Site-archief
Poëzieweek 2020
Jules Deelder
.
Nu de Poëzieweek nadert (van 31 januari tot en met 5 februari) zal ik een aantal gedichten plaatsen die in mijn visie eer doen aan het thema van deze week namelijk ‘De toekomst is nu’. Afgelopen weken heb ik mijn bundels van Jules Deelder weer eens ter hand genomen om begrijpelijke redenen, en zo ook de bundel ‘Renaissance’ Gedichten ’44 – ’94. In deze bundel van bijna 600 pagina’s zijn alle bundels gedichten opgenomen die van Jules Deelder tot en met 1994 verschenen. Daarnaast zijn opgenomen de cyclus ‘Renaissance’ en enkele gedichten uit ‘Jazz’.
Het gedicht dat ik koos bij het thema van de Poëzieweek is het gedicht ‘Swami Bami’ dat oorspronkelijk verscheen in de bundel ‘Dag en nacht geopend’ uit 1970. Het aardige aan het thema van deze Poëzieweek is dat gedichten die religie als onderwerp hebben, hier wonderwel bij passen. En dat geldt dus ook voor dit gedicht.
.
Swami Bami
.
Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020
Bekendmaking thema
.
Zoals al aangekondigd werd op dit blog zal er in 2020 weer een Gedichtenwedstrijd worden georganiseerd door de stichting Ongehoord! Het bestuur van Ongehoord! heeft besloten dat het thema van dit jaar een (kort) gedicht van de, ons pas geleden ontvallen, Rotterdamse dichter Jules Deelder zal zijn.
Het thema van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020 is: De omgeving van de mens is de medemens
Binnenkort zal op de website van Ongehoord! https://stichtingongehoord.com bekend worden gemaakt wat de voorwaarden zijn van deelname aan de wedstrijd, de prijzen, waar en hoe je gedicht in te zenden en nog meer informatie.
Om je vast al wat inspiratie te geven hier een gedicht van Robert Anker uit de bundel ‘Nieuwe veters’ verzamelde gedichten 1979 – 2006 uit het jaar 2008.
.
In het chroom
.
Kijk, daar staat ze, levensgroot.
Ze heeft haar hand in haar broek.
Ze steekt haar tong tussen haar lippen.
Hoe ze omkijkt in het straatbeeld dat je zoekt.
.
Je loopt het restaurant in waar ze zit.
Je loopt de palmen in, de spiegels en het chroom.
Ze rookt, ze kijkt verrast als ze je ziet.
.
Je doet een stap terug van de bel
en kijkt omhoog. Regen, asfalt.
.
Sabine Kars
Hoofdkwartier
.
Ik ken dichter Sabine Kars als zo’n 10 jaar en al sinds ik haar voor het eerst hoorde voordragen was ik verrast en meteen fan van haar poëzie. In 2012 was ze tweede prijswinnaar van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd, ik nodigde haar uit op podia in Maassluis en Rotterdam en in 2017 was ik de eerste gast in het radioprogramma van Sabine en haar partner Mas Papo ‘Over Poëzie en Muziek’. In april 2018 was ze Dichter van de maand op deze website en nu is er eindelijk de dichtbundel waar we al zo lang op wachten ‘Hoofdkwartier’.
Op zondag 22 december aanstaande tussen 15.00 en 16.30 (inloop vanaf 14.30 uur) presenteert Sabine in de Gewelvenkelder van Uffie’s aan de Houtmarkt 71 in Zutphen, haar debuutbundel ‘Hoofdkwartier’. De entree is gratis en zij zal worden bevraagd door Sander Grootendorst. Ik zal daar aanwezig zijn en ik kan deze bundel nu al. ongezien, aanraden.
Om een idee te krijgen van de creatieve dichtersgeest van Sabine een gedicht van haar hand uit 2015.
.
je hart weerklinkt in winkelstraten
ik word getroffen door zijn slagen
ze dragen me mee
voeren me naar de oude wachter
voorheen gewond
geveld nu weer hersteld en fier rechtop
schouders naar achter laat hij me binnen
een plaats voor vragen
en overal verhalen
voor het rapen
het maakt niet uit waar te beginnen
in het gewelf
liggen vergrijpen geketend
vlak bij de vrijheid te slapen
zij waakt – haar stem is overal te horen
en vrij is hoe ik ga
op de plek van recht en raad
door een ontzagwekkend hek
langs bliksem
en gekruiste zwaarden
over snippers van vers gevierde liefde
dan glijd ik door de tijd ik raak historie aan
iemand leent een stem en laat
getuigen spreken
Jantje biecht
de Heer was held
terwijl ik sliep
ik heb slechts
allemachtig diep
in het kermisglas gekeken
de wachter stelt
onder mijn toren
gaan woorden van betekenis schuil
en aan meesters hand
zit ik op de bank en proef
een keur aan klanken
ik wentel mij
een weg omhoog
negentig smalle treden
onder wijzers kijk ik naar beneden
waar borden en glazen gul gevuld
en milde talen klinken
nu wordt de zon zacht opgeborgen
zie hoe de jonge avond vloeit
ik wil zijn kleuren drinken
het lekkend licht op je gezicht
jouw dorpen dijken velden
de populieren in ‘t gelid
leunen lenig in de richting van de morgen
ik zal je weer ontmoeten
markant
bedaard wildwaterland
klaar voor nieuwe dagen
om me heen strek jij je uit
stilt de grond
onder mijn vilten voeten
.
Jules Deelder (1944-2019)
Overleden
.
Kort na het groots vieren van zijn 75ste verjaardag op 24 november in zijn geboortestad Rotterdam is op 19 december 2019 dichter/schrijver/muzikant en all time favoriet dichter Jules Deelder overleden. Begin jaren ’80 ontdekte ik de poëzie van Jules Deelder en sindsdien ben ik een groot fan gebleven. Zijn bijzondere kijk op poëzie, zijn ongeëvenaarde voordrachtskunst, zijn creativiteit en voorkomen, Deelder was een fenomeen en is dat tot aan zijn overlijden gebleven.
Om zijn rijkheid aan ideeën en invallen te illustreren hier drie gedichten van zijn hand. Het gedicht ‘Dat je teweegbrengt’ (omdat dat zo van toepassing is op zijn persoon), ‘Nationaal gedicht’ (waarin zijn preoccupatie met de Duitsers en de oorlog maar weer eens mooi aan het licht kwam) uit ‘Lijf- en andere gedichten’ en ‘Ogenschijnlijk’ (een gedicht met humor en diepgang zoals zo vaak in de poëzie van Jules Deelder) uit ‘Moderne gedichten’ uit 1979.
Vijfentwintig jaar na zijn eerste optreden tijdens de beroemde poëzie avond in Carré in 1966 wijdde Bzzlletin een nummer geheel en al aan de dichter en mens Jules Deelder. Via https://www.dbnl.org/tekst/_bzz001199201_01/_bzz001199201_01.pdf is dit nummer voor iedereen te lezen. Voor wie geïnteresseerd is in de dichter en de mens Deelder een aanrader.
.
Dat je teweegbrengt
.
Dat je teweegbrengt
is van meer belang dan
wat je teweegbrengt
.
Nationaal gedicht
.
Oooooooo!
Hoe vergeefs
des doelmans hand
zich strekte
naar de bal
die één minuut
voor tijd
de Duitse doel-
lijn kruiste
Zij die vielen
rezen juichend
uit hun graf
.
Ogenschijnlijk
.
Ogenschijnlijk heeft het ene
niets te maken met het ander.
.
Ogenschijnlijk schuilt er
voordeel in een vaste baan.
.
Ogenschijnlijk zal er nog
een heleboel verand’ren.
.
Ogenschijnlijk staan de sterren
hier niet zover vandaan.
.
Foto: De Doelen
.
Schaars licht
Hans Sleutelaar
.
De in 1935 geboren Rotterdamse schrijver en dichter Hans Sleutelaar groeide op met literatuur . In zijn ouderlijk huis was van 1957 tot 1959 het redactiesecretariaat van het literaire blad Gard Sivik gevestigd, daarna (tot 1964) in het souterrain van dat huis aan de Rotterdamse Essenburgsingel. Samen met Cornelis Bastiaan Vaandrager en Hans Verhagen behoorde Sleutelaar tot de Zestigers. Met de Zestigers wordt een literaire beweging in Nederland uit de jaren zestig aangeduid.
De Vijftigers en de Cobra streefde naar vrijheid. Esthetische conventies en traditionele lyriek diende te wijken voor de persoonlijk expressie. In de poëzie werd gestreefd naar vernieuwing door taalexperiment, waarin de spontane creativiteit voorgesteld werd. De Zestigers kwamen als reactie hierop met een neorealistische stroming, waarin de realiteit als vorm van kunst werd gepresenteerd. Zij waren fel gekant tegen de ‘verbale experimenteerkunst van de Vijftigers’. Beeldspraak en de persoonlijke gevoelens van de kunstenaar werden afgewezen. Verwant met het Amerikaanse popart zocht men zijn inspiratie in de werkelijkheid, en vond dit bijvoorbeeld in reclameteksten.
Hans Sleutelaar werkte onder andere als junior copywriter, als freelance tekstschrijver, als medewerker van de Haagse Post en als hoofdredacteur van uitgeverij Boelen. Hij heeft van 1985 tot 2000 een eigen uitgeverij gehad en woonde “als ambteloos pennenvoerder” in Normandië. Na een verblijf in Thailand, keerde hij terug in zijn geboortestad.
Het oeuvre van Sleutelaar is klein. Hij debuteerde met de bundel ‘Schaars licht’ in 1979 waarna in 2004 ‘Vermiste stad; Rotterdamse kwatrijnen’ verscheen en in 2015 ‘Wollt ihr die totale Poesie? korte en zeer korte gedichten. De titel van deze laatste bundel is genomen van het gelijknamige gedicht uit 1965 dat in ‘Schaars licht’ is opgenomen.
Uit zijn debuutbundel het gedicht in twee delen ‘Sturen’ uit 1963.
.
Sturen
.
1
.
Land. Land. Land.
Een continent,
niet zonder naslagwerken
en concurrentie.
.
We constateren
en rekenen regelmatig af.
.
Autoradio: American Forces Network.
.
Minuten en kilometers
worden gebruikt
om te sturen.
.
Voornamelijk om te sturen.
.
2
.
De snelheid doet ons goed.
.
Wij passeren
met een gezonde arrogantie
automobilisten en andere voorbijgangers.
.
De generiek is deel van een grotere
generiek. die deel is van een grotere.
.
De snelheid levert meer data,
meer inside information.
.
Sprookje
Jan Emmens
.
De Rotterdamse dichter Jan Ameling Emmens (1924 – 1971) schreef simpele, erudiete gedichten, waarin gevoel en verstand hand in hand gaan. In zijn soms geestige werk relativeerde hij veel vaststaande waarden. Terugkerende thema’s zijn angst en agressie. Hij leed aan depressies en maakte zelf een einde aan zijn leven door zich op te hangen. Samen met o.a. Theo Sontrop en William Kuik wordt hij wel tot de ‘Utrechtse school’ gerekend.
Emmen debuteerde in 1945 met de bundel ‘Chacone’, een illegale uitgave in een oplage van 150 exemplaren, en schreef in totaal 5 poëziebundels. Na zijn dood verschenen nog ‘Verzamelde gedichten'(1974), ‘Soms een gevoel'(1979) en ‘Gedichten en aforismen'(1980). In 1971 ontving Emmens de Feniks-prijs voor zijn gehele oeuvre.
Uit ‘Gedichten’ uit 1974 het gedicht ‘Sprookje’.
.
Sprookje
.
Ik sprak op de wallen
de nacht net gevallen
en de dag in verwaarloosde staat,
drie koningen lagen
op sterven te klagen,
de maan kwam op, maar te laat.
.
Ik draalde nog buiten
en zag door de ruiten
dat een heks zich zojuist had gebaad,
ze droogde haar dijen
met hertengeweien,
haar pruikje met goudbrokaat.
.
Een hoogst zeldzaam teken
voor priesters en leken
dat schommelend kroop langs de straat,
bleek geloodst in een huisje
van steen slechts een puistje,
we bliezen het weg met gepraat.
.
Papieren veulens
Hanneke van Eijken
.
Op 24 juni trad dichter Hanneke van Eijken op bij het podium van de stichting Ongehoord! in café Faas in Rotterdam tijdens Route du Nord. Hanneke was toen nog een onbekende en niet gepubliceerde dichter (geen bundel) maar ik herinner me van dat optreden dat ze veel indruk maakte. Haar poëzie was somber maar, zoals ik schreef in het verslag van die middag, ze wist haar publiek er van te overtuigen dat ze zelf een heel opgeruimd karakter had.
In 2012 verscheen haar debuutbundel en deze werd gelijk bekroond met de Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs 2015, en genomineerd voor de C. Buddingh’ prijs 2014. Ingmar Heytze schreef in het Algemeen Dagblad het volgende over deze bundel: “Het is poëzie waar je als lezer zowel met je hoofd als je hart goed bij kunt, zonder dat je het gevoel krijgt dat er iets van het mysterie van de taal en de wereld verloren gaat. De dichter Herman de Coninck schreef ooit dat hij de poëzie zou willen populariseren zonder haar ingewikkeldheid op te geven. Dat is precies wat Hanneke van Eijken doet.”
Uit haar debuutbundel koos ik het gedicht ‘Waar we krabben vingen’.
.
Waar we krabben vingen
.
In dit dorp woont een handvol meisjes
op hoge benen
staan ze aan de haven, standvastig
staren ze over de kustlijn
.
meisjes met een zeemanshart
weten zich niet te kleden
ze hijsen zich in grote hemden
ze wapperen
als vlaggen op de dijk
hun blanke kinnen glimmen
.
ze vangen krabben
met wollen draadjes
ze zwemmen je hoofd in, ankeren
in de bodem van je schedel
ze varen zelden uit
.
Voor de liefste onbekende
Ingmar Heytze
.
Afgelopen vrijdag was ik op het podium van Louis van Londen ‘De Groene Fee’ in Breda waar naast Poëziebusdichters Aurora Guds, Jolies Heij, Gerard Scharn en Akim A.J. Willems ook Ingmar Heytze voordroeg. Nu had ik zelf Ingmar Heytze al op een podium gevraagd begin dit jaar in Maassluis en had ik hem vorige maand nog zien schitteren op Poëzie Lagogo in Rotterdam, maar Heytze heeft het talent om steeds weer te boeien op toneel, hoe vaak je hem ook ziet en hoort.
Eenmaal weer thuis zocht ik de bundel van zijn hand die Trouw had samengesteld in 2013 en al lezend kwam ik het gedicht ‘Voor de liefste onbekende’ tegen (het openingsgedicht uit de bundel en ja, ik heb gewoon verder gelezen) dat ik hier met jullie wil delen.
.
De liefste onbekende
.
Wie van ons heeft de ander bedacht?
Paul Éluard
.
Wat ben ik blij dat ik je nog niet ken.
Ik dank de sterren en de maan
dat iedereen die komt en gaat
de diepste sporen achterlaat, behalve jij,
dat jij mijn deuren, dicht of open,
steeds voorbijgelopen bent.
.
Het is maar goed dat je me niet herkent.
Kussen onder straatlantaarns
en samen dwalen door de regen,
wéér verliefd zijn, wéér verliezen,
bijna sterven van verdriet –
dat hoeft nu allemaal nog niet.
.
Ik ben nog niet aan ons gehecht.
Ik kijk bepaald niet naar je uit.
Neem de tijd, als je dat wilt.
Wacht een maand. een jaar,
de eeuwigheid en één seconde meer –
maar kom, voor ik mijn ogen sluit.
.
Nu hoort gij mij misschien
Coert Poort
.
De in Rotterdam geboren dichter Coert Poort (1922 – 2004). Woonde drie jaar in India (Bombay) en een jaar in Indonesië (Medan). Hij debuteerde in 1953 met ‘Twee gedichte’n, waarin details uit de werkelijkheid op hallucinerende wijze worden uitvergroot waardoor hun essentie voor de waarnemer aan het licht komt. Een van de centrale thema’s in de poëzie van Poort is de geboorte als grondslag voor het `ik’.
In 1970 verscheen van Poort bij Uitgeversmaatschappij Holland de bundel ‘Gedichten’ waarin gedichten zijn opgenomen uit de bundels ‘Een kleine dag voor mijzelf’, ‘De koning van Wezel’, ‘Mannenwerk’ en ‘Zonder omslag’. C. Ouboter schreef over deze verzamelbundel: ‘Terwijl de voornaamste tendens in onze westerse cultuur expansief is, staat de poëzie van Coert Poort in een tegengesteld teken van versobering en zelfs verijling, van inkeer tot een begin: een geboorte in een huis van bewaring’.
Een andere criticus Anton B. Lam schreef over Poort: Voor Poort is de poëzie een gebeuren, waarin niet de dichter het woord voert, maar waarin de taal zich, in haar volle openbarende kracht, aan de dichter – en via hem aan de lezer – meedeelt en voltrekt.
Uit de bundel met verzamelde gedichten koos ik voor een vroeg gedicht van Poort met de titel ‘Nu hoort gij mij misschien’ dat oorspronkelijk verscheen in ‘Een kleine dag voor mijzelf’ uit 1955.
.
Nu hoort gij mij misschien
.
Nu hoort gij mij misschien
gaan door het leven
door een deur
zoals huizen mij horen
eenmaal of honderdmaal op een dag
zoals zij mij beter horen
dan ik zelf
ik strijk vuur in het donker
ik streel een huid tegen de zin
ik blaas averechts op een fluit
ik schop stenen tegen de hellingen op
ik zwem rond in de lange rivier
ik wacht in de voortsnellende treinen
ik praat maar wat tegen de zon
ik geef mijn kinderen terug aan God
tegen de wind
ik steek langzaam de nacht over
ik paasser de stilte
langs de wegen verlaat ik het land
langs de zeeën verlies ik het water
ik ga tussen mijn woorden door
om bij u te zijn.
.
Anadroom
Rosalie Hirs
.
Toen ik hoorde dat het televisieprogramma ‘Man bijt hond’ weer terug komt op de televisie (bij SBS 6) en wel met dezelfde bekende stem van Michael Abspoel, moest ik terug denken aan een prachtige middag in de Jacobustuin in Rotterdam, aan het Zomerpodium van Ongehoord! van 2014. Michael Abspoel en dichter Peter WJ Brouwer, die een programma over Jacques Brel verzorgden.
Maar ik moest ook aan het gedicht van Rozalie Hirs denken getiteld ‘Man bites dog” uit haar bundel ‘Locus’ uit 1998. Omdat ik dit gedicht al eerder plaatste https://woutervanheiningen.wordpress.com/2019/07/12/man-bijt-hond/ heb ik dit keer voor een ander gedicht van haar hand gekozen te weten het gedicht ‘Anadroom’.
.
Anadroom
.
Ongeacht het geslacht van de vis,
draagt de vis het mysterie van een inwendig
[voortplantingsorgaan.
Een kut zogezegd.
.
Waar is het paaibed?
In de spiegel van de gade,
in koele omhelzing van glibberige schubben –
het goed valt op de grond.
Zaad is melkstof –
kroon op drilmassa.
En het vleesgeworden kind
is vis – met gevulde kuilen
in ondiep water is de doodsangst van de school
tijdelijk uitgeschakeld.
,















