Categorie archief: Favoriete dichters

Tapijt poëzie

Avril Meallem en Shernaz Wadia

.

Aan de lange lijst van mogelijkheden met poëzie kan er weer een toegeveogd worden. Dit keer de tapijtpoëzie of tapestry poetry. Deze vorm van poëzie werd door de Indiase Zoöastrische dichter Shernaz Wadia en de Brits/Israëlische dichter Avril Meallem bedacht toen ze elkaar ontmoetten in 2010 in Mumbai ontmoeten. Meallem vertelde Wadia over een vorm van coöperatieve poëzie die ze een paar jaar geleden had geleerd van een andere dichter, Sarah Wurtzel, in Jeruzalem en stelde haar om deze vorm samen te proberen, omdat ze voelde dat ze gelijkgestemden waren.

Dit is hoe het werkt. Twee dichters schrijven elk een gedicht over een gemeenschappelijk onderwerp, gekozen door een van hen. Deze rol wisselt bij elk gedicht af. Vervolgens worden de gedichten uitgewisseld. Beide werken er vervolgens aan om ze te verweven tot één naadloos, vloeiend gedicht dat op zichzelf kan staan. Omdat het een gezamenlijke inspanning is, wordt de redactie een heen en weer proces, totdat elke dichter tevreden is met het eindproduct.

Verder volgen ze deze basisregels:

  • Elk individueel gedicht mag niet meer of minder dan 9 regels bevatten
  • Alleen degene die de titel geeft, heeft de mogelijkheid deze daadwerkelijk in het gedicht te gebruiken. Dit om herhaling te voorkomen.
  • Het merendeel van de woorden van de originele gedichten moet behouden blijven, maar er kunnen enkele grammaticale veranderingen worden aangebracht, bijvoorbeeld enkelvoud naar meervoud, veranderingen in de werkwoordsvorm, enz.
  • Bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden kunnen worden vervangen door andere die beter bij het Tapijtgedicht passen, maar de oorspronkelijke smaak moet worden behouden.
  • Alle 9 regels van elk gedicht worden gebruikt in het Tapijtgedicht, waardoor het feitelijk een gedicht van 18 regels wordt.

Hier een voorbeeld van één van hun tapijtgedichten. Hun gezamenlijke tapijtgedichten werden gebundeld en uitgegeven onder de titel ‘Tapestry Poetry; a fusion of two minds’ in 2013.

.

In your smiles (Wadia)

.

Are you hurt that

I don’t write poems for you?

If I tried to pen it in blood,

or carved open my heart

I would still fall short

of expressing my love.

Blessed I am to have you both;

In your loving smiles

My happiness you hold.

.

In your smiles (Meallem)

.

I enter your room

You cannot speak

Nor raise your hand to take mine

But when you smile

And your eyes light up

Words become superfluous

Our souls connect

beyond time and form

in the vastness of eternity

.

In your smiles (tapestrypoem of tapijtgedicht)

.

I enter your room

Are you hurt that

You cannot speak?

That I don’t write poems for you?

Nor raise your hand to take in mine?

If I try to pen it in blood,

or carve open my heart

Words become superfluous;

I still fall short

of expressing my love.

But when you smile

Blessed I feel to have you;

And, as your eyes light up

Our souls connect.

In your loving smiles,

beyond time and form,

My happiness you hold

In the vastness of eternity.

.

Ik

Jeroen Vermeiren

.

De Vlaamse dichter, copy writer, journalist, woordvoerder en stadsdichter van Bornem van 2014 tot 2016 (Provincie Antwerpen ) Jeroen Vermeiren (1974) debuteerde in 1996 met de dichtbundel ‘Wild vlees’. Hij  heeft zelfs zijn eigen schrijfbedrijfje ‘De Zinnenspinnerij’, waar hij voor iedereen de juiste woorden vindt.  Sinds 2013 is hij bovendien een van de creatieve schrijvers bij Studio 100 en columnist voor Charlie Magazine.

Werk van Vermeiren werd opgenomen in het literaire tijdschrift Deus Ex Machina en het online literair platform Meander Magazine. In 2016 verscheen de bundel ‘Alles, behalve nooit’  en in 2021 verscheen van zijn hand ‘Uit welk hout zal ik mij snijden?’.

In ‘De 100 beste gedichten van 2018’ voor de VSB poëzieprijs werden twee gedichten van zijn hand (uit ‘Alles, behalve nooit’) opgenomen waaronder het gedicht ‘Ik’.

.

Ik

.

Blues

.

Kijk mij daar gaan

zonder jou.

.

Het is geen gezicht.

Het is naakt. Veel te.

.

Kleed mij aan.

Naai mij toch dicht.

.

En zoen mijn ogen open.

Maak wat donker is

.

weer dragelijk licht.

.

Vis zonder schoenen

Natasja Bodde

.

Op 3 september van dit jaar was ik uitgenodigd om op het Augusta Peauxfestival voor te dragen in Simonshaven. Daar waren behalve een aantal mij bekende dichters ook een paar nieuwe namen. Een van de mensen die ik daar ontmoette was de stadsdichter van Nissewaard (Spijkenisse en omgeving) 2023-2024 Natasja Bodde (1997).

Hoewel ze aangaf vooral een Spoken Word dichter te zijn merkte ik dat in haar teksten meer zat dan wat een Spoken Word dichter te brengen heeft. Haar gedichten geven reden tot (na)lezen. Een gedicht waar ik van onder de indruk was, vooral ook door een klein stukje achtergrond wat ze erbij vertelde, is ‘Vis zonder schoenen’. Haar voordracht was veel meer dan alleen een Spoken Wordvoordracht, de tekst laat je achter met vragen. Dat is wat poëzie vermag.

Daarom, en ik heb natasja gevraagd of ik haar gedicht, dat uit een stuk tekst bestaat, mocht voorzien van wat witregels om het volgens mij nog wat meer te laten spreken, hier dat gedicht ‘Vis zonder schoenen’.

.

Vis zonder schoenen

.

Regenpakken op het brandhout verknetterd.
Rubberen laarzen doorgeknipt.

Zelfs de muziek blijft thuis vanavond.

.

Ik trek mijn schoenen uit.
Zwarte sandalen in mijn rechterhand,
alleen de wind door m’n haren was niet voldoende.

Is überhaupt nooit voldoende.

.

Tenen wijd gesperd.
Grassprieten kietelend vol rust.

de modder als glijmiddel voor mijn grootste liefde.

.

Hij kijkt me vreemd aan als ik verzopen binnenloop.
‘’Stap je wel gelijk onder de douche?’’

‘’Wat was er in hemelsnaam mis met je schoenen..?’’

.

Snapt ie niet dat ik het zout nooit uit m’n haren gewassen krijg,
veters allang heb doorgeknipt.

Klittenband trekt enkel de schubben van mijn lijf.

.

Ik zeg ‘’zie je niet..
ik ben een vis in het water.. zonder water..
Zonder bomen.

Zonder zuurstof

.

Hoor jij dan niet die vogels roepen..?’’.
Wachtend tot mijn trillingen zijn oren raken, twijfel ik
of ik wel in echte woorden sprak.

Tot ik ‘m daadwerkelijk zie bewegen.

.

De PlayStation gaat uit, de koptelefoon komt op tafel.
‘’oké, oké wacht.. dan trek ik wel eerst even.. m’n schoenen aan’’.
Ik fluister ‘’ja..

dat is nou juist het hele probleem’’.

.

Proces Verbaal

Bijzondere poëzie uitingen

.

Op Internet kwam ik een bijzonder aardig initiatief, of dienst, tegen van Proces Verbaal. Poëzie Karaoke. Dus ging ik op zoek naar wat Proces Verbaal nou eigenlijk is. Op hun website lees ik dat Proces-Verbaal een pluriform productiehuis is met recalcitrante uitgeverij. Dat belooft veel. Wat lees ik nog meer? “Wij blazen zo hard als we kunnen om de ivoren torens van de gerespecteerde poëzie neer te halen. Naast traditionele wegen zoals publicaties van boeken en voordrachten leggen wij met uitgeverij en productiehuis Proces-Verbaal nieuwe paden om te bewandelen. Bijvoorbeeld door het ontwikkelen van interactieve installaties en conceptuele kunsten, zoals de Poëzie Centrale en onze Poëzie Karaoke.”

De Poëzie Centrale bijvoorbeeld is een ouderwetse telefoon die op festivals gebruikt kan worden. Wanneer je een nummer belt krijg je, via een menu, een gedicht te horen dat wordt voorgelezen. Of je krijgt een dichter aan de lijn en die bezorgt je dan een gedicht.

De Poëzie Karaoke is eigenlijk net zoiets als een muziek karaoke. Alleen bij de Poëzie Karaoke is er een showmaster die het een en ander in goede banen leidt. De deelnemer kiest uit een lijst een gedicht, dat verschijnt op een scherm en net als bij een muziek karaoke kan de deelnemer het gedicht, regel voor regel, mee- en voorlezen, en het publiek kan meekijken en meelezen.

De Poëzietuin is weer een ander aanbod van Proces Verbaal. In allerlei apparaten en meubels (maar ook in kussens) zijn printplaten verborgen waardoor je naar gedichten kan luisteren. Zo kunnen poëziepalen worden neergezet in een tuin en kun je bij elke paal naar een ander gedicht luisteren.

Naast al deze grappige uitingen heeft Proces Verbaal dus ook nog een uitgeverij met boeken en bundels en een drukkerij waar je je eigen bundel kan maken (met of zonder hulp van de drukker). Een van de bundels die ze hebben uitgegeven besprak ik al eens hier maar er verschijnen nog steeds nieuwe titels.

Zoals bijvoorbeeld van Isis van Geffen. Van haar verscheen dit jaar de bundel ‘Isis, niet Iris’. Isis van Geffen (1997) is theatermaakster, cabaretière en dichter. Momenteel studeert ze aan de Koningstheateracademie – dè Academie voor Cabaret waar ze komend jaar haar afstudeervoorstelling zal presenteren die zal bestaan uit een combinatie van cabaret en poëzie. Uit haar bundel komt het gedicht ‘Saamhorigheid’.

.

Saamhorigheid

.

Eens per maand

tijdens een nacht

van zaterdag op zondag

.

gooi ik alle fietsen

uit de straat in de gracht

inclusief mijn eigen

.

om de volgende ochtend

vol ongeloof mee te staren naar het lege fietsenrek

.

een vervelende gebeurtenis

die het beste in ons naar boven haalt

.

Wakker

Jim Morrison

.

Iedereen kent Jim Morrison (1943-1971), zanger van de band The Doors, een van de eerste leden van de Club van 27 (artiesten die op de leeftijd van 27 jaar zijn overleden) of van zijn graf op begraafplaats Père Lachaise in Parijs. Wat minder mensen weten is dat Jim Morrison ook poëzie schreef. Op zichzelf niet verwonderlijk als je de teksten van zijn liedjes kent.

Jim Morrison was gefascineerd door literatuur, las enorm veel en was fanatiek bezig met het maken van poëzie. Zijn muziek toont invloeden van jazz en blues en zijn teksten waren vaak zeer filosofisch en dichterlijk van aard. Van Morrison is een aantal dichtbundels uitgegeven, zoals ‘The Lords & The New Creatures’, ‘Wilderness en ‘The American Night’.

Omdat zijn poëzie veel minder bekend is dan zijn muziek wil ik hier een gedicht van hem delen getiteld ‘Awake’.

.

Awake

.

Shake dreams from your hair
My pretty child, my sweet one.

.
Choose the day and
choose the sign of your day

.
The day’s divinity
First thing you see.
A vast radiant beach

.
in a cool jeweled moon
Couples naked race down by it’s quiet side

.
And we laugh like soft, mad children
Smug in the woolly cotton brains of infancy
The music and voices are all around us.

.
Choose, they croon, the Ancient Ones
The time has come again
Choose now, they croon,

.
Beneath the moon
Beside an ancient lake

.
Enter again the sweet forest
Enter the hot dream
Come with us

.
Everything is broken up and dances.

.

Groots in het klein

Internationale invloeden in MUG

.

Iets kleins kan iets groots in zich hebben, een gedachte, een idee, ongeacht de vorm of omvang is groot niet altijd beter of mooier dan klein. Dat bewijst de nieuwe editie van MUGzine ‘Zwart-witte herfst’. En wanneer je denkt aan het kleine in de poëzie dan kom je al snel terecht bij de tanka, een kort Japans gedicht. De tanka is een lyrisch gedicht, bestaande uit vijf regels met doorgaans 5-7-5-7-7 lettergrepen, zonder bedoeld rijm of vastgestelde maat. Deze dichtvorm is gebruikt door Jan Lauwereyns (1969) in zijn bijdragen voor MUGzine #19 die nu uit is op papier en op mugzines.nl

De tanka’s met intrigerende titels als ‘Spinnenvamp’, ‘Donsdekendildo’ en ‘Pijnboomschaamhaar’ zijn allemaal nog niet gepubliceerd en verschijnen in de nieuwe roman die de Vlaamse dichter, werkzaam en woonachtig in Japan, Jan Lauwereyns aan het schrijven is.

Maar er is veel meer te genieten in de nieuwe MUG #19. Poëzie van Hava Güveli (1980) met Turks-Nederlandse wortels, Jasmijn Lobik (1997) die het afgelopen jaar twee poëziewedstrijden won en Micha Hamel (1970) van wie dit jaar de bundel ‘is daar iemand’ verscheen.

Het artwork wordt dit keer verzorgd door de Italiaanse Valentina Cozzi (op Instagram @a.mlcl ) met bijzondere collages. Natuurlijk een voorwoord over de zwart-witte herfst van onze redactie filosoof  Marianne en een nieuwe Luule. De grafische vormgeving is, zoals altijd, verzorgd door BRRT.graphic.design.

Elk nieuw exemplaar van MUGzine in het jaar (5x) via de post ontvangen? Word dan donateur. Lees hier hoe je dat doet.

Van Micha Hamel uit zijn nieuwe dichtbundel ‘is daar iemand’ waarin hij het leven beschrijft in een psychiatrische kliniek waar hij in 2009 belandt, een gedicht.

.

daar heb je die vrouw weer

ze is aan mij toevertrouwd

dus ik moet mijn best doen

.

ze oogt toeschietelijk vandaag

ze glimlacht en ze heeft vanmorgen een krultang ontmoet

ze knoopt haar doktersjas open

en vist een gerookte makreel uit haar binnenzak

.

deze is voor jou

hij is jouw gids en jouw alles

jouw paradigma en jouw bronzen makker

.

ik weet niet hoe het verder moet

.

help eerst jezelf voordat je iemand anders helpt

.

dát

.

Heldere ochtend

Louise Glück

.

Afgelopen week, op 13 oktober, overleed de Amerikaanse dichter en essayist Louise Glück (1943-2023). Ze won de in 2020 de Nobelprijs voor de Literatuur, waarvan de juryleden “haar onmiskenbare poëtische stem prezen die met sobere schoonheid het individuele bestaan ​​universeel maakt”. Naast de Nobelprijs won ze onder andere de Pulitzerprijs voor poëzie , de National Humanities Medal, de National Book Award voor poëzie, de National Book Critics Circle Award en de Bollingenprijs en werd ze meerdere malen onderscheiden voor haar werk. Van 2003 tot 2004 was ze Poet Laureate van de Verenigde Staten (soort Dichter des Vaderlands).

Louise Glück wordt vaak omschreven als een autobiografische dichter. Haar werk staat bekend om zijn emotionele intensiteit waarbij ze vaak put uit mythologie of natuurbeelden om over persoonlijke ervaringen en het moderne leven te schrijven. Thematisch belichtt haar poëzie aspecten van trauma, verlangen en de natuur. Daarnaast is ze bekend geworden vanwege haar openhartige uitingen van verdriet en isolatie.

In Raster, nieuwe reeks jaargang 2004 (nummers 105-108) zijn een aantal gedichten van Glück in een vertaling van Erik Menkveld opgenomen. Een van die gedichten is getiteld ‘Heldere ochtend’.

.

Heldere ochtend

.

Ik heb jullie lang genoeg gadegeslagen,
ik kan tegen jullie spreken zoals ik wil –
.
ik heb mij onderworpen aan jullie voorkeuren, geduldig de dingen
waar jullie van houden beschouwd, uitsluitend
.
door middel daarvan gesproken, in
details van aarde, wat jullie het liefste hebben,
.
ranken
blauwe clematis, licht
.
van vroege avond –
nooit hebben jullie een stem
.
als de mijne willen aanvaarden, koud
als jullie bedrijvig benoemde objecten jullie laten,
.
ook al staan jullie monden
klein en rond van ontzag –
.
en al die tijd
onderwierp ik mij aan jullie beperking, in de waan
.
dat jullie hem vroeg of laat van je af zouden werpen,
in de waan dat materie van jullie staren verzadigd zou raken –
.
obstakel van de clematis die blauwe
bloemen schildert op het serreraam –
.
ik kan niet doorgaan
mezelf tot beelden te beperken
.
vanwege jullie vermeende recht
mijn bedoelingen te betwisten:
.
ik ben inmiddels bereid jullie te overweldigen met helderheid
.
.

Wij hebben niets te willen

Elmar Kuiper

.

Als bezoeker van de Nacht van de Poëzie kun je een gratis Nachtbundel ophalen in Tivoli/Vredenburg. Ik was er dit jaar en ook ik heb zo’n leuk klein aandenken aan deze nacht opgehaald. Opgenomen in de bundel ’40ste Nacht van de Poëzie’ zijn gedichten van de deelnemende dichters. Een van die dichters is Elmar Kuiper. Voor mij een nieuwe naam. Kuiper (1969) schrijft naast poëzie ook korte verhalen en toneelwerken en is daarnaast ook nog eens beeldend kunstenaar, performer en filmmaker.

Kuiper maakt deel uit van het improvisatiecollectief (mooi Scrabblewoord) Tsjinlûd en is ook nog eens zanger van Tigers fan Greonterp. Naast zes Friestalige bundels schreef hij drie Nederlandstalige bundels waarvan de meest recente ‘Blauwe Hanen’ is uit 2023. Ik lees in de Nachtbundel dat Rob Schouten hem in Trouw ‘een onmiskenbaar dynamische dichter’ noemt en ‘zangerig en ruwhartig’. Kuiper publiceerde naast zijn bundels ook gedichten in poëzietijdschrift Awater en in De Revisor.

In de Nachtbundel is het gedicht ‘Wij hebben niets te willen’ opgenomen.

.

Wij hebben niets te willen

.

je verzoekt hem vriendelijk

te vertrekken

.

dit was de afspraak niet

wij hebben geen afspraak zegt hij

je moet de spitskool in partjes snijden

ma staat er alleen voor

.

het is niet echt

maar je wilt

dit niet

.

je wilt het laten rusten

maar hij grijpt je hand beet en

neemt je mee naar het koehuis

.

de kippen leggen best zegt hij

.

je moet de zak met fijn-

gemalen schelpen opensnijden

anders worden de doppen te dun

goed sul ook voor hun maagjes

.

dat weet ik heus wel pa

.

wil je nu weggaan

wij hebben niets te willen zegt hij

.

Rupsband

Drs. P.

.

Een van de zeer vele versvormen die er zijn (en geloof me er zijn er heel veel, neem maar eens een kijkje in de categorie Versvormen op dit blog) is de Rupsband. De Rupsband is in de jaren negentig van de vorige eeuw bedacht door een van de uitvinders van heel veel versvormen, Drs. P. (1919 – 2015).

De vorm bestaat uit strofen van 4 regels. De lengte is onbepaald. De terzine, gevormd door de eerste drie regels schuift per strofe een regel opwaarts en verdwijnt zo, maar komt dan van beneden weer opzetten. Je kunt hem ook naar beneden laten schuiven, of werken met 2 vaste regels, enz. als je het systeem maar volgt. Het metrum is bij voorkeur 4 of 5 jamben en het rijmschema is A1BA2b BA2ba A2bab babA1 abA1B bA1BA2. Het lijkt ingewikkeld (en dat is het natuurlijk ook wel, dat kon je wel aan Drs. P. overlaten) maar het eindresultaat mag er zijn.

.

Ochtendritueel

De nieuwe dag breekt aan. het is weer tijd.

De zon schijnt of het regent pijpenstelen.

Gezamenlijk gebruiken wij het ontbijt.

Een nieuwe dag van werken of van spelen.

.

De zon schijnt of het regent pijpenstelen.

Gezamenlijk gebruiken wij het ontbijt.

Buiten hoor je reeds de vogels kwelen,

Maar aan hen is dit versje niet gewijd.

.

Gezamenlijk gebruiken wij het ontbijt.

De ochtendstemming laat zich slecht verhelen,

Maar ’t chagrijn zijn wij al spoedig kwijt,

Als wij de laatste hagelslag verdelen.

.

Acht uur is voor ons – met ons voor velen –

Het tijdstip dat wij lang hebben verbeid:

Weg van hier, de maatschappij bespelen,

De nieuwe dag breekt aan, het is weer tijd.

.

Hoewel elk van ons zijn eigen leven leidt,

Is er één ervaring die we samen delen:

De nieuwe dag breekt aan. het is weer tijd.

De zon schijnt of het regent pijpenstelen.

.

Een lied weerklinkt uit duizend kelen.

De nieuwe dag breekt aan. het is weer tijd.

De zon schijnt of het regent pijpenstelen.

Gezamenlijk gebruiken wij het ontbijt.

.

O tijd, ik ben ziek van je

Nguyên Chí Thiên

.

De afgelopen week merk ik bij mezelf dat ik veel met poëzie bezig ben die zich verhoudt tot thema’s als verzet, hoop, troost, onderdrukking en geweld. Geen fijne thema’s maar wel erg actueel. En er is heel veel poëzie geschreven over deze onderwerpen. Vrijwel alle dichtbundels of verzamelwerken die Amnesty International publiceert (vaak in samenwerking met andere partijen) zoals blijkt uit dit bericht maar ook uit dit bericht en dit om maar een paar van de vele voorbeelden te noemen die ik al op dit blog beschreef.

Toen ik het boek ‘Ons gevoel van vrijheid’ uit 1999 tegenkwam in mijn boekenkast wilde ik er dan ook meteen in gaan lezen. Dit keer geen dichtbundel, verzamelbundel of bloemlezing maar een boek met verhalen, gedichten en kunst voor Amnesty International, samengesteld door Daan Bronkhorst. Onderdrukten uit heel veel landen van over de hele wereld krijgen in dit boek een stem. Beklende namen als Breyten Breytenbach (Zuid-Afrika), Günter Grass (Duitsland), Wisława Szymborska (Polen), Mahmoud Darwish (Palestina), Václav Havel (Tsjechië) en Joseph Brodsky (Rusland) maar ook een aantal onbekendere namen  uit landen die wat minder in de aandacht staan zoals Ramiz Rovshen (Azerbeidjan), Taslima Nasrin (Bangladesh) en Latiefa az-Zajjaat (Egypte).

Uit al deze getuigenissen en verhalen koos ik voor een dichter die ik niet kende, Nguyên Chí Thiên (1939-2012) uit Noord Vietnam. Nguyên Chí Thiên was dichter, activist en dissident en verbleef vanaf 1958 dertig jaar, met korte onderbrekingen, in gevangenissen en werkkampen in Vietnam.  In 1979, nadat hij vanwege het streng bewaakte terrein was gedwarsboomd in zijn oorspronkelijke plan om de Franse ambassade binnen te gaan, stormde Thien de Britse ambassade in Hanoi binnen met zijn manuscript van vierhonderd gedichten en de begeleidende brief. opgesteld in het Frans zoals bedoeld voor de oorspronkelijke bestemming. Hierna werd hij onmiddellijk opnieuw gearresteerd.

Tijdens deze gevangenschap werden de gedichten van Thiên, die hun weg naar het Westen vonden, in het Engels vertaald door Huỳnh Sanh Thông van de Yale Universiteit . Het werk won in 1985 de International Poetry Award in Rotterdam . Ook werd hij in 1986 door Amnesty International als gewetensgevangene geadopteerd. Twaalf jaar na het afgeven van zijn gedichten bij de ambassade  kwam hij vrij en uiteindelijk mocht hij zich in 1995 aansluiten bij de grote overzeese Vietnamese gemeenschap in de Verenigde Staten.

Naast de International Poetry Award kreeg Nguyên Chí Thiên in 1989 de PEN/Barbara Goldsmith Freedom to Write Award. In 1960 schreef hij het gedicht ‘O tijd, ik ben ziek van je’ dat in ‘Ons gevoel van vrijheid’ is opgenomen.

.

O tijd, ik ben ziek van je

.

O tijd, ik ben ziek van je.

Elke minuut, elke seconde schroei je mijn ingewanden.

O dagen en maanden, waarom slepen jullie je voort?

Hoe moet ik deze beproeving dragen?

Ik hoop, blijf hopen dat een gewelddadige dageraad

vandaag ver terug zal dringen,

vandaag tot een voorbije nachtmerrie zal maken,

dat elk graf door een andere truc

een wieg wordt en dat het leven terugkeert.

O tijd, ik smeek je

de dagen en maanden te verkorten

zodat ze mijn ingewanden niet meer zullen snijden –

laat de minuten en seconden niet langer

mijn leven cremeren.

.