Categorie archief: Dichter in verzet
De dood van Wilfred Owen
Frans Budé
.
De Eerste Wereldoorlog heeft heel veel ellende opgeleverd, miljoenen doden, verminkten en de opmaak voor de Tweede Wereldoorlog met nog veel meer afschuwelijke ellende, dood en genocide. En zoals zo vaak levert ellende soms ook wat moois op. Of moois, iets waardevols. Zoals de poëzie die de Eerste Wereldoorlog voortbracht van bijvoorbeeld een dichter als Wilfred Owen.
In de bundel ‘Achter het verdwijnpunt’ van Frans Budé (1945) uit 2015 staat een gedicht over de dood van Owen getiteld ” De dood van Wilfred Owen op 4 november 2018′. Dit gedicht dat heel mooi past in de categorie ‘Dichters over dichters’ wil ik hier met jullie delen. Om het gedicht maar zeker ook om opnieuw stil te staan bij de waanzin die oorlog is.
.
De dood van Wilfred Owen op 4 november 1918
.
Toen het ophield, door overtrekkende wolken werd
meegezogen, toen het leek op te houden en het rampzalige
vuur aarzelend begon te doven, maar niet genoeg,
jouw ogen zich naar binnen richtten, de dode paarden
.
achter het overvolle lazaret wegzakten in hun eigen lijf,
jij naar het schelle licht zocht dat eerder nog op je viel.
Kameraden die hoorden hoe je hoofd begon te bartsen, je zocht
maar vond hen niet toen het zinkend vlot onder vuur lag,
jou meeversplinterde, alles zwart werd die koude ochtend
.
op het Sambre-Oisekanaal, de woorden die je ooit schreef
weggedreven uit je hoofd: ‘Welke doodsklokken voor hen die
sterven als vee? Slechts de monsterlijke woede der kanonnen.’
.
De slotregels zijn afkomstig uit Owens gedicht ‘Anthem for Doomed Youth’.
.
Laatste keer dichter van november
E.E. Cummings
.
Het is vandaag de laatste zondag van november dus de laatste keer dat E.E. Cummings dichter is van de maand. Dit keer koos ik voor een gedicht waarin de eigenwijze manier van dichten en zijn typografisch non-conformisme, goed naar voren komt. Het gedicht zonder titel komt uit ‘XAIPE’ uit 1950.
‘Here’s a poem. If you don’t like it (taste, which some people have called ‘courage’, being a rarest virtue) please return my poem immediately. If you do like it, fine & dandy’ Met deze zinnen stuurde Cummings dit satirische gedicht over het controversiële onderwerp van de Amerikaanse buitenlandse politiek ten tijde van de zogenaamde Winteroorlog (Finland en Nazi Duitsland tegen de Soviet Unie) ter publicatie toe. Het zou in 1944 worden gepubliceerd.
.
o to be in finland
now that russia’s here)
.
swing low
sweet ca
.
rr
y on
.
pass the freedoms pappy or
uncle shylock not interested
.
Ode aan de taal
Breyten Breytenbach
.
Het is alweer even geleden dat ik hier aandacht besteedde aan een Zuid-Afrikaans dichter en daarom vandaag een gedicht van één van de belangrijkste en bekendste dichters die Zuid-Afrika heeft voortgebracht; Breyten Breytenbach. Terugzoekend op dit blog blijkt zelfs dat ik nog geen stuk aan alleen deze dichter heb gewijd, wat toch een omissie te noemen is.
Breyten Breytenbach (1939) is een Zuid-Afrikaanse schrijver en schilder bekend om zijn verzet tegen de apartheid , en de daaruit voortvloeiende gevangenisstraf door de Zuid-Afrikaanse regering. Hij wordt informeel beschouwd als de nationale dichter laureaat door Afrikaans sprekende Zuid-Afrikanen van de regio. Hij heeft ook de Franse nationaliteit.
Zijn geëngageerde politieke dissidentie tegen de destijds regerende Nationale Partij en het blanke suprematie beleid van apartheid, dwong hem in 1960 van Zuid-Afrika te vertrekken naar Frankrijk, waar hij trouwde met een Franse vrouw van Vietnamese afkomst, Yolande, waardoor hij niet mocht en kon terugkeren naar Zuid-Afrika: daar was de wet op het verbod op gemengde huwelijken van 1949 en de immoraliteitswet (1950) van kracht, welke maakten dat het voor een blanke strafbaar was om seksuele betrekkingen te hebben met een persoon van een ander ras.
Tijdens een illegale reis naar Zuid-Afrika in 1975 werd hij gearresteerd en veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf wegens hoogverraad. In 1982 werd hij echter eerder vrijgelaten als gevolg van internationale protesten, en keerde hij terug naar Parijs waar hij het Franse staatsburgerschap kreeg.
Tijdens zijn gevangenschap schreef Breytenbach het gedicht ‘Ballade van ontroue bemindes’ (Ballade van ontrouwe geliefden). Geïnspireerd door François Villon ’s ‘Ballade des Dames du Temps Jadis’. Breytenbach vergeleek Afrikaner dissidenten Peter Blum , Ingrid Jonker , en zichzelf met ontrouwe geliefden, die de Afrikaanse poëzie hadden verraden door afstand te nemen (in gedachten en fysiek) van Zuid-Afrika.
Nadat in 1994 vrije verkiezingen (waaraan ook het ANC mee kon doen) de regerende Nationale Partij ten val brachten en een einde maakte aan de apartheid, werd Breytenbach in januari 2000 gasthoogleraar aan de Universiteit van Kaapstad in de Graduate School of Humanities. Ook is hij betrokken bij het Gorée Institute in Dakar ( Senegal ) en aan de New York University , waar hij lesgeeft in het Graduate Creative Writing Program.
In 2017 verscheen ‘De zingende hand’ gedichten uit 2006-2017. Deze tweetalige bundel biedt een rijke selectie uit de gedichten die Breyten Breytenbach in die tien jaar schreef. In De zingende hand overtreft Breytenbach zichzelf in het spel van taal en betekenis. Zijn humor blijft zelfs zijn zwartste visioenen beschijnen. De gedichten werden vertaald door Laurens van Krevelen. Uit deze bundel koos ik het gedicht ‘ode aan taal’.
.
ode aan taal
.
vogelen
.
ik wil je openvouwen als een vleugel
kijken hoe sterk de pennenveren nog vloeien
de leefrimpels van je hart
van mond naar hand voelen popelen
zien hoe je als een schip
het vaarwater laat bloeien
met de vlucht van de zon
.
voor je als een schaduw uit de mouw
weer aan je nachtwerk begint:
schaduw in de tuimelende ruimtezerk
van steen
.
ode aan taal
.
vogelen
.
ek wil jou oopvou soos ’n vlerk
kyk hoe sterk die penvere nog vloei
die leefrimpels van jou hart
van mond na hand voel popel
sien hoe jy soos ’n skip
die vaarwater laat bloei
met die vlug van die son
.
voor jy soos ’n skadu uit die mou
weer jou nagwerk begin:
skadu in die tuimelende ruimteserk
van klip
.
Vallei van het verlies
Andrew Fetler
.
Andrew Fetler (1925-2017) was een in Letland geboren Amerikaans schrijver van romans en korte verhalen. Hij was Professor Emeritus Engelse taal- en letterkunde aan de University of Massachusetts Amherst. Hij ontving voor zijn werk onder andere twee O’Henry awards (PEN prijzen voor korte verhalen). Afgelopen weekend was ik in Bad Münstereiffel op de Hürtgen Kriegsgräberstatte Soldaten Friedhof. Op deze begraafplaats liggen Duitse en Russische soldaten begraven die in de regio zijn omgekomen tijdens de eerste en tweede wereldoorlog. Andrew Fetler vocht in de tweede wereldoorlog mee in de slag rond de bossen van Hürtgen. Hij schreef er het volgende gedicht over dat bij een informatiebord bij het deel van de begraafplaats staat, waar de soldaten begraven liggen. In het Engels en in de Duitse vertaling.
Valley of Crosses
Valley of the losses
Why this sadness?
Mother Huertgen, are you listening?
Do you feel the warming breeze?
Do your hills resound with whistling
Where boys tramps with naked knees?
Hush, be still, my sons are sleeping,
They are tired of the war,
Flowers grow, but they are weeping,
Naked knees they’ll see no more.
.
Tal der Kreuze,
Tal der Verlorenen –
Warum diese Traurigkeit?
Mutter Hürtgen, hörst Du?
Fülst du die wärmende Brise?
Hallt er vond Deinen Höhen wider,
auf denen Jungen umherschweiften mit nackten Knien?
Sei still, meine Söhne schlafen,
sie sind des Krieges müde;
Blumen wachsen, doch sie weinen,
nackte Knie sie nie mehr sehen werden.
.
Klucht
Nina Cassian
.
Nina Cassian ( pseudoniem van Renée Annie Cassian-Mătăsaru, 1924-2014 ) was een Roemeense dichter, kinderboekenschrijver, vertaler, journalist, pianist en componist en filmcriticus.
Na de publicatie in 1947 van haar nogal surrealistische debuutbundel ‘La Scara 1/1′ (Schaal 1:1) werd ze aangevallen omdat ze poëzie schreef die tegen de geest van het door de Sovjet-Unie gedomineerde Roemenië inging. Onder druk van de autoriteiten schreef ze enkele jaren agitprop-poëzie, maar keerde gaandeweg terug naar haar ware roeping. Ze publiceerde een reeks poëziebundels die haar op de voorgrond van de Roemeense literatuur brachten.
In 1985 verhuisde ze voor een baan in het onderwijs naar de Verenigde Staten. Terwijl ze in de Verenigde Staten was, werd een bevriende schrijver op gepakt door de Securitate, de geheime dienst van Ceaușescu en doodgeslagen,. Omdat hij dagboeken met onder meer satirische gedichten van Cassian bezat besloot ze niet meer terug te gaan naar Roemenië. Een paar jaar later kreeg Cassian permanent asiel en New York City werd haar thuis voor de rest van haar leven.
Veel van haar werk werd zowel in het Roemeens als in het Engels gepubliceerd. Na haar gedwongen emigratie werd ze verbannen uit de literaire annalen van Roemenië tot de ineenstorting van de dictatuur van Ceausescu.
In 2013 verscheen ‘Voor de prijs van mijn mond’ bij het Poëziecentrum met hedendaagse poëzie uit Roemenië. Uit deze bundel het gedicht ‘Klucht’ in een vertaling van Jan H. Mysjkin.
.
Klucht
.
Ik zou graag een keer mijn beenderen schikken
in een andere configuratie,
mijn beenderen die de weg van mijn vlees
versperren, lastige beletsels die
.
het omleggen in de vorm van een vrouw
en een peer, en een zeester voor mijn handen.
Ik zou graag mijn goddeloze beenderen
uitproberen in schema’s allerhande,
.
bijvoorbeeld: de grondvorm van het oerschip,
het doorkijkskelet van de luzerne,
ofwel de stamboom met postume vruchten
die opklimt tot een maagdelijke kern.
.
En ik wil graag ook mijn beenderen plooien
alsof ik geknield aan het bidden toog,
zodat ik hém op een dwaalspoor kan brengen,
de argeloze Paleontoloog.
.
Weirdo’s
literair magazine
.
Iedereen die iets van literatuur weet of daar wel eens over leest, weet ook dat er literaire en/of poëziemagazines zijn in Nederland en Vlaanderen (in het Nederlandse taalgebied). Tijdschriften als De Gids, Raster, Hollands Maandblad, Passionate, Awater en Het Liegend Konijn (al is die laatste meer een verzamelbundel). In maart dit jaar schreef ik er nog over https://woutervanheiningen.wordpress.com/2021/03/31/literaire-tijdschriften/ . In de periferie van al die grote en bekende bladen (waar bijna altijd vooral bekende dichters in worden gepubliceerd die toch al wel aandacht krijgen) zijn er gelukkig ook allerlei kleine, minder bekende maar zeker niet minder aantrekkelijke of interessante literaire en/of poëzietijdschriften te lezen en te verkrijgen. Het beste voorbeeld vind ik uiteraard https://mugzines.nl/2021/09/16/mugzine-9/ dat 5 maal per jaar verschijnt en waarin vooral dichters verschijnen die zeer de moeite waard zijn maar misschien nog niet zo’n grote landelijke bekendheid hebben of nog aan het begin staan van hun dichterschap.
Maar er zijn er, zoals gezegd meer. Pas kreeg ik bijvoorbeeld het Anti-Postmodernistisch literair (k)wartaalschrift ‘Weirdo’s’ een kruispuntje, onder ogen. Dit Vlaamse tijdschrift werd in december 1986 door Frank Moyaert en Hubert Van Eygen opgericht en wil “een blad zijn dat publicatieruimte biedt aan mensen die gewoon zichzelf willen zijn en die geen rekening (willen) houden met de regeltjes die anderen opleggen”. Het blad wordt gesteund door financiële bijdragen van een 60-tal trouwe abonnees (zoals MUGzine alleen heeft die nog wat minder donateurs) en de gemeente Kinrooi (in Belgisch Limburg).
De oplage van Weirdo’s is 150 (MUGzine : 100) en een abonnement kost € 15,- voor 4 nummers (MUGzine donateur per jaar vanaf € 20,- voor 5 nummers). En wat staat er dan in Weirdo’s? Verhalen, foto’s, (cartooneske) tekeningen en gedichten. Uit het aanbod van nummer 1 jaargang 34 koos ik het gedicht van de Groningse dichter Henk Puister getiteld ‘Had alles zo’n natuurlijk verloop’.
.
Had alles zo’n natuurlijk verloop
.
Waar ik zo stervensalleen
in mijn miniatuurhuis
mee doende ben de hele dagen –
vraag je. Ik plaats een komma,
vervang een woord – Maak een Hoofdletter
van een kleine – zet een streepje
van verbinding. Veel vraagtekens???
Dan zet ik een punt achter de dag.
De klange winter wacht –
vertrekt dan weer als vanzelfsprekend.
De dromen van het voorjaar
altijd weer botten ze uit.
.
Echo echo
Klein maar fijn
.
Herinner je je nog dat fragment waarin Trump bij een persconferentie de hand van zijn vrouw Melania wilde pakken? En dat ze toen resoluut zijn hand weigerde? Een bewijs dat er tussen de buitenkant (first lady die haar man steunt) en de binnenkant ( twijfels over haar huwelijk, die man en het leven dat ze leidde) nogal wat speelde? Dat laatste is mijn invulling overigens, dat ze eigenlijk diep ongelukkig is wat maar weer eens bewijst dat geld niet gelukkig maakt.
Dichter Kreek Daey Ouwens (1942) schreef er een schrijnend gedicht over in haar bundel ‘ Echo Echo’ uit 2020 dat werd uitgegeven door uitgeverij Vleugels. Je zou er een Luule over willen schrijven.
.
Dat pak. Die zak.
Maar het gemak
van ongelukkig zijn.
.
Gelukkig hoef ik er geen Luule over te schrijven want die staat al achterop de nieuwe MUGzine. Dezelfde MUGzine gemaakt door https://poetryaffairs.nl/ en https://mugbookpublishing.wordpress.com/ en vormgegeven door BRRT.Graphic.Design, waarin een drietal gedichten van Kreek Daey Ouwens zijn opgenomen. Samen met gedichten van Anouk Smies, Mark van Tongele en Bianca Boer (die ook voor de illustraties tekende). Half september verschijnt nummer 9 van jouw en mijn kleine opdondertje van een Poëziemagazine waarin je altijd verrast en nooit teleurgesteld bent. Om in de stemming te komen alvast dat gedicht. Van Kreek Daey Ouwens.
De hemel boven de dikke man is dezelfde
hemel als die boven de zee.
De dikke man zegt: Rechts. Rechts. Rechts.
Hij steekt zijn hand op.
Hij steekt zijn hand op boven zijn land.
Melania heeft een dichtgestopte mond.
Aan haar hand fonkelt een ring.
De schoenen van de dikke man marcheren
tussen het fonkelen over de stenen.
Melania kijkt naar de zee.
Ze ziet de lijken drijven in de zee.
Melania kijkt net zo lang naar de zee tot
die ijs ijskoud wordt.
De dikke man pakt haar hand.
Melania voelt zichzelf aan die hand.
Melania voelt zichzelf helemaal alleen aan
die hand.
Melania voelt zichzelf alleen aan die hand
op de televisie staan.
.
Amoureus liedje
Bertus Aafjes
.
In 1940 debuteerde dichter en schrijver Bertus Aafjes (1914 – 1993) de bundel ‘Het gevecht met de Muze’. In die tijd was Aafjes nog heel actief als dichter. In 1953 verscheen zijn (toen nog) laatste gedichtenbundel ‘De Karavaan’ nadat hij gebrouilleerd raakte met de literaire wereld door zijn verzet tegen de Vijftigers (die hij van fascisme betichtte). Later in zijn leven zou Aafjes toegeven dat hij zich enorm vergist had en dat zijn afkeer van de Vijftigers al kort na het verschijnen van de gewraakte artikelen was omgeslagen in bewondering.
Pas in 1980 verscheen er weer poëzie van zijn hand met de bundel ‘Deus sive natura’ met erotische gedichten, maar die werd niet onverdeeld positief ontvangen. Gerrit Komrij schreef erover in een recensie: “Zijn erotische pennevruchten worden niet gered door poëzie, maar geaborteerd door dichterlijkheden. Schallende hoogdravendheid komt in de plaats van geladen suggestie. Het resultaat is, het spijt me dat ik het moet zeggen, erger dan de goedkoopste pornoshow. Je loopt er hersenplatjes van op.”
In zijn debuut staat het gedicht ‘Amoureus liedje in de morgenstond’ (voor clavesymbel) dat ook zeker een (licht) erotisch gedicht genoemd mag worden. Overigens las ik op het blog http://blog.despinoza.nl/ de uitspraak van Aafjes (Aafjes was – in ieder geval lange tijd – devoot katholiek die zich verzette tegen kerkelijke structuren, verhoudingen en normen)
“Er zijn vele wegen maar de juiste weg is de weg ertegen, niet de weg eronder – dat is onderkruiperij -, niet de weg erover – dat is pluimstrijkerij -, maar de weg ertegen – tegen alle wegen in en dat is van de wijsheid nog maar het begin.” Een uitspraak die Peter R. de Vries als lijfspreuk had.
.
Amoreus liedje in de morgenstond
.
(voor clavesymbel)
.
Wanneer ik in de morgenstond,
gezeten bij het vuur, ontroerd
zie hoe het liefje rijgt en snoert
aan het corset met strakke mond,
.
en hoe haar boezem honingblond
zich boven de omheining roert,
alsof haar hart op springen stond,
.
dan wordt ik heimelijk gewond,
om zooveel wilde praal en pracht
in de baleinen saamgebracht
en zegen met half-open mond,
de mist, de mei, de morgenstond.
.
Helaas niet voor mij
Helma Ketelaar
.
Als in een heterorelatie een van de twee (vaak onverwacht) uit de kast komt of daarover dubt, raakt dit veel mensen. De partner, het eventuele gezin, de familie, vrienden en ga zo maar door. De ogen zijn vaak gericht op diegene die uit de kast komt. Over wat dit met de partner doet, is nog weinig bekend. Hierdoor ontbreekt het de ‘hetero van de homo’ in dit hen vaak diep rakende proces aan steun, warmte en begrip. De woorden van ‘Helaas niet voor mij’ zijn uit zo’n ervaring opgetekend met de bedoeling om steun vanuit (h)erkenning en verder begrip te creëren.
Dit schrijft dichter Helma Ketelaar in het nawoord van de nieuwste bundel uit het fonds van MUGbooks poëzie uitgeverij ‘Helaas niet voor mij’. De bundel is te koop via alle boekhandels maar ook via de online boekverkoopkanalen. De grafische vormgeving is opnieuw verzorgd door Bart van Brrt.Graphic.Design (die ook de vormgeving van de MUGzines doet).
De persoonlijke poëzie van Helma geeft een goed beeld van alles waar iemand in de positie, zoals hierboven beschreven, doorheen gaat en wat zo iemand meemaakt. Het gedicht ‘Klaproos’ staat in de bundel.
.
Klaproos
.
je stond op het bloemenspel
dat ik onbevangen
als meisje speelde
ik genoot van je
.
je stond in mijn tuinen
waar ik steeds minder onbevangen
als vrouw was en tuinierde
ik koesterde je
.
je was in juli bij dat Franse beekje
waar ik dwalend onderweg
als vrouw reisde naar mijn vakantiehuis
ik bewonderde je
.
je komt steeds weer terug
eenvoudig, krachtig en vanuit jezelf
ook ik ben weer die onbevangen vrouw
ik dank je…
.

















