Site-archief
Robert Anker
Landschap met de val van Icarus
.
Toen ik de foto’s op mijn Facebook pagina aan het terug kijken was, viel me een foto op die ik maakte in Warchau. Op zoek naar een gedicht dat ik bij deze foto kon plaatsen kwam ik uit bij Robert Anker ‘Nieuwe veters’ verzamelde gedichten 1979 – 2006. In deze bundel uit 2008 staat het gedicht ‘Landschap met de val van Icarus’. Ik weet niet precies waarom maar ik vind het wel bij deze foto passen.
.
Landschap met de val van Icarus
.
Eeuwen was het stil, als in een klooster,
maar de boer staat nu voorop,
los van ons denken, onze wil.
.
Ik kijk omhoog, ik weet het niet,
leun op mijn stok of ik iets mis,
krab dan mijn hond eens op zijn kop.
.
Krijtweelde
Jan Baeke
.
Vandaag uit mijn boekenkast de bundel ‘Brommerdagen’ van Jan Baeke gepakt. Een bundel waarin “heden en verleden verstrikt raken en onze eigen angsten, illusies en fantasieën doorklinken” zoals op de achterflap staat te lezen. Jan Baeke (1956) is dichter en vertaler en hij debuteerde in 1997 met de bundel ‘Nooit zonder de paarden’.In 2008 werd hij genomineerd voor de VSB Poëzieprijs. In 2016 kreeg hij de Jan Campertprijs voor zijn bundel ‘De seizoensroddel’. De poëzie van Jan Baeke neemt in Nederland een eigen plek in. Het is poëzie die in gewone taal en met directe beelden een mysterie weet op te roepen. Uit de bundel ‘Brommerdagen’ uit 2010 het gedicht ‘Krijtweelde’.
.
Krijtweelde
.
Een
twee
drie
vier
vijf
zes
even
zacht
negers
zien
beffen
dwalen
kerven
veertjes
stijf zien
sex zien
wat niet weg
vreet
.
is
.
gezien
.
poëziemarathons
Groningen en Toronto
.
In mijn zoektocht naar bijzondere poëzieprojecten stuitte ik op het fenomeen van de poëziemarathon. Volgens Wikipedia is de Poëziemarathon is een initiatief van de stichting Poëziemarathon waarbij op de Landelijke Gedichtendag in de stad Groningen op allerlei plekken 24 uur lang poëzie te horen valt. Vanaf 2009 is de organisatie overgenomen door SLAG, de Stichting Literaire Activiteiten Groningen, die ook o.a. Dichters in de Prinsentuin organiseert.
De dag begint on middernacht met 8 uur poëzie op OOG Radio. Om 8 uur is er in een boekhandel een Poëzieontbijt. Op elk moment van de dag is er ergens in de stad iets poëtisch te beleven. De dag eindigt met een drie uur durende slotmanifestatie, waarbij veel landelijk bekende dichters optreden. De poëziemarathon werd voor het eerst georganiseerd in 1999.
Inmiddels is de Poëziemarathon uitgegroeid tot een 6-daags festival (in 2018 was dit festival van 25 – 31 januari in de Week van de Poëzie). Meer informatie vind je op: http://www.poeziemarathon.nl/home/
In Toronto is Caitlin Elizabeth Thomson actief. In 2008 verhuisde ze van Toronto naar New York en studeerde daar poëzie aan het Sarah Lawrence College. In die periode was ze onder andere poetry editor voor het literaire magazine ‘Lumina‘. In 2010 studeerde ze af en kreeg de titel Master of Fine Arts in Poetry. In de jaren daarna publiceerde ze in verschillende chapbooks. Chapbooks zijn kleine (meestal tussen de 8 en 24 pagina’s) goedkoop geproduceerde folderachtige boekjes. Haar werk verscheen in Nederland, de Verenigde Staten, Canada, Spanje, Engeland, Frankrijk, Australië, Ierland, Roemenië, Singapore en Wales.
Vanaf 2013 organiseert Thomson samen met haar man Jacob in augustus ‘The Poetry Marathon’. Het doel van de marathon is een andere dan in Groningen. De bedoeling is dat er in 24 uur elk uur een gedicht wordt geschreven. Je moet deze gedichten op je eigen blog publiceren op elk uur. Dat wil zeggen dat je 24 uur lang elk uur een gedicht moet schrijven en deze plaatsen op je blog. Hiervoor jkun je je aanmelden bij de organisatie. Van over de hele wereld doen dichters mee. Heel bekende dichters maar ook volledig onbekende dichters. In 2017 deden maar liefst 800 dichters mee. Van de gedichten wordt elk jaar door Thomson een publicatie (Anthology) gemaakt.
Door de enorme organisatie die deze marathon met zich mee brengt ( en het feit dat Caitlin en Jacob een kind verwachten) is er in 2018 geen Poetry Marathon maar de volgende in 2019 wordt alweer voorbereid. Voor meer informatie kijk je op hun website: https://thepoetrymarathon.com/blog/about-the-poetry-marathon/
Hieronder een gedicht van Thomson en de cover van de Poetry Marathon Anthology van 2017.
.
Yes, Each Man Is a Tower of Birds
after llya Kaminsky
Is seven birds a tower, or two hundred?
More importantly, what kind of birds
are they? The difference between a sparrow
and a falcon is the difference between
diner and meal. Are all men the same
type of bird? Robins for example,
or gulls. Or are some men albatrosses,
others puffins, others hummingbirds
stuck in backwards flight? Does a whole
range of birds make up one man’s tower?
The cockatiel, peacocks, and great blue
herons all part of one awkward flock.
And if each man is a tower of birds, what
does that make each woman? A tower of fish?
A hunter? A pet owner? A falconer?
.
Hugo Claus
Avondland
.
Van de Vlaamse dichter Hugo Claus (1929 – 2008) verscheen in 1994 de bundel ‘Gedichten 1948 – 1993’ met daarin het volgende gedicht.
.
Als er niets nieuws is in het avondland
maar alleen wat er geweest is vanaf het begin,
wat kan ik uitvinden dat niet faliekant
een eerder geboren kind verzint?
.
Jij staat al Etruskisch, Helleens, Azteeks
op ansichtkaarten aan de wand gepind
te lonken, te koop, al te zeer bemind,
mijn eeuwenoude jonge feeks.
.
Hoe zou de antieke wereld reageren
tegenover het huidig mirakel van je lijf?
Blijven geloven dat geen ogenblik
.
ooit zonder herinnering kan genereren?
Die oude rakkers wisten van geen blijf
met jouw eenzelvigheid, net zomin als ik.
.
Stumm
Peter Maiwald
.
Afgelopen week was ik met een aantal collega’s op bezoek bij Duitse bibliotheken in onder andere Stuttgart, Mannheim en Heilbronn. In die laatste bibliotheek vond ik tussen de poëziebundels (de Duitse bibliotheken beschikken over het algemeen over een behoorlijke poëziecollectie) in een verzamelbundel een gedichtje dat me aanstond. Het is van de dichter en schrijver Peter Maiwald (1946 – 2008). De vroege publicaties van Peter Maiwald waren agitprop stukken (een vorm van politieke communistische propaganda van na Lenin) in de stijl van Bertold Brecht, gedichten en liederen die tijdproblemen op een gedeeltelijk ironische, soms bittere manier beschreven. Maiwald was lange tijd lid van de communistische partij in Duitsland, maar nadat hij in 1984 het kritische, linkse maandblad Düsseldorfer Demokratie oprichtte, werd hij uit de partij gezet. Zijn poëzie wordt daarna meer poëtisch, traditioneler ook met stanza’s en rijmen.
Uit die periode stamt het gedicht ‘Stumm’ dat ik las in een bundel in de bibliotheek. Voor het gemak heb ik het maar gelijk vertaald.
.
Stom
.
Vandaag zag ik je
(zoals ik je nog nooit zag
na het opstaan naakt
kort in de deuropening staan
.
billen, rug, haar)
lachend gezicht
omdat ik gelukkig was.
Zei verder niets.
.
Album van licht
Maria de Groot
.
Op 7 mei schreef ik over de 100 beste gedichten van 2014 en deelde een gedicht van Maria de Groot daaruit op dit blog. Ik schreef toe dat Maria de Groot voor mij nog een onbekende dichter was. Afgelopen week kocht ik de bundel ‘Album van licht’ uit 1979 van haar hand. Op de achterflap lees ik dat zij al in 1966 haar eerste dichtbundel uitgaf met de intrigerende titel ‘Rabboeni’. Maria de Groot (1937) is naast dichter ook theologe en ze publiceerde vanaf haar debuut al 40 dichtbundels, de laatste in 2008 met de titel ‘Psalmen van een vrouw’.
Ze studeerde Nederlands en theologie in Amsterdam. Daarna ging zij werken als docent en wetenschappelijk medewerker. Hierna ging zij aan de slag bij de VPRO voor de dagopening en werd vervolgens predikante in de Kloosterkerk in Den Haag. Ze verliet in 1975 haar ambt als predikante en richtte vervolgens met twee Protestante voorgangers en zes Katholieke pastores, de oecumenische basisgemeenschap “Ekklesia” op. Hierna ging zij aan de theologische faculteit in Utrecht werken.
Maria begon later steeds meer interesse te krijgen in het geven van cursussen over de bijbel en spiritualiteit en het schrijven van gedichten.
De bundel ‘Album van licht’ bestaat uit drie afdelingen: Album van licht waarin ze probeert met andere zintuigen dan het gezicht onder andere bloemen zichtbaar te maken, Androgyn, over de vormgeving van de literatuur die misschien ooit menselijk genmoemd zal worden (nu heel actueel met de hele genderdiscussie) en Lichtbeeld waarin ze de motieven uit haar bundel ‘Carmel’ uit 1977 voortzet (religieuze en spirituele motieven).
Ik koos voor een gedicht uit de afdeling Androgyn met de titel ‘Sonnetten’.
.
Sonnetten
.
Sonnetten dienen zich geruisloos aan
en zoeken vaste voet als vluchtelingen
die bijna in de wereldbrand vergingen
en nu een ogenblik ter ruste gaan
bij mij die hen met eerbied wil omringen.
Zij liggen naakt tegen mijn lichaam aan.
Ik heb hun wonden van het vuil ontdaan.
Ik zal hun vrijheid met mijn bloed bedingen.
Achter de krotten van mijn povere wijk
schrijven de zeeën hun verliefde brieven
aan Venus die ontvluchtte aan het slijk
en spoorloos achterbleef in de archieven
van continenten die één bom bestrijkt.
Sonnetten, dat zij zich uit schuim verhieven!
.
Met dank aan Wikipedia
Lou Reed
Laurie Anderson
.
Ik ken de Amerikaanse experimentele performance-kunstenares, dichter en musicus Laurie Anderson (1947) vooral van haar hitsingle (en enige single die in Nederland bekend werd) ‘O Superman’ uit 1981. In 2008 trouwde zij met Lou Reed met wie ze tot zijn dood in 2013 samen woonde in New York.
‘O Superman’ is oorspronkelijk een cover van de aria ‘Ô Souverain, ô juge, ô père’ uit Jules Massenets opera ‘Le Cid’. Het lied begint ook met een vergelijkbare tekst, de stanza (O Superman / O Judge / O Mom and Dad) komt overeen met Massenets intro. Daarna volgt een telefoongesprek tussen de hoofdpersoon en een geheimzinnige stem aan de andere kant van de lijn, die eerst de moeder van de hoofdpersoon lijkt te zijn maar zich later ontpopt als ‘De Hand Die Neemt’. De stem heeft ook beschikking over lange, elektronische en petrochemische armen. Grote invloeden zijn er verder te horen van Einstein on the Beach van Philip Glass en Warm Leatherette van The Normal. Het lied refereert daarnaast aan thema’s zoals de Tao en telecommunicatie.
De tekst ontleent enkele bekende citaten en uitspraken (althans, voor Amerikanen), zoals de zin ‘Neither snow nor rain nor gloom of night shall stay these couriers from the swift completion of their appointed rounds‘, destijds de slogan van de toenmalige Amerikaanse PTT.
.
O Superman. O judge. O Mom and Dad. Mom and Dad
O Superman. O judge. O Mom and Dad. Mom and Dad
Hi. I’m not home right now. But if you want to leave a
Message, just start talking at the sound of the tone
Hello? This is your Mother. Are you there? Are you coming home?
Hello? Is anybody home? Well, you don’t know me, but I know you
And I’ve got a message to give to you
Here come the planes
So you better get ready. Ready to go. You can come
As you are, but pay as you go. Pay as you go
And I said: OK. Who is this really? And the voice said:
This is the hand, the hand that takes. This is the
Hand, the hand that takes
This is the hand, the hand that takes. This is the
Hand, the hand that takes
This is the hand, the hand that takes
Here come the planes
They’re American planes. Made in America
Smoking or non-smoking?
And the voice said: Neither snow nor rain nor gloom
Of night shall stay these couriers from the swift
Completion of their appointed rounds
Cause when love is gone, there’s always justice
And when justice is gone, there’s always force
And when force is gone, there’s always Mom. Hi Mom!
So hold me, Mom, in your long arms. So hold me
Mom, in your long arms
In your automatic arms. Your electronic arms. In your arms
So hold me, Mom, in your long arms
Your petrochemical arms. Your military arms
In your electronic arms
.
Schelpen
Paul Verlaine
.
Een van de eerste keren dat een gedicht van mij geplaatst werd op een website was in 2008. Het was het gedicht ‘Schaakmeisje’ en het werd gepubliceerd op het (toen nog bestaande) Verlaine.web-log.nl
Toen ik dit terug las bedacht ik me, dat ik in al die tijd die ik al over poëzie schrijf, nog nooit over de dichter Verlaine heb geschreven. Daar komt nu dus verandering in.
De Franse dichter Paul Verlaine (1844 – 1896) studeerde rechten in Parijs, maar de literatuur trok aan hem en hij stopte met zijn studie. Hij ging werken op het gemeentehuis van Parijs en besteedde de rest van de tijd aan de poëzie.
Paul Verlaine had een roerig leven. Zo had hij na zijn eerste huwelijk (dat mislukte omdat hij alcoholist was en als hij had gedronken gewelddadig werd) een relatie met de 17 jarige dichter Arthur Rimbaud. Met hem woonde hij in België en in Engeland. In 1873 probeerde hij in een dronken bui, Arthur Rimbaud neer te schieten in een hotel in Brussel maar hij verwondde hem slechts. Dit leverde hem wel een gevangenisstraf op van 18 maanden.
Hierna probeerde hij zijn leven te beteren maar in Parijs terug gekeerd verloederde hij. Hij woonde in armzalige omstandigheden bij prostituees en vrienden. In die tijd genoot hij enige bekendheid door zijn literaire publicaties ( de Symbolisten omhelsden hem als hun voorman en in 1894 kreeg hij, niet veel meer dan een clochard, de eretitel ‘Prince des poètes’), maar desondanks stierf hij verarmd en eenzaam.
Verlaine werd met zijn werk een van de leidende Franse dichters van het symbolisme en het decadentisme en beïnvloedde vele anderen. Zijn gedichten zijn muzikaal en proberen de schakeringen uit het gevoelsleven tot uiting te brengen. Zowel morbide erotiek als religieus gefundeerde mystiek komt in zijn werk aan de orde. Daarmee beïnvloedde Verlaine de neoromantische beweging. Verlaine vond de klank van een gedicht belangrijker dan de inhoud.
.
Schelpen
.
Schelpen, in de grot ingebed
Waar wij elkaar in de armen vielen:
Ze hebben elk hun eigenheid.
.
Eén heeft het purper onzer zielen,
Ontstolen aan ons hartebloed,
Mijn liefdesvuur, jouw liefdesgloed;
.
Die dáár spiegelt jouw kwijnend smachten,
Je bleekheid als je moe en boos bent,
Omdat mijn ogen om je lachen;
.
Die heeft de gratie van je oortje
Mooi nagebootst, en die het roze
Van je nekje, het dikke, korte;
.
Maar één was er die me deed blozen.
.
Les coquillages
.
Chaque coquillage incrusté
Dans la grotte où nous nous aimâmes
A sa particularité.
L’un a la pourpre de nos âmes
Dérobée au sang de nos coeurs
Quand je brûle et que tu t’enflammes ;
Cet autre affecte tes langueurs
Et tes pâleurs alors que, lasse,
Tu m’en veux de mes yeux moqueurs ;
Celui-ci contrefait la grâce
De ton oreille, et celui-là
Ta nuque rose, courte et grasse ;
Mais un, entre autres, me troubla.
.
Met dank aan Wikipedia

















