Site-archief
Maannacht
H. Marsman
.
Maannacht
.
De maan breekt de wolken uiteen;
en stroomende uit die wel breken
kolken en kreken, gletschers en meren
naar alle verten uiteen.
.
de aarde is klein en alleen,
een slingerend schip in het ruim,
dat zich stampend en schuin
overstag gaand in doodsangst
kampende boven houdt
op het kolkende water des donkers
onder het stormende schuim.
.
Ik lig in het ruim naast een vrouw.
haar borsten rijzen en dalen;
zij slaapt, zij denkt nu alleen
in haar droomen aan het geluk;
hoe vredig haar ademhalen:
zij weet niets van den nood
van ons schip, zij hoort
de seinen niet gillen
noch het angstig fluiten
driemaal, als een signaal
van den dood.
.
gun mij nog twee uren slaap,
ik kan zoo niet blijven waken.
.
-neem dan nu afscheid van haar,-
misschien zult gij den morgen niet halen,
tenzij in een ander land.
.
ik schuif mijn hand in haar hand
-zie, even beven haar wimpers-
zoo liggen wij naast elkaar
als tweelingen, sluimrende kindren.
zullen wij elkaar niet meer vinden
dan zij mij dood – of ik haar?
.
Klein voorspel
Hanny Michaelis
.
Vorige week was ik bij een kringloopwinkel/opkoper/brocante die in een enorm pand gevestigd was. In de winkel waren prachtige en minder prachtige dingen te koop en ook boeken. Wanneer ik boeken zie ga ik altijd even kijken. Ik kon geen poëzie vinden maar wel wat Zwarte Beertjes (mijn broer spaart de exemplaren waarvan Dick Bruna de kaft ontwierp). Zoals zo vaak was de vraagprijs niet in verhouding tot de waarde (wat bezielt die commerciële winkeliers toch? Willen ze hun boeken niet verkopen?). Dus enigszins teleurgesteld legde ik ze terug. Ik keek nog wat verder en tot mijn verbazing vond ik nog twee oude dichtbundels; De muze op reis (dat deel had ik nog niet) én ‘Klein voorspel’ van Hanny Michaelis uit 1949. Tot mijn grote verbazing was de prijs voor deze bundeltjes een ‘rommelmarktprijs’ € 1,- per stuk. Waar Zwarte Beertjes werkelijk overal te koop zijn en in enorme aantallen zijn verkocht destijds en hier als dure waar wordt gezien, koop ik voor een habbekrats een klein juweeltje. Blijkbaar lag de kennis van deze opkoper minder bij boeken dan bij meubels en andere grote dingen.
Hanny Michaelis (1922 – 2007) was dichter en vertaalster en debuteerde in 1949 met ‘Klein voorspel’. In haar kleine oeuvre beschrijft zij de mens in zijn hulpeloosheid en eenzaamheid, op zoek naar liefde. Haar werk is sober en later ook relativeert. Haar beide Joodse ouders werden vermoord in het vernietigingskamp Sobibór, dit gegeven en de oorlog drukte een groot stempel op haar werk. In totaal verschijnen er van haar hand 6 dichtbundels. Na 1971 verschenen er geen nieuwe bundels meer van Michaelis. In 1995 ontving zij de Anna Bijns Prijs voor haar gehele oeuvre. In 1996 verschenen haar ‘Verzamelde gedichten’.
Het kleine bundeltje ‘Klein voorspel’ telt 30 gedichten en werd in 1949 gedrukt door drukkerij Thieme uit Nijmegen. ‘Klein voorspel’ was het een-en-twintigste deel van ‘De Ceder’ uitgegeven door J.M. Meulenhoff uit Amsterdam. Uit dit prachtige bundeltje koos ik voor het gedicht ‘De liefste’.
.
De liefste
.
Word wakker in de vroege voorjaarsmorgen
open je ogen in het grijze licht.
Voel je een ogenblik verlost van zorgen
en glimlach als een kind, bevrijd van plicht.
.
Glimlach en raak het lichtend spoor niet bijster
dat leidt naar een betoverend verschiet.
Wees stil : buiten huldigt de eerste lijster
de wereld in een overmoedig lied.
.
Hij zal je hart loszingen uit het puin
van halfontluisterde herinneringen,
en neer doen strijken in de verre tuin
waar het geluk fonteinen doet ontspringen.
.
In deze tuin zal het mijn hart ontmoeten –
twee speelse vlinders in de zonneschijn.
Verheerlijkt zullen zij elkaar begroeten
en onuitsprekelijk gelukkig zijn.
.
Lente
Jan Wolkers
.
Behalve een groot schrijver en kunstenaar schreef Jan Wolkers (1925 – 2007) ook poëzie. Dat deed hij overigens pas aan het einde van zijn leven. In 2000 verscheen de bundel ‘Jaargetijden’ en in 2003 de bundel ‘Wintervitrines’. Na zijn dood werden in 2008 zijn ‘Verzamelde gedichten’ gepubliceerd. De bundel ‘Winterbeelden’ is een verrassend serene uitgave, zonder opsmuk, gedichten en gefotografeerde illustraties door Peter Mookhoek (4 foto’s in het hoofdstuk ‘Seizoenen’ bij elk seizoen een foto).
In deze bundel veel aandacht voor de natuur zoals je zou verwachten bij Wolkers. Het noorderlicht, het tij, de winterslaap, de duinen, de seizoenen, ze komen allemaal langs. Zo ook in het gedicht ‘Zeeaas’. De woorden zenen en verzenen betekenen ‘hielen’ en ‘verlangen’.
.
Zeeaas
.
Hectisch mijn leven nu, omringd door duingebieden,
Verzande zee, mul verstikkend schuim, asgrauw doorngebroed.
De gewrichten van de branding liggen verstijfd in lompen en
Helmgras geselt vlijmscherp de zandgeschuurde verzenen,
Het gebeente wordt tot snelfiltermaling verwerkt.
De geluidsoverlast van Beethoven grijpt me aan,
gekartelde horizon als zeeziek zwalken, , non-stop.
Onder mijn voetzool verkruimeld het verraderlijke drijfzand.
Het is zo zeker als wat dat de vloedlijn een leven lang meegaat.
Poseidon harkt vol plichtsbesef stookolie en wier bijeen,
Jaagt soms verbeten op iets dat nog leeft en beweegt,
Aan het zand gespietst siddert de zilveren spiering.
Tussen versleten luchters en glazige zenen mijd ik
Zijn zonderlinge schaduw en pekelgeur, roestig statue.
.
Nachtelijk gesprek
Paul Rodenko
.
Paul Rodenko ken ik vooral als samensteller en bloemlezer van allerlei bundels zoals ‘Voorbij de laatste stad’, ‘De muze viert feest’ en ‘Nieuwe griffels, schone leien’. Paul Rodenko (1920-1976) was echter veel meer, hij was dichter, criticus, essayist en vertaler. In de oorlog werkte hij mee aan de illegale tijdschriften Maecenas en Parade der Profeten. Zijn debuut als dichter maakte Rodenko in 1947 met zijn vertaling van Dvenatsat (De twaalf) van de Rus A. Blok (de vader van Rodenko was een Rus).
Door zijn essays en bloemlezingen over de experimentele poëzie in Nederland, ontstond een klimaat waarin de vernieuwende Beweging van de Vijftigers in de Nederlandse poëzie in steeds bredere kring werd geaccepteerd. Rodenko, die meteen na de oorlog enkele jaren in Parijs doorbracht, waar hij zich intensief met het surrealisme en het existentialisme bezighield, was zich al voor het optreden van de Vijftigers bewust van de gevolgen van de Tweede Wereldoorlog op de literatuur. Een goed voorbeeld is zijn gedicht ‘Bommen’ dat ik mop dit blog plaatste op 15 juli 2018 https://woutervanheiningen.wordpress.com/2018/07/15/bommen/.
Uit de bundel ‘Orensnijder tulpensnijder’ Verzamelde gedichten uit 1975 het gedicht ‘Nachtelijk gesprek’.
.
Nachtelijk gesprek
.
We zitten moe als padden zo gedwee
in onze transparante tent
de nacht rondom is een immense zee
de woorden onze mond ontwend
zijn trage jonken op het tijloos water
.
Geen uurwerk tikt er in de nacht
geen tafel lacht
je onbeweeglijke gezicht
is van een wonderlijke naaktheid
.
Hoe lang reeds is de zin geronnen
van ons gesprek in deze tent
komt er dan nooit een end
de laatste spin heeft stil mijn tong bestegen
en is verveeld zijn grauwe web begonnen
.
Je stem heeft zich nu eindeloos verlengd
ik zie de voet slechts van een rijzig woord
je vissenmond kruipt langzaam naar mij toe
.
en wordt heel groot en onbegrijpelijk rond
.
Makelaar
Gerrit Achterberg
.
In 1988 kwam de bundel ‘Verzamelde gedichten’ van Gerrit Achterberg uit. En omdat een gedicht van Achterberg altijd kan wilde ik daar vandaag een gedicht uit plaatsen. het is het gedicht ‘Makelaar’ geworden. Ik herken in dit gedicht hoe het maar al te vaak gaat, je bent op weg naar iets of iemand, je ziet en ervaart dingen, hoort mensen en maakt dingen mee die zich vast zetten in je hoofd. Terwijl je op weg bent vormen zich de eerste zinnen en wanneer je dan op je bestemming bent aangekomen is het tijd om deze zinnen op te schrijven en te bewaren. Soms is het een gedicht, een andere keer een aanzet of slechts flarden.
.
Makelaar
.
De ochtend maakt de schemering bezonnen.
Najaden keren ijlings naar de bronnen.
Voetstappen buitenshuis weerklinken licht.
Verzen, gedeeltelijk in hun coconnen,
zoeken aanknopingspunt en tegenwicht.
.
De meester gaat al met een nieuw gezicht
het raam voorbij. Hij heeft het overwonnen,
wat hier nog voor de helft ligt ingesponnen.
Melkslijter en besteller doen hun plicht.
.
Gedicht en dag schommelen om elkander
en beide willen dat ik mee verander.
Ik heb geen tijd of woord meer te verliezen
bij deze wedijver en pak mijn biezen;
hol naar de halte. Op het hoofdkantoor
tik ik het vers tussen de regels door.
.
Robert Anker
Landschap met de val van Icarus
.
Toen ik de foto’s op mijn Facebook pagina aan het terug kijken was, viel me een foto op die ik maakte in Warchau. Op zoek naar een gedicht dat ik bij deze foto kon plaatsen kwam ik uit bij Robert Anker ‘Nieuwe veters’ verzamelde gedichten 1979 – 2006. In deze bundel uit 2008 staat het gedicht ‘Landschap met de val van Icarus’. Ik weet niet precies waarom maar ik vind het wel bij deze foto passen.
.
Landschap met de val van Icarus
.
Eeuwen was het stil, als in een klooster,
maar de boer staat nu voorop,
los van ons denken, onze wil.
.
Ik kijk omhoog, ik weet het niet,
leun op mijn stok of ik iets mis,
krab dan mijn hond eens op zijn kop.
.
De hand en de stem
Armando (1929 – 2018)
.
Afgelopen zondag, op 1 juli overleed de dichter, kunstschilder, beeldhouwer, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando (pseudoniem voor Herman Dirk van Dodeweerd). Armando was zijn officiële naam; zijn geboortenaam, het pseudoniem zoals hij het noemde, bestond voor hem niet meer. Later heeft hij zijn oorspronkelijke naam in het register van de burgerlijke stand laten wijzigen door Armando. In 1964 debuteerde hij met ‘Verzamelde gedichten’ en tussen zijn debuut en zijn laatste bundel ‘Waarom’ met 21 nieuwe gedichten uit 2015, publiceerde hij vele gedichtenbundels, columns, verhalen, en romans. Als dichter en kunstenaar was hij verder betrokken bij De Nieuwe Stijl en Gard Sivik.
In 1995 werd een kleine bundel van hem gepubliceerd in een oplage van 50 stuks met de titel ‘De hand en de stem’.
.
de hand en de stem
.
hij denkt door middel van de stem, hij
laat de stem denken, de stem
denkt.
.
de stem beveelt de ledematen
ze moeten luisteren, ze
luisteren.
.
is de stem voor rede vatbaar?
.
hoe komt de linkerhand te weten
wat de rechterhand van plan is
hoe kan de linkerhand ooit weten
dat de stem een voorkeur heeft.
.
soms grijpt de ene hand de
andere hand, soms zijn ze
met zijn tweeën, zijn ze
geketend.
.
















