Site-archief

Anton van Wilderode

Gedichten in de publieke ruimte

.

Ook in Vlaanderen kan men er wat van, het plaatsen van gedichten op vreemde plekken in de openbare ruimte is daar al bijna net zo gewoon als hier in Nederland. De dichter Anton van Wilderode mag zich in een grote belangstelling verheugen van de aanbrengers van zijn poëzie in de buitenruimte.  Anton van Wilderode is het pseudoniem van Cyriel Paul Coupé (1918-1998). Hij was een Vlaams auteur, dichter, classicus, vertaler en scenarist.

Op de website http://antonvanwilderode.com/INIT/init_blijvend.html staan alleen al 27! voorbeelden van (stukken van) gedichten van zijn hand in evenzoveel Vlaamse steden en dorpen. Hier een mooi voorbeeld van zijn gedicht ‘Oostende’ aangebracht op een wal van het fort Napoleon aldaar.

Het gedicht leest zich als volgt;

.

Oostende

.

Het werd vroeg avond, einde van september,
toen ik het lege strand opliep. Ik zag
en hoorde plotseling de helle stemmen
van meeuwen met krakeel en schaterlach

en naar elkander langs elkaar bewegen
neerduikend uit een opgetilde vlucht
en rusten op de wind, de branding tegen
tegen het bloed van de gevlamde lucht.

Achter mijn rug de halve stad Oostende
einde seizoen, onttuigd en afgemeerd.
Hoog boven mij als ingetogen keert
zich landinwaarts één vogel uit de bende
.

.

oostende

SONY DSC

Noordereiland

J. Eijkelboom

.

Jan Eijkelboom (1926 – 2008) was een Nederlandse  dichter, journalist, schrijver en vertaler van onder andere werken van Philip Larkin, John Donne, W.B. Yeats en Derek Walcott. Op 3 maart 2001 werd hij ereburger en stadsdichter (voor het leven) van Dordrecht, de eerste plaats in Nederland met een stadsdichter. Eijkelboom schreef en publiceerde verschillende dichtbundels en in 2002 werd een verzamelbundel uitgegeven onder de titel ‘Tot zo ver’. Hierna zou hij nog twee dichtbundels publiceren.

Uit zijn bundel ‘Het lied van de krekel’ uit 1996 komt het gedicht ‘Noordereiland’. Dit gedicht gaat over het Noordereiland in Rotterdam,  een eiland in de Nieuwe Maas, verbonden door de Willemsbrug en Koninginnebrug.

.

Noordereiland

.

Toen, in die hoek

waar eerdere wind dood blad had vergaard

bracht onverhoeds een stormvlaag werveling teweeg

die als een bruine tol de lucht inging.

.

En uit de top daarvan

ontsprong vervolgens een fontein, een zwerm

voorheen verscholen, luid

kwetterende mussen.

.

Ze leken meer te twisten dan te zingen.

Toch hoorde ik in al dat leven

de leeuwerikjes van de winter

.

 

Eén voor één

Karine Martel

.

De Franse dichter Karine Martel (1968) publiceerde onder andere de bundels ‘Après’ (2003) en ‘Texture’  (2001). In 2006 was ze te gast bij Poetry International. Samen met dichter Arjen Duinker publiceerde ze tijdens Poetry International de bundel ‘En dat? Oneindig’ met van elk 40 gedichten waarvan niet duidelijk was wie welke gedichten had geschreven. Daarnaast zijn een aantal van haar gedichten vertaald in het Nederlands door dichter Arjen Duinker voor de bundel ‘Ze kwamen om een dichter te zien’ uit 2009. Zo ook het gedicht ‘Un a un’ of zoals het in het Nederlands is getiteld ‘Eén voor één’.

.

Eén voor één

.

Eén voor één gaan de knopen los,

De hemel steekt af met een zijden draad.

In de uitsnijding het ritme blauw,

Vergetelheid heeft gehoefde vingers.

.

Aan wat antwoordt de stilte?

.

Eén voor één verdijnen de sterren,

Drukken ze zich in de korrelige huid.

De lippen omcirkelen de corolla’s,

Verluchten de ruiten van velijn.

.

Wat zingen de sporen van de kussen?

.

Eén voor één vallen de vingers uiteen,

De stift trekt hun vorm.

In een traliewerk van avonturen

De gladde jade van een ivoren tuniek.

.

Pak mijn hand, de rivier is breed!

.

Eén voor één smelten de doorns,

De bloes gaat open naar de nacht.

De vier van paarlemoer ontdane cirkels

Met een blinde naald doorprikt.

.

km

Misverstand

Menno Wigman

.

Al eerder besteedde ik aandacht aan de poëzie van Menno Wigman (1966). Wigman publiceerde vanaf 1984 verschillende bundels, hij publiceerde poëzie in bladen als Vrijstaat Austerlitz, Zoetermeer, Optima, Maatstaf, De Tweede Ronde, Millennium, Payola, Bunker Hill, De Zingende Zaag, Passionate en De Gids en hij ontving voor zijn werk de A. Roland Holst-Penning (2015) en de Jan Campert-prijs  (2002) voor ‘Zwart als kaviaar’. Naast dichter is Wigman vertaler en samensteller van bloemlezingen.

Uit de bundel ‘Zwart als kaviaar’ uit 2001 het gedicht ‘Misverstand’.

.

Misverstand

.

Dit wordt een droef gedicht. Ik weet niet goed

waarom ik dit geheim ophoest, maar sinds een maand

of drie geloof ik meer en meer dat poëzie

geen vorm van naastenliefde is. Eerder een ziekte

die je met een handvol hopeloze idioten deelt,

.

een uitgekookte klacht die anderen vooral verveelt

en ’s nachts – een heelkunst is het niet.

De kamer blijft een kamer, het bed een bed.

Mijn leven is door poëzie verpesten ook

al wist ik vroeger beter, ik verbeeld me niets

.

wanneer ik met dit hoopje drukwerk vierenzestig

lezers kwel of, erger nog, twee bomen vel.

.

zak

Zelfportret

Stefaan van den Bremt

.

Stefaan Van den Bremt (1941) is een Vlaams dichter en essayist. Hij debuteerde onder het pseudoniem Stevi Braem in 1968 met de bundel ‘Sextant’, waarmee hij de eerste debuutprijs (in 1969) won. Onder dit pseudoniem schreef hij ook als redacteur in het literair tijdschrift Kreatief (1966-2003). In 1980 ontving hij de Louis Paul Boonprijs voor zijn gehele oeuvre. Zijn laatste bundel dateert alweer van 2002 maar hij is ook actief als vertaler van Mexicaans Spaanse poëzie. Hiervoor ontving hij in 2007 in Mexico de Internationale Poëzieprijs Zacatecas.

Uit de bundel ‘Rover en reiziger’ uit 1992 het gedicht ‘Zelfportret’.

.

Zelfportret

.

Ik die de nasmaak van loslippigheid
geproefd heb, en zij is te jong
en praat mijn mond voorbij en bijt
als peper op mijn tong;

ik die de vreemde kriebel van het woord
gevoeld heb als het witte blad
en zit te schrijven als vermoord
ik het, al dat wit zat;

ik die de ren van kippen zonder kop
gezien heb, en hoe oud was ik
die de stokkende hartenklop
gehoord heb van de schrik? –

Ik die aan boeken en een bloem
geroken heb, en ze niet noem.

.

R&R

Coda

Huub Beurskens

.

Schrijver, kunstschilder en dichter Huub Beurskens (1950) debuteerde in 1975 met ‘Blindkap’ waarna nog vele poëziebundels zouden volgen met als laatste bundel uit 2015 ‘De warmte van het hondje’. Daarnaast publiceerde hij verhalen, essays en romans. Beurskens was redacteur van de literaire tijdschriften ‘Het Moment’ (1986-1988) en ‘De Gids’.

Beurskens vertaalde verschillende auteurs naar het Nederlands maar werk van hemzelf werd ook vertaald naar het Engels, Duits, Frans, Italiaans, Japans, Hongaars, Tsjechisch en Servisch.

Voor zijn werk ontvang hij o.a. de Herman Gorterprijs, de Jan Campert-prijs en de VSB Poëzieprijs. Uit de bundel ‘Klein blauw aapje’ uit 1992 het gedicht ‘Najaarsbloei op Kreta’.

.

Najaarsbloei op Kreta

.

Ik wou ik had een klein blauw aapje dat ik vroeg ‘Wat raap

je?’

en dat het op mijn schouder sprong met louter krokus die

het plukte,

de geschiedenis zou ik ingaan als de onder het komende

minst gebukte.

.

HB

met dank aan Wikipedia

Paard van Glas

Koen Stassijns

.

Fulltime dichter, vertaler, bloemlezer, performer en een veelgevraagd docent literaire creatie Koen Stassijns (1953) is een maatschappelijk betrokken dichter. Tijdens de oorlog in Kosovo vertaalde hij onder andere een bundel met moderne Albanese poëzie en met zijn jeugdvriend Ivo van Strijtem stelde hij diverse bloemlezingen samen.

Hij debuteerde in 1984 met ‘Ik hou niet van de dagen’ en in 1993 verschijnt de bundel ‘Paard van glas’. Van die bundel het titelgedicht.

.

Paard van glas

.

Een paard op een marktplein van glas.

Het kijkt naar zichzelf, dat kan onbewogen

omdat ik het zag. En wie begrijpt dat

bijvoorbeeld vandaag, plots voor zijn ogen

.

de poort van een landschap openwaait

en hij onvoorwaardelijk vrij door kan

draven, achter zijn spiegelbeeld aan?

Is dit een droom? En hoeven man en paard

.

maar tussen kop en schouders te gaan

schuilen als kooplui, die uitmuntend dromen

verruilen, hun hoop aan scherven slaan?

.

Wij nemen niets aan en grijpen de teugel,

tegendraads, bewogen voortaan onder glas,

waar altijd een beeld van een boom kon staan.

.

Koen_Stassijns

Poëziebus 4

Jana Beranová

.

Een groot dichter en vertaler, voormalig stadsdichter van Rotterdam en al lange tijd een goede bekende, dichter Jana Beranová (1935) gaat ook mee dit jaar op de Poëziebus. Haar enorme kennis en ervaring zal veel jonge dichters en performers verder helpen en inspireren.

Jana Beranová vluchtte met haar ouders uit Tsjecho-Slowakije. In Nederland vestigde ze zich als vertaalster en dichteres. Tegenwoordig is ze steeds vaker ook mentor van jonge dichters. Uit het grote oeuvre van Jana het gedicht  ‘Plekje op Olsany’ uit de bundel ‘Kiskassend gedicht’ uit 1996.

.

Plekje op Olsany

voor Jan Palach

Kale elzetakken flirten met grafzerken,
eenzaam als verstokte vrijgezellen. Winter-
licht valt op het plekje naakte aarde, niet
ver van de kerkhofmuur.

Ik ken zijn foto, de zachte jongenstrekken,
eenentwintig jaar, zijn toekomst legde hij
in de as (ofschoon geen zelfmoordenaar).

Ik weet de plek op de Wenceslasplein,
het vuur rende met hem mee, drong steeds
dieper in zijn huid. De oogleden weggebrand

doet zijn nacht voorgoed geen ogen dicht.

Met geheven vlam zweren kaarsen sindsdien
onze eed van trouw. Ook op dat plekje op
Olsany. Het is weer lente. En wat voor één.
De elzen kijken hun katjes uit.

.

Kiskassend

Jana

poeziebuslogo

O bemin niet al te lang

William Butler Yeats

.

Uit mijn boekenkast nam ik het boek ‘De mooiste van William Butler Yeats’ samengesteld door Koen Stassijns en Ivo van Strijtem. In deze bundel de mooiste gedichten van Yeats met steeds ernaast de Nederlandse vertaling. Ik heb gekozen voor het gedicht ‘O do not love too long’ of in vertaling van Ivo van Strijtem ‘O bemin niet al te lang’.

.

O bemin niet al te lang

.

O bemin niet al te lang:

Ik beminde lang, zo lang,

En raakte uit de mode

Als een oude zang.

.

Geen van beiden kon weten

Door onze jeugdjaren heen,

Wat de ene of de andere dacht,

Zozeer waren wij een.

.

Maar o, zo snel veranderde zij –

O bemin niet al te lang

Of je raakt uit de mode

Als een oude zang

.

O do not love too long

.

Sweetheart, do not love to long:

I loved long and long,

And grew out of fashion

Like an old song

.

All through the years of your youth

Neither could have known

Their own thoughts from the other’s,

We were so much at one.

.

But O, in a minute she changed –

O do not love too long,

Or you will grow out of fashion

Like an old song.

.

william_butler_yeats_by_fadilhalfsane-d956pqu

Behalve de haan

Benno Barnard

.

De dichter, essayist, toneelschrijver, reisschrijver en vertaler Benno Barnard (1954) werd geboren in Amsterdam maar woonde van 1976 tot 2015 in België en verhuisde daarna naar East Sussex.

In 1981 debuteerde hij met ‘Een engel van Rossetti’, een bundel met romantische cerebrale poëzie. In zijn latere bundels werd hij vooral beïnvloed door de Engelse Interbellum dichters. Hij vertaalde poëzie uit verschillende talen naar het Nederlands en werd verschillende keren onderscheiden voor zijn werk. Zo ontving hij in 1985 de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs, in 1987 de Geertjan Lubberhuizenprijs, in 1994 de Busken Huetprijs en in 1996 de Frans Kellendonk-prijs.

Barnard schuwt het publieke debat niet. Heeft duidelijke meningen en beland regelmatig in verhitte discussies met tegenstanders in de media.

Uit zijn debuutbundel ‘Een engel van Rossetti’ het gedicht ‘Behalve de haan (omne animal).

.

Behalve de haan (omne animal)

.

Een droevig dier, maar een volleerde leugenaar:

de haan, markies, het hoerenjong op stand.

Een pront getande kam, de sporen op terreur.

De roedel kippen, hoerig blond van angst:

plebejisch vee, van Kopf bis Fuss excuus.

.

haan-Medium

benno-barnard-henry-purcell

Foto: Renata Barnard