Site-archief

Oorlogsstad

Rotterdam 1940 – 1945

.

Ik was afgelopen weekend in Antwerpen en daar, in een winkeltje met tweedehandsboeken vond ik een kleine schat. Een eerste, en voor zover ik kan nagaan enige, druk van het bundeltje ‘Oorlogskind, kwatrijnen, Rotterdam 1940 – 1945 van P.J.G. Huincks. Uitgegeven door Hollandia in Baarn in 1945 en nog in een bijzonder goede staat.
Het bundeltje heeft een slappe kaft en bevat 86 pagina’s met op iedere pagina een kwatrijn naar aanleiding van de Tweede Wereldoorlog en dan speciaal poëzie die gaat over de vernietiging en wederopbouw van Rotterdam.
.
De bundel begint met het volgende kwatrijn:
.
Wat wij aanschouwen, is geen epos waard.
’t Rouwzwart, ’t bloedrood, tijds grauw, puinwitje kaart
der stad, ’t werd tot een mozaïek kwatrijnen.
Voor later wordt het heldendicht bewaard.
.
Daarna volgen vier kwatrijnen onder de titel ’10 mei 1940′ gevolgd door 77 kwatrijnen onder de titel ’14 mei 1940′ die allemaal gaan over de oorlog in Rotterdam beginnend bij het bombardement op Rotterdam. Van die 77 kwatrijnen hier twee voorbeelden.
.
Een luchtvloot toonden ze fraai kringende,
met angst en vuur een zege dwingende.
De stad ging feilloos branden tot een weg
van vuur. Ze trokken binnen. Zingende!
.
De Hunnenstorm heeft straten kaal geslaagd,
de winterkou alleeën afgezaagd.
Het adelijk geboomte viel ten offer.
En ’t rattengrauw heeft ’t siergroen afgeknaagd.
.

Rotterdams Kunstgesticht

Poetry International 

.

Soms kom je iets tegen waarvan je eigenlijk het bestaan helemaal vergeten was. Dit gebeurde mij pas geleden toen ik een overvolle kast aan het leegruimen was. Achterin de kast kwam ik een uitgave tegen van het Rotterdams Kunstgesticht uit 1987. Een boek in een A3 formaat, gedrukt en uitgegeven ter gelegenheid van Poetry International 1987.

In dit fraaie boek zijn 4 Nederlandstalige gedichten van auteurs opgenomen die in dat jaar een bijdrage aan Poetry International leverde. Het zijn de dichters Hans Tentije, Harry ter Balkt, Stefan Hertmans en Geert van Istendael. De bijbehorende prenten zijn gemaakt door kunstenaars die zijn aangesloten bij het Rotterdams Kunstgesticht te weten Corinne Boureau, Michiel Brink, Gerard Immerzeel en Veronique Declerq.

Het boek werd in een oplage van 100 stuks gemaakt en ik bezit nummer 93. Van Hans Tentije is het gedicht ‘Schemeringen V’opgenomen.

.

Schemeringen V

.

Maar wat als in de nanacht

plotseling ’t schreeuwen van een pauw

over de tuinen gaat

en er niets veraf of belendende

is dat ’t opneemt

.

wanneer ’t lokkende, heser

nog terugkeert en zichzelf niet vindt

.

als er tussen verlatenheid en echo

geen andere speling meer bestaat, vlam van zee

de schemer is die wat hij vergroot heeft

blijvend ook omhult

.

en zo in alle vroegte ieder

aanbreken verdraagt –

.

ligt daar de stilte van ’t innerlijk?

.

Om tijd te winnen

Jan Dullemond

.

De Rotterdamse dichter Jan Dullemond (1952) kende ik wel van naam maar nog niet van werk tot ik zijn bundel ‘Om tijd te winnen’ uit 2017 kocht. ‘Om tijd te winnen’ Gedichten 1995 – 2015 is een stevige bundel van maar liefst 180 pagina’s. In de bundel zit een los vel waarin meer te lezen is over dit 43ste nummer in de Bordeauxreeks. Deze reeks van uitgeverij Liverse kent inmiddels meer dan 50 delen en dichters als Job Degenaar, Dirk Kroon, Kees Klok en Manuel Kneepkens zijn met bundels in deze reeks verschenen.

Op zijn website http://www.jandullemond.nl staat te lezen bij de informatie over de bundel ‘Om tijd te winnen’: Wat is poëzie meer dan rondkijken wat er te zien is in een gedicht, wat er gebeurt, op het eerste gezicht, en bij een tweede blik, en een derde, als het labyrint groeit? Dat vraagt tijd. ‘Om tijd te winnen’ is een uitnodiging om rond te dwalen.

En dat is het. Zowel qua inhoud als in vorm is er veel afwisselends te lezen en te beleven. Veel gedichten over Griekse oorden (Jan Dullemond woonde 8 maanden op Kreta) maar ook bijvoorbeeld 4 gedichten met de titel Het ei van Brancusi en zelfs een (ander) hoofdstuk met als titel Het ei van Brancusi.

In dat hoofdstuk bleef ik hangen bij het gedicht ‘Paleopoëzie’. Vooral omdat ik wat familie heb die een Paleodieet volgen en dan is dat een haakje dat je niet overslaat.

.

Paleopoëzie

.

niet om te beginnen een kras

.

een eerste kras na nog een kras

op de rode steen

in de hand

.

en nog een kras

.

en nog een

net zo of niet

.

buiten de grot niets

dan zee en licht

.

in de grot

slaap en donkerlicht

.

niet om verder te gaan een kras

met de punt in zacht steen

in de hand

.

rode steen met krassen

een kras niet als die

een kras niet als deze

tussen de eerste krassen

.

in het oog van de grot

niets dan zee en blauw

.

krassen net als deze

krassen net als die

.

in het oog van de grot

.

rode steen en zee en blauw

.

Poëziekaarten

 Lieve juf

.

In het kader van de Poëzieweek 2020 kun je bij boekhandels en bibliotheken gratis ansichtkaarten krijgen met gedichten van Linda Vogelesang, Carmien Michels, Jaap Robben, Max Greyson en Maud Vanhauwaert. Ook vorig jaar werden gratis kaarten met poëzie weggegeven. Het is dan ook een heel aardige manier om je poëzie onder de aandacht te brengen.

Ik heb een fijne verzameling van poëzie-ansichtkaarten. Natuurlijk van Plint en van de Poëzieweek maar ook van de voormalige stadsdichter van Rotterdam Jana Beranová, van Joz Knoop en Joost van Gijzen (van uitgeverij De Muze), van Méland Langeveld en Gea Zwart, van Rinske Kegel en ga zo maar door. Vaak zijn de kaarten een samenwerking van kunstenaar en dichter (Langeveld en Zwart bijvoorbeeld) maar het komt ook voor dat de illustratie gemaakt wordt door de dichter (Kegel).

Een poëziekaart laten maken hoeft niet veel te kosten dus als je als dichter nog niet aan een bundel toe bent of druppelsgewijs je gedichten aan je publiek wil laten lezen dan zijn poëziekaarten een goed idee, tenslotte worden ze tweemaal genoten, door de afzender en door de ontvanger.

Van de Poëzieweekkaarten koos ik op deze laatste dag van de Poëzieweek 2020 het gedicht ‘Lieve juf’ van Linda Vogelesang (Plint, 2015) vooral ook omdat de leerkrachten de laatste tijd zo in het nieuws zijn. En omdat het hier een gedicht betreft dat voor kinderen is geschreven, een deel van de poëzie die toch vaak wat ondergewaardeerd wordt.

.

Lieve juf,

.

Ik schrijf u even

om te zeggen

dat ik niet meer kom.

Waarom?

Ik weet wat ik wil worden:

HELD!

Wat ik nu moet leren:

vliegen zonder vliegmachine,

vechten met enge dieren,

en op een wiebeltouw balanceren.

U geeft geen les daarin.

Daarom heeft naar school gaan

voor mij niet zo veel zin.

Als juf deed u best uw best,

dus: een kus en dank u wel!

Mocht u iets overkomen

dan roept u maar.

Dan kom ik snel.

.

 

Woorden zijn daden

Derek Otte

.

In 2017 en 2018 was Derek Otte stadsdichter van Rotterdam. De gedichten die hij in die periode schreef zijn gebundeld in de bijzonder fraai vormgegeven en uitgegeven bundel ‘Woorden zijn daden’ een knipoog naar het clubleiding van Feyenoord ‘Geen woorden maar daden’.

In de bundel bedankt Derek Otte alle Rotterdammers, zijn stadsgenoten, dat ze naar hem hebben geluisterd, met hem hebben geluisterd, met hem en met het hart op de tong gesproken hebben en met hem een stukje geschiedenis hebben geschreven.
Ik vind dat een prachtig uitgangspunt en streven om als stadsdichter samen met de mensen in de stad in gesprek te gaan en van daaruit iets te maken waarin men zich kan herkennen en dat de tijdgeest weergeeft. In die zin kan een stadsdichter actief aan een stukje moderne geschiedschrijving doen in poëtische vorm.

.

In de bundel staan vele mooie gedichten waaruit het nog niet makkelijk kiezen was. Ik koos voor het gedicht ‘Kerel’ voorgedragen bij de uitvaart van het anonieme jongetje uit 2017. Zo’n titel bij een dergelijk gedicht kan alleen uit Rotterdam komen.

.

Kerel

.

zonder bouwen gebroken

soms is ons bestaan waanzin

wanneer de tijd van komen

meteen de tijd van gaan is

.

meer vragen dan dagen

geen antwoord te pakken

je wiegje de aarde

’t zou niet mogen passen

.

je had moeten gaan kruipen

spelen, lachen en praten

nieuwsgierigheid gebruiken

voetstappen achterlaten

.

dat je nu slapen kunt

niet te lijden meer hoeft

is de enige rust

het is droefenis troef

.

en je kunt ons niet verstaan

terwijl je voor altijd leeft

want je bent niet echt gegaan

als je niet echt bent geweest

.

dus staan we hier, kerel

zo samen om je heen

want weet je, Rotterdammers…

laten elkaar nooit alleen

.

Poëzieweek 2020

Jules Deelder

.

Nu de Poëzieweek nadert (van 31 januari tot en met 5 februari) zal ik een aantal gedichten plaatsen die in mijn visie eer doen aan het thema van deze week namelijk ‘De toekomst is nu’. Afgelopen weken heb ik mijn bundels van Jules Deelder weer eens ter hand genomen om begrijpelijke redenen, en zo ook de bundel ‘Renaissance’ Gedichten ’44 – ’94. In deze bundel van bijna 600 pagina’s zijn alle bundels gedichten opgenomen die van Jules Deelder tot en met 1994 verschenen. Daarnaast zijn opgenomen de cyclus ‘Renaissance’ en enkele gedichten uit ‘Jazz’.

Het gedicht dat ik koos bij het thema van de Poëzieweek is het gedicht ‘Swami Bami’ dat oorspronkelijk verscheen in de bundel ‘Dag en nacht geopend’ uit 1970. Het aardige aan het thema van deze Poëzieweek is dat gedichten die religie als onderwerp hebben, hier wonderwel bij passen. En dat geldt dus ook voor dit gedicht.

.

Swami Bami

.

Horen en zien zijn Hem vergaan,
Hij kan ook niet meer spreken.
Zijn Huis staat hier een eeuw vandaan,
Hij liet geen enkel teken.
.
Toch circuleert een vaag gerucht
dat eens de Dag zal komen,
waarop Hij met een diepe zucht
de Waarheid zal vertonen.
.
En daarop, Broeders, wachten wij
met Hoop in onze ogen.
Het Uur komt immer dichterbij,
dat wij Hem prijzen mogen:
.
Swami Bami is de Man,
Die het langste zwijgen kan!
.
.

Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020

Bekendmaking thema

.

Zoals al aangekondigd werd op dit blog zal er in 2020 weer een Gedichtenwedstrijd worden georganiseerd door de stichting Ongehoord!  Het bestuur van Ongehoord! heeft besloten dat het thema van dit jaar een (kort) gedicht van de, ons pas geleden ontvallen, Rotterdamse dichter Jules Deelder zal zijn.

Het thema van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020 is: De omgeving van de mens is de medemens

Binnenkort zal op de website van Ongehoord! https://stichtingongehoord.com bekend worden gemaakt wat de voorwaarden zijn van deelname aan de wedstrijd, de prijzen, waar en hoe je gedicht in te zenden en nog meer informatie.

Om je vast al wat inspiratie te geven hier een gedicht van Robert Anker uit de bundel ‘Nieuwe veters’ verzamelde gedichten 1979 – 2006 uit het jaar 2008.

.

In het chroom

.

Kijk, daar staat ze, levensgroot.

Ze heeft haar hand in haar broek.

Ze steekt haar tong tussen haar lippen.

Hoe ze omkijkt in het straatbeeld dat je zoekt.

.

Je loopt het restaurant in waar ze zit.

Je loopt de palmen in, de spiegels en het chroom.

Ze rookt, ze kijkt verrast als ze je ziet.

.

Je doet een stap terug van de bel

en kijkt omhoog. Regen, asfalt.

.

Foto: FreeImages.com

Sabine Kars

Hoofdkwartier

.

Ik ken dichter Sabine Kars als zo’n 10 jaar en al sinds ik haar voor het eerst hoorde voordragen was ik verrast en meteen fan van haar poëzie. In 2012 was ze tweede prijswinnaar van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd, ik nodigde haar uit op podia in Maassluis en Rotterdam en in 2017 was ik de eerste gast in het radioprogramma van Sabine en haar partner Mas Papo ‘Over Poëzie en Muziek’. In april 2018 was ze Dichter van de maand op deze website en nu is er eindelijk de dichtbundel waar we al zo lang op wachten ‘Hoofdkwartier’.

Op zondag 22 december aanstaande tussen 15.00 en 16.30 (inloop vanaf 14.30 uur) presenteert Sabine in de Gewelvenkelder van Uffie’s aan de Houtmarkt 71 in Zutphen, haar debuutbundel ‘Hoofdkwartier’. De entree is gratis en zij zal worden bevraagd door Sander Grootendorst. Ik zal daar aanwezig zijn en ik kan deze bundel nu al. ongezien, aanraden.

Om een idee te krijgen van de creatieve dichtersgeest van Sabine een gedicht van haar hand uit 2015.

.

je hart weerklinkt in winkelstraten
ik word getroffen door zijn slagen
ze dragen me mee

voeren me naar de oude wachter

voorheen gewond
geveld nu weer hersteld en fier rechtop
schouders naar achter laat hij me binnen

een plaats voor vragen
en overal verhalen
voor het rapen

het maakt niet uit waar te beginnen

in het gewelf
liggen vergrijpen geketend
vlak bij de vrijheid te slapen

zij waakt – haar stem is overal te horen

en vrij is hoe ik ga
op de plek van recht en raad
door een ontzagwekkend hek

langs bliksem
en gekruiste zwaarden
over snippers van vers gevierde liefde

dan glijd ik door de tijd ik raak historie aan
iemand leent een stem en laat
getuigen spreken

Jantje biecht
de Heer was held
terwijl ik sliep

ik heb slechts
allemachtig diep
in het kermisglas gekeken

de wachter stelt
onder mijn toren
gaan woorden van betekenis schuil

en aan meesters hand
zit ik op de bank en proef
een keur aan klanken

ik wentel mij
een weg omhoog
negentig smalle treden

onder wijzers kijk ik naar beneden
waar borden en glazen gul gevuld
en milde talen klinken

nu wordt de zon zacht opgeborgen

zie hoe de jonge avond vloeit
ik wil zijn kleuren drinken
het lekkend licht op je gezicht

jouw dorpen dijken velden
de populieren in ‘t gelid
leunen lenig in de richting van de morgen

ik zal je weer ontmoeten

markant
bedaard wildwaterland
klaar voor nieuwe dagen

om me heen strek jij je uit
stilt de grond
onder mijn vilten voeten

.

 

Jules Deelder (1944-2019)

Overleden

.

Kort na het groots vieren van zijn 75ste verjaardag op 24 november in zijn geboortestad Rotterdam is op 19 december 2019 dichter/schrijver/muzikant en all time favoriet dichter Jules Deelder overleden. Begin jaren ’80 ontdekte ik de poëzie van Jules Deelder en sindsdien ben ik een groot fan gebleven. Zijn bijzondere kijk op poëzie, zijn ongeëvenaarde voordrachtskunst, zijn creativiteit en voorkomen, Deelder was een fenomeen en is dat tot aan zijn overlijden gebleven.

Om zijn rijkheid aan ideeën en invallen te illustreren hier drie gedichten van zijn hand. Het gedicht ‘Dat je teweegbrengt’ (omdat dat zo van toepassing is op zijn persoon), ‘Nationaal gedicht’ (waarin zijn preoccupatie met de Duitsers en de oorlog maar weer eens mooi aan het licht kwam) uit ‘Lijf- en andere gedichten’ en ‘Ogenschijnlijk’ (een gedicht met humor en diepgang zoals zo vaak in de poëzie van Jules Deelder) uit ‘Moderne gedichten’ uit 1979.

Vijfentwintig jaar na zijn eerste optreden tijdens de beroemde poëzie avond in Carré in 1966 wijdde Bzzlletin een nummer geheel en al aan de dichter en mens Jules Deelder. Via https://www.dbnl.org/tekst/_bzz001199201_01/_bzz001199201_01.pdf is dit nummer voor iedereen te lezen. Voor wie geïnteresseerd is in de dichter en de mens Deelder een aanrader.

.

Dat je teweegbrengt

.

Dat je teweegbrengt
is van meer belang dan
wat je teweegbrengt

.

Nationaal gedicht

.

Oooooooo!
Hoe vergeefs
des doelmans hand

zich strekte
naar de bal
die één minuut

voor tijd
de Duitse doel-
lijn kruiste

Zij die vielen
rezen juichend
uit hun graf

.

Ogenschijnlijk

.

Ogenschijnlijk heeft het ene

niets te maken met het ander.

.

Ogenschijnlijk schuilt er

voordeel in een vaste baan.

.

Ogenschijnlijk zal er nog

een heleboel verand’ren.

.

Ogenschijnlijk staan de sterren

hier niet zover vandaan.

.

.

Foto: De Doelen

.

Schaars licht

Hans Sleutelaar

.

De in 1935 geboren Rotterdamse schrijver en dichter Hans Sleutelaar groeide op met literatuur . In zijn ouderlijk huis was van 1957 tot 1959 het redactiesecretariaat van het literaire blad Gard Sivik gevestigd, daarna (tot 1964) in het souterrain van dat huis aan de Rotterdamse Essenburgsingel. Samen met Cornelis Bastiaan Vaandrager en Hans Verhagen behoorde Sleutelaar tot de Zestigers. Met de Zestigers wordt een literaire beweging in Nederland uit de jaren zestig aangeduid.

De Vijftigers en de Cobra streefde naar vrijheid. Esthetische conventies en traditionele lyriek diende te wijken voor de persoonlijk expressie. In de poëzie werd gestreefd naar vernieuwing door taalexperiment, waarin de spontane creativiteit voorgesteld werd. De Zestigers kwamen als reactie hierop met een neorealistische stroming, waarin de realiteit als vorm van kunst werd gepresenteerd. Zij waren fel gekant tegen de ‘verbale experimenteerkunst van de Vijftigers’. Beeldspraak en de persoonlijke gevoelens van de kunstenaar werden afgewezen. Verwant met het Amerikaanse popart zocht men zijn inspiratie in de werkelijkheid, en vond dit bijvoorbeeld in reclameteksten.

Hans Sleutelaar werkte onder andere als junior copywriter, als freelance tekstschrijver, als medewerker van de Haagse Post en als hoofdredacteur van uitgeverij Boelen. Hij heeft van 1985 tot 2000 een eigen uitgeverij gehad en woonde “als ambteloos pennenvoerder” in Normandië. Na een verblijf in Thailand, keerde hij terug in zijn geboortestad.

Het oeuvre van Sleutelaar is klein. Hij debuteerde met de bundel ‘Schaars licht’ in 1979 waarna in 2004 ‘Vermiste stad; Rotterdamse kwatrijnen’ verscheen en in 2015 ‘Wollt ihr die totale Poesie? korte en zeer korte gedichten. De titel van deze laatste bundel is genomen van het gelijknamige gedicht uit 1965 dat in ‘Schaars licht’ is opgenomen.

Uit zijn debuutbundel het gedicht in twee delen ‘Sturen’ uit 1963.

.

Sturen

.

1

.

Land. Land. Land.

Een continent,

niet zonder naslagwerken

en concurrentie.

.

We constateren

en rekenen regelmatig af.

.

Autoradio: American Forces Network.

.

Minuten en kilometers

worden gebruikt

om te sturen.

.

Voornamelijk om te sturen.

.

2

.

De snelheid doet ons goed.

.

Wij passeren

met een gezonde arrogantie

automobilisten en andere voorbijgangers.

.

De generiek is deel van een grotere

generiek. die deel is van een grotere.

.

De snelheid levert meer data,

meer inside information.

.