Site-archief

Zie de maan

Ongerijmde rijmen

.

In 1954 publiceerde Het Spectrum in de Prismareeks de bundel ‘Ongerijmde rijmen’ – een blik in de speelkamer van muzen en poëten waarin de muzen soms in haar hemd en de poëten op kousevoeten verschijnen en dientegevolge een sfeer van ongedwongen hartelijkheid en hatelijkheid heerst welke geest en harte verfrist en alle plechtigheid verjaagt uit vijf eeuwen Nederlandse poëzie -.

Michel van der Plas stelde deze bundel samen met humoristische poëzie. Een bron van vermaak, juist omdat er zoveel onbekende dichters in staan met soms heel fraaie gedichten en rijmen. In verschillende hoofdstukken met titels als ‘Onwaarschijnlijke verhalen’, ‘Waarschijnlijker verhalen’, ‘Verzuchtingen, ontboezemingen, uitvallen’ en ‘Kolder, kolder, kolder’ staan meer dan 250 gedichten van vroeger en nu (tot 1954). Van hele korte grafschriften zoals die van De Schoolmeester: Wandelaar, om u de waarheid te zeggen, U kunt zo moei van ’t loopen niet zijn als ik van ’t leggen.

Ik koos voor een gedicht met een variatie op een Sinterklaasliedje van de mij volledig onbekende dichter Dop Bles (Rotterdam 1884 – Den Haag 1940)

.

Zie de maan

.

Zie de maan schijnt door de boomen,

en de boomen naast elkaar

staan met lusteloos gebaar

wachten of geen mensch zal komen

met een touw

om zich gauw

aan een tak wat op te hangen,

om wat hooger stil te droomen:

’t heerlijk avondje is gekomen.

.

Zware pijnstillers

Rob Schouten

.

Uit mijn boekenkast vandaag de bundel ‘Zware pijnstillers’ van Rob Schouten (1954), zijn 13e en voorlaatste dichtbundel alweer. Rob Schouten is dichter, prozaschrijver, columnist voor Trouw en literatuurcriticus. Daarnaast verzorgt hij sinds 1981 voor het weekblad Vrij Nederland  recensies van dichtbundels.

In 1986 en 1987 was hij writer in residence aan de University of Minnesota, van 1993 tot 1996 bijzonder hoogleraar literaire kritiek aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Hij zat in talloze literaire jury’s, schreef naast dichtbundels en romans ook essays en een verhalenbundel. Daarnaast stelde hij een aantal bloemlezingen samen.In 2002 kreeg hij de Herman Gorterprijs voor ‘Infauste dienstprognose’.

De romantisch decadente elitaristische inslag van zijn vroege werk evolueerde gestaag in de richting van een eigenaardig soort realisme, dat het midden houdt tussen ruwhartig en gevoelig. Zo ook in de bundel ‘Zware pijnstillers’ uit 2012.

Het gedicht ‘Vader’ uit deze bundel is een mooie illustratie van het ruwhartige en gevoelige in één gedicht.

.

Vader

.

Twee oorlogen had hij op zak, als twee horloges,

een peutertje, de ander een volwassen man.

Niemand van ons kende hem nog, misschien verzon

hij soms maar wat, dat hij eerst boekhouder

en later predikant, ‘van kasboek tot bijbel’,

Plots had hij ons verwekt, maar bleef even

‘hardcore’-gelovig als jongen van Jan de Wit.

Hij kon niet tegen onrecht en mijn puberteit.

.

Maar ’t echte werd tot allerlaatst bewaard

toen hij broodmager, zachtjes kotsend, snotterde:

ik wou m’n kleinkinderen groot zien worden.

.

O God, bewaar me, laat me nu afglijden,

sla me met pest, neem me mijn dochters af

en leg me als het erop aankomt kalm in bed!

.

Dichter van de maand december

M. Vasalis

.

Toen ik het lijstje van de dichters van de maand bekeek van het afgelopen jaar, viel me iets op; louter mannen als dichter van de maand. Dat kan natuurlijk niet dus vanaf nu meer vrouwelijke dichters (tenslotte zijn er zoveel prachtige vrouwelijke dichters). Om te beginnen met één van mijn favoriete dichters M. Vasalis.

Ik heb de afgelopen jaren al verschillende malen over haar geschreven en gedichten van haar gedeeld maar nu is ze dus de hele maand december op elke zondag Dichter van de maand.  Als eerste gedicht heb ik gekozen voor een minder bekend gedicht van haar uit de bundel ‘Vergezichten en gezichten’  uit 1954, getiteld ‘Vuur’.

.

Vuur

.

Die jong zijn zullen nauwelijks herkennen

het vuur, dat door de schaamte feller aangeblazen,

de oude vrouw, verdwaasd door liefde

het water zoeken doet.

Oude Ophelia, distels in de dorre handen,

de sintelstem die nog te zingen waant.

Maar ’t water is hetzelfde en het oud geboomt

heeft groene blaadjes en het ijle lied

stottert dezelfde woorden. Mooi is het niet.

Maar ’t vuur, dat deze oude fakkel heeft gewijd,

stoort zich aan schoonheid, waardigheid, noch tijd.

.

mv

old-woman-and-man-in-love

 

Zo’n gelukkige dag

Dichters spreken de waarheid

.

In 2005 publiceerde Amnesty International samen met uitgeverij De Geus de bundel ‘Zo’n gelukkige dag’ met “poëzie over waarheid en het ontmaskeren van leugens, over daden en wat dromen mogelijk maken, over vrijheid en wat een gevangenis niet breken kan, over liefde die niet verlaat.”

Uit deze bundel het gedicht ‘In de bibliotheek’ (je snapt waarom ik voor dit gedicht kies) van U Min Thu.

U Min Thu (1954 – 2004) een advocaat uit Myanmar (Birma) werd in 1994 veroordeeld tot een gevangenschap van zeven jaar omdat hij een studie maakte van de geschiedenis van de studentenbeweging. Amnesty International adopteerde hem als gewetensgevangene. Hij stierf in de Insein-gevangenis in 2004. Min Thu was de broer van de beroemde Birmese dichteres Nu Yin.

.

In de bibliotheek

.

Ik wist niet dat je hier was –

moest je niet tot tijgers spreken

de wolken de weg terug wijzen

een storm in je bed leggen?

.

Dat je hier zou zijn tussen gedichten

dat had ik in mijn droom niet gezien

ik geloof dat ik hier blijf

om je tot sluitingstijd te lezen.

.

u-min-thu

gelukkige-dag

Kerkhof

Guillaume van der Graft

.

De dichter (en theoloog, schrijver) Willem Barnard (1920 – 2010) publiceerde onder zijn eigen naam maar ook onder het pseudoniem Guillaume van der Graft zijn poëzie. Er staan talrijke dichtbundels op zijn naam maar ook publicaties met teksten voortgekomen uit een liturgische praktijk van jaren. Hij geldt als een van de belangrijkste dichters zowel wat strofische psalmvertalingen betreft als nieuwe gezangen en vertalingen van anderstalige gezangen in het Liedboek voor de Kerken.

Willem Barnard ontving voor zijn werk onder andere de Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs (1954) en de C.C.S. Crone-prijs (2010).

In 1961 verscheen onder zijn pseudoniem Guillaume van der Graft de bundel ‘Gedichten’. In deze bundel staat een keuze uit zijn ‘vrije poëzie’ zoals de achterkant vermeldt. Naast verschillende gedichten met titels die verwijzen naar de bijbel ook het gedicht ‘Kerkhof ‘.

.

Kerkhof

.

Woordenboek staat op de poort.

Ik zoek hem bij de B,

ik wijs met mijn nagel bij,

ik graaf onder het woord

.

naar zijn tastbare naam,

een letter of zeven, acht,

waaruit hij heeft bestaan

tot die bewuste nacht.

.

Wat maak ik tenslotte buit?

niets dan een mondvol stof.

De aarde spreekt hem niet uit

en ik mis het geloof

.

dat hem oprichten zou

als een teken des tijds

op gevaar af dat hij

toch naar de hemel wou

.

waar immers naar men zegt

zijn naam opgeschreven staat.

ik klap de schepping dicht,

gelaat op gelaat,

gedicht op gedicht.

Ik loop verder op straat.

.

kerkhof2

                                                                                          Foto: Tünde Kassa

 

 

Nieuwe vrouwelijke dichters

Anne Rouse

.

In één van de vele charity shops die je overal vindt in Engelse steden kocht ik de bijzonder fraaie bundel ‘New Women Poets’ uit 1990. Samengesteld door Carol Rumens. In deze bundel staan maar liefst 25 vrouwelijke dichters uit Ierland, Wales, Schotland, Nieuw Zeeland, Zuid Afrika, Oostenrijk, Iran, Engeland en Amerika. Zij zijn door Rumens gekozen, niet om hun nationaliteit maar om hun frisse geluid en landstaal. Er zitten dichters tussen die in vaste vormen dichten en anderen laten zich juist meer leiden door alledaagse- en ongestructureerde taal.

Mijn keuze voor vandaag viel op een gedicht van Anne Rouse. Geboren in 1954 in Washington studeerde zij in Londen waar ze nu ook woont. Ze werkte als (psychiatrisch) verpleegkundige en is nu alweer jaren zelfstandig schrijver. Ze wordt door de International Poetry Society omschreven als een intelligent en vakkundig dichter. Haar gedichten werden onder andere gepubliceerd in The Guardian, The Observer, The Independent en the Times Literary Supplement.

Toen in 1990 dit boek werd gepubliceerd was Rouse vooral bekend van gedichten van haar hand die in magazines waren gepubliceerd. Vanaf 1993 verschenen er ook een aantal dichtbundels van haar. Uit de bundel ‘New Women Poets’ heb ik gekozen voor het gedicht Virginian Arcady’.

.

Virginian Arcady

.

My muse came up from the creek,

taller than a man

in the speckled shade

where crayfish imitate tiny stones

and the brisk water plays.

.

Reckon it was my muse,

being so ringlety and fair

with a child’s eye.

In her head-dress bitter, living grapes

nest on the wild vine.

.

We strolled the bog paths

from the lower fields,

apart by armlength.

She talked low, reproachful, pretty:

said I don’t lover her enough.

.

ar

nwp

De Zeehond

Jos De Haes

.

Via Facebook kreeg ik van Bout Vercnocke een tip over de Vlaamse dichter Jos De Haes (1920 – 1974). De Haes was behalve dichter ook essayist en radiomaker. Hij publiceerde gedichten in het tijdschrift ‘Podium’ (1943-1944), waarvan hij hoofdredacteur was. Hij ontmoette er Frank Meyland, Anton van Wilderode, Hubert Van Herreweghen, en Christine D’Haen.

Daarna publiceerde hij in ‘Poëziespiegel’ waar hij Paul De Rijck, Hubert Van Herreweghen, André Demedts en Albert Westerlinck ontmoette. In 1950 werd hij recensent bij ‘Dietsche Warande en Belfort’ en werd in 1960 redactielid.

In 1961 werd hij diensthoofd van de literaire en dramatische uitzendingen van de BRT en werkte hij aan het programma ‘Vergeet niet te lezen’.  Hij publiceerde 4 dichtbundels en gedichten in verzamelbundels. Hij ontving onder andere voor zijn werk de Prijs voor Letterkunde van de Vlaamse  provincies, de driejaarlijkse staatsprijs voor poëzie en Guido Gezelle-prijs van de Koninklijke Vlaamse Academie.

Het gedicht ‘De Zeehond’ komt uit de cyclus ‘De Pool’ in de bundel ‘Gedaanten’ van 1954. De gedichten uit die cyclus zitten vol symboliek. Zo ook ‘De Zeehond’ waarin, kort gesteld, de mens vecht tegen de dood met de moed der wanhoop, als een zeehond die onder de ijskorst zwemt maar uiteindelijk toch het ademwak, het leven vindt.

De YouTube opname van Jo De Meyere komt uit een tv-uitzending van rond 1970.

.

De Zeehond

.

Het is te vinden in ’t ademwak

het ijsgat met de smalle schacht,

waardoor ik aan het oppervlak,

liggend in reukzout en koud water,

leven zuig uit sneeuwlichte nacht.

.

IJspegels brekend met mijn tand

zoek ik in ’t licht der sneeuw rondom

en vind haar Engel aan de rand

de vogel keizerpinguin staat er,

een kegel als Haar wijsheid stom

en als Haar eeuwig willen strak

.

Het is te vinden in ’t ademwak,

longpijp in ’t rustigste der vlezen,

diep ademhalen en genezen.

.

De-Haes-0

E.E. Cummings in 100 gedichten

Verzamelbundel

.

When in London, buy a poetrybook. En dat deed ik dus. In een klein tweedehands boekenwinkeltje in Camden market kocht ik afgelopen weekend de bundel ‘100 selected poems’ van E.E. Cummings. Al jaren is E.E. één van mijn favoriete Engelstalige dichters maar ik bezat geen enkele bundel van hem. Daar is nu dus verandering in gekomen en ik ben er blij mee.

In deze bundel staan gedichten uit maar liefst 10 bundels van Cummings. De oudste uit 1923 ‘Tulips and Chimneys’ en de meest recente XAIPE (wees gegroet in het Grieks) uit 1950.

Edward Estlin Cummings (1894 – 1962) was een Amerikaans dichter en schrijver. Hij was een van de meest radicaal experimentele en inventieve schrijvers van de 20e eeuw. Zijn stijl wordt gekenmerkt door typografisch non-conformisme, het gebruik van jazzritmes, jargon en andere elementen uit de populaire cultuur. Zijn poëzie is nog steeds, na al die jaren, actueel, modernistisch en opwindend.

Uit de bundel het gedicht ‘Raise the shade’ (hoewel het gedicht eigenlijk geen titel heeft, Cummings gedichten hebben nooit een titel maar worden met hun eerste regel aangeduid) dat oorspronkelijk verscheen in de bundel ‘And’ uit 1925. Hoewel de typerende non-conformistische typografie en interpunctie van zijn latere werk hier nog ontbreekt herken je al elementen hiervan in dit gedicht.

.

raise the shade

will you dearie?

rain

.

get yer goat but

we don’t care do

we dearie we should

worry about the rain

.

huh

dearie?

yknow

i’m

.

sorry for awl the

poor girls thatgets up god

knows when every

.

day of their

lives

ain’t you

oo-oo,        dearie

.

not so

hard dear

.

you’re killing me

.

eecummings-01

100

Behalve de haan

Benno Barnard

.

De dichter, essayist, toneelschrijver, reisschrijver en vertaler Benno Barnard (1954) werd geboren in Amsterdam maar woonde van 1976 tot 2015 in België en verhuisde daarna naar East Sussex.

In 1981 debuteerde hij met ‘Een engel van Rossetti’, een bundel met romantische cerebrale poëzie. In zijn latere bundels werd hij vooral beïnvloed door de Engelse Interbellum dichters. Hij vertaalde poëzie uit verschillende talen naar het Nederlands en werd verschillende keren onderscheiden voor zijn werk. Zo ontving hij in 1985 de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs, in 1987 de Geertjan Lubberhuizenprijs, in 1994 de Busken Huetprijs en in 1996 de Frans Kellendonk-prijs.

Barnard schuwt het publieke debat niet. Heeft duidelijke meningen en beland regelmatig in verhitte discussies met tegenstanders in de media.

Uit zijn debuutbundel ‘Een engel van Rossetti’ het gedicht ‘Behalve de haan (omne animal).

.

Behalve de haan (omne animal)

.

Een droevig dier, maar een volleerde leugenaar:

de haan, markies, het hoerenjong op stand.

Een pront getande kam, de sporen op terreur.

De roedel kippen, hoerig blond van angst:

plebejisch vee, van Kopf bis Fuss excuus.

.

haan-Medium

benno-barnard-henry-purcell

Foto: Renata Barnard

 

Beurtzang

Th. van Os

.

Schrijver maar vooral dichter Th. van Os (1954) debuteerde in 1996 met de poëziebundel ‘Beurtzang’ bij de Arbeiderspers. Hierna verschenen nog een aantal dichtbundels en twee romans. Van Os publiceerde werk in Maatstaf, Tirade, Revisor, Vrij Nederland, De Zingende Zaag, Tzum en Hollands Maandblad.

Informatie over de dichter is te vinden op zijn website http://www.thvanos.nl/

Uit zijn debuutbundel het titelgedicht ‘Beurtzang’.

.

Beurtzang

.

Stel je een vuur voor dat zo fel uitslaat

dat alle kleuren witter vlammen dan wit licht

witter dan de bladzijde waarop dit staat

heet en vurig als een goed gedicht

.

en brand het in je lichaam, middenin

en voel de gloed die zich als witheet licht

begrenzen laat, als woorden in een zin,

ja, als de grenzen van een goed gedicht.

.

De bron is even vleselijk en wringt

zich als het lezen van een goed gedicht, een oog

waarin de taal zich stijf en soepel binnenzingt

.

waardoor neuronen hun patronen vuren

en kronkeling oplicht;

.

een goede beurt is ook een goed gedicht.

.

beurtzang