘Mijn heer heeft mij in vrijheid laten gaan.’
.
Reeds zag ik hoe de zon in ’t zenit scheen
-mijn ogen waren moe, maar niet voldaan-
toen ik in ’t water viel, en zij verdween.
.
Canzoniere CXC
.
Una candida cerva sopra l’erba
verde m’apparve, con duo corna d’oro,
fra due riviere, all’ombra d’un alloro,
levando ’l sole, a la stagione acerba.
.
Era sua vista sì dolce superba,
ch’i’ lasciai per seguirla ogni lavoro;
come l’avaro, che ’n cercar tesoro,
con diletto l’affanno disacerba.
.
Nessun mi tocchi — al bel collo d’intorno
scritto avea di diamanti e di topazî —
libera farmi al mio Cesare parve.
.
Et era ’l sol già vòlto al mezzo giorno;
gli occhi miei stanchi di mirar non sazî,
quand’io caddi ne l’acqua, et ella sparve.
.
Met de dood speel je niet
Zuidamerikaanse gedichten
.
In 1996 publiceerde uitgeverij de Prom de bundel ‘Met de dood speel je niet, Zuidamerikaanse gedichten’. Wouter Noordewier stelde de bundel samen en vertaalde gedichten van dichters uit Argentinië, Chili, Cuba, Nicaragua, Peru, El Salvador, Uruguay en Mexico (dat geografisch gezien natuurlijk niet in Zuid Amerika ligt maar ik begrijp de keuze).
Rond 1900 ontstond er overal in Zuid Amerika na eeuwen van kolonialisme en het daarbij volgen van het kolonialiserende land, een nieuwe vorm van poëzie. Waar voorheen de poëzie nationalistisch was en romantisch zonder oorspronkelijkheid was deze nieuwe poëzie juist modern, internationaal georiënteerd en thema’s waren de wetenschap, de industrie en de metropool (zoals bijvoorbeeld Buenos Aires, Sao Paulo en Mexico stad).
Opvallend bij deze nieuwe vorm van poëzie was ook dat ze heel symbolistisch was, irrationeel en surrealistisch. Het was poëzie zonder rijm, metrum en leestekens.
Voorbeelden van dichters zijn bekende als Jorge Luis Borges uit Argentinië en Mario Benedetti uit Uruguay. Het aardige van deze bundel is dat er juist ook minder of redelijk onbekende dichters is vertegenwoordigd worden. Zo had ik van het merendeel nog nooit gehoord. En dat is ten onrechte. De bundel staat vol bijzondere gedichten. Van de heel korte gedichten van Guillermo Boido (Argentinië, 1941-2013) als:
.
Poëzie is niet te koop
want
niet te koop
.
Tot de poëzie van Nicanor Parra (Chili, 1914 – 2018) van wie ik het gedicht ‘Rituelen’ heb uitgekozen. Dit gedicht en deze dichter had ik uitgekozen uit de bundel om er vervolgens achter te komen dat hij afgelopen 23 januari (op mijn verjaardag) op 103 jarige leeftijd was overleden. Parra heeft zich altijd als “antipoeta” verklaard, wat betekent dat hij de pompeuze wijzen van andere dichters wilde verwerpen. Na lezingen zei hij, “Ik trek alles wat ik gezegd heb weer in”. Parra beschouwde het leven als zinloos en had geen boodschap, door vele critici werd dit als literaire zelfmoord beschouwd en toch is zijn invloed op andere, jonge dichters groot. Zo heeft zijn gedichtenbundel ‘Poemas y antipoemas’ grote invloed gehad op de beatgeneratie. In 2011 kreeg Parra de Cervantesprijs voor zijn hele oeuvre.
.
Rituelen
.
Telkens
Als ik na een lange reis
.thuiskom
Is het eerste wat ik doe
Vragen wie er dood is:
Ieder mens is een held
Gewoon omdat hij sterfelijk is
En helden zijn ons de baas.
.
En als tweede
.of er gewonden zijn
Pas daarna,
.niet dan na dit
Begrafenisritueeltje,
mag ik leven van mezelf:
Ik sluit m’n ogen om beter te zien
En zing vol wrok
Een liedje uit het begin van de eeuw.
.
Het wiel
William Butler Yeats
.
Gistermiddag las ik ergens een stukje over de dichter Yeats en hoe gaat dan dan in mijn hoofd; wanneer ik thuis ben pak ik een bundel met zijn poëzie erbij (elke aanleiding is er een zeg ik altijd). In dit geval is dat de bundel ‘De mooiste van William Butler Yeats’ samengesteld door Koen Stassijns en Ivo van Strijtem uit 2010.
Uit deze bundel het gedicht ‘The Wheel’ of ‘Het Wiel’ in vertaling van Jan Eijkelboom.
.
The Wheel
.
Through winter-time we call on spring,
And through the spring on summer call,
And when abbandoning hedges ring
Declare that winter’s best of all;
And after that there’s nothing good
Because the spring-time has not vome-
Nor know that what disturbs our blood
Is b ut its longing for the tomb.
.
Het Wiel
.
’s Winters willen wij de lente
En in de lente liefst de zomer,
En als het wemelt in de heggen
zeggen wij: laat winter komen.
En daarna is er niets meer goed:
Het voorjaar komt er niet meer aan.
Wij weten niet dat in ons woedt
Verlangen om maar dood te gaan.
.















