Site-archief

Morgen is het jouw beurt

Gedichten van het Griekse verzet

.

In 1967 werd door Griekse kolonels een staatsgreep gepleegd. In de periode daarvoor was er veel politieke onduidelijkheid en er werd zelfs al rekening gehouden met een staatsgreep van links of rechts. De nieuwe militaire junta liet iedereen arresteren met linkse of vermeende linkse sympathieën. Onder de gearresteerden bevonden zich invloedrijke politici, zoals vader en zoon Papandreou, maar ook gewone burgers verdwenen achter de tralies of werden naar de Griekse eilanden in de Middellandse Zee gedeporteerd. Van ruim 480 communisten werd het staatsburgerschap afgenomen. De componist Theodorakis werd in augustus 1967 gearresteerd wegens het oprichten van een “communistische” verzetsbeweging.

Tijdens het bewind werd er door vele linkse partijen en groepen buiten Griekenland actie gevoerd tegen de junta. In 1973, een jaar voordat de junta werd afgezet en de weg naar democratie werd ingezet, verscheen er bij Van Gennep in Amsterdam de bundel ‘Gedichten van het Griekse verzet’. In deze bundel worden twee periodes belicht; Deel 1 voor de staatsgreep (1936 – 1967) en deel 2 na de staatsgreep (1967 – 1973).

Waar in deel 1 vooral dichters aan de orde komen die tegen de Duitse bezetters ageerden, gaat het in deel 2 over dichters en schrijvers die vervolgd werden om hun linkse ideeën en idealen.

Dit boek kwam destijds tot stand op initiatief van de PAM (ΠΑΜ, Patriotisch Antidictatorisch Front) in Nederland en werd geïllustreerd door Varda Raz met typische jaren zeventig houtdrukken (denk ik).

Mikis Theodorakis (1925)  was tijdens de Tweede Wereldoorlog actief in het Griekse verzet, en werd gevangengenomen en gemarteld. Hij was ook actief tijdens de Griekse Burgeroorlog van 1944 tot 1949.

In 1967 na de staatsgreep ging Theodorakis ondergronds, en stichtte het “patriottisch front”. Met decreet Nr. 13 werd het verboden om de muziek van Theodorakis te spelen en te beluisteren. Hij werd gearresteerd en daarna verbannen. Later werd hij geïnterneerd in een concentratiekamp te Oropos. Dankzij een internationale campagne waarin onder anderen Dmitri Sjostakovitsj, Leonard Bernstein, Arthur Miller en Harry Belafonte actief waren, werd hij in 1970 vrijgelaten, maar uit Griekenland verbannen.

Tijdens zijn verbanning was hij een onvermoeid voorvechter van de strijd tegen het kolonelsregime, hij gaf honderden concerten en werd zo een boegbeeld van het verzet.

Na de val van het kolonelsregime kwam hij terug naar Griekenland, naast zijn muzikale werk ging hij in de politiek, en was meermalen lid van het Griekse parlement en was van 1990 tot 1992 minister in de regering van Konstantinos Mitsotakis.

In de eerste periode na de staatsgreep zat Theodorakis ondergedoken in een kelder en schreef hij aantal liederen. Hij zette ze op band met als enige muzikale ondersteuning het kloppen van zijn hand op een tafel. Ze werden naar het buitenland gesmokkeld en later op plaat gezet. In het gedicht ‘In het geheim spreken de bergen’ hebben de laatste twee zinnen betrekking op de verzetsorganisatie PAM.

.

In het geheim spreken de bergen (krifa miloune ta vouna)

.

In het geheim spreken de bergen tot elkaar,

in het geheim ook de steden:

de Hymettos tot de Parnis

en Kokkinia met Tavros.

.

Zo groot als de zee is, zo groot is ook mijn verlangen,

zo breed als de golven zijn, zo breed ook mijn zuchten.

.

In het geheim spreken ook de mensen,

in het geheim de jongens,

overdag lopen ze en ’s nachts zingen ze.

.

Ik roep de jeugd van Mei op,

ik roep ook de arbeiders;

een diepe oceaan te worden

en alle kolonels te verzwelgen.

.

In jouw hart, Athene,

heb ik mijn stem geplant,

ik ben het front,

ik roep de patriotten op.

.

morgen

Mont Ventoux

Jan Kal

.

De Mont Ventoux is vooral bekend onder wielerliefhebbers (als Col van de buitencategorie) en onder de lezers van het gelijknamige boek van Bert Wagendorp (dat inmiddels ook verfilmd is). Minder bekend is het gedicht met deze titel van Jan Kal.

Jan Pieter Kal (1946) is  vooral bekend van zijn vele sonnetten. Hij groeide op in Haarlem, maar verhuisde naar Amsterdam voor een studie medicijnen. Aan studeren kwam hij niet toe door een alles overheersende liefde, maar die bracht hem wel tot het schrijven van sonnetten. Jan Kal kan van weinig poëzie maken. Hij heeft een eigen spontane, weemoedige toon, waarin ook zijn humor een plaats heeft.

Kal debuteerde in 1974 met de bundel ‘Fietsen op de Mont Ventoux’ waaruit ook dit gedicht is genomen. Hij heeft inmiddels 16 bundels het licht laten zien met ‘Een dichter in mijn voorgeslacht’ uit 2015 als laatste.

.

Mont Ventoux

.

Dichten is fietsen op de Mont Ventoux,

waar Tommy Simpson nog is overleden.

Onder zo tragische omstandigheden

werd hier de wereldkampioen doodmoe.

.

Op deze col zijn velen losgereden,

eerste categorie, sindsdien tabu.

Het ruikt naar dennegeur, Sunsilk Shampoo,

die je wel nodig hebt, eenmaal beneden.

.

Alles is onuitsprekelijk vermoeiend,

de Mont Ventoux opfietsen wel heel erg,

waarvoor ook geldt: bezint eer ge begint.

.

Toch haal ik, ook al is de hitte schroeiend,

de top van deze kaalgeslagen berg:

ijdelheid en het najagen van de wind.

.

kaldrie

jan-kal-2-juni-2011

                                                                                                                        foto: Annet Hogenesh

 

Troep

Willem Jan Otten

.

Ik las een gedicht van Willem Jan Otten en moest onwillekeurig denken aan een dergelijke situatie bij mij thuis. Hoe vaak kom je geen stapel spullen tegen die je netjes hebt opgeruimd en waar je nooit meer naar omkijkt. Het is hetzelfde gevoel dat ik krijg als ik wel eens naar programma’s als American Pickers kijk op History Channel. De twee ‘pickers’ komen dan soms bij mensen die enorme schuren vol spullen hebben, vaak in dozen weggestopt maar ook bovenop elkaar gestapeld zonder enige orde. In veel gevallen weten deze mensen niet eens meer wat ze in de loop der jaren verzameld hebben.

Zelf probeer ik voorzichtig met steeds minder spullen te leven met als enige uitzondering dichtbundels. Daar kun je er nooit genoeg van hebben. Uit ‘Het keurslijf’ uit 1974 het gedicht ‘Het materiaal’.

.

Het materiaal

.

Ik bewoon een huis

vol ingepakt bezit.

.

De kisten onderop bedolven,

wat later kwam wanordelijk.

.

Van uitpakken geen sprake:

hier of daar bevestig ik

een label.

.

troep

Ik ben bang voor de honger

Gedichten die mannen aan het huilen maken

.

Uit de fijne bundel, samengesteld door Nick Muller, ‘Gedichten die mannen aan het huilen maken’ koos Arie Boomsma voor het gedicht ‘Ik ben bang voor de honger’ van Jan Arends (1925 – 1974).

Als motivatie waarom hij juist dit gedicht koos zegt Arie: Wat mij zo treft in het gedicht ‘Ik ben bang voor de honger’is de schaamte, dat het leven zo anders is gelopen dan gehoopt. Maar wat schuilt er toch veel schoonheid in mineur. het gedicht is om te grienen zo mooi.

.

Ik ben bang voor de honger.

.

Ik ben bang

voor de honger.

.

Ik heb vrees

voor honger.

.

Ik ben mijn leven bang

voor honger geweest.

.

Ik ben jong

en sterk geweest

en ik was er zeker van

dat er bloemen zouden zijn

vrouwen

een huis.

.

Dat ik de dingen zou beheersen

.

en misschien was dat ook zo geweest.

.

Maar ik ben altijd bang

voor honger geweest

en daarom ben ik dit geworden.

.

arends

De Zeehond

Jos De Haes

.

Via Facebook kreeg ik van Bout Vercnocke een tip over de Vlaamse dichter Jos De Haes (1920 – 1974). De Haes was behalve dichter ook essayist en radiomaker. Hij publiceerde gedichten in het tijdschrift ‘Podium’ (1943-1944), waarvan hij hoofdredacteur was. Hij ontmoette er Frank Meyland, Anton van Wilderode, Hubert Van Herreweghen, en Christine D’Haen.

Daarna publiceerde hij in ‘Poëziespiegel’ waar hij Paul De Rijck, Hubert Van Herreweghen, André Demedts en Albert Westerlinck ontmoette. In 1950 werd hij recensent bij ‘Dietsche Warande en Belfort’ en werd in 1960 redactielid.

In 1961 werd hij diensthoofd van de literaire en dramatische uitzendingen van de BRT en werkte hij aan het programma ‘Vergeet niet te lezen’.  Hij publiceerde 4 dichtbundels en gedichten in verzamelbundels. Hij ontving onder andere voor zijn werk de Prijs voor Letterkunde van de Vlaamse  provincies, de driejaarlijkse staatsprijs voor poëzie en Guido Gezelle-prijs van de Koninklijke Vlaamse Academie.

Het gedicht ‘De Zeehond’ komt uit de cyclus ‘De Pool’ in de bundel ‘Gedaanten’ van 1954. De gedichten uit die cyclus zitten vol symboliek. Zo ook ‘De Zeehond’ waarin, kort gesteld, de mens vecht tegen de dood met de moed der wanhoop, als een zeehond die onder de ijskorst zwemt maar uiteindelijk toch het ademwak, het leven vindt.

De YouTube opname van Jo De Meyere komt uit een tv-uitzending van rond 1970.

.

De Zeehond

.

Het is te vinden in ’t ademwak

het ijsgat met de smalle schacht,

waardoor ik aan het oppervlak,

liggend in reukzout en koud water,

leven zuig uit sneeuwlichte nacht.

.

IJspegels brekend met mijn tand

zoek ik in ’t licht der sneeuw rondom

en vind haar Engel aan de rand

de vogel keizerpinguin staat er,

een kegel als Haar wijsheid stom

en als Haar eeuwig willen strak

.

Het is te vinden in ’t ademwak,

longpijp in ’t rustigste der vlezen,

diep ademhalen en genezen.

.

De-Haes-0

Jan Arends

Korte venijnige poëzie

.

Afgelopen zondag presenteerde ik een poëziemiddag waar ook Alexander Franken optrad. Als singer-songwriter en als dichter. Alexander heeft een paar korte maar krachtige gedichtjes geschreven die altijd aanslaan. Ook bij mij, ook al heb ik ze al meerdere malen gehoord uit zijn mond. Dit deed me denken aan de schrijver, dichter en literair vertaler Jan Arends.

Jan Arends (1925 – 1974) was Hagenaar van geboorte (net als Franken overigens). Hij had een moeilijke jeugd en omdat het werk van Jan Arends  veel autobiografische elementen bevat, is zijn leven en zijn literaire werk sterk met elkaar vervlochten. In zijn werk geeft Arends een kritische visie op de maatschappij vanuit een persoonlijk perspectief.

Jan Arends heeft nog geen twee jaar als schrijver en dichter de aandacht van een breed lezerspubliek getrokken en in de publiciteit gestaan. Op 21 januari 1974, de dag waarop zijn gedichtenbundel ‘Lunchpauzegedichten’ verschijnt, pleegt hij zelfmoord door uit het raam van zijn woning op de vijfde etage van een flat in Amsterdam te springen. Uit zijn nalatenschap werd door Remco Campert de dichtbundel ‘Nagelaten gedichten’ samengesteld die in 1975 verscheen. In 1983 verschijnt het ‘Verzameld werk’ met daarin een aantal niet eerder gepubliceerde gedichten. (Bron Wikipedia).

Hieronder twee gedichten van Arends, kort, krachtig en venijnig. De eerste uit ‘Lunchpauzegedichten’ en de tweede uit ‘Nagelaten gedichten’.

.

Wat

geeft dat toch

een angstig gevoel

van vrede

als vader

zijn bijl slijpt.

.

.

Kanker…

is
een goede dood.

Teplettervallen
is
een goede dood.

Verdrinken
is
een goede dood.

Zelfmoord
is
een goede dood.

Elke dood
is
een goede dood.

Maar
de dood
die je
te wachten staat
dat is
een slechte dood.

Altijd.

.

Arends reeks-Lunchpauze@1.indd

arends_nagelaten_gedichten

 

Poëzie in beweging

Voor scholieren en iedereen die van poëzie houdt

.

Even geleden werd ik op de website http://poezie-in-beweging.nl/ gewezen. Op dat moment heb ik het adres van de website even opgeschreven en vervolgens weer vergeten. Maar zoals vaker kom ik soms papiertjes tegen met (vaak cryptische) zinnen of woorden of in dit geval een adres op internet. 

Toen ik de website werd ik meteen enthousiast. Want wat staat er in het welkoms-woord? “De bedoeling van deze vakoverstijgende educatieve poëzie-website is gedichten in de vreemde talen Duits, Engels en Frans zo aantrekkelijk en laagdrempelig mogelijk aan te bieden”.

Ik kan je melden dat de makers van deze website hun belofte volledig nakomen. Op de website staan allerlei rubrieken gevuld met interessante, mooie en leuke voorbeelden van gedichten, vormen poëzie, weetjes, filmpjes, interactieve gedichten, een quiz en ga zo maar door. Voor je het weet ben je uren zoet met het doorbladeren van deze geweldige website.

Hadelinde van der Hoek en Margreet Feenstra zijn terecht trots op hun werk en eigenlijk zou elke middelbare school gebruik moeten maken van de informatie op deze site. Juist ook omdat men zich niet tot Nederlandse gedichten en dichters beperkt maar ook Engels, Duitse en Franse dichters en gedichten behandeld en plaatst.

Uit deze enorme hoeveelheid leuke, interessante en mooie dichters en gedichten heb ik gekozen voor een gedicht van Anne Sexton over New York dat in de rubriek ‘gedichten over landen en steden’ staat.

.

PIB

as

Lees eens een gedicht

Bundel uit 1974

.

Ook in de jaren zeventig van de vorige eeuw werd er al aan promotie van de poëzie gedaan. Bij Querido verscheen in 1974 de bundel “lees eens een gedicht’, samengesteld door T. van Deel, met daarin 170 gedichten van alle, in die tijd, bekende Nederlandse dichters.

Kees Fens schreef destijds over deze bundel: “van Deel heeft uiteraard op kwaliteit gekozen, maar heeft met die keuze niet volstaan. Hij heeft de gedichten gegroepeerd rond gemakkelijk herkenbare thema’s..”

“Deze bloemlezing heeft dus een echte opbouw. Poëzie wordt alledaagser dan u denkt. Dat een bloemlezer dat kan bereiken, is een prestatie”.

De bloemlezing wil het plezier in het lezen van poëzie activeren. Of dat gelukt is weet ik niet (geen idee ook hoe ze dat willen gaan controleren) maar het heeft in ieder geval een mooie bundel opgeleverd met een dwarsdoorsnede van de Nederlandse dichters uit die tijd.  Bekende namen maar ook minder bekende namen staan in deze bundel door elkaar.

Ik heb gekozen voor een gedicht van een wat minder bekende dichter namelijk van de dichter Alain Teister. Teister (1932 – 1979) was behalve dichter, schrijver en schilder. Hij was ook een van de drijvende krachten achter de oprichting van theater De Engelenbak.

.

Versvoeten

.

Elk dichtertje zingt

zoals het genekt is

door rotjeugd, rotwijf, rotinkt.

En hij is de eminentste

die tussen de brekebenen

zijn voeten het minst kapothinkt

en dat het bedroefdst formuleert.

Elk dichtertje zingt

vrij ongedeerd.

.

lees-eens-een-gedicht-43554074

Januari

Herman de Coninckzondag

.

Zoals vorige week al aangekondigd ga ik ook in 2016 voorlopig door met het plaatsten van een gedicht van Herman de Coninck op de zondag. Het is januari dus heel toepasselijk vandaag het gedicht ‘Januari’ uit de verzamelbundel ‘de gedichten’ en eerder verschenen in o.a. Puur natuur, Aalst 1974.

.

Januari

.

Januari, en we neuken ons warm,

zoals je je onder de armen slaat

van de kou. jaja, koud is het hier,

als in een kathedraal, het soort

diepvriesreligie dat 2000 jaar lang kristus

koel heeft bewaard. en de zon schijnt inderdaad

als het lichtje in een koelkast.

.

en de mist ’s avonds lijkt op het soort vaagheid

wat ontstaat in het hoofd van een seniele god

die niets meer, laats staan een landschap,

kan onthouden. kijk maar waar ie nou weer

leuven anno 1975 verloren heeft gelegd.

.

leuven 1975

Kater

Froukje van der Ploeg

.

De dichter/vormgeefster Froukje van der Ploeg (1974) studeerde audiovisuele vormgeving aan de Kunst academie St. Joost in Breda en de opleiding van schrijversvakschool ’t Colofon in Amsterdam. In 2005 ontving ze de Hollands Maandblad poëziebeurs en in 2006 debuteerde ze met de bundel ‘Kater’ bij uitgeverij Nieuw Amsterdam. Haar tweede bundel ‘Zover’ verscheen in 2013.

Uit haar debuutbundel het gedicht ‘Verlenging’.

.

Verlenging

.

Op het terras werkt een langzame jongen

honden vliegen hysterisch langs, meeuwen

worden bootjes op het water naast de opblaasboot

van de meisjes met de vlechten

.

Dames praten hun voeten in nog warm zand

duwen ijsstokjes weg onder hun hand

De zandjongen haalt de bedden weg

bepaalt niet meer de sluitingstijd van de zon

.

froukje

kater