Categorie archief: Bibliotheken

Siberië

Bart Moeyaert

.

Ik was van de week weer in Het Predikheren, de bibliotheek van Mechelen in Vlaanderen en uiteraard bezoek ik dan de poëzieafdeling. En het is met recht een afdeling want meerdere kasten vol poëziebundels. Daar bladerde ik door een bundeling van Vlaamse dichters en kwam het gedicht ‘Siberië’ van Bart Moeyaert (1964) tegen. Bij het lezen van een titel als ‘Siberië’ kun je allerlei gedachten hebben. Ik ook, maar de gedachte aan liefdesgedicht was daar, moet ik eerlijk toegeven, niet één van. Toch weet de Vlaamse dichter Bart Moeyaert in zijn gedicht een aspect van Siberië te nemen om een liefdesgedicht mee te schrijven; de kou.

Het gedicht komt oorspronkelijk uit de bundel ‘Verzamel de liefde‘, zijn debuutbundel uit 2003.

.

Siberië

.

Geef me je jas

van bont van teddyberen.

Sla je arm om me heen

en al je winterkleren.

Zoen me tot ik warm word.

Zoen me tot ik spin.

Trek je eigen huid dan uit,

stop mij eronder in.

Sus me met je hartslag.

Wij ons wij ons wij ons.

Maak van dit veel te grote bed

een heel klein fort van dons.

.

Ontheemde

Lily Touwen

.

Tijdens de Indische maand in Vlaardingen waar afgelopen zondag het derde deel van Indische Spraakwatervalletjes werd gepresenteerd en waar ik samen met wethouder Silos van Vlaardingen de eerste exemplaren van in ontvangst mocht nemen, droeg Lily Touwen (1925) het gedicht ‘Ontheemde’ voor. Ook dit  derde deel van Indische Spraakwatervalletjes staat weer vol met verhalen van verschillende generaties over hun Indische verleden, heden en toekomst.

Lily Touwen was als oudste deelnemer ook weer aanwezig. Touwen werd als kind van blanke Nederlandse ouders geboren in voormalig Nederlands-Indië. De repatriëring na WOII had tot gevolg dat ze ontheemd in Holland belandde. De heimwee naar haar geboorteland bleef altijd een rol spelen in haar leven. Na 1975 legde zich vooral toe op het schrijven van proza en poëzie.

In het boek Indische Spraakwatervalletjes staan naast vele verhalen overigens nog verschillende gedichten maar hier wil ik het gedicht ‘Ontheemde’ van Lily Touwen graag met jullie delen.

.

Ontheemde

.

Neem mij niet kwalijk alstublieft

dat ik hier ben

dat ik verblijf op deze grond

misschien had ik het niet verdiend

te blijven leven

veel liever ook was ik maar daar gebleven

waar alles wat ik liefhad zich bevond

met alle anderen ben ik hiernaartoe

gedreven

vanuit een wereld

die niet meer bestond

.

Neem mij niet kwalijk alstublieft

dat ik er soms niet ben

dat ik verloren voor mijn naasten

zit te dromen

en alles zo maar

over mij laat komen

alsof ik niets meer weet

en niemand ken

.

laat mij dan even rustig

weer bekomen

en weet hoe blij ik

met het leven ben.

.

Gedichtenmuur

Aanbod van Cubiss

.

In het kader van de viering van 80 jaar vrijheid in Brabant heeft Cubiss (de Provinciale Ondersteuningsorganisatie voor bibliotheken in Brabant) een aantal activiteiten ontwikkeld en handleidingen geschreven, waaronder de gedichtenmuur. Deze muur symboliseert de manier waarop mensen beperkt kunnen worden in hun vrijheid. Maar woorden, gedichten en kunst kunnen muren doorbreken. Net zoals bijvoorbeeld de Berlijnse muur destijds gebruikt werd als canvas door mensen om hun stem te laten gelden, door het aanbrengen van leuzen, spreuken, teksten, schilderingen en dergelijke. 

Deze muur van 2 meter lang en 2 meter hoog kun je plaatsen in een bibliotheek. Je kunt er ook twee plaatsen, waardoor de muur 4 meter lang wordt. Deze gedichtenmuur nodigt bezoekers uit om gedichten te lezen en zelf te schrijven. Zo kan deze gedichtenmuur bijvoorbeeld gebruikt worden om er een dichtwedstrijd of poëzieworkshop aan te koppelen, of om te plaatsen bij een ander evenement of op een school. 

De muur met inmiddels met succes ingezet bij Bibliotheek de Kempen in Reusel. Er is op scholen gewerkt aan gedichten op vredesduiven aan de hand van het lied ‘Imagine’ van John Lennon. Hierdoor ontstond een kleurrijk geheel waar veel mensen naar hebben gekeken. Ook is de muur even buiten gezet tijdens de opening van een fietsroute rondom 80 jaar vrijheid.

Geen blogpost zonder gedicht en daarom heb ik een gedicht uitgezocht over de oorlog. Eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat het de koude oorlog is maar vrijheid moet altijd gevierd worden, zelfs na oorlogen waarbij eigenlijk nauwelijks slachtoffers gevallen zijn zoals de koude oorlog. Daarom van Hans Verhagen (1939-2020) uit de bundel ‘Rozen en motoren’ uit 1963 (op het hoogtepunt van de koude oorlog) het gedicht ‘Koude oorlog?’.

.

Koude oorlog?

.

Mijn 7 maal geconcentreerde gestalte

verschijnt u nu dagelijks,

maar mijn arbeid voedt u anoniem.

.

Uiterlijk is niets aan mij veranderd:

Koude oorlog? Voeten in het vuur!

Wereldoorlog? Laarzen in het water!

.

Maar het verstikte instinct verspreidt

geuren van ontbinding-

gelukkig nieuwjaar of ik schiet.

.

 

 

De luwte van het late middaguur

Lut de Block

.

In een kringloopwinkel in Brugge (ja ik kom daar nogal eens, soms hebben ze een hele aardige collectie poëzie van vroeger en nu zoals ook daar in Brugge) kocht ik een aantal dichtbundels. Een van die bundels was van een dichter Lut De Block (1952) uit Vlaanderen. Ze studeerde filosofie aan de RUG; zij werkt als freelance journaliste, o.a. voor Knack. In 1984 debuteerde ze met de bundel ‘Vader’. In haar werk is één van de kernthema’s de vader-dochter relatie (evenals de natuur en de dood). Reden hiervan ligt in het feit dat ze in februari 1963 haar vader dood aan de keukentafel vond. Dit trauma was een belangrijke inspiratiebron voor haar vroege werk.

Lut de Block heeft inmiddels 7 poëziebundels en een roman gepubliceerd. In de Special van MUGzine die begin 2024 in de Poëzieweek verscheen, is zij opgenomen als dichter. De reden was toen dat ze, net als de andere dichters in de Special, een relatie had met het bibliotheekwerk (zij was werkzaam in de bibliotheek van Gent). Nu heb ik dus de bundel ‘De luwte van het late middaguur’ in bezit, uit 2002 met een door Lut handgeschreven opdracht voorin uit 2006.

Op de achterflap staat over deze bundel te lezen: “Deze bundel exploreert het volledige leven. Er staan talrijke atmosferische gedichten in, die soms een broeierige, sterk erotisch geladen sfeer oproepen en altijd zijn neergeslagen in een taal zonder omwegen, vol passie, recht voor zijn raap, zij het nooit eenduidig of eendimensionaal.” In het titelgedicht dat ik uitkoos is dit alles aanwezig.

.

Het gebeurt. In de luwte van het late middaguur

als de dag zich ontdoet van haar hitsige kleren

en een vrouw zich opent. Het wordt windstil en

later want de tijd en de dingen gaan door. Het leven

beweegt. Zijn stem wrenst, zijn geur schraapt

haar bedwelmend uiteen. Hoe het nu verder moet

weet niemand, maar dat ze verder moet weet zij alleen.

.

Koude regen

Leo Vromans

.

Regelmatig, wanneer ik in een boekhandel, bibliotheek, antiquariaat of kringloopwinkel ben, maak ik een foto van een gedicht waar ik op dat moment op stuit en waar mijn ogen aan blijven hangen. Vaak betreft het hier dichtbundels die ik zelf heb staan in mijn boekenkast (maar waar ik dan geen idee heb waar) en soms betreft het bundels die ik wel zou willen hebben maar waar (op dat moment) even geen plek voor is. Het bijzondere van dichtbundels is dat ze maar weinig ruimte innemen (omdat ze nou eenmaal vaak dun zijn) maar wanneer je er maar genoeg van hebt, ze toch al snel je boekenkasten vullen.

Zo’n gedicht is ‘Koude regen’ van Leo Vroman (1915-2014). Het komt uit zijn bundel ‘En toch is alles wat we doen natuur’ de mooiste gedichten voor het leven in en rondom ons uit 2018. Ik herinnerde me dat ik dit gedicht had gefotografeerd toen ik gisteren door de stromende koude regen liep om boodschappen te doen. Inmiddels heb ik de bundel ook thuis weten te lokaliseren. Wanneer ik tijd heb ga ik al mijn poëziebundels, zoals het een rechtgeaarde bibliothecaris betaamt, op alfabetische volgorde zetten per schrijver, maar ik vrees dat het nog wel even gaat duren voordat het zover is.

Maar terug naar het gedicht. Het gedicht is geschreven in Fort Worth in 2008 door Vroman in Texas (Verenigde Staten) waar hij sinds 1947 woonde en sinds 1951 ook staatsburger van was geworden. Het gedicht is melancholisch van toon en het beschrijft het verlangen naar de koude regen van het Hollandse klimaat en naar zijn jonge jaren.

.

Koude regen

.

In deze haast herfstloze staat
Texas verlang ik wel eens naar
dat vreselijk Hollandse klimaat
nu nog, na bijna 70 jaar,
.
dat stoeien van een dorre horde
opgekrulde dooie blaren
langs de goten, over het trottoir en
hun klef uiteindelijk verworden,
.
het koude krimpen van de korte dagen,
het harteloze hese fluiten
van een storm, de woeste regenvlagen
stortend tegen de donkere ruiten.
.
Maar het is die goddelijke nacht
onder de druppelende Sterrenwacht
waar ik eigenlijk zo naar verlang,
mijn kille monddruk op je natte wang
allebei zo weerloos naakt –
nu al zeventig jaren later
heeft mij nooit een druppel water
meer zo gul en geil gesmaakt.
.
/

Littorina Littirea

Wim van Til

.

Wim van Til (1955) is een dichter en voormalig leraar Nederlands. Hij richtte in het jaar 2000 het Poëzie centrum Nederland op. Het Poëzie centrum Nederland is een studie- en documentatiecentrum voor moderne Nederlandstalige poëzie en omvat ruim 20.000 bundels, vele bloemlezingen en vertaalde poëzie en een uitgebreid knipselarchief met recensies, besprekingen, interviews en geschreven portretten van dichters en secundaire literatuur. Het Poëziecentrum Nederland is sinds maart 2014 gevestigd in Nijmegen.

Van Wim hoorde ik dat het Poëzie centrum Nederland, dat nu nog gevestigd is in de bibliotheek van Nijmegen moet verhuizen omdat de bibliotheek ruimte gebrek heeft. Een duivels dilemma, aan de ene kant begrijp ik de wens van de bibliotheek (ik heb er zelf als directeur van een openbare bibliotheek mee te maken met ruimtegebrek) maar aan de andere kant gaat het me zeer aan het hart dat het Poëzie centrum Nederland straks misschien geen onderkomen meer heeft.

En dat gaat me minstens zo aan het hart. Het PcN organiseert jaarlijks ruim 150 activiteiten rondom dichters, poëzie en schrijven en stelt het zich open voor lezingen, boekpresentaties en cursussen en stelt zich ten doel het lezen en bestuderen van poëzie te bevorderen in de breedste zin van het woord. Ik hoop dan ook van ganser harte dat het PcN snel een mooie en betaalbare plek en onderdak vindt want een dergelijke collectie mag niet verloren gaan.

Wim van Til is echter naast een van de dertig vrijwilligers die het PcN draaiende houdt, ook dichter. In 1981 debuteerde hij bij uitgeverij Opwenteling met de bundel ‘Dichtmaken open’ waarna nog 9 bundels zouden volgen. In 2000 verscheen de bundel ‘Sleutelhouder’ Gedichten 1979-1999. In deze bundel staat het gedicht ‘Littorina Littirea’ voor Rogi Wieg. De Latijnse titel doet vermoeden dat er iets heel spannends achter schuil gaat maar het is ‘slechts’ de Latijnse naam voor de Alikruik, een in zee levende kieuwslak.

.

Littorina Littirea

Voor Rogi Wieg

.

Van onze wandelingen onthoud ik vooral

je stem, die knarste onder onze voeten.

Uitgeleefd, verlaten. Die droge tik,

het definitief verschuilen, bijna naakt – je

beste vermomming, zo open.

De ogen naar binnen gekeerd,

dat ogenschijnlijk opgaan in de massa.

.

Geen zee, geen aarde. Slechts een kust

lijn van een wisselend einde.

.

Zoals poëzie fictie is, is verleden

tijd: wat niet gebeurt, waarvoor niet gekozen wordt.

De slag op het voorhoofd, geweest en nooit plaats gevonden.

.

Wie aanlegt, raakt zijn vrijheid kwijt.

Schutter wordt jachtwild, visser

wordt vangst. een blik om de schouder

maakt van de mens een gedicht.

.

Kus

Peter Verhelst

In 2020 schreef ik al eens over Peter Verhelst (1962), over zijn bundel ‘Wij totale vlam’ en ik plaatste daar het gedicht bij ‘Voor het vergeten’. Nu was ik pas in de bibliotheek van Utrecht aan het Neude en daar had ik even pauze. Ja wat doe je dan? Dan ga je, als je mij bent, naar de afdeling poëzie. En daar nam ik de bundel ‘Koor poëzie’ een keuze uit de poëzie (1987-2017) van/door Peter Verhelst uit de boekenkast. Wat schetst mijn verbazing? Er staat het gedicht in getiteld ‘Tegen het vergeten’. Nu kwam deze titel mij direct bekend voor.

Zowel in de titel van een gedicht van Shari Van Goethem ‘Tegen het vergeten wat samen-leven is‘ als de titel van de bundel van Hans Faverey ‘Tegen het vergeten‘ uit 1988, als in de titel van een bundel van Alja Spaan ‘Tegen het vergeten en voor de behoedzaamheid‘ uit 2018 komt deze titel voor. En even verder kwam ik erachter dat ik het gedicht van Verhelst al eens gedeeld had hier op dit blog. Blijkbaar is de tegenstelling tussen vergeten en ‘er iets tegen doen’ wat eigenlijk niet mogelijk is, een interessante gedachtengang voor dichters.

Omdat ik het gedicht ‘Tegen het vergeten’ al eerder deelde heb ik gekozen voor een ander gedicht uit de bundel van Verhelst getiteld ‘Kus’. Ook al zo’n titel die je vaker tegen komt. Zoals blijkt uit dit, dit en dit gedicht.

.

Kus

.

Het beweegt iets kleins in haar slaap

het buigt een knie voorzichtig om het niet te wekken

lig je urenlang te kijken kin op arm hoe het samentrekt zich

wentelt op een zij het neemt je naar haar kant mee van het bed

zucht zich uit zichzelf zet zich op het laken af de voetzool

duwt de heup op nauwelijks een millimeter van je mond verwijderd

kom maar word maar wakker maar

de millimeter wordt een ding iets stijfs onder je tong je ziet het

uit het laken stulpen woelt zich bloot als het ochtend is een witte jurk

rilt door ons heen wiegt aan een kastdeur het is laat altijd te laat

begonnen we te zoeken plek na plek waar het zou kunnen

eindelijk de plek van ons om te vergeten te vergeten hoe je insliep

hoe je mond zich open droomde nog een keer voorzichtig

om je niet te wekken urenlang roerloos leunend op een hand

lig je te kijken lieve onbestaande

kus die loopt van de mond die er had kunnen zijn in het gezicht

dat al uit het kussen weg begint te trekken

het is onmiskenbaar ochtend laat ons nog een allerlaatste keer

voor het wakker wordt en kleren aantrekt en de kus wordt

die er niet meer is

.

Kindernacht van de poëzie

Als je zelf nergens woont

.

De bibliotheek van Utrecht organiseert samen met de ILFU (International Literature Festival Utrecht) tijdens de Kinderboekenweek in oktober dit jaar de Kindernacht van de poëzie. De ILFU organiseert elk jaar de Nacht van de Poëzie en nu trekken ze samen op met de bibliotheek om een dergelijke nacht te organiseren voor kinderen van 7+.

Tijdens deze ‘nacht’ zijn er voordrachten van Kinderboekenambassadeur Rian Visser en dichter Hans Hagen. Singer-songwriter Gerson Main speelt zijn meest eigenwijze liedjes en presentator Iven Cudogham neemt je mee door het programma. Er kunnen zelfgemaakte gedichten worden voorgedragen of zelf gekozen gedichten. In de ‘tattoo’ studio kun je je lievelingszin of boekfiguur op je arm laten plaatsen en in het atelier schud en spray je een rebelse tekst uit je mouw. Tussen de boeken is er een silent disco met quizmaster, waar er zelfs plaats is voor een klein kussengevecht.

Maar wat het helemaal afmaakt is de mogelijkheid dat je mag blijven slapen in de bibliotheek. Elk kind mag in zijn of haar tentje een plek in de bibliotheek zoeken en bibliotheeknachtwakers houden een oogje in het zeil. Er wordt zelfs voor een ontbijt gezorgd de volgende ochtend. Je begrijpt dat spektakel inmiddels is uitverkocht. Want wie wil er niet een nachtje wonen in een bibliotheek en zich onderdompelen in poëzie en literatuur voor de jeugd.

Natuurlijk vraagt zo’n evenement om een passend gedicht. Ik koos voor een gedicht uit de onvolprezen bundel ‘Heel de wereld wordt wakker‘ het beste van de moderne kinderpoëzie in 333 gedichten. Ik koos voor het gedicht ‘Als je zelf nergens woont’ van Tim Gladdines dat gepubliceerd werd in Querido’s Poëziespektakel 3.

.

Als je zelf nergens woont

.

Als je zelf nergens woont

moet je altijd

als je slapen wil

aanbellen bij mensen die wel

ergens wonen.

.

Maar als er nou niemand opendoet

of ze hebben geen logeerbed

en de bank is voor de hond?

.

Dan moet je buiten

in de regen

in de wind

in de put

zitten huilen op de stoep.

.

Komt er plots een schrijver langs,

verzint die een verhaal voor jou,

schrijft hij jou een boek cadeau,

een sprook om in te wonen.

.

Huis van woorden,

dak van taal, lees

maar lang en wees

gelukkig.

.

 

Roosterpoëzie

Norbert De Beule

.

Tijdens mijn bezoek aan de Permeke bibliotheek in Antwerpen viel mijn oog op een rooster naast een boom op het plein waaraan de bibliotheek ligt. Het bleek geen gewoon rooster maar een rooster met daarin een gedicht van Norbert De Beule (1957). Toen ik verder keek bleken er meer van dit soort roosters op het plein te liggen. De gedichten zijn geplaatst bij de heraanleg van het De Coninckplein. Antwerpen Boekenstad selecteerde regels uit de boomgedichten van het stadsdichtersproject ‘Bomenstad’ van Peter Holvoet-Hanssen.

Norbert De Beule debuteerde als dichter  in 1987 met de dichtbundel ‘Rockoco’, een aflevering van Quarant-Dash? – Tijdschrift voor literaire scherpzinnigheid, dat al na één jaargang ophield te bestaan. Hierna volgde verschillende bundels als ‘Yelle!’ (2003), ‘Ebdiep’ (2006), ‘Boekhouder van het Rusteloze’ (2009) en ‘Tri ti tiii’ (2013) welke werd genomineerd voor de Herman de Coninckprijs. Ook schreef De Beule meerdere poëzieprogramma’s voor scholen.

Op het Coninckplein in Antwerpen staat dus een gedicht van hem zonder titel (al lijkt het ‘de populier’ te heten als ik de plek op Straatpoëzie.nl geloven mag).

.

De populier waarop

de beroemdste glimlach

doordringt verzamelde

maar liefst tweehonderd

jaarringen die de boom

van binnenuit verlichtten

vandaar die groteske

uitstraling

.