Site-archief
Zelfportret
Stefaan van den Bremt
.
Stefaan Van den Bremt (1941) is een Vlaams dichter en essayist. Hij debuteerde onder het pseudoniem Stevi Braem in 1968 met de bundel ‘Sextant’, waarmee hij de eerste debuutprijs (in 1969) won. Onder dit pseudoniem schreef hij ook als redacteur in het literair tijdschrift Kreatief (1966-2003). In 1980 ontving hij de Louis Paul Boonprijs voor zijn gehele oeuvre. Zijn laatste bundel dateert alweer van 2002 maar hij is ook actief als vertaler van Mexicaans Spaanse poëzie. Hiervoor ontving hij in 2007 in Mexico de Internationale Poëzieprijs Zacatecas.
Uit de bundel ‘Rover en reiziger’ uit 1992 het gedicht ‘Zelfportret’.
.
Zelfportret
.
Ik die de nasmaak van loslippigheid
geproefd heb, en zij is te jong
en praat mijn mond voorbij en bijt
als peper op mijn tong;
ik die de vreemde kriebel van het woord
gevoeld heb als het witte blad
en zit te schrijven als vermoord
ik het, al dat wit zat;
ik die de ren van kippen zonder kop
gezien heb, en hoe oud was ik
die de stokkende hartenklop
gehoord heb van de schrik? –
Ik die aan boeken en een bloem
geroken heb, en ze niet noem.
.
Coda
Huub Beurskens
.
Schrijver, kunstschilder en dichter Huub Beurskens (1950) debuteerde in 1975 met ‘Blindkap’ waarna nog vele poëziebundels zouden volgen met als laatste bundel uit 2015 ‘De warmte van het hondje’. Daarnaast publiceerde hij verhalen, essays en romans. Beurskens was redacteur van de literaire tijdschriften ‘Het Moment’ (1986-1988) en ‘De Gids’.
Beurskens vertaalde verschillende auteurs naar het Nederlands maar werk van hemzelf werd ook vertaald naar het Engels, Duits, Frans, Italiaans, Japans, Hongaars, Tsjechisch en Servisch.
Voor zijn werk ontvang hij o.a. de Herman Gorterprijs, de Jan Campert-prijs en de VSB Poëzieprijs. Uit de bundel ‘Klein blauw aapje’ uit 1992 het gedicht ‘Najaarsbloei op Kreta’.
.
Najaarsbloei op Kreta
.
Ik wou ik had een klein blauw aapje dat ik vroeg ‘Wat raap
je?’
en dat het op mijn schouder sprong met louter krokus die
het plukte,
de geschiedenis zou ik ingaan als de onder het komende
minst gebukte.
.
met dank aan Wikipedia
Toon Tellegen
Een dansschool
.
Van Toon Tellegen zo’n gedicht dat je denkt, ja, zo had ik het ook graag gezegd. Uit de bundel ‘Een dansschool’ uit 1992 het laatste gedicht zonder titel.
.
De een zei, heel zachtjes:
‘Zal ik maar weggaan?’
‘Ja,’ zei de ander, nog zachter.
.
‘Zal ik nog terugkomen?’
vroeg de een, bijna onhoorbaar.
Ja, dacht de ander
en schudde haar hoofd.
.
Stripfiguur
Jan Elburg
.
Van 3 tot en met 12 juni zijn de nationale stripdagen en daarom dacht ik dat het wel leuk zou zijn een gedicht over strips te delen met jullie. Dat is nog niet zo eenvoudig, zoveel gedichten over strips of stripfiguren zijn er niet te vinden.
Toch heb ik een mooi voorbeeld gevonden van de dichter Jan Elburg (1919 – 1992), de Vijftiger die onder andere de Jan Campert-prijs en de Constantijn Huygens-prijs won.
.
Stripfiguur
Rillend, maar aanwijsbaar niet van kou,
in je kamer, waar de kachel uit bleek.
Een blauw wolkje uit mijn mond met
– tekenend – : hou je van mij?
Zo ronduit als een cupmaat.
Nauwelijks een proefballon te noemen.
Meer nog dan het daarin vervatte,
dit de vraag: wat ging er scheef
met mijn recht op informatie,
toen je met boe noch ba op bed ging liggen?
.
Dichter in verzet
Frank Martinus Arion
.
De Curaçaose schrijver, dichter en taalwetenschapper Frank Martinus Arion (1936 – 2015) studeerde Nederlandse taal en letterkunde aan de universiteit van Leiden. Hij kon moeilijk aarden in Nederland en zocht het gezelschap van o.a. Cola Debrot, de toenmalig gevolmachtigd minister van de Nederlandse Antillen in Den Haag. Samen met Debrot gaf Arion zijn debuutbundel met poëzie uit in 1957 met de titel ‘Stemmen uit Afrika’.
Hierna richtte hij met nog twee andere een Antilliaans tijdschrift op, ‘Encuentro Antilliano’ (vrij vertaald: Antilliaanse vergadering). In 1973 verscheen ‘Dubbelspel’ zijn eerste roman. Dit werd een groot succes en hij kreeg er de van der Hoogtprijs voor. Het daarmee gewonnen geld gaf hij aan een organisatie tegen Apartheid. Hij was een groot tegenstander van Apartheid en zeer sociaal bevlogen. Toen in 2006 de Campagne Nederland Leest! in de bibliotheken van Nederland werd gelanceerd was ‘Dubbelspel’ de eerste titel in een reeks en van het boek werden er meer dan 700.000 weggegeven aan leden van bibliotheken in Nederland.
In 1992 werd hij tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau verheven. In december 2008 maakte hij bekend zijn lintje terug te willen geven aan de Staat der Nederlanden, omdat hij meende dat Nederland bezig was aan een herkolonisatie van de Antillen, door sanering van de Antilliaanse schulden te koppelen aan meer justitiële controle. Arion was ook erelid van de Haagse Kunstkring.
Uit zijn debuutbundel ‘Stemmen uit Afrika’ het gedicht ‘Eens zijn alle negers’.
.
Eens zijn alle negers
tamtammend uitgevaren
uit hun zwart-ompaalde
negorijen.
.
hun prauwen schoten
over de rivieren,
dwalend door ’t woud.
.
eens, maar eens is ver
en eens is lang geleden.
.
nu gaan zij als karbouwen,
mak geslagen, lam,
beroofd van hun tam-tam
en slepen stenen aan
waar anderen bouwen.
.
Foto: Serge Ligtenberg
Lozenges
Gedichten in vreemde vormen
.
In 1965 gaf Colleen Thibaudeau een alleraardigst boekje uit met de intrigerende titel ‘Lozenges’. Om daar maar mee te beginnen; een Lozenge (◊) is een ruitvormig leesteken dat nog maar weinig gebruikt wordt. De lozenge werd vroeger wel eens gebruikt om spaties aan te geven bij woorden waar onduidelijk was of deze aan elkaar hoorden of niet. In de huidige spelling is dit niet meer nodig.
Colleen Thibaudeau (1925 – 2012) was een Canadees dichteres en schrijfster van korte verhalen die in veel tijdschriften en magazines gedichten publiceerde. Behalve ‘Lozenges’ publiceerde ze nog de bundels ‘Ten Letters’ (1975), ‘My Granddaughters Are Combing Out Their Long Hair’ (1977), ‘The Martha Landscapes’ (1984), ‘The “Patricia” Album’ (1992) en ‘The Artemesia Book’ (1991).
Het boekje ‘Lozenges’ staat vol met gedichtjes in de vorm van een object en heeft dit ook als titel. Voorbeelden zijn een kroon, een trein, een hockeystick en een pop.
Hieronder twee voorbeelden van een ballongedicht en een kaarsgedicht.
.
Voor het hele boekje on-line ga je naar http://colleenthibaudeau.com/lozenges-poems-in-the-shape-of-things/
Co. 7
Eriek Verpale
.
Eriek Verpale (1952 – 2015) zijn werkelijke naam was Eric Verpaele was een Vlaams dichter,schrijver, toneelschrijver. Hij werd opgevoed door zijn uit Litouwen afkomstige joodse overgrootmoeder, die vlak naast hem woonde. Hierdoor werd zijn belangstelling gewekt voor de Joodse cultuur. Hij heeft dan ook verschillende vertalingen uit het Jiddisch en Hebreeuws op zijn naam staan (hij studeerde onder andere twee jaar Hebreeuws). Verpale ontving in 1992 de prestigeuze NCR literatuurprijs in België voor ‘Alles in het klein’ uit 1990.
Uit “Op de trappen van Algiers’ uit 1980 het gedicht Co. 7
.
Co. 7
.
Geen foto wil ik van je dragen, geen brieven –
zelfs geen zakdoek die ooit jouw lippen vond:
niets daarvan wil ik bewaren, laat staan
in een verouderd vers als dit verdoken
tot het mijne maken
.
Maar het dunne stof, geschud
uit diepe mantelzakken, oud
speelgoed dat eens op je kamer stond,
of de beduimelde bril
– ik bewonder de dikke glazen –
.
Alleen dàt wil ik van je sparen.
.
Wat een ander niet krijgen wil
zal ik van je hebben:
.
Het hoogste bod zal de wereld
niet eens verbazen.
.
The facts of life
Bert Voeten (1918 – 1992)
.
In de categorie erotische gedichten vandaag eens een heel andere kijk op erotiek in het gedicht ‘The facts of life’ van Bert Voeten uit de bundel ‘Gedichten 1950 – 1980’ uit 1988.
.
The facts of life
.
Ik was negen toen Jan Talboom mij
in de tuin van zijn ouderlijk huis
de paringsdaad demonstreerde
.
hij tekende met een houtje
een smal ovaal in het zand
en priemde het houtje vervolgens
vele malen tussen de lijnen
mij verzekerend dat het alleen
een kwestie was van bewegen
.
Jan Talboom was tien jaar oud
hij had een natuurlijke aanleg
voor aanschouwelijk onderwijzen.
.
Graf van Bert Voeten op begraafplaats Zorgvlied in Amsterdam met de tekst: Geloof in een onherroepelijk leven en leef het zo
One
U2
.
Er zijn liedteksten die als een gedicht aanvoelen, waarvan je bij beluistering niet een, twee, drie weet waar ze nu precies over gaan. Dat heb ik bij het nummer ‘One’ van U2. Omdat ik nieuwsgierig was ben ik eens gaan zoeken en wat blijkt? One is een bijzonder nummer van U2.
Als derde single van het album ‘Achtung Baby’ kwam het uit in 1992. Het nummer nam de spanningen weg tussen Bono en The Edge aan de ene kant en Larry Mullen jr en Adam Clayton aan de andere kant die er waren over de te varen koers. De eerstgenoemden wilde de kant van de elektronische en dancemuziek kant op en de laatstgenoemden wilden aan de oude U2 stijl vast houden. Fans beschouwen One dan ook als het nummer dat U2 redde.
Persoonlijk vind ik de versie met Mary J. Blige ook erg fraai maar voor de echte U2 fans is natuurlijk maar één uitvoering de beste.
Maar waar gaat ‘One’ over?
‘One’ kan op veel verschillende manieren worden geïnterpreteerd. De meest eenvoudige interpretatie zegt dat het gaat over twee mensen die van elkaar houden, maar elkaar toch pijn doen. Dit heeft te maken met de slechte relatie tussen Bono en zijn vader en de dood van zijn moeder, toen hij 14 was. In een interview zei Bono over het schrijven van ‘One’: “Er gebeurde in die tijd veel in mijn hoofd. Ik dacht na over vergeving en de band tussen vader en zoon.”
Een andere interpretatie is minder autobiografisch. In een interview met de Los Angeles Times in 1993 zegt Bono: “Het is een nummer over samenkomen, maar niet het oude hippie-idee van “Let’s all live together”. Eigenlijk is het juist het tegenovergestelde. We zijn één, maar niet hetzelfde. Het zegt niet dat we bij elkaar willen komen, maar dat we dat moeten, om te overleven. Het herinnert ons er aan dat we geen keuze hebben.”
Hoe dan ook, het blijft een intrigerende tekst, oordeel zelf.
.
One
.
Is it getting better
Or do you feel the same
Will it make it easier on you now
You got someone to blame
You say…
.
One love
One life
When it’s one need
In the night
One love
We get to share it
Leaves you baby if you
Don’t care for it
.
Did I disappoint you
Or leave a bad taste in your mouth
You act like you never had love
And you want me to go without
Well it’s…
.
Too late
Tonight
To drag the past out into the light
We’re one, but we’re not the same
We get to
Carry each other
Carry each other
One…
Have you come here for forgiveness
Have you come to raise the dead
Have you come here to play Jesus
To the lepers in your head
.
Did I ask too much
More than a lot
You gave me nothing
Now it’s all I got
We’re one
But we’re not the same
Well we
Hurt each other
Then we do it again
You say
Love is a temple
Love a higher law
Love is a temple
Love the higher law
You ask me to enter
But then you make me crawl
And I can’t be holding on
To what you got
When all you got is hurt
One love
One blood
One life
You got to do what you should
One life
With each other
Sisters
Brothers
One life
But we’re not the same
We get to
Carry each other
Carry each other
.
One…life
.
One
.
Er zijn drie versies van de videoclip van ‘One’ deze is gemaakt door Anton Corbijn



















