Site-archief
Keizerin van Oostenrijk
Liefde die moet vrij zijn
.
Keizerin Sissi, zo is ze vooral bekend, al is het maar door de films met Romy Schneider, die haar beroemd maakte; Keizerin Elisabeth van Oostenrijk. Elisabeth Amalie Eugenie in Beieren (1837 – 1898) zoals haar naam was trouwde op zeer jonge leeftijd (16 jaar, haar man Keizer Frans Jozef was 23) en werd daardoor Keizerin van Oostenrijk en (vanaf 1867) Hongarije.
Ze was totaal onvoorbereid op een leven als Keizerin. Ze was van geboorte al prinses van Beieren en Hertogin in Beieren maar Keizerin was toch een ander verhaal. Ze had enorm veel moeite om zich aan te passen aan de strenge etiquette aan het hof en deed er van alles aan om aan de regels te ontsnappen.
Wat minder bekend is was dat ze in het diepste geheim honderden verzen schreef. Pas in 1952, ruim een halve eeuw na haar tragische dood, werd in het Zwitserse Bern een cassette gevonden waarin zij haar verzamelde gedichten had opgeborgen.
In haar poëzie klinkt veelal haar eenzaamheid door en haar hunkering naar een eenvoudig en vervuld leven. In 2000 gaf uitgeverij Bert Bakker een selectie, samengesteld en vertaald door Gerda Meijerink, uit onder de titel ‘Liefde, die moet vrij zijn’. De 21 gedichten zijn opgenomen in het Duits en het Nederlands. Ik koos voor het gedicht Áfscheid van Zandvoort’ of ‘Abschied von Zandvoort’. Keizerin Elisabeth bezocht tijdens haar leven een aantal maand deze Hollandse badplaats en verbleef daar in hotel Kaufmann en Villa Paula. Ze bezocht Zandvoort voor fysiotherapie door de beroemde dr. Mezger in Amsterdam. Als ze in Zandvoort was hield ze zich bezig met snelwandelen langs het Zandvoortse strand en paardrijden.
.
Afscheid van Zandvoort
.
Nog een laatste, lange blik
Op jou, geliefde zee!
En dan vaarwel, hoe moeilijk ook;
God geve mij rentree!
.
Voor ’n afscheidsgroet vond ik het gepast,
Deze stille maanlichtnacht;
Jij trekt je uit- een glanzend beeld-
In al je zilverpracht.
.
Wanneer achter de duinenrij
De prille ochtend kriekt,
Ben ik met snelle vleugelslag
Al ver van jou gewiekt.
.
Maar ze vliegen hier altijd
De meeuwen, een witte schaar;
Dat één ervan er niet meer is,
Word jij dat dan gewaar?
.
Abschied von Zandvoort
.
Noch einen letzten, langen Blick
Auf dich geliebtes Meer!
Dann lebe wohl, so schwer´s auch fällt,
Gott geb´, auf Wiederkehr!
.
Zum Abschiedsgrusse wählt´ ich mir
Die stille Mondesnacht
Du liegst vor mir ein schimmernd Bild
In deiner Silberpracht.
.
Wenn morgen übers Dünenland
Die Sonne Strahl dich streift,
Bin ich mit raschem Flügelschlag
Schon weit von hier geschweift.
.
Umkreisen wird dich, wie zuvor,
Der Möven weisse Schar;
Dass unter ihnen eine fehlt,
Wirst du es wohl gewahr?
.
Holland
E.J. Potgieter
.
Vakantie in eigen land is thuis blijven of naar een ander deel van het land reizen. Afhankelijk van waar je woont is Holland het een of het ander. Dichter Potgieter(1808 – 1878) schreef eeen gedicht over Holland. Ik nam het over uit de bundel ‘Geliefde gedichten die iedereen kent maar niet kan vinden’ gekozen en ingeleid door Wim Zaal uit 1972.
.
Holland
.
Graauw is uw hemel en stormig uw strand,
Naakt zijn uw duinen en effen uw velden,
U schiep natuur met een stiefmoeders hand, –
Toch heb ik innig u lief, o mijn Land!
.
Al wat gij zijt, is der Vaderen werk;
Uit een moeras wrocht de vlijt van die helden,
Beide de zee en den dwing’land te sterk
Vrijheid een’ tempel en Godsvrucht een kerk.
.
Blijf, wat gij waart, toen ge blonkt als een bloem:
Zorg, dat Europa den zetel der orde,
Dat de verdrukte zijn wijkplaats u noem’,
Land mijner Vad’ren, mijn lust en mijn roem!
.
En wat de donkere toekomst bewaart,
Wat uit haar zwangere wolken ook worde,
Lauw’ren behooren aan ’t vleklooze zwaard,
Land, eens het vrijst’ en gezegendst’ der aard’.
.
En wat dan nog?
Annie M.G.Schmidt
.
Hoewel Annie M.G. Schmidt (1911-1995) vooral bekend is van haar kinderboeken, musicalteksten, hoorspelen en series was ze bovenal dichter. In 1950 debuteerde ze met ‘Het fluitketeltje en andere versjes’ met daarin klassiek geworden versjes als Dikkertje Dap en het beertje Pippeloentje.
In 1951 verscheen van haar hand haar eerste bundel met gedichten voor volwassenen getiteld ‘En wat dan nog!’. Een tweede bundel gedichten voor volwassenen ‘Weer of geen weer’ volgde in 1954. Beide bundels heb ik op de kop getikt in een kringloopwinkel en ik ben er erg blij mee.
In deze bundels zijn de verzen rijmend zoals we gewend zijn van Annie M.G. Schmidt maar hebben de verzen volwassen onderwerpen. Een bekend gedicht, dat ze al in 1938 schreef is het gedicht ‘Leeszaal’ waar ik al eerder over schreef in 2017 https://woutervanheiningen.wordpress.com/2017/07/14/ik-ben-een-god/
Een ander mooi en herkenbaar gedicht, nog steeds, is het gedicht ‘Ondergang van een illusie’ over dromen die niet uitkomen.
.
Ondergang van een illusie
.
Je bent dus geen diep water, Jan Willem,
je bent maar een meneer op een fiets.
Je hebt wel een gezicht voor de film,
maar achter dat gezicht is – niets.
.
Je kon soms in het vuur zitten staren,
je ogen werden dieper en dieper…
Ik voelde, dat het zielsconflicten waren!
– Maar nee, je zat te denken aan de keeper.
.
Ik dacht zo, dat we samen zouden dromen
over gedichten, kleur en klank en rijm…
Maar litterair kon je niet hoger komen
dan bij de werken van E. Philips Oppenheim.
.
’t Is niet zo erg belangrijk. ‘t Wordt geen ruzie!
Je moet niet denken, dat mijn hart nu breekt!
Alleen – wat vang ik aan met mijn illusie
die ik met zoveel zorg heb opgekweekt.
.
Die ik gekoesterd heb in al die jaren…
Weggooien maar? Was het alleen maar kolder?
Ik zal haar in een oude doos bewaren
bij andre malle dromen, op de zolder
.
Het reisplan
Jan de Bas
.
Elke vakantie, elke reis heeft een reisplan nodig. In 2002 publiceerde dichter Jan de Bas de bundel ‘Dat zijn zo de dingen waar het hier om gaat’. In deze bundel staat het gedicht ‘Het reisplan’. Lees dit gedicht en je weet hoe het zit.
.
Het reisplan
.
Dit, het plan te hebben om,
het ten uitvoer willen brengen,
het uitstellen vanwege,
het bijstellen omdat.
Je weet maar nooit.
Het overboord gooien
ergens halverwege,
want er staat geschreven:
‘Wie veel leest,
heeft veel gereisd.’
Hier een foto van maken
in woorden.
De foto bekijken en dan
denken: ‘ja, kom,
laten we gaan reizen.’
.
Bergamo
Bernlef
.
Uit de bundel ‘Achter de rug’ Gedichten 1960 – 1990 uit 1997 komt het vakantiegedicht ‘Bergamo’ van de dichter Bernlef.
.
Bergamo
.
Tijd schampt langs de kabelbaan
blijft een seconde in mijn horloge hangen
stort zich dan naar beneden
.
Kerken en kloosters vol bekenden
murmelend in de goten
schaterend in de afvoerpijpen om ons heen
.
Zo verlaten worden wij dat het telefoonnummer
waaronder wij ze kunnen bellen
op de muur verschijnt
.
Gelukkig is de telefoon defect
gelukkig werkt het espressoapparaat
twee kopjes, twee bitterzwarte ogen
.
Wij drinken de duisternis tot op de bodem uit
en kruipen dan als een spin traag naar zijn buit
terug langs de draad naar het hart van het dal.
.
Groeten uit Zwart Nazareth
Schemer in Schiedam
.
Vanuit mijn woonplaats en waar ik werk ligt Schiedam dichtbij, ik kom er regelmatig. Voor veel mensen is Schiedam dat jeneverstadje ergens onder de rook van Rotterdam. Als vakantiebestemming niet meteen aan te raden maar voor een dagtripje zeker de moeite waard. In 2004 publiceerde boekhandel Post Scriptum Schiedam in samenwerking met Stichting Centrummanagement de bundel ‘Groeten uit Zwart Nazareth’ samengesteld door Ruud Aret en Jan van Bergen en Henegouwen, een bibliotheek collega van me uit Schiedam. Een bundel vol gedichten van Schiedamse dichter en gedichten over Schiedam.
In de 19e eeuw was Schiedam het centrum van de jenever-industrie in Nederland. Met name tussen 1870 en 1890 bloeide deze industrie. De keerzijde hiervan was een enorme vervuiling van de met steenkoolgestookte branderijen en de glasfabriek, het alcoholisme, open riolen en cholera-epidemieën en de erbarmelijke huisvesting van de arbeiders. Uit die tijd stamt de bijnaam van Schiedam Zwart Nazareth.
In de bundel bekende Schiedamse namen als Piet Paaltjens, Rien Vroegindeweij, Ida Gerhardt en Gerard Reve maar ook minder bekende namen zoals die van Jan Willem Hofstra. Hofstra (1907-1991) was dichter, romancier, radiomaker en kunstcriticus van de Volkskrant en Trouw. Uit ‘Het glazen huis’ uit 1942 komt het gedicht ‘Schemer in Schiedam’.
.
Schemer in Schiedam
.
Vuurvlinder en salamander
suizend licht en wijkend aardvuur
Breken uit. Het eerste uur
na dagloon lijden naast elkander
Waarin ik vier de nederlagen
Alleen. De wind ruimt, het geschut
Dreunt soms tot hier. Een eerste trage
Stormveer naast de maan, onnut
Geslonken tot zijn laatste kwartier.
Dit is mijn eigen grond. De vrucht
Valt nimmer af totdat ik hier
De tak breek met het licht gerucht
Als plukt’ ik bloesems. Alle zorgen
Gelijken U en mij: het duister
Dooft in de oogen allen luister
De nacht verdraagt den dag tot morgen.
.
Biesbosch
Ben Cami
.
Veel mensen vieren vakantie in eigen land, niet alleen in Nederland maar ook in veel andere landen in de wereld. Door de onzekerheid over wat er wel; en niet mogelijk is kiezen Nederlanders om nu eens niet af te reizen naar de Spaanse stranden, de Turkse all in resorts, de Franse campings of de Thaise eilanden maar om in Nederland te blijven en vakantie te vieren in Otterlo, Veere, Lochem of de Biesbosch.
De Vlaamse dichter Ben Cami (1920 – 2004) schreef al eens een gedicht over een van deze plekken. In de bundel ‘Ben Cami Gedichten’, het verzameld werk van deze dichter uit 2009 staat het gedicht ‘Biesbosch’.
.
Biesbosch
.
Twee vissers in de stille morgen
Trekken ter visvangst. De Biesbosch
Licht voor hen zijn rustige nevels op
De vissen maken blaasjes in hun slaap,
De paling doet zijn lang lijf trillen
Diep in ’t goor.
.
Hebben ze alles mee? Het leefnet en het schepnet
Genoeg benzine, lijntjes voor de brasem
Lijntjes voor de voorn? en op hun tocht
Door de morgen die alleen voor vissers
Als een wonder opengaat,
Zuigen ze diep verheugd aan hun eerste sigaret.
Ze speuren naar de lucht, voorspellen
Zuidwestenwind en dat de vis zal bijten.
.
België
Stéphane Mallarmé
.
België, buurland, zo dichtbij en soms, zoals de afgelopen maanden, zover weg. Gelukkig is daar de Franse dichter Stéphane Mallarmé (1842 – 1898) die een lofdicht schreef over Brugge, waar we inmiddels weer naar toe mogen. Dit sonnet komt uit de bundel ‘De middag van een Faun’ uit 1992 in een vertaling van Paul Claes.
.
Gedachtenis aan Belgische vrienden
.
Bijwijlen lijkt hier zonder in een zucht te beven
Heel de haast wierookkleurige vervallenheid
Terwijl ik heimelijk en zichtbaar onderscheid
Hoe plooi voor plooi de weduwsteen zich bloot wil geven
.
Te sidderen of geen bewijs van zich te leveren
Dan te verbreiden oude balsemgeur van tijd
Wij enkele onheuglijken zozeer verblijd
De schok van onze nieuwe vriendschap te beleven
.
O lieve vrienden die ik trof waar ’t nooit banaal
Brugge de ochtend in de dode gracht herhaalt
Met de verspreide wandeling van zoveel zwanen
.
Toen mij plechtstatig deze stad heeft kond gedaan
Wie van haar zonen andere vluchten er toe manen
Plots stralend als de geest de vleugel uit te slaan.
.
Reizigers
Driek van Wissen
.
In de bundel ‘De dichter des Vaderlands’ zijn mooiste gedichten, koos Jean Pierre Rawie uit het werk van voormalig Dichter des Vaderlands en vriend Driek van Wissen (1943 – 2010). In deze bundel uit 2005 staat het gedicht ‘Bericht aan de reizigers’. In deze vakantie is deze titel heel actueel, er bereiken nogal wat berichten de reizigers tenslotte.
.
Bericht aan de reizigers
.
Des zondags in de trein kan onverhoopt
een horde voetbalfans U bruusk verrassen,
langharigen, werkschuw en ongewassen,
maar door elkander wel met bier gedoopt.
.
Het tuig, met boksbeugels en leren jassen,
slaat stoelen stuk, gaat in de banken krassen,
waarvan het leer ruwweg wordt afgestroopt,
en plundert ook uw koffers en uw tassen.
.
En als de trein, tot het karkas gesloopt,
de halte van bestemming binnenloopt
hangt aan een stel bebloede voetbaldassen
de conducteur vakkundig opgeknoopt.
.
Dus reizigers, als U een kaartje koopt
vermijdt het uitschot en reist eerste klasse!
.













