Site-archief

Heidi und Peter

Elma van Haren

.
De Koninklijke Bibliotheek is de nationale bibliotheek van Nederland, gevestigd in Den Haag. Zij verzamelt alles wat in en over Nederland verschijnt, van middeleeuwse literatuur tot aan publicaties van vandaag. Zo’n 7 miljoen publicaties zijn in de magazijnen opgeslagen, boeken, kranten en tijdschriften, alles bij elkaar zo’n 115 kilometer aan boekenplanken. De Koninklijke Bibliotheek biedt daarnaast ook veel digitale diensten, zoals de landelijke online Bibliotheek (met e-books en luisterboeken) en Delpher (miljoenen gedigitaliseerde pagina’s). En wat ze ook biedt is een website met een apart stuk over poëzie. Op deze pagina’s is een schat aan informatie te vinden over dichters, poëzie en achtergrondinformatie uit verleden en heden.
Onder de knop moderne Nederlandse dichters zijn uitgebreide dossiers te vinden van meer dan 50 moderne dichters. Dat deze pagina steeds aan verandering onder hevig is blijkt voor mij bijvoorbeeld uit het gegeven dat een succesvol dichter als Marieke Lucas Rijneveld nog niet is toegevoegd. Dat geschreven hebbende kan ik deze website alleen maar van harte aanraden. Een schat aan informatie is hier ontsloten.
In de lijst met moderne Nederlandse dichters ook de naam van Elma van Haren (1954). De laatste en enige keer dat ik over haar schreef is alweer 4 jaar geleden. Alle reden dus om weer iets van haar werk te plaatsen. In dit geval het bijzonder aardige gedicht over Heidi en Peter, in dit geval vanuit de persoon van Peter geschreven, waarin Elma de traditionele rollen eens helemaal omdraait. Het gedicht werd gepubliceerd in Tirade jaargang 46 uit 2002.
.
Hallo Heidi

.
Ik hoorde van je hernia en dacht toen:

kom, ik schrijf je!

Bloeit mijn hortensia aan jou nog blauw?

Weet je nog, hoe wij herfst

in ons herbarium plakten?

.

En hoe heerlijk het schapen hoeden was

om bij noodweer te gaan schuilen

in de herdershut, waar we de eerste kus…

door één boshutkus werd het onze geheime kusboshut,

ach hoe dan ook…

.

Toen jij huppelend de hort op ging,

snikte, hikte ik zo heftig,

dat mijn hond een gat de lucht in schrok.

Kapot! Kapot!

Ik huilde hele bange dagen.

.

O liefje, waarom werd jouw hart zo zwaar, zo zwart.

Het mijne is gebroken.

Voor altijd zit ik aan je vast.

Ik voel mijn bloed nog koken,

want hoe hard ook je hart, des te zachter

waren je hemelse handen.

.

voor eeuwig je Peter
.

Hoe alles afloopt

Nobelprijswinnaars uit Amerika, maar daar niet geboren

.

In het heerlijke boek ‘The United States of Poetry’ uit 1996 lees ik dat de drie dichter Nobelprijswinnaars die de Verenigde Staten (tot dan toe) heeft voortgebracht alle drie niet geboren zijn in de Verenigde Staten. Wat op zichzelf maar weer eens bewijst dat de VS een smeltkroes is van mensen uit alle delen van de wereld en dat de VS een aantrekkingskracht heeft op o.a. dichters. De drie dichters die het betreft zijn;  Joseph Brodsky (1940 – 1996) geboren in Rusland, Czesław Miłosz (1911-2004) geboren in Polen en Derek Walcott (1930-2017) geboren in St. Lucia.

Ik schreef al eerder over Derek Walcott (met wie ik een geboortedag deel) maar door deze ontdekking in ‘The United States of Poetry’ wil ik hier graag nog een gedicht van hem delen. Het betreft hier het het gedicht ‘Endings’ uit de bundel ‘Sea Grapes’ hier in de originele Engelse tekst en in vertaling. Het gedicht ‘Endings’ of ‘Hoe het afloopt’ gaat over de vergankelijkheid, dat het leven niet luidkeels eindigt met een enorme knal (zoals bijvoorbeeld de Bijbelse profeet Elia, die door een rijtuig met vurige paarden in de hemel werd opgenomen) maar dat het leven wegebt, langzaam uitdooft. De slotregel is langer dan alle andere regels in het gedicht en komt als een verrassing. Deze regel gaat over de stilte om het hoofd van de doof geworden Beethoven, en het verwijst ook naar de ernst die spreekt uit diens meest verstilde adagio’s. En naar de dood natuurlijk.

.

Endings

.

Things do not explode,
they fail, they fade,

.

as sunlight fades from the flesh,
as the foam drains quick in the sand,

.

even love’s lightning flash
has no thunderous end,

.

it dies with the sound
of flowers fading like the flesh

.

from sweating pumice stone,
everything shapes this

.

till we are left
with the silence that surrounds Beethoven’s head.

.

Hoe alles afloopt

.

’t Is niet dat dingen exploderen,
ze weigeren, ze sterven weg,

.

als zonlicht dat wegsterft op vlees,
als schuim dat haastig wegzinkt in zand,

.

zelfs de bliksemflits van de liefde
eindigt niet met een donderslag,

.

het sterft met het geluid
van wegkwijnende bloemen als vlees

.

dat puimsteen heeft uitgezweten,
zo krijgt alles vorm

.

tot we alleen zijn
met de stilte die hangt om Beethovens hoofd.

.

 

Presidentieel dichter

Jimmy Carter

.

In mijn boekenkast kwam ik het boek ‘The United States of Poetry’ tegen. Nu zal je denken; Hoezo kom je dat tegen? Het is nogal een groot boek en stond daarom niet bij de rest van mijn, inmiddels, nogal uitgebreide poëzieverzameling. Ik heb het boek jaren geleden gekregen en ik was er eigenlijk nooit aan toe gekomen het te lezen. Dat had ik natuurlijk wel moeten doen want het is een heerlijk boek vol feiten, achtergrondinformatie en gedichten van vele dichters.

Zo staat er een gedicht in van voormalig president van de Verenigde Staten Jimmy Carter (1924). Carter was president van 1976 tot en met 1980. Zijn eerste poëziebundel verscheen in 1995 (volgens het boek, volgens andere bronnen in 1994), een laat debuut op 71 jarige leeftijd. Deze bundel ‘Always a Reckoning and Other Poems’ is een verzameling gedichten over zijn jeugd, familie en politieke leven. Zijn kleindochter verzorgde de illustraties. Jimmy Carter is niet alleen de oudste en langstlevende president, hij is ook de eerste die een dichtbundel heeft geschreven en gepubliceerd.

Uit deze bundel ‘Always a Reckoning and Other Poems’ komt het gedicht dat in ‘The United States of Poetry’ is opgenomen getiteld ‘Considering the Void’.

.

Considering the Void

.

When I behold the charm

of evening skies, their lulling endurance;

the patterns of stars with names

of bears and dogs, a swan, a virgin;

other planets that the Voyager showed

were like and so unlike our own,

with all their divers moons,

bright discs, weird rings, and cratered faces;

comets with their streaming tails

bent by pressure from our sun;

the skyscape of our Milky Way

holding in its shimmering disc

an infinity of suns

(or say a thousand billion);

knowing there are holes of darkness

gulping mass and even light,

knowing that this galaxy of ours

is one of multitudes

in what we call the heavens,

it troubles me. It troubles me.

.

Ik poëzie je graag

Flirt Flamand 2022

.

In 2019 was Vlaanderen eregast op de Brusselse Boekenbeurs. Onder het motto Flirt Flamand verleidden Vlaamse auteurs hun collega’s en het Franstalige publiek. Op die manier groeiden Franstalige- en Nederlandstalige auteurs naar elkaar toe en de actie was een groot succes.

“In 2020 werd verder gewerkt aan deze nieuwe relatie. In 2021 kon de beurs niet doorgaan, maar corona kon de liefde niet blussen. De Matchmaker creëerde het perfecte koppel: de Nederlandstalige Lize Spit en de Franstalige Thomas Gunzig (aka #THOMIZE). Wat begon als een grenzeloze flirt op hun smartphone, eindigde in een literair huwelijk. Thomas en Lize zeiden symbolisch ‘ja’ tegen elkaar, en met hen de hele Nederlandstalige en Franstalige boekensector in België.”

En nu, in In 2022 gooit Flirt Flamand het over een poëtische boeg met een poëziewedstrijd met de welluidende naam ‘ik poëzie je graag’. Ze roepen iedereen met liefde voor taal op om samen met  Lize Spit en Thomas Gunzig, het ultieme Flirt Flamand-gedicht te schrijven.

Tot 29 april 2022 kun je meedoen aan deze Flirt Flamand wedstrijd. De eerste en de laatste regel van het gedicht zijn geschreven door Lize Spit en Thomas Gunzig en iedereen wordt uitgenodigd om de tussenliggende regels in te vullen. Dat mag in het Nederlands, in het Frans maar ook in een combinatie van de twee talen.

Op de website van Flirt Flamand worden alle gedichten geplaatst. Een voorbeeld van Fran Hantson getiteld ‘Hartenbreker’.

.

Hartenbreker

.

Een octopus heeft drie harten

maar speelt dit hem parten?

.

Zijn harten gaan alle kanten uit

één voelt weemoed en tristesse

één voelt spijt en dankbaarheid

één voelt als een wulpse trien.

.

Spelletje tempo tikken?

ja – ja – nee… het zou prikken.

.

Wonen in de zilte zee

ook dat valt soms niet mee

vissen, haaien, boten, netten

elke dag stelt eigen wetten.

.

Maar als de maan stijgt

en als de een na de ander zwijgt,

valt de nacht op de bodem van de zee.

.

Vroeger

Dubbel-gedicht

.

Vandaag een dubbel-gedicht over vroeger, toen alles nog goed was (schijnt). Grappig genoeg zijn de twee gedichten die ik vond en over vroeger gaan beide met een stevige knipoog. Het eerste gedicht ‘Vroeger’ is van Wim de Vries (1923 – 1994) en komt uit de bundel  ‘Van 8 tot 5’ uit 1975. Wim de Vries was arbeider, dichter en prozaïst. Daarnaast was hij redacteur van het tijdschrift WAR (Werkgroep voor Arbeidsliteratuur Rotterdam) en medewerker aan Remco Camperts tijdschrift Gedicht.

Het tweede gedicht ‘Vroeger kon het zo hard sneeuwen’ is van Willem Wilmink (1936-2003) en komt uit ‘Verzamelde liedjes en gedichten’, uit 1986. Willem Wilmink was een zeer bekend en gewaardeerd dichter, zanger en schrijver.

.

Vroeger

.

Als mijn vader het boodschappenlijstje

voor Simon de Wit invulde,

schreef hij achter elk artikel

(goed en goedkoop).

Hij is nu oud maar beschikt nog

altijd over een grenzeloze fantasie.

.

Willem Wilmink, uit Verzamelde liedjes en gedichten, uit 1986

.

Vroeger kon het zo hard sneeuwen

.

Vroeger kon het zo hard sneeuwen,

zo’n dik pak.

Dus je kon alleen je huis uit

langs het dak.

En je zag wel aan de torens

waar je was,

en dan kwam je door de schoorsteen

in je klas.

.

En dan maakte ik een sneeuwpop,

groot en wit.

En zijn tanden waren vaders

kunstgebit.

Sneeuwpop kon een liedje zingen,

lief en zacht.

Maar toen is hij weggelopen,

in de nacht.

.

Van een hele grote sneeuwhoop,

stap voor stap,

maakte ik een hele hoge,

lange trap.

Ben ik naar de maan geklommen,

tree na tree.

Kijk: een hele tas vol sterren

bracht ik mee.

.

Bonobo

Hugo Claus

.

In een klein bundeltje dat uitgegeven werd ter gelegenheid van de 19de Nacht van de Poëzie in Vredenburg Utrecht in 1999 kwam ik het gedicht ‘Bonobo’ tegen van dichter Hugo Claus (1929-2008). Toen ik dit dit gedicht las moest ik onwillekeurig denken aan de staat waarin de wereld zich bevindt. Vooral de zinnen ‘Zijn ziel is vaak onnozel / als die van de mensen’ in combinatie met de laatste strofe waarin de verandering plaats vindt. In dit geval het uitvinden van de ladder, in het geval van de mens, het geloof in het eigen verhaal, de eigen macht. Hoewel ik de Bonobo kende als liefdevolle en heerlijk oversekste aap, blijkt uit dit gedicht ook een ander beeld. Ook daarom wilde ik gedicht met jullie delen.

.

Bonobo

.

De mensaap ligt languit

bovenop zijn bruid.

Zijn geest verlaat zijn ledematen

met het gegons van telefoondraden.

.

De mensaap vrijt als wij,

een innig gebonk op de sprei.

Zijn ziel is vaak onnozel

als die van de mensen.

.

Hij kan treurig troosten,

kwetsuren vergeven. Zijn gedachten

zijn in staat tot soelaas.

.

Maar dan vindt hij de ladder uit

en hij klimt de ladder op en af

en doodt zijn eigen jongen.

.

App voor poëzieliefhebbers

Poems – Poetry in English

.

Wat me opvalt als je in de app store of in Google play naar poëzie zoekt, is dat er weinig aanbod is. Het Poëziemuseum is er een, Puzzlingpoetry is een andere en natuurlijk is er Muze Poëzie maar dat is het dan ook wel zo’n beetje. In het Engelse taalgebied is er meer keuze. Zo kwam ik de app English Poems tegen. In deze app staan meer dan 300 van de meest gerespecteerde dichters, met in totaal meer dan 37.000 gedichten. Je kunt je favoriete gedicht markeren (zodat je deze snel en gemakkelijk terug kan vinden) en je kan een gedicht makkelijk naar iemand toesturen vanuit de app.

Een proef op de som die ik nam toverde alle dichters die ik kon bedenken naar boven: van Anne Sexton, Billy Collins, Derek Walcott, Elisabeth Barret Brown, Geoffrey Chauser, John Keats, Thomas Hardy, Stevie Smith tot Siegfried Sassoon, Maya Angelou en J.R.R. Tolkien. Maar ook vele namen die mij minder of niet bekend zijn.  En denk nu niet dat er per dichter maar 1 of een paar gedichten in staan, alles behalve. Van J.R.R. Tolkien bijvoorbeeld staan er maar liefst 41 gedichten in deze app. Bijzonder vind ik ook dat er dichters in de lijst staan die je niet meteen verwacht (Goethe, von Schiller, Hesse).

Uit deze heerlijke lange lijst koos ik voor een gedicht van Hilaire Belloc (1870 – 1953). Hoewel de naam doet vermoeden dat het hier een Fransman betreft (dat klopt, Belloc werd in Frankrijk geboren) is in dit geval toch ook sprake van een Engelse dichter (Belloc werd in 1902 genaturaliseerd tot Brits onderdaan). Hij was een van de meest productieve schrijvers van Engeland in de vroege twintigste eeuw. Hij studeerde aan de Universiteit van Oxford. Zijn werk omvat meer dan 100 titels waaronder romans, essays, gedichten en zakboeken.

Uit de app koos ik het gedicht ‘The Tiger’ van Belloc dat stamt uit zijn bundel The Bad Child’s Book Of Beasts uit 1896.

.

The Tiger

.

The tiger, on the other hand,

Is kittenish and mild,

And makes a pretty playfellow

For any other child.

And Mothers of large families

(Who claim to common sence)

Will find a tiger well repays

The trouble and expense.

.

 

Kattepoten

Rudy Kousbroek

.

Ik woon in een huis waar sinds eind van de zomer van vorig jaar twee poezen zijn ingetrokken. Nou ja, we hebben ze een woning geboden. Twee van die schattige bolletjes wil je wel in huis hebben. Afgelopen week waren ze (twee zusjes) elkaar aan het liefkozen zoals waarschijnlijk alleen poezen dat kunnen. Op een manier waarop ooit onze kat zijn twee poten om de nek van mijn dochter legde, zo lagen ze gearmd in elkaar. Ik moest meteen denken aan een gedicht dat ik ooit las in de hele fijne bundel ‘Het grote dieren gedichten boek’ uit 2007 samengesteld door Guus Luijters. In ruim 400 bladzijden komen gedichten van zo ongeveer elk denkbaar dier voorbij. Uiteraard met een groot aandeel van poezen (en honden) gedichten.

Na even zoeken bleek het om het gedicht ‘Kattepoten’ (ja zo schreef je dat toen nog) van Rudy Kousbroek (1929 – 2010) te gaan uit de bundel ‘Varkensliedjes’ uit 1996. Hier de foto die ik van het dartele duo maakte en het gedicht.

.

Kattepoten

.

Tel de kattepoten een voor een,

Tel ze alle en vergeet er geen,

Tel ze alle!

Tel ze een voor een,

en ge ziet Gods goedheid en genade alleen.

.

 

Als een zachte steen

Marleen de Crée

.

In de Poëziekrant nummer 1 uit 2022 lees ik dat de Vlaamse dichter en plastisch kunstenaar Marleen de Crée in oktober 2021 is overleden. Marleen de Crée-Roux (1941 -2021) kende ik nog niet zolang als dichter. Voor het februarinummer van MUGzines #6 vroegen we haar als bijdragend dichter. Ze reageerde heel spontaan en enthousiast en we konden de drie gedichten die ze aanleverde plaatsen in het magazine. En nu lees ik dat ze aan een ongeneeslijke ziekte leed. Ook haar man Jean leed aan een ongeneeslijke ziekte en ze zijn samen uit het leven gestapt.

Marleen en Jean waren overal present in het Vlaamse culturele leven. Zij woonden tal van presentaties bij van collega dichters, ze verzorgden de stand van uitgeverij P en Poëziecentrum op de jaarlijkse Antwerpse Boekenbeurs. Marleen was een dichter die haar werk rustig en zonder opsmuk voordroeg, de teksten moesten voor zich spreken.

Ze debuteerde met de bundel ‘Ofelia speelt met de maan‘. Haar poëtisch oeuvre telt meer dan 20 dichtbundels waarvan verschillende bekroond werden met o a  de Maurice Gilliamsprijs, de August Beernaertprijs van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde en de prijs van de Vlaamse Poëziedagen.

Uit de bundel ‘Passage’ uit 1987 komt het gedicht ‘langzaam, als een zachte steen’.

.

langzaam, als een zachte steen…

langzaam, als een zachte steen,
rol ik aan de flarden van je naam.
sprakeloos wil je me overnachten.
ik stapel bed en ogen vol met wachten
op je grillig haar, je stem, het branden
aan de bakens om me heen.
ik denk: er is geen onschuld langer
dan de kamer, mijn mond, je hart
dat beeft, het ruilen van gedachten.
dan rol ik langzaam als een zachte steen.

.

Stap voor stap

Mark Boninsegna

.

Mark Boninsegna is dichter, schrijver, freelance journalist, kunstenaar en podcastmaker. Regelmatig verzorgt hij poëzieworkshops op scholen voor kinderen in probleemwijken. Hij schreef voor Hand in Hand, Gers! Magazine, Smaak mag, Onze Haven, Noisey en De Havenloods (allemaal in Rotterdam). Hij is oprichter van het online poëziemagazine ‘A Fetisch For Poetry’. Sinds juni 2021 presenteert hij samen met collega dichter en voormalig stadsdichter van Rotterdam, Daniël Dee, de tweewekelijkse podcast ‘De Rotterdamse School en aanverwante zaken’ waarin de twee het laatste poëzie- en literatuurnieuws bespreken.

Eind 2018 werd Mark Boninsegna (1976) benoemd tot gemeentedichter van Lansingerland (gemeente in Zuid Holland bestaande uit de dorpen Berkel en Rodenrijs, Bleiswijk en Bergschenhoek). Voor 2018 was hij al actief als bibliotheekambassadeur van de bibliotheek Oostland. Mark gaf in januari van dit jaar het gemeentedichtersstokje over aan Woes Ploum en als dank voor zijn jarenlange inzet werd de bundel ‘Poëzie is in de buurt’ gepubliceerd met zijn gemeentegedichten.

Uit deze bundel komt het gedicht ‘Stap voor stap’ een gedicht naar aanleiding van 4 en 5 mei (hij schreef elk jaar een gedicht rond deze dagen).

.

Stap voor stap

.

laten we lopen

stap voor stap

in beweging

.

open velden bezoeken

wij ooit verscholen

achter hoeken

.

blikken als staal

verdwenen met jou

-lach als een kind-

.

onbezorgd opgroeiend

met moeders en vaders

vrienden en buren

.

jouw pril geluk

aan jullie hand

stap voor stap

in beweging

.