Categorie archief: light verse

Vroege Vogels’ Radioverzen

Ivo de Wijs

.

Het radioprogramma werd in 1978 voor het eerst uitgezonden door de VARA en is een van de langst lopende en best beluisterde radioprogramma’s van de NPO. In 1994 bestond het radioprogramma Vroeg Vogels vijftien jaar (inmiddels dus al 44 jaar) en ter gelegenheid van het 15 jarig bestaan werd een nieuwe bundel van Ivo de Wijs gepubliceerd met de titel ‘Vroege Vogels’ Radioverzen’.

In deze bundel schrijft Ivo de Wijs per maand van het jaar zijn verzen, die, volgens de achterflap, “zowel in lekkend gif gedoopt zijn als in frisse morgendauw”. “Hij mijmert, ironiseert en plaatst kritische voetnoten bij al die mooie plannen met de steeds schaarser wordende natuur”. Ook in de afgelopen 28 jaar is er dus nog steeds niets veranderd.

In de bundel, zoals geschreven, per maand een aantal gedichten. Omdat het eind mei is heb ik een gedicht gekozen uit de maand mei getiteld ‘Twijfel’.

.

Twijfel

.

Van tijd tot tijd bekijkt hij met intense

Vermoeienis ‘dat eeuwige miljeu’

Hij wil niet meer, hij is het ronduit beu

Hij ziet de aarde net zo lief verflensen

.

Het kleinste issue maakt hem très nerveux

Hij heeft geen hoop meer en totaal geen wensen

En zijn bewuste, groene medemensen

Gunt hij een ferme vorm van gonorrhoe

.

Herkent u dit? Ik heb het niet zo vaak

(U had het al gesnapt hè: hij = Ivo)

Want meestal werk ik voor de goede zaak

.

Maar toch: al ben ik zelf niet zo consequent

Bewaar me voor de gladde positivo

Die nooit een uur van twijfel heeft gekend!

.

Tenslotte wint de liefde

Maarten Willems

.

Ik kreeg de bundel ‘Tenslotte wint de liefde’  cadeau. Deze bundel is geschreven door Maarten Willems, een muzikant en dichter uit Den Haag die ik reeds vele malen tegen kwam op podia in en rond de hofstad. De bundel bevat gedichten van Maarten geïllustreerd met aquarellen van Jeroen Duyn.

Poëzie van Maarten werd gepubliceerd in onder andere ‘Mens en Gevoelens’ (waar ik ook ooit lang geleden in ben gepubliceerd en feitelijk ben gedebuteerd als dichter met het gedicht ‘Strand’) en Poëzie op Pootjes, een Haags initiatief waar ik ook aan meedeed met het gedicht ‘Lijn 24’, en dat schept toch een band.

In de bundel  ‘Tenslotte wint de liefde’ staan luchtige en light verse gedichten, gedichten met een knipoog en een glimlach. Uit de bundel koos ik het gedicht ‘Ik lijk wel gek’.

.

Ik lijk wel gek

.

Ik lijk wel gek

om om kwart voor zes ’s ochtends

in kamerjas ongewassen en -gekamd

en met lege maag en koude voeten

op de bank alle mogelijke moeite te doen

jou aan het lachen te krijgen.

.

Marten Toonder

De verzamelde poëmen

.

Marten Toonder (1912 – 2005) ken ik van de geniale reeks stripverhalen van Olivier B. Bommel en Tom Poes. Dat hij behalve schrijver en tekenaar ook dichter was wist ik niet. Ik ben hier pas afgelopen week achter gekomen toen ik ergens een gedicht las dat werd gedeeld van zijn hand uit de bundel ‘De verzamelde poëmen’ van Querulijn Xaverius Markies de Canteclaer van Barneveldt.

Hij publiceerde als de Markies de bundels ‘Hanezang’ in 1987 en ‘Vleugeljaren’ (1989) en tot slot in 1997 dus ‘De verzamelde poëmen’. Los hiervan publiceerde Toonder nog gedichten in diverse tijdschriften en bundels. Toonder debuteerde in 1947-1951 met een aantal nonsensgedichten in ‘De Groene Amsterdammer onder de naam Marten.

Dick de Boer en Klaas Driebergen (de auteur van Bommel en Bijbel) brachten voor ‘De verzamelde poëmen’ voor het eerst al het dichtwerk van Marten Toonder bij elkaar, waaronder onvoltooid gebleven poëziefragmenten van de markies en andere verzen uit de Bommelreeks. De bundel werd voorzien van toelichtingen en achtergrondinformatie.

Uit deze bundel komt het onderstaande gedicht.

.

Hoe jong was ik, hoe groen,

toen ik vroeger, na de noen,

mijn Lapsang-thee genoot

in ’t rozenpaviljoen

waar een merel zoete zangen floot.

.

Ach, hoe vredig was het toen,

hoe verre scheen mij daar de dood.

.

De avond is sindsdien gekomen.

Al wat jool was is vergaan.

De vreugd der jeugd is mij ontnomen;

met ’t fêteren is ’t gedaan.

.

En als ik mijmer voor het vuur

met een Châteauneuf du Pape

over lang vergleden avontuur,

dan komt, hélas! de slaap.

.

Hoe pril was eens de morgenstond,

hoe grijs is ’t thans om negen uur.

.

Woes Ploum

Gemeentedichter

.

Een paar maanden geleden werd ik benaderd door Neeske van de bibliotheek Oostland, met de vraag of ik in de jury van de verkiezing van de gemeentedichter van Lansingerland (Berkel en Rodenrijs, Bleiswijk en Bergschenhoek) plaats zou willen nemen. Ik vind het altijd een eer als ik voor zoiets gevraagd word en omdat ik de huidige gemeentedichter Mark Boninsegna vrij goed ken, heb ik hier positief op geantwoord.

Acht dichters hadden zich aangemeld en voor mij stak er meteen één dichter boven de rest uit en dat was dichter Woes Ploum. Woes is volgens zijn website  een muzikale duizendpoot en taalliefhebber. Hij wisselt grappige en gevoelige luisterliedjes af met spitsvondige teksten en puntpoëzie. Naast zijn punt poëzie wist hij me ook te overtuigen met twee wat langere gedichten.

Vandaag op zondag 30 januari zal Woes tijdens de talkshow Leven in Lansingerland geïnstalleerd worden en wordt er afscheid genomen van Mark als gemeentedichter. Deze talkshow is te zien via een live stream op het Youtubekanaal van Theater ’t Web. de Facebookpagina van bibliotheek Oostland en via RTV Lansingerland tussen 14.00 en 15.00 uur.

hieronder een paar voorbeelden van zijn puntdichten.

.

 

Contactadvertentie

Lévi Weemoedt

.

Tegenwoordig heb je als vrijgezel, of single zoals het nu genoemd wordt, allerlei, vooral digitale, mogelijkheden om aan een partner te komen. De mogelijkheden variëren van puur op uiterlijk (Tinder) tot door middel van een beschrijving van je karakter op verschillende websites waarbij ook daar een onderverdeling gemaakt wordt (mooie mensen, hoog opgeleide mensen, iedereen). Voor de moderne mens die een partner of geliefde zoekt is dit de weg om te bewandelen.

Vroeger (en vroeger is nog niet eens zolang geleden) ging dat anders. Je ontmoette elkaar op feestjes, in dancings of discotheken, in de kroeg, op de sportclub of op je opleiding/werk. En als dat allemaal maar niet wilde lukken dan kon je een contactadvertentie plaatsen in de krant waarin je jezelf in een aantal trefwoorden en korte beschrijvende zinnen kon verkopen, waarna er naar de krant onder briefnummer kon worden gereageerd.

Tegenwoordig schijnt dat ook nog wel te bestaan maar niet meer onder briefnummer, maar gewoon via een e-mailadres. De contactadvertentie dreigt daarmee te verdwijnen. Het is dan ook de vraag of een lezer van de bundel ‘Van harte beterschap’ Kleine trilogie der treurigheid van Lévi Weemoedt uit 1982, over honderd jaar nog begrijpt waarover dit gedicht gaat.

.

Contactadvertentie

.

Vanmorgen sloeg de poes ineens aan ’t zingen.

‘k Zat aan ’t ontbijt en staarde radeloos in de thee.

O! ’t Was een treurig lied vol jeugdherinneringen:

van een geliefde en een wandeling aan zee.

.

Plots viel de hond in met een diep neerslachtig janken:

ach! van een setter stond zijn hartje zó in brand

maar zij was doodgereden, van die kranke

liefde rees hij nooit meer uit zijn mand…

.

Vóór ik wist begon mijn eigen keel te zwellen

en huilde ik mee met de beschuitbus in mijn hand.

Die was van Bolletje, de thee was van Van Nelle;

maar van mijn tranen was Jeanett’ de fabrikant.

.

O! ’t Is geen leven meer voor deze vrijgezellen;

als dat zo doorgaat bung’len zij aan boord of band:

.

welk jong, knap meisje, dat kan koken en verstellen

stelpt nu hun leed, en schrijft een brief naar deze krant?

.

Olympische spelen

Veldloop

.

Zeer binnenkort gaan de Olympische Spelen van Tokyo van start. De veldloop voor vrouwen zal daar niet te zien zijn, de veldloop is geen officiële olympische sport. Er zijn krachten bezig om de veldloop weer een olympische sport te maken. In de aanloop daarnaar toe (men hoopt in 2024 de sport weer op het programma te krijgen van de OS) een gedicht uit de light verse bundel ‘Atletische verzen’ uit 2007, geschreven door Ivo de Wijs en Theo Danes.

Het betreft hier het gedicht ‘Veldloop (vrouwen) van Ivo de Wijs. Het gedicht gaat over Lornah Kiplagat (1974), van oorsprong Keniaanse atlete die sinds 2003 voor Nederland uitkomt op dit onderdeel.

.

Veldloop (vrouwen)

.

Wat zie je als je onverhoopt

De hele race als tweede loopt?

Dan zie je voor je op het pad

Het gat van Lornah Kiplagat.

.

Waarna de pers nog ‘ns komt vragen:

‘Had Lornah weer een gat geslagen?’

.

Illustraties

Anthonie Donker

.

In de nieuwe editie van het leukste en kleinste poëziemagazine MUGzine, editie 8 alweer, een editie met light verse poëzie, worden de illustraties verzorgd door de New Yorkse kunstenaar en illustrator Karen Stolper. In de keuze voor illustraties kwam ik een fraaie tegen die we waarschijnlijk niet gaan gebruiken (te breed voor zo’n heerlijk klein magazine op A6 formaat). Omdat ik het zo’n leuke illustratie vind ben ik op zoek gegaan naar een bijpassend gedicht.

Dat gedicht heb ik gevonden bij dichter Anthonie Donker (pseudoniem van hoogleraar Nederlands, letterkundige, essayist, schrijver, literair vertaler en dichter Nico Donkersloot 1902 – 1965). Het betreft hier het gedicht ‘Kinderen’ uit de bundel ‘Grenzen’ uit 1928. Het bijzondere aan dit gedicht vind ik dat, hoewel het al 93 jaar geleden geschreven werd, het nog steeds actueel is.

.

Kinderen

.

Diep in hen is het donker begonnen,

Het langzaam, onafwendbare bederf.

Alles vermolmt, alles wordt overwonnen,

Het held’re, teed’re in hun ogen sterft.

.

De wereld is voor ons ook niet geweest,

Vóór wij de duisternis zijn ingedreven.

Wij waren spelende en onbevreesd,

Maar waarom moesten wij dat overleven?

.

Light verse editie van MUGzine

#8

.

De nieuwe MUGzine, de achtste editie alweer en de derde al dit jaar die medio juni zal verschijnen, zal volledig in het teken staan van de Light verse. Light verse, ook wel plezierdichten of nonsensgedichten genoemd, is een benaming voor die gedichten die een wat lichtere, meer speelse toon hebben. Jaap van der Born schreef er een heel aardig stuk over op de, ook al prima, website Het Vrij Vers http://www.hetvrijevers.nl/index.php/over-light-verse .

Als je aan light verse denkt dan kom je al snel bij Het Vrije Vers terecht. In MUG #8 dan ook een aantal dichters die veelvuldig zijn terug te vinden op deze website: Inge Boulonois, Wim Meyles, Remko Koplamp en Frank van Pamelen. Het is dat MUGzine het leukste maar vooral ook kleinste poëziemagazine is van Nederland en Vlaanderen, anders hadden we uit een grote vijver dichters kunnen uitnodigen.

Lighgt verse dus in MUG #8, illustraties zijn dit keer van de New Yorkse kunstenaar en illustrator Karen Stolper (te volgen op Instagram @karenstolperinlunchwithlove ), natuurlijk een nieuwe Luule en een vrolijk stemmend voorwoord.

Als opwarmertje hier alvast een gedicht van één van de dichters in #8 Remko Koplamp getiteld ‘Pure shit’ van gedichten.nl

.

Pure shit

.

In mijn Bushmills verstopt zich steeds een luis
In de Bowmore word ik een worm gewaar
Mijn Famous Grouse biedt aan een mug een thuis
En in de Blair Athol logeert een haar
.
In mijn Glenlivet tref ik vliegen aan
De Lagavullin is gevuld met vuil
Een vlo komt uit mijn Convalmore vandaan
En in de Teeling houdt een neet zich schuil
.
In mijn Glenfarclas stuit ik op een nagel
Het glaasje Dhallas Dhu bevat een daas
In mijn Glen Garloch drijven korrels hagel
En in de Springbank is een spin de baas
.
Maar boven alles is het pure shit
Dat in die alcohol ook cola zit

.

 

Kraantje lek

Lévi Weemoedt

.

Lévi Weemoedt (1948) is zo’n dichter waar je altijd, wanneer je zijn poëzie leest, blij van wordt. Ik toch in ieder geval. Op zichzelf is dat verwondelrijk want de gedichten van L’evi zijn zelden opgewekt of optimistisch van aard. Kijk bijvoorbeeld eens naar zijn bundel ‘Geduldig lijden’ een uitgave in de serie ‘Grote lijsters’ uit 2000. Vrijwel alleen maar treurnis en ellende en toch, wanneer ik het lees is een glimlach of lach nooit ver weg.

In het gedicht ‘Kraantje lek’ bijvoorbeeld waarin Weemoedt terugkijkt naar zijn jeugd en waaruit al blijkt dat het op jonge leeftijd al zo gesteld was met hem. Eigenlijk is Lévi Weemoedt in zijn eentje verantwoordelijk voor een heel eigen stroming binnen de Light verse, de ‘Niet zo light verse’.

.

Kraantje lek

.

‘k Was dertien als de eerste grijze haren

door ’t korte kuifje braken: moeder in paniek!

Wat was er in haar broekeman gevaren!

‘Wat heb je dan gegeten? Ben je ziek?

.

Ach moedertje! met vijf was ik volwassen.

Zat op mijn tiende volop in de overgang.

‘k Had vrouw en kinderen verloren; wist allang

niet meer waarop ik nog moest vlassen.

.

En slechts om ú en vaatje niet te schokken

bleef ik het ventje dat zo vrolijk in zijn blokken-

doos en spoortrein op kon gaan.

.

Maar ik proefde al de pit van het bestaan!

En daarom rolde er achter moeders rokken

uit ’t pijpje van mijn broek een stille traan.

.

Problemen

Frank van Pamelen

.

Frank van Pamelen (1965) http://frankvanpamelen.nl/  is geboren in Terneuzen en woonachtig in Tilburg. Hij studeerde Letteren aan de Katholieke Universiteit Brabant en is schrijver van literaire thrillers en jeugdboeken, dichter en kleinkunstenaar. Ook schrijft hij cabaretprogramma’s, musicals, kinderliedjes, columns en teksten voor radio en televisie.

Sinds 1990 publiceert Frank van Pamelen gedichten. Voornamelijk light verse, vormvaste gedichten, meestal met een humoristische onderlaag. Zijn verzen worden gepubliceerd in literaire tijdschriften als De Tweede Ronde, Parmentier en Ballustrada, in NRC Next, in de wekelijkse rubriek Poëzie Politiek in Trouw (1999-2007), en verder in vele bloemlezingen, scheurkalenders en gelegenheidsuitgaven. Hij ontpopt zich sindsdien steeds meer als de cabaretier onder de dichters, en de dichter onder de cabaretiers.

Frank van Pamelen won de Publieksprijs op het Amsterdams Kleinkunst Festival (1995), de Zilveren Reissmicrofoon met het radioteam van KRO’s Theater van het Sentiment (2001), de Kees Stipprijs voor zijn light verse-oeuvre (2005) en de Tilburg Trofee voor verdiensten in zijn woonplaats (2013).

In literair tijdschrift  ‘De Tweede Ronde’, jaargang 13  (1992) verscheen van zijn hand de terzanelle ‘Problemen’. Een terzanelle is een poëtische vorm die aspecten van de villanelle en de terza rima combineert. Het is in totaal negentien regels, met vijf drielingen en een afsluitend kwatrijn. De middelste regel van elke triplet-strofe wordt herhaald als de derde regel van de volgende strofe, en de eerste en derde regel van de oorspronkelijke strofe zijn de tweede en laatste regels van het afsluitende kwatrijn; zeven van de regels worden dus herhaald in het gedicht.

.

Problemen (een terzanelle)
.
Ik staar al uren naar mijn lege glas

De wereld is vergeven van problemen

Ik wou dat daar een oplossing voor was

.

Ach, waarom zou ik zelf niets ondernemen

Bedenk ik wel eens met een zwaar gemoed

De wereld is vergeven van problemen

.

En er is niemand die er iets aan doet

Zo diep zijn wij als mens dus al gezonken

Bedenk ik wel eens. Met een zwaar gemoed

.

Besef ik nu hoeveel ik heb gedronken

Dan denk ik over goed en over kwaad

Zo diep zijn wij als mens dus al gezonken

.

Ik zeg het hier maar zo waar het op staat

Gewoonlijk praat ik vaker over drinken

Dan, denk ik, over goed en over kwaad

.

Het mag in dit verband merkwaardig klinken

Gewoonlijk praat ik vaker over drinken

Ik staar al uren naar mijn lege glas

Ik wou dat dáár een oplossing voor was
.
.