Categorie archief: Over Poëzie
Chat GPT gedichten
Bukowski en Deelder
.
Er is een nieuwe ‘gamechanger’ op technologisch vlak. Na de introductie van het Internet en de I-Phone zal Chat GPT de wereld veranderen volgens de kenners. Wat is ChatGPT? Open AI ontwikkelde een chatbot op basis van artificial Intelligence (AI). Deze chatbot is gemaakt met behulp van een GPT(Generative Pre-training Transformer)machine learning-algoritme. Dit algoritme is speciaal ontwikkeld om teksten te kunnen schrijven, of genereren eigenlijk, die bijna niet te onderscheiden zijn van teksten die geschreven zijn door ons mensen.
Zo kan de Chatbot artikelen, teksten, liedjes, raps, poëzie en nog veel meer schrijven op basis van een opdracht die je hem geeft. Als je naar de website van ChatGPT gaat en daar een account aanmaakt kun je het zelf uitproberen. Enthousiast en ook nieuwsgierig gemaakt door vrienden en collega’s heb ik dit gedaan en hieronder vind je wat van mijn bevindingen.
Allereerst gaf ik de chatbot als opdracht: write a poem in the style of Charles Bukowski. Dit is het resultaat.
.
The neon lights glare on the street,
A symphony of honking cars.
The pavement’s wet, reflecting
The city’s constant stars.
.
The smell of cheap liquor,
And cigarettes in the air,
As I stumble out of the bar,
And into the downtown glare.
.
The world’s a cruel mistress,
But I love her just the same,
With her broken promises,
And her constant, never-ending game.
.
I take a swig from my bottle,
And light up my last smoke,
Thinking of all the people,
Who’ve given me the dope.
.
I’ve had my share of heartache,
And I’ve shed my share of tears,
But I’ll keep on living,
And facing my fears.
.
For life is just a journey,
A long and winding road,
And I’ll keep on walking,
Till the end of my load.
.
So here’s to the city,
And all of its nights,
Here’s to the losers,
And all of our fights.
.
For we may not have much,
But we’ve got our dreams,
And in this crazy world,
That’s all that it seems.
.
Wat me meteen opvalt als ik dit lees is de vorm van het gedicht. Charles Bukowski staat niet direct bekend als de dichter van de vaste vormen en de rijm, iets dat meteen opvalt in dit gedicht. Een andere observatie is dat het gedicht uit strofes van vier regels bestaat wat de vorm nog extra benadrukt. En, en dat wint me niet voor de Chatbot, het is geen gedicht in de stijl van Bukowski maar gaat over hem, of eigenlijk worden in dit stuk elementen uit zijn leven en boeken gebruikt als bewijs dat dit in de stijl is van Bukowski, en dat is het niet. Om te kijken hoe de Chatbot zich verhoudt tot Nederlandse dichters en poëzie gaf ik als opdracht: write a poem (in dutch) in the style of Jules Deelder. Dit is het resultaat:
Nacht in de stad,
straatverlichting schittert,
auto’s razen voorbij,
mensen haasten zich.
.
In de kroeg zit Deelder,
met een biertje in zijn hand,
rapt hij over leven en liefde,
over stad en over land.
.
De woorden rollen uit zijn mond,
als een rivier vol flow,
hij heeft geen script, geen plan,
maar improviseren, dat kan hij goed.
.
Zijn publiek luistert ademloos,
gehypnotiseerd door zijn taal,
ze zijn geboeid door zijn verhalen,
over straat en over maal.
.
Hij is de koning van de stad,
met zijn woorden als troon,
alleen de nacht is zijn bondgenoot,
en de straat zijn domein.
Een ode aan de Deelder,
de rappende dichter uit Rotterdam,
hij weet de stad te beschrijven,
als geen ander het kan.
.
En ook hier moet ik de conclusie trekken dat de Chatbot echt niets begrepen heeft van de stijl van Deelder. Ik koos niet voor niets voor Bukowski en Deelder juist omdat deze dichters zo’n heel specifiek idioom en stijl hebben. Opnieuw blijkt dat niet uit wat de Chatbot mij voorschotelt. Vaste vorm, alweer strofes van vier regels, en op rijm. En de mens Deelder wordt min of meer beschreven maar ook niet heel kenmerkend (met een biertje in zijn hand, de rappende dichter). Kortom opnieuw teleurstellend. Tot slot dacht ik, dat wat ik in een opdracht over dichters kan, dat kan ik ook over mijzelf maar helaas, blijkbaar ben ik geen dichter van betekenis want dit kwam eruit als resultaat:
.
Ik wandel langs de dijk,
de wind waait door mijn haar.
De golven slaan tegen de rotsen,
de zee is wild en woest.
.
De lucht is grijs en bewolkt,
de horizon is ver weg.
Maar toch voel ik me vrij,
want dit is mijn geliefde natuur.
.
Ik luister naar het geruis,
van golven die aanspoelen.
Het is een lied van de zee,
een lied dat ik als kind al kende.
.
Ik sluit mijn ogen en droom,
van oneindige verten.
Van eindeloze horizon,
waar de zon ondergaat in de zee.
.
En zo wandel ik voort,
in mijn eigen gedachten.
Met mijn voeten in het zand,
en mijn hart vol van de zee.
.
note: the poet Wouter van Heiningen is not exist, the poem is a general dutch poem in style of contemporary dutch poet that write about the nature, the sea and their feeling in front of it.
.
Mijn voorlopige conclusie over het gebruik van Chat GPT is dat het inderdaad iets nieuws is en zeker opmerkelijk. Of het de grote gamechanger is vraag ik me (nu) nog ernstig af. Poëzie schrijven is in ieder geval niet ‘zijn’ ding want de voorbeelden lijken allemaal op elkaar, doen geen recht aan de opdracht die je de Chatbot geeft, en, en dat is misschien nog wel de belangrijkste conclusie, de ‘gedichten’ die de Chatbot produceert zijn naar mijn mening op geen enkele manier poëtisch, verrassend, ze doen me niet in verwondering lezen wat er staat, er wordt geen spel met de taal gespeeld maar platgetrapte paden betreden en geïnspireerd word ik er al helemaal niet van. Nu schijnt dit pas het begin te zijn van een revolutionaire ontwikkeling. Ik hou het in de gaten maar mijn advies aan (beginnende) dichters is toch vooral: Schrijf je gedichten gewoon zelf! Lees veel poëzie van verschillende dichters, zuig poëzie op en kijk waar je eigen stem ligt en probeer niet met behulp van AI alle creativiteit uit je zelf te verdrijven.
Zonder mensen geen muziek
Alfred Schaffer
.
Ik weet dat ik nog wel eens kritisch ben op de CPNB, de club die het Nederlandse boek propagandeert. Mijn kritiek richt zich dan vooral op het feit dat de Poëzieweek, die ene week per jaar dat poëzie en dichters in de spotlight staan, niet meer wordt ondersteund door het CPNB. Misschien vraag je je af waarom dat erg of jammer is. Met een landelijk opererende club als het CPNB achter je weet je dat er in alle bibliotheken, boekhandels, op de social media en in de pers aandacht wordt gegenereerd voor poëzie. Zonder het CPNB (en dan vooral de middelen die het CPNB heeft om dit te doen) verword de Poëzieweek en de Landelijke Gedichtendag tot een evenement in de marge. En dat is toch al een vertrouwde plek voor poëzie dus die extra aandacht wordt node gemist. En niets dan lof voor het miniconsortium van organisaties die toch de Poëzieweek op de kaart willen blijven zetten maar het verschil tussen een poëzieweek met de CPNB en zonder de CPNB is pijnlijk groot.
In België is dat anders, daar is het Poëziecentrum als grote landelijke partij betrokken bij alle initiatieven en acties alsmede met de communicatie rondom de Poëzieweek. Als je de website van de Poëzieweek opent en bij de activiteiten kijkt staat pas op pagina 5! de eerste activiteit in Nederland (er staan 12 activiteiten op 1 pagina). Dat zegt genoeg lijkt me. Als het zo doorgaat zal de Poëzieweek in Nederland een kwijnend bestaan tegemoet zien.
Nu wil ik hier niet met zuur en azijn dit bericht eindigen. De CPNB geeft wel aandacht aan poëzie. Niet meer aan de week maar met af en toe een gedicht bij een activiteit door het jaar heen. Zo sturen ze hun partners en stakeholders sinds drie jaar elke december een nieuwjaarsgedicht toe speciaal geschreven voor de gelegenheid. Dit jaar is dit gedicht geschreven door Albert Schaffer (1973) en getiteld ‘zonder mensen geen muziek’. En omdat dit gedicht meer lezers verdient dan alleen degene die bevoorrecht zijn het van de CPNB te mogen ontvangen, deel ik het graag hier met jullie.
.
zonder mensen geen muziek
.
waarom de laatste dag gelijk is aan de eerste
als je zogenaamd verdwaald bent
in een bos, of nachtblind en besluiteloos
tot stilstand komt op een immense kruising
in een supergrote stad waar alles 24/7 open is.
er past veel stilte in een hoofd maar is dit nu
de wereld die verdween, of die zich niet heeft aangediend?
vroeger was je een prinses en wilde je dat alles
goed zou komen, nu was nu dus tekende je
elfjes, schapen, dinosaurussen, honden
en eenhoorns, beren, uilen, alles wat kon praten.
misschien dat je nog eens een lichaam ziet vanbinnen
en een hart vasthoudt, misschien wordt je onthaald
als held door mens en dier omdat je
rijkdom bracht en brandhout, uren lopen verderop.
misschien raak je je eigen nabestaande, ontploft
de ruimte en ontstaan er nieuwe sterren en planeten.
gewoon een liedje zingen, veel te moeilijk
met je dunne, hoge stem maar
toch, wat doet de geest kalmeren
komend jaar. denk daar maar over na
en neem de tijd, gek genoeg heb je geen haast.
.
Een pleidooi voor inspiratie
Overheid van nu over poëzie
.
Op de website Overheid van nu staat een interessant artikel van begin 2022 onder de titel ‘Alternatieve leestips: een pleidooi voor inspiratie’. Toen ik op het artikel stuitte en het had gelezen wist ik dat ik hier een blogpost aan zou wijden. In het kort is het artikel een aansporing aan professionals werkzaam bij de overheid om (meer) vrij te denken door het lezen van poëzie. Of, zoals het in het artikel wordt verwoord:
“Gedichten stimuleren je om vrij te denken, omdat er geen goed of fout is als het gaat om kunst. Er worden geen meningen gepresenteerd, maar vergezichten. Dat gunnen we alle professionals die interbestuurlijk samenwerken aan de grote maatschappelijke opgaven van nu.”
In het artikel wordt verwezen naar de bundel ‘Olijven moet je leren lezen’ van Ellen Deckwitz, de voormalig dichter des vaderlands (2013-2017) Anne Vegter wordt aangehaald en het artikel wordt geïllustreerd met regels en strofen uit gedichten van bovenstaande dichters en Lieke Marsman, Tjitske Jansen, Rodaan al Galidi, Hagar Peters en Joost Baars. Zo wordt er gesteld, en ik ben het daar zeer mee eens, dat: Wie poëzie leest, loopt het gevaar verliefd te worden op zinnen die je vervolgens de rest van je leven bij je draagt.
Ik denk dat iedere poëzieliefhebber een of meer dichtregels uit het hoofd kent omdat deze ooit een verpletterende indruk heeft gemaakt. Ook ik ken vele regels uit mijn hoofd, ik heb er al eerder over geschreven, uit gedichten van Judith Herzberg, Vasalis, Remco Campert en verschillende uit gedichten van Jules Deelder.
Het artikel eindigt met: “Poëzie neemt verschillende gedaantes aan: die van vergezicht, verdieping, vermaak, confrontatie, inspiratie of ontspanning. Die waarden gunnen we alle professionals die interbestuurlijk samenwerken aan de grote maatschappelijke opgaven van nu. Daarom dus poëzie als leestip op Overheid van Nu.” Een waardevolle tip lijkt me, elke dag poëzie lezen verrijkt je leven, je taal en je verbeeldingsvermogen. En ja sommige poëzie is niet meteen te begrijpen. Deckwitz schrijft hierover: “Beginnen met lezen van poëzie is ermee akkoord gaan dat je niet meteen alles begrijpt. Maar wel dingen gaat aanvoelen.”
Een compliment voor de (anonieme) schrijver van dit artikel, hopelijk wordt het door vele ambtenaren gelezen en in praktijk gebracht. Natuurlijk een gedicht, dit keer van Ellen Deckwitz getiteld ‘Fietsen’ dat gepubliceerd werd in literair tijdschrift Liter jaargang 12 in 2009.
.
Fietsen
.
Marc groet ’s morgens de dingen
Dichter draagt voor
.
Toen ik een paar dagen geleden een stukje schreef over het gedicht ‘Wiegeliedje voor de geliefde’ van Paul van Ostaijen (1896-1928), zocht ik op mijn blog naar stukken die ik eerder schreef over deze dichter. Ik kwam er toe achter dat ik één van de bekendste en fraaiste gedichten van Ostaijen, ‘Marc groet ’s morgens de dingen’ nooit beschreven of gedeeld had. Omdat het zo’n bijzonder gedicht is ging ik op zoek naar wat meer informatie en kwam ik op de website van taalhelden. Daar is de video te zien en te beluisteren die hij Ramsey Nasr maakte in het kader van Dichter draagt voor. Toen Ramsey Nasr de Nederlandse Dichter des Vaderlands was (2009-2013), presenteerde hij vlak voor zijn aftreden in 2013 een serie van 21 verfilmde gedichten. Dit is er één van maar ik kan de andere ook zeer aanbevelen.
Een bijzonder interessante analyse en beschrijving van dit gedicht van Jef Bogman, vind je op de website DBNL.org.
.
Marc groet ’s morgens de dingen
Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem
ploem ploem
dag stoel naast de tafel
dag brood op de tafel
dag visserke-vis met de pijp
en
dag visserke-vis met de pet
pet en pijp
van het visserke-vis
goeiendag
Daa-ag vis
dag lieve vis
dag klein visselijn mijn
.
Campert en Eliot
Dichter over dichter
.
Vandaag in de categorie dichters over dichters, de dichter Remco Campert (1929) over de Amerikaans-Britse dichter T.S. Eliot (1888-1965). Remco Campert schreef het gedicht ‘In memoriam T.S. Eliot dat verscheen in de bundel ‘Mijn leven’s liederen’ uit 1968 waarin hij meteen al in de eerste regel refereert aan de beroemde dichtregel ‘April is the cruellest month’ uit Eliots gedicht ‘The Waste Land’. Hoewel ik geen bewijs heb gevonden dat Poetry Month in de Verenigde Staten (April!) gelinkt is aan deze regel lijkt het me ook geen toeval.
.
In memoriam T.S. Eliot
.
April was eens de wreedste maand
toen ze nog wisten welke maand het was
.
zie persoonlijk niet in wat het uitmaakt
op deze ijsschots, zandbank, grazige weide
.
de lievelingssong van Dutch Schulz was Ramona
.
zo’n feitje
zet ook al niet veel zoden aan de dijk
maar het is aardig om te weten
en blijft hangen
.
Dutch Schulz is allang dood
in een achterkamer neergeknald
.
maar Ramona wordt nog steeds gezongen
.
twaalf maanden telt een jaar
voor wie de tijd in zijn zak heeft
,
een zekerheid van niets
een wreedheid van het jaar nul
.
Dutch Schulz
hield tenminste nog van Ramona
.
en wordt nog steeds gezongen
.
Ik droomde
Breyten Breytenbach
.
In november van vorig jaar schreef ik al over de bundel De zingende hand uit 2017 van de Zuid Afrikaanse dichter Breyten Breytenbach (1939). Nu zat ik afgelopen week weer eens te lezen in de bundel en ik bleef hangen bij het gedicht ‘ik droomde’. In dit gedicht beschrijft Breytenbach naar mijn mening het soms moeizame proces van dichten. Aan de ene kant het licht, de opwinding van een nieuw gedicht en aan de andere kant de duisternis, het vastzitten en het blind staren op het vel papier waar maar niets op komt.
En de laatste zin, ‘het verbeelde ding / waarover jij zingt met dichte mond’ is exemplarisch voor dat gevoel, het gedicht dient zich aan maar de woorden eraan geven wil maar niet lukken: zingen met dichte mond. Laurens van Krevelen vertaalde de gedichten in deze bundel maar de liefhebber heb ik het Afrikaanse origineel erbij gezet.
.
ik droomde
.
Ik droomde dat ik in mijn gedicht
in de deuropening zag staan
omstraald door licht
en met een briefje in de hand
.
ik vouwde de boodschap open
en zag daarin bijna onzichtbaar geschreven:
ik ben het gedicht waarvan jij droomt
het in het licht te brengen
.
maar ik ben ook de duisternis
waar jij je blind op staart
het leven leeft
slechts in de openingen van de tekst
,
en in verbeelding, het verbeelde ding
waarover jij zingt met dichte mond
.
ek het gedroom
.
ek het gedroom ek het my gedig
in die deuropening sien staan
met lig omstraal
en ’n papiertjie in haar hand
.
ek het die boodschap oopgevou
en daar byna onsigbaar geskryf sien staan
ek is die gedig waarvan jy droom
om na die lig te haal
.
maar ek is ook die donkerte
wat jy jou blind teen staar
die lewe leef
net in die openingen van die teks
.
en verbeelding, die verbeelde ding
waarvan jy toemond sing
.















