Site-archief
Poëzie op afvalbakken
Geplaatst door woutervanheiningen
Poëzieweek
.
In het kader van de landelijke Gedichtendag en de Poëzieweek 2022 deel ik in de weken voor 27 januari graag een aantal ideeën en initiatieven van nu en vroeger rondom deze week. Het thema van de Poëzieweek 2022 is de Natuur en wat past er beter bij dit thema dan vuilnis- of afvalbakken. Willen we de natuur een beetje leefbaar houden dan is het begin daarvan toch wel het deponeren van ons afval in vuilnisbakken en niet in de natuur.
In 2006 konden inwoners van Vlaardingen al gedichten insturen voor een wedstrijd op landelijke gedichtendag. Van die inzendingen werden 20 dichtregels uit de beste inzendingen gekozen en deze werden aangebracht op vuilnisbakken in de openbare ruimte. Er deden destijds maar liefs 180 Vlaardingers aan deze wedstrijd mee. In 2013 werd geconstateerd dat de meeste stickers (want dat waren het in 2006, stickers met dichtregels) vervaagd waren. Opnieuw werden Vlaardingers uitgenodigd om hun mooiste dichtregel in te sturen. Ook de leerlingen van het Geuzencollege deden mee aan deze wedstrijd die werd georganiseerd door Look Boden en Mirjam Poolster van de Stichting Anders Kijken.
Dit keer deden er 170 mensen mee en tien van de dichtregels van Vlaardingers en 10 dichtregels van leerlingen van het Geuzencollege werden gekozen. Deze werden gedrukt op posters en die werden op afvalbakken geplakt overal in Vlaardingen. Het waren blijkbaar kwaliteitsposters want nog regelmatig kom ik voorbeelden tegen. De aardigste regel die ik tegenkwam, en zo maar een Luule zou kunnen zijn, is toch wel:
In een speeltuin
op een bankje
kijken wij naar
onze toekomst
Hieronder een aantal foto’s van nog meer van de afvalbakkengedichten in Vlaardingen.
.
Geplaatst in Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken, Gedichtendag, luule, Poëzieweek
Tags: 2006, 2013, afvalbak, d3eelnemers, dichter, dichtregels, gedicht, gedichten, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op afvalbakken, gedichten op vreemde plekken, gedichten op vuilnisbakken, gedichtendag, Geuzencollege, Landelijke gedichtendag, leerlingen, Look J. Boden, Mirjam Poolster, natuur, poëzie, poëziewedstrijd, poëzieweek, posters, Stichting Anders Kijken, stickers, Vlaardingen, vuilnisbak
Mooie plekjes
Geplaatst door woutervanheiningen
Gedichten op vreemde plekken
.
Hoewel ik de term ‘Gedichten op vreemde plekken’ eigenlijk al niet meer relevant vind, want wat zijn vreemde plekken? Elke plek buiten een bundel was ooit, toen ik met deze categorie begon in april 2010, een vreemde plek. Inmiddels vele honderden voorbeelden verder, de website straatpoëzie.nl en mijn instagram account @meerovergedichten waar ik nog steeds foto’s plaats die ik neem en toegestuurd krijg, wilde ik toch nog een keer een bijdrage aan deze fijne categorie leveren. Van Bart, Ed en Stefanie kreeg ik onderstaande voorbeelden van gedichten op vreemde plekken of zoals hier het geval gedichten in de openbare ruimte.
Het eerste voorbeeld is een gedicht van André van Zwieten, mooi gezet in een frame van kant achter een raam in Dorestad. Het tweede voorbeeld is een gedicht van Lizet Burgersdijk en Marcelle Hilgers en is getiteld ‘Een DIJk van een WIJF’ en het staat bij de Waal ten oosten van Nijmegen. Het laatste gedicht is van Jan Paul Bresser, getiteld ‘Voorjaar’ en dit gedicht maakt deel uit van de Poëzieroute Wassenaar.
.
Geplaatst in Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken, Literaire wandelingen, Social media
Tags: 2010, André van Zwieten, categorie, de Waal, dichter, dichters, Dorestad, Een DIJK van een WIJF, foto's, gedicht, gedichten, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op vreemde plaatsen, Instagram, Jan Paul Bresser, Lizet Burgersdijk, Marcelle Hilgers, meerovergedichten, nijmegen, poëzie, poëzieroute, Voorjaar, Wassenaar
Poëzie als stoplap
Geplaatst door woutervanheiningen
Maastricht
.
In 2019 was er door werkzaamheden aan de stadsmuur van Maastricht een groot gat ontstaan in diezelfde stadsmuur. Omdat de herstelwerkzaamheden aan de muur in de zomer van 2019 een aantal maanden kwam stil te liggen, had de gemeente besloten de bouwplaats rond het gat op te fleuren. Zo werden de zeecontainers die als stut dienen al in diverse kleuren geschilderd en werden er schotten met kijkgaten geplaatst op het Rondeel.
Of het komt omdat een rondeel zowel een deel van een vestingmuur is als een versvorm weet ik natuurlijk niet (vermoedelijk niet) maar de gemeente besloot het gat in de muur tijdelijk te bedekken met een groot geel doek met daarop een gedicht van stadsdichter Maarten van den Berg. “Het is een vierregelig gedicht dat een tijdlijn van de locatie behelst”, aldus de dichter. “Ik denk dat poezië er voor bedoeld is om je over bepaalde dingen anders te laten denken, nieuwe inzichten te geven. Door de poezië is ineens vijf eeuwen stadsmuur bloot te komen liggen.”
Poëzie in de openbare ruimte is niet nieuw voor van den Berg, zo is zijn poëzie op de markt aan de taxistandplaats te lezen. In de stoeprand zijn de laatste vier regels te lezen van zijn gedicht ‘de ruiters van de stad’ (2006) te lezen. Aan het Vagevuur, nabij het Vrijthof is het gedicht ‘tussen de torens’ (2012) gebeiteld in twee blokken hardsteen. Aan de Beente in Heugem staat het gedicht ‘(lieve kitty,)’ (2013) op de muur van de Anne Frankschool. Op een pijler van de Noorderbrug direct aan de Maas in het Sphinxkwartier staat een blauwe dichtregel over vrijwel de gehele breedte van de brugpijler opgetekend. Op de binnenmuur in de trappenhal naar de gemeenteraadzaal aan het Mosae Forum staat een kwatrijn ‘de bomen wortelen even diep als wij’ (2015).
Het gedicht dat tijdelijk het gat in de vestingmuur bedekte is:
.
ontembaar vocht de muur tegen vijand en vuur, tot zij
koortsig bollend bezweek, keien als koppen liet rollen
haar buik waarachtig een wortelkraker bleek
en vijf eeuwen opende om de tijd opnieuw te stollen
.
Geplaatst in Favoriete dichters, Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken
Tags: 2006, 2012, 2013, 2015, 2019, Anne Frankschool, bedekking, Beente, blokken hardsteen, bouwplaats, brugpijler, de bomen wortelen even diep als wij, de ruiters van de stad, dichter, gat in muur, gedicht, gedichten, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op vreemde plekken, geel doek, gemeenteraadszaal, herstelwerkzaamheden, Heugem, kwatrijn, lieve kitty, locatie, Maas, Maastricxht, Marten van den Berg, Mosae Forum, Noorderbrug, pijler, poëzie, Rondeel, Sphinxkwartier, stadsmuur, stdsdichter, stoeprand, taxistandp[laats, tijdlijn, trappenhal, tussen de toirens, Vagevuur, versvorm, vestingmuur, vierregelig gedicht, vijf eeuwen styadsmuur, Vrijthof
Poëzie op straat
Geplaatst door woutervanheiningen
Verlaten poëzie
.
De humor ligt op straat maar soms ligt de poëzie ook op straat. Op http://straatpoezie.nl/ kun je honderden voorbeelden vinden van poëzie die je tegenkomt wanneer je nietsvermoedend (of juist heel vermoedend) op straat loopt. Maar wat misschien nog wel verrassender is, is wanneer je poëzie tegenkomt die iemand heeft achtergelaten in de vorm van graffiti op een muur, een viaduct, op straat (met stoepkrijt) of zoals in Apeldoorn in 2017 op een bord dat iemand op een bankje in een winkelcentrum heeft neergezet. Het aardige van dit soort poëzie is het tijdelijke en vergankelijke. Waar een muurgedicht in bijvoorbeeld Leiden, als het gaat slijten, opgeknapt wordt of weer leesbaar wordt gemaakt, is de verlaten vorm van poëzie juist onderwerp van schoonmaak, verwijdering, of verdwijning.
Het gedicht is wat moeilijk leesbaar daarom hier de tekst van de onbekende dichter @
.
Ik zie ze veel liggen
.
Juist in deze tijd
de eenzame handschoen
we raken ze kwijt
de één zonder ander
één verloren geland
De ander een jaszak
Geen een aan de hand
Ze missen elkaar
Want samen alleen
De handen wat kouder
Tis bijna gemeen
Er komt vast wat warmte
Zo gaat ’t altijd
Nu eerst heerst de kalmte
De handschoen blijft kwijt
.
Geplaatst in Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken
Tags: 2017, @, anoniem, Apeldoorn, bord, dichter, gedicht, gedichten, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op vreemde plekken, graffiti, Ik zie ze veel liggen, Leiden, muren, poëzie, poëzie op muren, Poëzie op straat, schoongemaakt, stoepkrijt, straatpoezie.nl, Verdwijnen, Verlaten poëzie, verwijderd, winkelcentrum
Tijdelijk gedicht
Geplaatst door woutervanheiningen
Adriaan Jaeggi
.
Gedichten in de buitenruimte of ergens binnen in een gebouw kunnen ook een tijdelijk karakter hebben in tegenstelling tot bijvoorbeeld gedichten op buiten- of binnenmuren of op het glas van ramen. Zo stond er in 2014 in de centrale bibliotheek van Den Haag een tentoonstelling van verschillende gedichten van het project ‘Poëzie op pootjes’ op posters https://woutervanheiningen.wordpress.com/2015/01/06/poezie-op-pootjes-2/ .
Blijkbaar was 2014 een goed jaar voor tentoonstellingen van (tijdelijke) gedichten want ook in Amsterdam, op het binnenplein van het Amsterdam Museum, was poëzie te lezen die daar tijdelijk werd tentoongesteld. Hieronder een voorbeeld van een gedicht van (de eerste) stadsdichter van Amsterdam Adriaan Jaeggi (1963 – 2008) getiteld ‘II Toeristisch intermezzo / Gedicht dat op een T-shirt past’.
.
Geplaatst in Favoriete dichters, Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken, Poëzie evenementen
Tags: 1963, 2008, 2014, Adriaan Jaeggi, Amsterdam, Amsterdam Museum, binnenmuren, binnenplein, buitenmuren, Centrale bibliotheek, Den Haag, dichter, gedicht, gedichten, gedichten in de buitenruimte, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op vreemde plekken, Il Toeristisch intermezzo / Gedicht dat op een T-shirt past, poezie op pootjes, posters, ramen, stadsdichter, tentoonstelling, tijdelijk karakter, tijdelijke gedichten, tijdelijke poëzie
De Stenen Strofe
Geplaatst door woutervanheiningen
Gedichtenroute
.
De stadsarchivaris van Bergen op Zoom, Cees Vanwesenbeeck kreeg in 1996 de Sakkoprijs voor Kunsten en Letteren. Hij besteedde een deel van zijn prijzengeld aan een opdracht aan de dichter Bert Bevers, om een gedicht te schrijven voor op de kopgevel van het gebouw van de Gemeentelijke Archiefdienst (later het Regionaal Historisch Centrum).
Dat gedicht werd ‘Bergen op Zoom’. Marc Meeuwissen maakte het grafisch ontwerp en in november 1997 werd het gedicht onthuld. De reacties waren zo enthousiast dat de gedachte post vatte een hele reeks van dit soort Stenen Strofen doorheen de gemeente te realiseren.
Andere steden hebben weliswaar vergelijkbare projecten, maar de Stenen Strofen zijn door de desbetreffende dichters op verzoek van het comité steeds ofwel op Bergen op Zoom geschreven, ofwel op de locatie waar ze werden gerealiseerd. Maar er zijn ook gedichten opgenomen van de in Bergen op Zoom geboren dichter Anton van Duinkerken (1903 – 1968).
De gedichten worden gejureerd door Wim van Til (directeur van het Poëziecentrum Nederland), Tony Rombouts (ere-secretaris van de Vlaamse Vereniging van Letterkundigen) en telkens de voorgaande dichter.
Inmiddels is zijn er vele gedichten aan de route toegevoegd, 15 in het stadscentrum en 4 buiten het stadscentrum en nog steeds komen er gedichten bij. Soms is er gekozen voor de uitvergroting van een fragment. Het hele gedicht is in alle gevallen te lezen op een speciaal aangebracht bordje.
Gedichten zijn er te genieten van dichters als Hans Tentije, Albert Hagenaars, Johanna Kruit en Ester Naomi Perquin van wie het gedicht ‘Iemand bedacht’ is aangebracht op een gevel aan de Zuidmolenstraat. Meer informatie vind je op https://www.stenenstrofen.nl/index.html
Iemand bedacht
.
Een man gaat slapen in een dorp en wordt wakker in een stad.
Zijn bed is blijven staan, zijn huis, de naam
die hij kent is gebleven.
.
Ach, niemand vertelt hem ooit wat. Hij staat op en wast zich,
het is een doodnormale dag. Hij spoelt dorpsstof van zijn huid,
luistert naar de kerk, de hoge vogels, opent dan het luik.
.
En kijk eens aan, de lengte van de horizon, de halve hemel
en acht eeuwen stedelijk leven rollen zich
recht voor hem uit.
.
Een dorp past doorgaans in één blik. Een stad in steeds opnieuw
beseffen waar je bent. Steeds andere ogen om te zien dat je bed
vannacht is gebleven, dat je huis er nog staat.
Dat je woont in een naam die je kent.
.
Geplaatst in Favoriete dichters, Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken, Literaire wandelingen, Poëzie en Kunst
Tags: 1903, 1968, 1996, 1997, Albert Hagenaars, Anton van Duinkerken, Bergen op Zoom, Bert Bevers, Cees Vanwesenbeeck, dichter, dichters, Ester Naomi Perquin, gedicht, gedichten, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op vreemde plekken, gedichtenroute, Gemeentelijke Archiefdienst, gevelgedicht, Hans Tentije, Johanna Kruit, kopgevel, locatie, Marc Meeuwisse, Niemand bedacht, poëzie, Poëziecentrum Nederland, prijzengeld, Regionaal Historisch Centrum, Sakkoprijs voor Kunsten en Letteren, stadsarchivaris, Stenen Strofe Route, Tony Rombouts, Vlaamse Vereniging van Letterkundigen, Wim van Til, Zuidmolenstraat
Stalen poëzie
Geplaatst door woutervanheiningen
Cortenstaal
.
Op zoek naar iets heel anders kwam ik op internet een aantal mooie vormen van poëzie in vreemde vormen tegen. Of eigenlijk moet ik zeggen poëzie in bijzondere uitvoeringen. In dit geval namelijk uitgesneden in platen Cortenstaal.
Cortenstaal, ook bekend onder de merknaam COR-TEN-staal, is een metaallegering, bestaande uit ijzer waaraan koper, fosfor, silicium, nikkel en chroom zijn toegevoegd. Cortenstaal is een weervast staal en de bruine roestkleur is het meest typische uiterlijke kenmerk.
Regelmatig kom ik kunst in de buitenruimte tegen die is uitgevoerd in dit soort staal. Als je ooit een roestige vorm van kunst buiten ziet ga er dan maar vanuit dat het hier Cortenstaal betreft. En er is dus ook poëzie uitgevoerd in Cortenstaal. Zo kwam ik Staaltjes natuur tegen http://www.staaltjesnatuur.com van Geert De Kockere. Of litanuurtjes zoals hij ze noemt; gedichten uitgesneden in platen Cortenstaal. De gedichten worden gesneden in een plaat staal van 62 bij 62 en kunnen als een kunstwerk in de tuin kunnen worden gezet, aan een muur gehangen of zelfs binnen in een hal voor een poëtische noot kunnen zorgen.
Hieronder een aantal voorbeelden (niet alleen van Geert De Kockere overigens, er zijn meerdere aanbieders.
.
Geplaatst in Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten in vreemde vormen, Gedichten op vreemde plekken, Poëzie en Kunst
Tags: 62 bij 62 cm, chroom, COR-TEN-staal, Cortenstaal, dichter, fosfor, gedicht, gedichten, gedichten in bijzondere vormen, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op vreemde plekken, Geert De Kockere, hal, ijzer, koper, kunstwerk, literatuurtjes, metaallegering, muur, nikkel, platen staal, poëzie, roestig, silicium, tuin, typisch uiterlijk kenmerk, uitgesneden, weerkaats
Geest en macht
Geplaatst door woutervanheiningen
Gedichten op lantarenpalen
.
In 1906 wordt in het Estse plaatsje Jõgeva dichter en schrijfster Betti Alver (1906 – 1989) geboren. Van 1924 tot 1927 studeerde zij Estische filologie aan de Universiteit van Tartu waarna ze meer dan 60 jaar schrijfster zou zijn. Ze begon met het schrijven van novellen en romans maar maakte vooral naam als dichter. Haar debuutbundel ‘Tolm ja tuli’ (Stof en Vuur) uit 1936 betekende haar doorbraak als dichter. Voor haar werk ontving zij verschillende literaire prijzen waaronder de ‘Juhan Liiv Poëzieprijs’. In Alvers werk is de geest altijd belangrijker dan de materie, hetgeen ook blijkt uit haar beroemde gedicht ‘Geest en Macht’ uit 1939 (vertaling Cornelius Hasselblatt en Marianne Vogel).
.
Geest en Macht
.
De geest droeg ooit een rijke dos
en lauwerkrans
hij draaide aan ’t spit een vette os –
maar thans? Maar thans?
De massa staat in vroom gelid
en rijke dos.
Maar vriend, nu zit de geest aan ’t spit
en draait de os.
.
In haar geboorteplaats Jõgeva is het Betti Alver museum gevestigd waar manuscripten, literaire werken, foto’s en persoonlijke bezittingen van haar te zien zijn. In 2018 besloot het museum dat het mooi zou zijn als haar poëzie ook buiten het museum in de openbare ruimte te lezen zou zijn. Dus liet men een bedrijf delen van haar poëzie uitsnijden in aluminium en deze op lijnen aan lantaarnpalen bevestigen. Hierdoor zien ze er licht en luchtig uit tegen de lucht en roepen ze de voorbijganger op ze te lezen. De gedichten zijn geplaatst op zes lantaarnpalen rond de stad Jõgeva.
.
Geplaatst in Dichtbundels, Favoriete dichters, Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken
Tags: 1906, 1924, 1927, 1936, 1939, 1989, 2018, aluminium lijnen, Betti Alver, Betti Alver museum, Cornelius Hasselblatt, dichtbundel, dichter, Estische filologie, Estland, Ests dichter, foto's, gedicht, gedichten, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op vreemde plekken, gedichtenbundel, geest, Geest en Macht, Jõgeva, Juhan Liiv Poëzieprijs, licht, literaire prijzen, literaire werken, lucht, manuscripten, Marianne Vogel, materie, novellen, persoonlijke bezittingen, poëzie, poëziebundel, romans, schrijfster, Stof en Vuur, Tolm ja tuli, Universiteit van Tartu, vertalers, Vertaling
Service information
Geplaatst door woutervanheiningen
Guerilla poëzie
.
Als er iets is waar ik een zwak voor heb dan is het voor spontane ideeën, ingevingen en acties gericht op poëzie en het uiten van dichters. Browsend op het internet kom je dan soms hele mooie voorbeelden tegen. Zoals het voorbeeld dat ik tegen kwam op de website van Andrew Whitehead https://www.andrewwhitehead.net/ over underground poëzie. Ik schreef al eens over het initiatief van de Metro in Londen om het gedrag van reizigers te beïnvloeden middels ‘Poetiquette’. Daar mochten reizigers op de Tumblr site van de metro gedichten plaatsen en de beste en mooiste werden op posters gedrukt en in de metrostations gehangen https://woutervanheiningen.wordpress.com/2016/01/13/subway-etiquette/ .
Maar in diezelfde metro van Londen staan borden van de Service Information. Daarop kunnen mededelingen worden geschreven door de medewerkers van de metro aan de reizigers. Een aantal ‘guerilla’ dichters hebben zich die borden eigen gemaakt. Door boven aan het bord ‘Poetry Corner’ te schrijven en daaronder de datum en een gedicht met weer daaronder de naam van de dichter worden reizigers geconfronteerd met gedichten tijdens hun reizen. Dit kunnen gedichten zijn van bekende dichters maar ook van volledig onbekende dichters of anonieme dichters.
Hieronder een paar voorbeelden. Het eerste voorbeeld is een gedicht van dichter Jehane Markham (1949). Markham studeerde aan de Central School of Art en deed Irish en Film Studies aan de University of North London. In 1974 debuteerde ze met de dichtbundel ‘The Captain’s Death Soul’ waarna ze nog ‘Ten Poems’ (1993), ‘Twenty Poems’ (1999) en ‘Thirty Poems’ (2004) publiceerde. Van haar hand werd het gedicht ‘The Kiss’ geschreven op het Service Information bord.
.
The Kiss
.
In the dark saying goodbye,
I would kiss you on the lips
and begin to cry.
Imagine for once a good outcome
for death. That heaven really
does exist.
At the gate,
all the people that you love.
Waiting to be kissed.
.
Geplaatst in Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken
Tags: 1949, 1974, 1994, 1999, 2004, aankondiging, Andrew Whitehead, beïnvloeden, bord, Central School of Arts, dichter, dichters, Film studies, gedicht, gedichten, gedichten in de openbare ruimte, gedichten op vreemde plekken, guerilla poëzie, guerilla poetry, Irish studies, Jehane Markham, Londen, London, metro, metrostations, ondergrondse, poëzie, poem, poems, poet, Poetiquette, poetry, Poetry Corner, reizigers, Service Information, Subway, Ten Poems, The Captain's Dead Soul, The kiss, Thirty Poems, Twenty Poems, underground, University of North London
Ons te vroeg ontvallen 3
Geplaatst door woutervanheiningen
Rieneke Grobben-Minderman
.
Op 23 maart 2018 overleed de, altijd in het roze geklede, dichter en fantastisch mens Rieneke Grobben-Minderman op 73 jarige leeftijd. Ze was, zo lang ik me kan herinneren, een vaste gast op de podia van Ongehoord! in de bibliotheek van Rotterdam, op het podium in de Jacobustuin en bij de uitreiking van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijdprijs. Elk podium kwam ze op met haar roze koffertje, zette haar bril van haar voorhoofd op haar neus en haalde haar gedichten op de rol (haar gedicht aan de meter) tevoorschijn en al afrollend las ze haar ongeëvenaarde poëzie voor. Gedichten als ‘Check in Check out’, ‘Op z’n Jan Boerenfluitjes’, ‘Crime passionel’ en natuurlijk ‘Rotterdam an du meter du stad van’ waar ik nooit genoeg van kreeg. Hoe vaak ze ze ook voorlas, elke keer was het weer genieten.
Rieneke was ook altijd bereid om te verschijnen op een podium als je haar vroeg (en als ze de tijd had). Haar aanwezigheid en voordrachten mis ik (en velen met mij) nog steeds. Joop van der Hor stelde samen met Rieneke en nog een aantal mensen en instanties de bundel ‘De wereld volgens Grobben’ samen waarin haar Rotterdamse gedichten en verhalen (en veel foto’s van optredens, krantenknipsels en persoonlijke foto’s) zijn opgenomen. Op die manier is haar werk bewaard gebleven voor alle liefhebbers en bewonderaars en dat waren er velen. Op 23 maart 2018 overleed Rieneke en op 15 april 2018 werd ze herdacht met de onthulling van de eindpassage van haar gedicht ‘Rotterdam aan de meter’dat als gevelgedicht werd uitgevoerd aan de Bas Jungeriusstraat in Rotterdam https://woutervanheiningen.wordpress.com/2018/04/14/rieneke-grobben-minderman/
Ik wil hier graag een gedicht van Rieneke delen wat voor mij vrij onbekend was maar waaruit de heerlijke nuchterheid van Rieneke spreekt en in de bundel is opgenomen getiteld ‘Op de bank bij…’.
.
Op de bank bij…
.
De krassen op mijn ziel
zij worden minder.
De littekens
verbleken.
De schaafwond,
een korstje erop.
De brandwond
genezen.
De gebroken botten
geheeld.
De ravage in mijn hoofd
gerangschikt.
De tranen
gedroogd.
Zo lag ik op de bank,
als een watje
én
de psychiater zei:
” ’t Komt wel in orde schatje.”
.
Geplaatst in Bibliotheken, Dichtbundels, Favoriete dichters, Gedichten in de openbare ruimte, Gedichten op vreemde plekken
Tags: Bibliotheek, Check in Check out, Crime passionel, De wereld volgens Grobben, dichtbundel, dichter, eindpassage, foto's krantenknipsels, gedicht, gedicht aan de meter, gedicht op een muur, gedichten, gedichten in de openbare ruimte, gedichtenbundel, gevelgedicht, Joop van der Hor, koffertje, Op de bank bij..., Op z'n Jan Boerenfluitjes, persoonlijke foto's, poëzie, poëziebundel, Rieneke Grobben, Rieneke Minderman, rollen, Rotterdam, Rotterdam aan de meter, Rotterdam an du meter du stad van, Rotterdamse dichter, Rotyterdamse gedichten en verhalen, roze, stichting Ongehoord!, van de rol, voorlezen































