Site-archief
Hugo Claus
Avondland
.
Van de Vlaamse dichter Hugo Claus (1929 – 2008) verscheen in 1994 de bundel ‘Gedichten 1948 – 1993’ met daarin het volgende gedicht.
.
Als er niets nieuws is in het avondland
maar alleen wat er geweest is vanaf het begin,
wat kan ik uitvinden dat niet faliekant
een eerder geboren kind verzint?
.
Jij staat al Etruskisch, Helleens, Azteeks
op ansichtkaarten aan de wand gepind
te lonken, te koop, al te zeer bemind,
mijn eeuwenoude jonge feeks.
.
Hoe zou de antieke wereld reageren
tegenover het huidig mirakel van je lijf?
Blijven geloven dat geen ogenblik
.
ooit zonder herinnering kan genereren?
Die oude rakkers wisten van geen blijf
met jouw eenzelvigheid, net zomin als ik.
.
Young poets en Meander
Nathan van der Borght
.
De redactie van taalplatform Young Poets (initiatief van het Letterkundig Centrum Limburg) organiseert onder andere wedstrijden voor jonge schrijvers tussen de 14 en 25 jaar zoals bijvoorbeeld afgelopen lente. Het thema was ‘Vriendschap’. Bij het thema horen termen als vertrouwen, veiligheid, onvoorwaardelijkheid maar ook kwetsbaarheid, verdriet en herinnering.
De deelnemers schreven een (niet eerder gepubliceerd) gedicht van maximaal 500 woorden.
De jury werd gevormd door dichter Jonathan Griffioen, docent Nederlands Jaap Linde (Vrije School Parkstad), Elly Woltjes (Meander) en Alja Spaan (dichter, Meander). Zij kregen alleen de leeftijd van de auteur te zien. Afgesproken werd met de winnaars en Merlijn Huntjens (consulent Literatuur, het Huis van Limburg) de eerste drie winnende gedichten op de Meandersite te plaatsen. Alle winnende gedichten zijn te lezen op https://meandermagazine.net/wp/2018/05/young-poets/
Winnaar van deze wedstrijd werd Nathan Van der Borght (2001). Nathan studeert Latijn in het 5de middelbaar te Antwerpen. “Ik ben 16 zomers oud. Voor mij is poëzie een manier om met alles om te gaan, een manier om mezelf uit te drukken. Ik ben al van jongs af aan absoluut geobsedeerd door literatuur. Emoties omvormen in woorden, emoties omvormen in een metrum en vorm is iets wat me ongelofelijk veel voldoening geeft. Zijn winnende gedicht is getiteld ‘Vriendschap’.
Vriendschap
.
Vriendschap is een ochtend die je zelf hebt aangebroken.
Zelf kiezen wanneer de zon opkomt.
Vriendschap is voornamelijk geel, met vlekken gesatureerd blauw.
Zeker geen rode stukken.
Vriendschap is schappelijke wind op een
warme zomerdag.
Zon op een koude winterdag
Een vroege lente, juist wanneer je het nodig had.
Een boom die juist in die hoek groeit,
een bloesem waar de woede van afspat,
gewelddadige kleuren. Overweldigd.
Vriendschap is ook plotseling vragen vergeten en in vloeibare vorm vallen,
wetend dat het opstaan erbij hoort.
Even blijven liggen op de grond,
naar de lucht kijken en je hebt net de
hemel gezien maar je zegt er toch maar beter niets over.
Verdwijnen en wegkwijnen,
goedkope wijnen en samen rijmen.
Vriendschap zijn aders, jij bent bloed.
Vriendschap is van jezelf houden.
.
gewapend oog
Gust Gils
.
Gust Gils (1924 – 2002) is geen nieuwe naam op dit blog. Eerder schreef ik al over hem, zijn werkzaamheden (o.a. één van de oprichters van Gard sivik) en over een paar van zijn bundels. Hier voeg ik vandaag de bundel ‘gewapend oog’ aan toe. Deze bundel is uit 1966 (mijn exemplaar. 2e druk) maar het origineel stamt uit 1962 en de jaren zestig (en in zekere zin ook de jaren 50) komen naar voren in de teksten en het taalgebruik. De teksten doen me denken aan Simon Vinkenoog en om een dichter van nu te noemen Sven de Swerts. Geen interpunctie (of heel weinig), geen hoofdletters of punten (soms wel soms niet) maar wel komma’s. Toch is het interessant om de gedichten in deze bundel te lezen, juist als een document uit die tijd. Ik koos uit de bundel, met een bijzondere omslag van Patrick Conrad, het gedicht ‘vreemd was dit’.
.
vreemd was dit
.
vreemd hij zegt herkenbare dingen
maar hijzelf is niet herkenbaar.
.
wat zal gebeuren als mijn woorden hem bereiken?
wie zijn wij dan?
.
oh dacht ik zomaar twee tussendoorheden
elk animator van zijn eigen draadverwrongen leven.
.
maar reeds te ondenkbaar om iets anders te doen
heeft hij dood om zich heen gespeldepunt
.
reeds te zeker alleen blijf ik achter een afgeknaagd
stuk schedel in de hondse ruimte
.
Abracadabra
Delphine Lecompte
.
Delphine Lecompte (1978) debuteerde in 2004 in het Engels met de roman Kittens in the Boiler, daarna schakelde ze over naar gedichten in haar moedertaal. Voor haar debuutbundel ‘De dieren in mij’ kreeg ze de C. Buddingh’-prijs 2010 en de Prijs Letterkunde 2011 van de Provincie West-Vlaanderen. Hierna volgde nog bundels als ‘Verzonnen prooi’ (2010), ‘Blinde gedichten’ (2012), ‘Schachten en amuletten’ (2013) en ‘De baldadige walvis’ (2014), ‘Dichter, bokser, koningsdochter’ (2015 waar ze mee genomineerd werd voor de VSB Poëzieprijs) en ‘Western’ uit 2017.
Delpine Lecompte verhult niets in haar poëzie, bedient zich van een poëtica zonder franjes en jongleert met taal, aldus een recensent. Oordeel zelf. Uit de bundel ‘Western’ uit 2017.
.
Abracadabra in zijn slaap
.
Een man verleidt mij met een woordspeling
Hij is een pas ontslagen kraanmachinist
We nemen de bus naar de badstad waar ik leerde vechten
Vechten, tellen, stelen, lezen, schrijven, goochelen, turnen
De andere buspassagiers zijn jong en keurig.
Ik haat keurigheid in jonge mensen
Ik haat keurigheid in oude mensen
Ik haat keurigheid
Mijn vader is keurig
Ik haat mijn vader niet, hij staat op het punt om maagkanker te krijgen.
De pas ontslagen kraanmachinist zegt: ‘Ik draag mijn moeder op handen.
Toen ze zeven was heeft ze een duiker gered.’
‘Gered waarvan?’ Vraag ik oprecht nieuwsgierig
‘Van zichzelf natuurlijk!’
We stappen uit de bus, de zee oogt oud en wellustig.
Ik hou van wellust in oude mensen
Ik hou van wellust in jonge mensen
Ik hou van wellust
Mijn moeder is wellustig
Vroeger dacht ik dat ik mijn moeder niet graag zag, nu weet ik dat ik haar aanbid.
We delen een wafel, we strelen een opblaasboot
De boot is lek, de wafel is teleurstellend
In een bunker bedrijven we de liefde
De pas ontslagen kraanmachinist klinkt als een gewonde reiger
Wanneer hij klaarkomt, het is een afknapper.
Na de seks valt hij in slaap
Hij zegt verscheidene keren ‘abracadabra’ in zijn slaap
Dat vind ik grappig.
.
Toen je me ten huwelijk vroeg
Sylvie Marie
.
De Vlaamse dichter Sylvie Marie (1984), pseudoniem van Sylvie De Coninck, publiceert sinds 2005 gedichten in literaire tijdschriften en staat regelmatig op het podium waar ze haar poëzie voordraagt. In 2009 kwam haar debuutbundel uit getiteld ‘Zonder’, in 2011 de opvolger ‘Toen je me ten huwelijk vroeg’, in 2013 ‘Speler X’ en in 2014 ‘Altijd een raam’.
Met de bundel ‘Toen je me ten huwelijk vroeg’, werd ze genomineerd voor de Herman de Coninckprijs, de J.C. Bloemprijs en de Eline Van Haarenprijs. Voor ‘Altijd een raam’ kreeg ze in 2017 de laatste provinciale prijs Letterkunde van de provincie Oost-Vlaanderen.
Tussen november 2009 en juni 2011 schreef Sylvie Marie als huisdichteres regelmatig gedichten voor het weekblad Humo. Tegenwoordig werkt ze als leerkracht literaire creatie aan de academies van Tielt en Ieper en geeft ze regelmatig workshops poëzie.
Uit haar bundel ‘Toen je me ten huwelijk vroeg’ koos ik het gedicht ‘beginnen’.
.
beginnen
.
hij zou haar bloemen moeten brengen,
een vaas en kraanwater. een rood tafellaken
en kaarslicht om samen naar te kijken. het is dat
hij zich geen blijf weet met zijn houding. bij haar
komen er blozende kaken. krijgt hij het niet
altijd goed gezegd. hoe zou zij zich voelen
als ze er bij iemand naakt lijkt bij te zitten?
zou ze ook geen zaken zoeken om achter
te verdwijnen: haren, handen en vrolijke
verhaaltjes waarin de hoofdpersonages eerst
heel veel hindernissen moeten overwinnen
vooraleer ze in elkaars armen mogen vallen?
er zijn sprookjes die nooit eindigen
op ‘en ze leefden nog lang en gelukkig’.
sommige sprookjes verlangen
‘er was eens’.
.
Ik ben mogelijk
Maud Vanhauwaert
.
De Vlaamse dichter Maud Vanhauwaert (1984) is schrijver en theatermaker. Ze behaalde een masterdiploma Taal-en Letterkunde aan de universiteit van Antwerpen en een masterdiploma Drama aan het Conservatorium van Antwerpen, waar ze nu zelf doceert. Voor haar poëziedebuut ‘Ik ben mogelijk’ (2011) kreeg ze de Vrouw Debuut Prijs, voor haar bundel ‘Wij zijn evenwijdig’ (2014) de Hughues C. Pernathprijs en de Publieksprijs van de Herman De Coninck- wedstrijd. In haar werk zoekt ze naar speelse theatrale vormen om poëzie publiek toegankelijk te maken. Met haar performances trad ze op, op radio en tv, in binnen en buitenland. In 2018-2019 is ze stadsdichter van Antwerpen.
Uit haar bundel ‘Ik ben mogelijk’ een gedicht zonder titel.
.
jonge mensen die zwijgen
slappe ballen onder een stijve
lage slingers bij een verjaardagsfeest
waar zijn de moeders
die vragen hoe het is geweest
.
in deze stad waarin ze met moeite de maand neertelt
het aangeraden gebak, zonnebrillen metallisch groen
van keverschilden, vraagt ze: ik ben alleen
.
en hoewel de lucht zalmroze
we vrijelijk kunnen spreken dus van luchtroze zalm
zeg ik domweg ja, de stad is steeds
.
en dan de putjes in haar lach
alsof in elke wang een nietje zat
.
Een drukke trein
Kristien Spooren
.
Een van de deelnemers aan de Poëziebus toer van 2018 is de 23 jarige Kristien Spooren uit Gent. Deze jonge dichter bij de Auw La crew http://www.auwlagent.com ( Auw la verenigt studenten en woorden. De crew organiseert evenementen over en met poëzie, slam, gesproken woord en alle soorten rijmende regels daartussen) heeft een mooie website waarop onder andere het volgende te lezen is:
“Dat zij houdt van verdwalen, bomen, boeken en donkerwarme chocolademelk, ze graag ruikt aan de bovenkant van oude turnplinten, dat haar lievelingsgeluid een regenbui is en dat ze in haar vrije tijd mooie zinnen verzamelt of een lange tijd helemaal niets doet.” Daarnaast studeert ze Afrikaanse talen en culturen aan de universiteit Gent.
Op haar website vele voorbeelden van mooie zinnen en woorden (gedichten). Een voorbeeld is het gedicht ‘Een drukke trein’.
.
Een drukke trein
.
Michiel van Opstal
Jonge dichters
.
In het kader van mijn nieuwe categorie waarin ik jonge talentvolle dichters extra aandacht geef, vandaag de Vlaamse dichter Michiel van Opstal (1992). Deze Vlaamse dichter kun je kennen van zijn optredens op podia als Balonnenvrees, You on Stage, Sprekende Ezels en Boomtown (allen in Vlaanderen) of van de Poëziebus toer 2016. Michiel van Opstal zou graag de stadsdichter van Hoogstraten worden in 2019 en hij schrijft graag over alledaagse dingen en laat zich inspireren door ontmoetingen met plompe passanten, dwalende dwazen en machtige muzes. Michiel vormt samen met Gust Peeters en Daan Janssens het bestuur van de VZW Poëziebus in Vlaanderen.
.
Midlife man
.
Hij
legt zich
erbij neer
.
hoe
het leven
rondom hem
.
omhoog
.
rijst
.
als versgebakken brood
.
met hem
er middenin
.
als verloren
gelopen
rozijn
Als we ermee kunnen leven
Jill Marchant
.
De Vlaamse Jill Marchant was één van de Poëziebusdichters die mee ging met de toer door Nederland en Vlaanderen in 2016. Ze gluurt graag, vangt details op uit flarden van conversaties en van het leven. Jill heeft een blog https://verhaalgemaak.wordpress.com en ze was winnaar van Naft voor het woord 2016. Ze staat met regelmaat op podia in Vlaanderen en publiceerde in Meander, Kluger Hans en Gierik. Naast haar litaraire werk is ze job- en loopbaancoach.
Van haar hand het gedicht “Als we ermee kunnen leven”.
.
Als we ermee kunnen leven
.
I.
het sap van de bomen
wat stuwt het sap van de bomen omhoog gelijk ons hart ons bloed
in ons lijf
.
het water
wat duwt het water neerwaarts wanneer breekt het
breekt het een val
.
ik loop tot waar ik uitmond
op tocht gedurig vaste lijnen zoek om mijn lichaam
te herbergen
.
als we er niet langs kunnen
moeten we erdoor als we ermee kunnen leven
laat het dan vrij
.
het is een zekerheid
een rotsflank boven water gelijk ons hart ons bloed
in ons lijf
.
elke zekerheid was eerst een keuze
en een keuze herbergt voor even
breekt een val
.
als we ermee kunnen leven laat het dan vrij
.
II.
ik laat je vrij omdat je vrij bent
ja
(dit is zo’n moment om ja te zeggen)
.














