Site-archief
Joost Baars
Emily Dickinson
.
Vandaag een dichter van nu over een dichter van toen in de categorie dichters over dichters. Dit keer dichter Joost Baars (1975) over de dichter Emily Dickinson (1830-1866). Joost Baars is dichter, essayist en boekverkoper. Hij publiceerde ’30 + 30: zestig gedichten uit binnen- en buitenland’ in 2008, ‘Iemand anders’ als chapbook in 2012 en ‘Binnenplaats’ in 2017. Deze laatste bundel werd bekroond met de (laatste) VSB Poëzieprijs, en genomineerd voor de Herman de Coninckprijs en de C. Buddingh’prijs. Baars draagt regelmatig voor op festivals als Poetry International, Winternachten, Read My World en het Tanta International Festival of Poetry (Egypte) Zijn gedichten werden vertaald in het Engels, Grieks en Arabisch. Hij schrijft recensies en interviews voor de Poëziekrant en Awater, essays voor Liter en deRecensent.nl en schreef columns over boekverkopen voor hard//hoofd en Boekblad.
.
Emily Dickinson
.
in een huis in amherst, massachusetts
zit emily dickinson.
.
ze denkt aan jou.
.
ze heeft net de boeken gevonden
waar haar gedichten in afgedrukt staan.
.
zit aan haar tafeltje daar.
staart naar de muur
.
en zoekt jouw gezicht.
.
ik loop er rond. lees
de teksten op bordjes:
.
dit is haar nichtje,
dit is haar slaapvertrek,
.
raak dit niet aan. draag
.
een shirt met haar beeltenis.
lijkt niet, zegt ze, alsof
.
ze niet weet hoezeer ze lichamelijk is.
ik zou haar zo graag op willen eten,
.
maar ze is nu op het punt van verdwijnen
.
gekomen, schrijft er
verterend al
.
een andere lezer aan.
.
Alle begin is moeilijk
Peter Swanborn
.
Canxatard reageerde op mijn oproep voor een dichter op verzoek en wilde graag Peter Swanborn (1963) in het zonnetje plaatsen. Rotterdamse dichter Peter Swanborn ken ik al sinds 2016 toen hij jurylid van de Ongehoord! Poëzieprijs was. In 2017 was hij te gast als dichter bij het Zomerpodium van Ongehoord! in de Jacobustuin. En op 25 juni zal hij één van de Rotterdamse dichters zijn die op het podium van Raamwerk II (kunst en poëzieproject van de NE studio’s op het Noordereiland in Rotterdam) acte de présence geven. In dit project zijn 20 dichters gekoppeld aan 20 kunstenaars. Peter Swanborn is gekoppeld aan kunstenaar Tamyra Meesters. Aan dit project is ook een poëziewedstrijd gekoppeld Dichtwerk.
Canxatard wilde een gedicht van Peter Swanborn omdat “het zo’n geweldige docent poëzie lezen en schrijven is en een heerlijke dichter”. Alle reden dus om aan dit verzoek te voldoen. Ik koos voor het gedicht ‘Alle begin is moeilijk’ (Peter is tenslotte docent) uit De Gids nummer 3 uit 2017.
.
Alle begin is moeilijk
.
maar een paar nieuwe aanstalten zouden wel helpen.
Oude opboenen, skeletboom tot pijlen schaven, het is
niet meer van deze tijd. Liever zelfbouwpakket bestellen,
inclusief talige handleiding en klantaardig beeldmateriaal.
.
Voorfase overslaan is, naar men zegt, optie twee. Deur openen,
dikbevolkte stad in gaan, vaste route winkelcentrum. Na een uur
constateren dat bewapening onvoldoende, dan wel afwezig was.
Verrotzooid terugkeren op zelfverwijtend pantoffelschoeisel.
.
Die nacht procedure nalopen. Volgende ochtend nog geen
aanstalten bij post. Staand voor helder winterraamboos
bellen. Bloemknoppen tellen aan gisteren nog dode
tak. Mij vergapen aan moed en kleur en levenslust.
.
Katrijn
Daan Janssens
.
In 2017 ging de Vlaamse Daan Janssens (1994) als één van de deelnemende dichters mee met de Poëziebus. Omdat ik het interessant vind om na al die jaren eens te kijken hoe het met jonge dichters gaat die destijds meegingen op de Poëziebus ben ik op zoek gegaan.
Daan Janssens is inmiddels stadsdichter van Hoogstraten geweest van 2017-2019 en in 2021 stond hij samen met Babeth Fonchie en Maan Methven bij ‘Vers van het Mes’ bij Perdu. Zij schreven een ‘kleine poëtica’, waarin ze zich uitspraken over hun rol in het poëzielandschap, en optreden in Vlaanderen en Nederland.
Ook was hij een van de makers van de Podcast ‘grensgangers’ (samen met Jens Meijen, Lisa Weeda en Onias Landveld) waarin ze met dichters uit Nederland en Vlaanderen praten over hun werk en het literaire landschap in de twee landen.
Daarnaast is hij mede oprichter van Dans! Dichter! Dans! een VZW die de ontwikkeling bevordert van beloftevolle schrijvers die graag over de disciplinaire grenzen kijken die eigen zijn aan de literatuur.
Het gedicht ‘Katrijn – een gedicht voor onze kerk’ schreef hij als stadsdichter van Hoogstraten.
.
Katrijn – een gedicht voor onze kerk
.
je kan niet ontkennen dat je mij ziet
al hul ik mij in de mistige herfstdagen of klauwt
mijn kruin naar de hoogste middagzon
.
ik ben de oermoeder van deze stad
en ik ben blij dat je weet dat je voor je moeder moet zorgen
.
dat je weet dat eeuwen hun tol eisen
dat ze sporen nalaten – geen groef
in mijn bakstenen lijf is onberoerd
geen schemering zonlicht langs mijn ramenmozaïek
tot in het binnenste van mijn catacomben
.
dat ik
zelfs gehuld in al jouw goede zorgen
steeds statig boven de kruinen van ieders huis reik
dat ik uitkijk op de dagen die komen – en weet
wat er altijd al was
.
want jullie allemaal zijn de kinderen van mijn oeverloze blik
.
Dichter op verzoek
Martinus Nijhoff
.
In 2017 begon ik op dit blog een nieuwe categorie Dichter op verzoek. De eerste van vele delen begon met de dichter Nijhoff (waar ik nog vele malen aandacht aan zou besteden). Omdat ik vanaf vandaag deze categorie weer nieuw leven in wil blazen, vandaag een gedicht van die zelfde Martinus Nijhoff (1894-1953) getiteld ‘De schrijver’. Ik kon in de bundel ‘Verzamelde gedichten’ uit 1976 (6e druk) maar liefst kiezen uit drie gedichten met diezelfde titel. Blijkbaar was het een onderwerp dat Nijhoff bezig hield als dichter. Deze gedichten staan in bet hoofdstuk Verspreide gedichten en ik koos voor het tweede gedicht, een sonnet.
Vanaf nu wil ik weer vaker dichters op verzoek gaan plaatsen dus heb je een favoriete dichter, en het maakt niet uit of dat een jonge dichter, een aanstormend talent is, een Tachtiger, Vijftiger, Maximaal, buitenlands of Nederlands dichter, laat een reactie achter en ik ga er iets mee doen. Vanaf nu elke zondag de komende periode.
.
De schrijver
.
Telkens komen tusschen de wolken door
vogels met nieuwe tekst tegen de ramen,
en ik zit mij, onder mijn lamp, te schamen
dat ik niet neer kan schrijven wat ik hoor.
.
O God! Hoe dorst ik lachen om lichamen
van wier volmaakte schoonheid een flauw spoor
in kleeding overblijft, ik die aldoor
uw evangelie uitstraal voor reclame.
.
Hoe dorst ik lachen? In hun oogopslag
is vogelwiekslag meer dan uit te spreken.
Ik kan niets doen, niets doen. Ik wacht den dag
.
dat zich één vrouwehand opheft, ten teeken
dat ik wat voor mij neerstrijkt nemen mag.
Want hoor, hij zingt, hij is niet te onderbreken.
.
One
James Berry
.
Zo nu en dan pak ik een dichtbundel die al een tijd in mijn boekenkast staat van de plank om nog eens door te lezen. Dat deed ik deze week met de bundel ‘Only one of me’ uit 2004 van de Jamaicaanse dichter James Berry (1924 – 2017) die zich in de jaren veertig in Engeland vestigde.
In het gedicht ‘One’ dat oorspronkelijk verscheen in de bundel ‘When I dance’ uit 1988, een bundel speciaal voor kinderen, speelt Berry met de dichter zoals men hem ziet in zijn gedrag en uiterlijk en de dichter als mens met zijn fantasie, zijn taal en zijn gehoor en verwachtingen.
.
One
.
Only one of me
And nobody can get a second one
From a photocopy machine.
.
Nobody has the fingerprints I have.
Nobody can cry my tears, or laugh my laugh
Or have my expectancy when I wait.
.
But anybody can mimic my dance with my dog.
Anybody can howl how I sing out of tune.
And mirrors can she me multiplied
Many times, say, dressed up in red
Or dressed up in grey.
.
Nobody can get inot my clothes for me
Or feel my fall for me, or do my running.
Nobody hears my music for me, either.
.
I am just this one.
Nobody else makes the words
I shape with sound, when I talk.
.
But anybody can act how I stutter in a rage.
Anybody can copy echoes I make.
An mirrors can show me multiplied
Many times, say, dressed up in green
Or dressed up in blue.
.
Autistisch gedicht
Jan Geerts
.
Uitgeverij P uit Leuven geeft al 30 jaar poëzie uit. Zij begeven zich op het gebied van nieuw talent, voor gevestigde waarden en buitenlandse coryfeeën die hun Nederlandse stem vonden. Naast deze hedendaagse kring van vooraanstaanden vergeet Uitgeverij P ook de grote klassieke roergangers van de poëzie niet, in bijzondere tweetalige edities.
In de loop van de jaren heb ik al verschillende bundels van deze sympathieke uitgeverij gelezen en gerecenseerd (Jana Arns, Peter J. Brouwer) en schreef ik vaker over dichters uit het fonds van uitgeverij P (Marleen De Crée, Charles Ducal, Yerna Van Den Driessche, Hubert van Herreweghen, Willy Spillebeen). Momenteel lees ik ‘De schaduw van Morandi’ van Antoon Van den Braembussche waar ik later deze maand een recensie over ga schrijven.
Ik heb heel veel respect voor uitgeverijen die zich volledig op poëzie richten. Het uitgeven van boeken is al; geen eenvoudige opgaaf en het uitgeven van poëzie biedt nog enige andere uitdagingen, maar uitgeverij P doet dit dus al; dertig jaar en timmert nog steeds goed aan de weg.
In een van hun laatste uitgaven van 2022, de bundel ‘Hoe er dan iets helders ontstaat’ van de dichter Jan Geerts las ik een gedicht dat me op de een of andere manier maar niet los wilde laten.De Vlaming Jan Geerts (1972) is schrijfdocent en dichter. Hij publiceerde gedichten in diverse literaire tijdschriften (Het liegend konijn, The Low Countries, Poëziekrant, Gierik & NVT). Hij debuteerde in 2004 met de verrassende bundel ‘Tijdverdriet en andere seizoenen’. Daarop volgden ‘Een volle maan met onze handen ernaast’ (2005) ‘De n van iemand’ (2008), Zwerfsteen’ (2008) , ‘Dat het blijft duren’ (2017) en nu dus ‘Hoe er dan iets helders ontstaat’.
In deze laatste bundel zoals ik hierboven als schreef, het gedicht ‘Autistisch gedicht’. Op de flap voorin de bundel staat te lezen dat het hier een aantal van de prachtigste liefdesgedichten die in onze taal geschreven zijn betreft. Ik heb gezocht naar de betekenis van de titel. Ik denk dat de kwetsbare lijn tussen er zijn voor de ander en er niet (steeds) zijn, het verschil tussen weten en merken door Jan Geerts hier (inderdaad) prachtig is verwoord. Het gedicht is opgedragen aan Kato, die zal het zeker begrijpen.
.
Autistisch liefdesgedicht
voor Kato
.
Van alle mensen
maar vooral van jou
was ik liever alleen
.
tel jij dus maar voor twee
en heb me nodig
want ik kan dat niet
.
kom niet te dicht
mijn huid is dus
en jij doet zo zeer
.
maar blijf bij mij
want zonder jou
ben je er niet
.
noem me niet
met de woorden
die de liefde gebruikt
.
want woorden
zoals hartendief
en voor altijd
.
die betekenen
te veel en maken
mij ziek
.
zie me dus graag
maar doe het
niet
.
Poëzieweek 2023
Miriam Van hee
.
In 2023 schrijven Hester Knibbe en Miriam Van hee het Poëziegeschenk met als titel ‘Er staat te gebeuren’. Het thema van deze Poëzieweek is ‘Vriendschap’. De Poëzieweek loopt van 26 januari t/m 1 februari.
Miriam Van hee (1952) is een Vlaamse dichter en vertaler. Ze debuteerde in 1978 met de bundel ‘Het karige maal’, waarvoor ze meteen bekroond werd met de Prijs voor Letterkunde van de Provincie Oost-Vlaanderen. Ook de bundels die ze daarna publiceerde werden geregeld bekroond: voor ‘Winterhard’ (1988) won ze de Jan Campert-prijs, voor ‘Reisgeld’ (1992) kreeg ze de Dirk Martensprijs, voor ‘Achter de bergen’ (1996) won ze de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Poëzie. In 2008 sloeg ze een dubbelslag met ‘Buitenland’. Ze won zowel de juryprijs van de Herman de Coninckprijs voor de hele bundel, als de publieksprijs voor het beste gedicht voor ‘Zomereinde aan de Leie’. Voor haar recentste bundel ‘Als werden wij ergens ontboden’ (2017) ontving ze namens de Vlaamse regering in 2017 de Ultima voor de Letteren.
De poëzie van Miriam Van hee is vertaald in verschillende talen en werd ook in vertaling bekroond. In 2007 won ze de Europese poëzieprijs POESIAS voor de Franse vertaling van haar dichtbundel ‘De bramenpluk’.
Miriam Van hee vertaalde onder meer poëzie van Anna Achamatova, Osip Mandelstam, Velimir Chlebnikov en Vjatsjeslav Koeprijanov. Samen met Lisette Keustermans vertaalde ze ook gedichten van de Zweedse dichter Tua Forström. Sinds 2011 is Miriam Van hee ook lid van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren.
In het poëzietijdschrift ‘Het liegend konijn’ uit 2003 komt het gedicht ‘Everzwijnen in januari’ van Van hee.
Everzwijnen in januari
.
je zocht een pad in het ongewisse
bij elke bocht keek je om, waar
je was, je gooide een steen
en het stoof in de struiken:
vijf kleine gestreepte coureurs
en hun moeder renden als gekken
je blikveld uit
.
je stelde je voor hoe je ’s avonds
zou bellen om hun te vragen
hoe het ze verder die dag was vergaan
om hen gerust te stellen, de jacht
was voorbij, het nageslacht veilig,
de wereld had weer
aan zichzelf genoeg
.
Nieuwjaarsdag
Robert Anker
.
Ik wil al mijn lezers en bezoekers van mijn poëzieblog een mooi, gelukkig en gezond 2023 wensen. Maak er een mooi poëtisch jaar van. Ik geef jullie alvast een zetje met het gedicht ‘Nieuwjaarsdag’ van Robert Anker (1946-2017) uit de bundel ‘Van het balkon’ uit 1983.
.
Nieuwjaarsdag
.
Bij Kwaad de dijk op deze keer.
Achter blijft een winters huis
met lege plekken, ouders
in een donker raam.
.
Ik wind mij langzaam los,
want vroeger trok men lijnen langs
natuur, maar zee als rechthoek
wordt gewenst, de bodem,
binnendijks in kaart gebracht.
Zo zakt dit landschap in mij weg
in donker dat het oog bereikt:
erfbeplanting, torenspit, het westen.
.
Dit is de luwte en de auto
zweeft maar even, schemer.
Na de schemer natrium,
om met de banden aan de grond
te raken, Holysloot voorbij,
de brug op, in de stad.
.
Het Stedelijk Museum.
.
Ik woon in een verlichte straat,
een bovenhuis, op toekomst ingericht,
vergeet ik thuiskomst en dat weet ik.
Hier.
.














