Site-archief

Behalve de haan

Benno Barnard

.

De dichter, essayist, toneelschrijver, reisschrijver en vertaler Benno Barnard (1954) werd geboren in Amsterdam maar woonde van 1976 tot 2015 in België en verhuisde daarna naar East Sussex.

In 1981 debuteerde hij met ‘Een engel van Rossetti’, een bundel met romantische cerebrale poëzie. In zijn latere bundels werd hij vooral beïnvloed door de Engelse Interbellum dichters. Hij vertaalde poëzie uit verschillende talen naar het Nederlands en werd verschillende keren onderscheiden voor zijn werk. Zo ontving hij in 1985 de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs, in 1987 de Geertjan Lubberhuizenprijs, in 1994 de Busken Huetprijs en in 1996 de Frans Kellendonk-prijs.

Barnard schuwt het publieke debat niet. Heeft duidelijke meningen en beland regelmatig in verhitte discussies met tegenstanders in de media.

Uit zijn debuutbundel ‘Een engel van Rossetti’ het gedicht ‘Behalve de haan (omne animal).

.

Behalve de haan (omne animal)

.

Een droevig dier, maar een volleerde leugenaar:

de haan, markies, het hoerenjong op stand.

Een pront getande kam, de sporen op terreur.

De roedel kippen, hoerig blond van angst:

plebejisch vee, van Kopf bis Fuss excuus.

.

haan-Medium

benno-barnard-henry-purcell

Foto: Renata Barnard

 

Marina

Hugo Claus

.

Op dit blog schenk ik vaak aandacht aan Vlaamse dichters. Het beste voorbeeld was wel de maanden dat ik elke zondag een gedicht van één van mij favoriete dichters, Herman de Coninck plaatste. Hoewel ik wel eens iets van hem plaatste komt Hugo Claus er een beetje bekaaid vanaf. Misschien wel omdat ik hem toch vooral als schrijver zie en minder als dichter (geheel ten onrechte natuurlijk).

Daarom vandaag een gedicht van hem getiteld ‘Marina’uit de bundel ‘Gedichten 1948 – 2004’ uit 2004.

.

Marina

.

Maar als haar sterven nu eens was

Als een woord, iets dat overeengekomen werd,

Raar, onbeschaamd, geen daad eigenlijk maar een

Intense wonde, verpakt in rouw

Naar de wijs van alle mensen, vol verdriet en kussen,

Als een wonder ook, ja toch, voor wie zij achterliet.

.

claus

cover

Gedicht op een kas

Jos Vandebergh

.

Van Jos Vandebergh kreeg ik via de mail deze foto toegestuurd. Dit gedicht (of deel van het gedicht) van Geert de Kockere staat geschreven op de ruit van een kas van de Kinderboerderij van Kiewit bij Hasselt in België.

Geert de Kockere (1962) is een Vlaams schrijver van vooral kinderboeken. Maar hij schreef ook verschillende poëziebundels. Hij kreeg verschillende literaire prijzen voor zijn kinderboeken  en in 1995 kreeg hij de Prijs Letterkunde van de Vlaamse Provincies voor kinderliteratuur voor zijn poëziebundel ‘Een fruitje van zilver’. Geert werkte ook mee aan de Vlaamse ‘Man bijt hond’ en ‘Woestijnvis’.

.

gedicht op kas

geertdekockere

Veiligheid

Dichter des Vaderlands

.

Waar wij Anne Vegter hebben als dichter des Vaderlands, daar hebben ze in België Laurence Vielle.  Laurence Vielle, in 1968 geboren te Brussel, moet je vooral zien en horen lezen. ‘Wat ik schrijf is spreekmateriaal, klankmateriaal. Ik lees graag hardop wat geschreven is,’ zegt ze. Laurence Vielle noemt zichzelf een sprokkelaarster. ‘Ik sprokkel woorden, de woorden van anderen, van mij en de ritmen van de wereld. Daarna schrijf ik, en ik zeg graag die woorden.’ Bij Poëziecentrum verscheen in 2013 haar bundel ‘Herschepping van de wereld’, vertaald door Jan H. Mysjkin.

Haar missie als Dichter des Vaderlands is vooral om de Belgische dichters en hun poëzie in het hele land meer ruchtbaarheid te geven. Ik zie het als mijn missie om ook onbekende(re) dichters bekendheid te geven en daarom hier een gedicht van Laurence.

Ze schreef dit gedicht een dag voor de aanslagen in Brussel. Vielle woont in Brussel, samen met haar twee dochters. De dramatische gebeurtenissen in Brussel vonden plaats één dag na de publicatie van haar gedicht.

.

veiligheid

gemoeds-
rust
geef mij wat
gemoedsrust
heren dames zonder scrupules
ik heb een dak
nodig
eten voor mijn kinderen
verzorging en wie weet een
tuin om in te werken
benoem in mijn land
een minister van geluk
voor mijn veilig/gelatenheid
en een hart open voor de ander
en reizen wil ik ook
reeën en wolken bespieden
wegen om op te stappen
om zonder herrie met elkaar te verbinden
mooie banken om met elkaar te praten
bomen die naast ons staan
die ons aanzetten om te blijven
breng me muziek bij
breng me gedichten bij
wakker onze verlangens
naar schoonheid aan
iedere dag zeggen jullie
“ durf nog meer te
besparen
de kosten van de sociale zekerheid
blijven maar oplopen
die stijging moet gestopt”
en de zekerheid de sociale
die welvaart onder iedereen
verdeelt, onder sterken en zwakken
die rust brengt in de ziel
de zekerheid die bijdraagt
aan mijn zielenrust
wordt nog een beetje ingekort
terwijl een man in mijn woonwijk
van koude sterft
de andere veiligheid
jullie zwaaien ermee
tanks tanks op onze keien
“ burgers vrouwen mannen
voor jullie welzijn maken wij
miljoenen en miljoenen euros vrij
vei veilig veilighei
veiligheidheidheidheidheidheid heidheidheidheid
het is voor jullie veiveiligheidheidheidheidheidheidheid”
moeder vader het hele gezin
zit bang voor de teevee
blijft thuis
in die veiligheid
heren dames die voor ons besturen
neen daar geloof ik niet in

.

Vertaling: Pierre Geron, Danielle Losman, Bart Vonck en Katelijne De Vuyst (vertalerscollectief van Passa Porta)

Op speciaal verzoek ook de Franse tekst van het gedicht.

sécurité
tranquillité
d’esprit
donnez-moi un peu de
tranquillité d’esprit
messieurs dames sans état d’âme
moi j’ai besoin
d’un toit
de quoi manger pour mes enfants
des soins et peut-être un
jardin à cultiver
nommez dans mon pays
un ministre au bonheur
pour ma sécu/sérénité
et coeur ouvert à l’autre
et voyager aussi
guetter biches et nuages
des chemins pour marcher
relier sans boucan
des bancs jolis pour se parler
des arbres à nos côtés
pour nous pousser à demeurer
apprenez-moi musique
apprenez-moi poèmes
avivez nos désirs
de beauté
vous dites chaque jour
« il faut oser encore
faire des économies
le coût de la sécu
il ne fait que grimper
arrêtons cette hausse »
et la sociale sécurité
qui partage bien-être
pour tous, forts et fragiles
qui porte paix à l’âme
s’étrique encore un peu
tandis que meurt de froid
un homme dans ma cité
l’autre sécurité
vous nous la brandissez
tanks tanks sur nos pavés
« citoyennes citoyens
pour votre bien nous débloquons
millions millions d’euros
sécu sécucu sécurrr
sécuritétététététété tétététététététété
c’est pour votre sécucurrritétététététététété »
père mère toute la famille
devant télé a peur
reste chez soi
à cette sécurité-là
messieurs dames qui pour nous gouvernez
je n’y crois pas

.

DDV_Vignet

Laurence-Vielle_LowRes_c-Andy-Huysmans-846x1269

Foto: Andy Huysmans
Met dank aan Poëzieweek.com

een twee drie ten dans

Eva Cox

.

Eva Cox (1970) is een dichter, prozaïst en vertaler, woont in Oostende, België. Op haar website schrijft ze over zichzelf en over haar leven tussen 1986 en 1999 het volgende:

“Zij woonde zelfstandig op zestien, ontvluchtte de middelbare school,stichtte een eenoudergezin, werkte als enquêtrice en tekenmodel, verkocht brood, opende een theehuis.”  Vanaf 1999 schrijft ze en was ze onder andere medewerker van Parmentier, De Brakke Hond, Revolver, Poëziekrant, Rottend Staal, Yang en DWB.

In 2001 won ze de eerste Vlaamse Poetry Slam. In 2004 debuteerde ze met de bundel ‘Pritt.stift.lippe’ in de Windroosreeks.  In 2009 verscheen bij De Bezige Bij ‘een twee drie ten dans’, een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem. Uit deze bundel het gedicht ‘Hand’.

.

Hand

Toen er een hand uit de kast stak, niet opdringerig, eerder
bijna verlegen, traag kantelend in het bleke licht, nam ik
een stoel en moest even gaan zitten. Ik overdacht het
bestaan, het ritme ervan, de pitloze weekte, en besloot de
hand niet weg te slaan. Sindsdien deel ik de tijd, mijn
kast en mijn leegte, en het is waar dat ik voor het eerst en
haast tot mijn spijt afhankelijk ben, maar ik blijf opgelucht
dat het een hand is en geen tong, god verhoede een tong,
of een neus, wat neuzen teweeg kunnen brengen, hoe men
er in lorren gehuld achteraan moet, nee een hand, lege
hand, glad, verlegen, traag kantelend in het harde licht,
op het ritme van de zon en wat uren.

.

Eva zwart wit k

De laatste Herman de Coninck

Herman de Coninckzondag

.

Zoals ik vorige week al aankondigde wordt dit de laatste Herman de Coninckzondag zoals ik het in de loop der maanden ben gaan noemen. In het laatste halfjaar heb ik hier elke zondag een gedicht uit het oeuvre van Herman de Coninck met jullie gedeeld. Ik deed dit omdat Herman één van de grootste dichters in het Nederlandse taalgebied is en één van mijn favoriete dichters. De CPNB (de collectieve propaganda voor het Nederlandse boek) start juist deze week een campagne onder de titel “het belangrijkste boek” en helaas zijn Vlaamse titels daarvan uitgesloten (stom, vraag me niet waarom). Anders had ‘De gedichten’ het verzameld werk van Herman voor mij absoluut op de eerste plaats gestaan.

Omdat er een tijd van komen is en een tijd van gaan, laat ik Herman nu (voorlopig) gaan met een laatste gedicht op zondag van zijn hand. Vanaf volgende week elke maand een hele maand één dichter op zondag. Voor nu, de voorlopig laatste van Herman de Coninck uit zijn debuutbundel ‘De lenige liefde’ met als titel ’19’.

.

19

.

Dit zou geen zomergedicht zijn, als jij

er niet in voorkwam, verbonden door een rietje

met de nieuwe-stijl-realiteit van een flesje cola.

.

En natuurlijk zijn er ook onze dromen,

maar evenzeer de ligstoelen waarin

ze worden gedroomd.

.

Ik bijvoorbeeld, ik lig

in een droom

van een ligstoel.

.

cola

44

Nog twee keer

.

Al enige tijd besteed ik op zondag speciale aandacht aan één van mijn favoriete dichters namelijk aan Herman de Coninck. Ik heb besloten dat ik vanaf mei hiermee stop (wat overigens niet wil zeggen dat zijn werk niet meer op dit blog zal verschijnen). Vanaf de maand mei zal ik de zondag, per maand, aan een andere, wisselende dichter wijden. Dus het komende jaar op zondag één dichter die speciale aandacht krijgt en dan een maand lang.

Ik heb al wat dichters op het oog maar ik zou het leuk vinden als er vanuit mijn lezers ook voorstellen zouden komen. Dus heb je een favoriete dichter, waar je een aantal zondagen lang iets van zou willen terugzien, laat me dit dan even weten.

Nu dus voor de één na laatste zondag in April nog gewoon een gedicht van Herman. Vandaag heb ik gekozen voor het gedicht ’44’ uit ‘De gedichten’ uit 1998.

.

44

.

Zonder ik, zonder onderwerp.

Lier aan de wilgen gehangen.

Ander instrument aangeschaft.

.

Met voorhamer van grote

gevoelens op xylofoon

van ziel. Ziel kapot, natuurlijk.

.

Met hark ziel in hoek

geveegd en opgestookt.

Meer ziel dan hij dacht.

.

En vervolgens op hark viool

gespeeld, met zaag als strijkstok.

Een liedje.

.

würfel cube ziel 3d

voorhamer

hark

Prachtige namen

Ongehoord! poëzie podium

Op zondag 17 april is er in de centrale bibliotheek van Rotterdam een poëziepodium van Ongehoord! Dit keer de ‘Poëziebus’ editie met mooie namen, Nederlandse en Vlaamse. Zo komen uit Vlaanderen  Gust Peeters, Sven de Swerts en Infinite Joy (winnaar van de voorronde van de BK poetry slam) en uit Nederland Daan Taks en Marijke Hooghwinkel.

De muziek wordt verzorgd door Iris Penning die nog maar zeer recent haar debuut cd ‘Spreken met suiker’ heeft uitgebracht. Een poëzie en muziekpodium kortom waar wij van Ongehoord! erg blij mee zijn. Natuurlijk is er ook een open podium waar je je voor op kan geven bij de presentator van dienst (en dat ben ik) op de zondag zelf (vooraf, of in de pauze).

Uiteraard is er de mogelijkheid om poëziebundels of de CD van Iris aan te schaffen en in contact te komen met de dichters/muzikante.

Waar: Centrale Bibliotheek Rotterdam, 4e etage

Wanneer: zondag 17 april, van 14.00 tot 16.30 uur (vanaf 13.00 kun je terecht)

Toegang: gratis

Als opwarmertje een nummer van Iris en een gedicht van Daan Taks

logo_nieuw

 

Olifant

Kolder

.

Dat Herman de Coninck niet alleen prachtige gedichten schrijft over de vrouw, de poëzie, het leven, zijn kinderen en de liefde, bewijst hij met het kolderieke gedicht ‘Olifant’ dat werd gepubliceerd in ‘De Gedichten’ uit 1998.

.

Olifant

.

Hij is gemaakt van de grofste effecten,

draagt zijn broek als clown August,

de knieën slodderend, maakt danspasjes

als tante Bertha die een tango de grond

inheit, terwijl z’n kont doet denken

aan een vals gebit

.

dat net is uitgenomen. En dan zijn slurf

en vlak daarnaast zijn ogen. Hoe zou jij kijken

als ze je lul op je neus hadden gezet?

.

olifant

olifant 2

De plek

Zondag 3 april

.

Op de dag dat ik zelf voordraag in Eindhoven bij mijn collega en vrolijke vriend Derrel Niemeijer in Pepperplus, het gedicht van Herman de Coninck getiteld ‘De plek’. Zoals de regelmatige lezer van dit blog weet heb ik iets met poëzie en plekken. Ik heb vooral een bijzondere voorliefde voor poëzie op vreemde plekken (zie ook deze categorie).

Maar vandaag op de Herman de Coninckzondag dus het gedicht ‘de plek’ uit ‘De gedichten’ uit 1998.

.

De plek

.

Je moet niet alleen, om de plek te bereiken

thuis opstappen, maar ook uit manieren van kijken.

Er is niets te zien, en dat moet je zien

om alles bij het zeer oude te laten.

.

Er is hier. Er is tijd

om overmorgen iets te hebben achtergelaten.

Daar moet je vandaag voor zorgen.

Voor sterfelijkheid.

.

De-Coninck-12